Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregel Collectieve zorgverzekering voor minima gemeente Halderberge

Gemeente Halderberge · geldt sinds 1 januari 2019

Aanhef

Burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge;

gelet op de artikelen: 4:81 Algemene wet bestuursrecht en artikel 35 lid 3 van de Participatiewet,

overwegende dat:

-een collectieve zorgverzekering een goed middel is om te bewerkstelligen dat ook burgers met een laag inkomen goed verzekerd zijn tegen zorgkosten;

BESLUITEN

vast te stellen de Beleidsregel 'Collectieve zorgverzekering voor minima gemeente Halderberge'

HOOFDSTUK 2 Recht op deze voorziening

Artikel 2 Recht op deze voorziening

Een inwoner is rechthebbende van een voorziening op grond van deze regeling als deze op

de peildatum aan alle hieronder genoemde voorwaarden voldoet:

1de (potentiële) rechthebbende dient rechtmatig in Nederland te verblijven zoals bedoeld in artikel 11 van de Participatiewet;

2de (potentiële) rechthebbende dient ingeschreven te staan in de Brp van de gemeente en daar feitelijk zijn hoofdverblijf te hebben;

3de (potentiële) rechthebbende heeft een laag inkomen zoals bedoeld in artikel 1, lid 2 onder e;

4de (potentiële) rechthebbende mag niet rechtens zijn vrijheid zijn ontnomen;

5er mag geen sprake zijn van een situatie als bedoeld in artikel 8a van de Zorgverzekeringswet, te weten de situatie waarin de (potentiële) rechthebbende de oude zorgverzekering niet kan opzeggen.

Artikel 3 Vermogen

De hoogte van het vermogen van de rechthebbende is niet van belang voor het recht op eenvoorziening op grond van deze regeling.

Artikel 4 Periode waarin recht op deze voorziening bestaat

1Overeenkomstig de systematiek van de Zorgverzekeringwet (Zvw) loopt de termijn van de voorziening steeds van 1 januari tot en met 31 december van het kalenderjaar;

2Na afloop van de onder lid 1 bedoelde periode, wordt bij ongewijzigde omstandigheden de voorziening steeds met een heel kalenderjaar voortgezet tenzij de belanghebbende zelf vô5r 25 december via het daarvoor ontwikkelde beëindigingformulier kenbaar maakt daarvan met ingang van 1 januari van het daarop volgende kalenderjaar geen gebruik meer te willen maken of de belanghebbende niet meer aan de voorwaarden voldoet voor het recht op deze voorziening;

3In afwijking van het bepaalde in de vorige twee leden, wordt de voorziening tussentijds beëindigd bij:

· verhuizing naar het buitenland per de datum van verhuizing;

· overlijden van de rechthebbende per de datum van overlijden;

· detentie van de rechthebbende (gedurende de detentieperiode);

· een zodanige premieachterstand dat de zorgverzekeraar de rechthebbende royeert uit de aanvullende verzekering per de datum van royement;

· geconstateerde schending van de inlichtingenplicht op grond waarvan er geen recht op deze voorziening meer bestaat met ingang van de eerste dag van de maand volgend op die constatering.

HOOFDSTUK 3 Beoordeling en (inkomens)controle

Artikel 5 Beoordeling en (inkomens)controle

1Met uitzondering van de inkomensbeoordeling, wordt binnen een maand na ontvangst van een verzoek voor een voorziening, bepaald of de (potentiële) rechthebbende aan de gestelde voorwaarden voldoet, waarbij die voorziening dan ingaat op 1 januari;

2De vaststelling of de (potentiële) rechthebbende voldoet aan de voorwaarde dat deze een laag inkomen moet hebben, vindt plaats in de loop van het jaar van deelname;

3Waar dat noodzakelijk en mogelijk is, wordt voor de uit te voeren inkomensbeoordeling gebruik gemaakt van gegevens via tussenkomst van het Inlichtingenbureau.

Artikel 6 Gevolgen te hoog inkomen

Als bij de inkomensbeoordeling als bedoeld in artikel 5 wordt vastgesteld dat er geen recht op een voorziening op grond van deze regeling bestaat, wordt de voorziening beëindigd met ingang van de eerste dag van de maand volgend op die waarin de inkomenscontrole is uitgevoerd.

HOOFDSTUK 4 Pakketkeuze, verplicht eigen risico en gemeentelijke premiebijdrage

Artikel 7 Pakketkeuze

1Aan de rechthebbende wordt een zorgverzekering aangeboden die bestaat uit een basisverzekering aangevuld met één of meerdere aanvullende verzekeringen en een module welke dekking biedt voor de door het Centraal Administratiekantoor (CAK) opgelegde eigen bijdragen op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).

2Bij het aanbod van een aanvullende verzekering die een aangepaste dekking biedt voor mensen met hoge zorgkosten in verband met een chronische ziekte of handicap, wordt het principe van zelfindicatie door de rechthebbende toegepast met de restrictie dat de deelname aan deze aanvullende verzekering kan worden geweigerd als het zeer aannemelijk is dat de (potentiële) rechthebbende niet tot deze doelgroep behoort.

Artikel 8 Betaling eigen risico bij aanvullende verzekering voor mensen met hoge zorgkosten

1Voor deelnemers aan de aanvullende verzekering die een aangepaste dekking biedt voor mensen met hoge zorgkosten in verband met een chronische ziekte of handicap, wordt voor de betaling van het wettelijk verplicht eigen risico een betalingsregeling getroffen tussen de gecontracteerde zorgverzekeraar en het Werkplein Hart van West-Brabant.

2Het Werkplein Hart van West-Brabant betaalt bij wijze van voorlopige betaling het op jaarbasis verschuldigde bedrag van het wettelijk verplicht eigen risico aan de gecontracteerde zorgverzekeraar. Na afloop van het jaar van deelname restitueert de gecontracteerde zorgverzekeraar het niet-verbruikte deel van het wettelijk verplicht eigen risico aan het Werkplein Hart van West-Brabant.

Artikel 9 Gemeentelijke premiebijdrage

1Aan de rechthebbende die deelneemt aan de collectieve zorgverzekering voor minima, wordt maandelijks een tegemoetkoming in de premie van de aanvullende verzekering verstrekt via de bijzondere bijstand;

2De onder lid 1 bedoelde tegemoetkoming wordt door het Werkplein Hart van West-Brabant rechtstreeks betaald aan de gecontracteerde zorgverzekeraar;

3De hoogte van de maandelijkse tegemoetkoming in de premie kan per type zorgpolis verschillen;

4Jaarlijks voor 1 september stelt de gemeente de hoogte van deze maandelijkse premietegemoetkoming voor het komende kalenderjaar vast en deelt die informatie met het Werkplein Hart van West-Brabant;

5Het Werkplein Hart van West-Brabant informeert vervolgens de gecontracteerde zorgverzekeraar over de hoogte van de gemeentelijke premietegemoetkoming(en).

HOOFDSTUK 5 Slotbepalingen

Artikel 10 Inwerkingtreding

1Dezebeleidsregel treedt in werking op 1 januari 2019.

2De beleidsregel Collectieve zorgverzekering voor minima gemeente Halderberge, vastgesteld op 28 juni 2016, wordt ingetrokken met ingang van inwerkingtreding van deze beleidsregel.

3Deze beleidsregel wordt aangehaald als 'Beleidsregel collectieve zorgverzekering voor minima van de gemeente Halderberge'.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.