Aanhef
Burgemeester en wethouders van Goes;
overwegende dat het om actualiteits- en organisatorische redenen wenselijk wordt geacht de ter zake neergelegde bevoegdheden opnieuw in een besluitvorm te verwoorden;
gelet op de artikelen 1.2 en 2.1 van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling van de gemeente (CAR UWO);
alsmede artikel 231, tweede lid, onderdelen b en c;
b e s l u i t e n:
Artikel 1 (aanwijzing heffingsambtenaar)
Aan te wijzen als de gemeenteambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b van de Gemeentewet, de volgende gemeenteambtenaar:
het afdelingshoofd Concern,
waarbij deze aanwijzing niet van toepassing is
-voor zover het door tussenkomst van de Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking Belastingen en Waardebepaling Zeeland (SaBeWa Zeeland) opgelegde heffingen betreft, zoals de afvalstoffenheffing, de onroerende zaakbelastingen en de rioolheffing en
-voor zover het de heffing van de in artikel 225 van de Gemeentewet genoemde gemeentelijke parkeerbelastingen betreft waarvoor het hoofd van de afdeling Omgeving en Economie bij besluit d.d. 3 februari 2014 (“aanwijzingsbesluit ambtenaren parkeerbelastingen”) als heffingsambtenaar is aangewezen.
Artikel 2 (aanwijzing invorderingsambtenaar)
Aan te wijzen als de gemeenteambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel c van de Gemeentewet, de volgende gemeenteambtenaar:
de sr medewerker Planning & Control van de afdeling Concern,
waarbij deze aanwijzing niet van toepassing is
-voor zover het door tussenkomst van de Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking Belastingen en Waardebepaling Zeeland (SaBeWa Zeeland), opgelegde heffingen betreft, zoals de afvalstoffenheffing, de onroerende zaakbelastingen en de rioolheffing en
-voor zover het de heffing van de in artikel 225 van de Gemeentewet genoemde gemeentelijke parkeerbelastingen betreft waarvoor het hoofd van de afdeling Omgeving en Economie bij besluit d.d. 3 februari 2014 (“aanwijzingsbesluit ambtenaren parkeerbelastingen”) als heffingsambtenaar is aangewezen.
Artikel 3 (vervanging)
Bij afwezigheid of ontstentenis van de hierboven aangewezen ambtenaar wordt deze vervangen door een andere ambtenaar overeenkomstig een daartoe strekkende vervangingsregeling.
Artikel 4 (mandatering)
De op grond van de in te trekken besluiten bestaande mandatering van bevoegdheden van de onder de artikelen 1 en 2 genoemde ambtenaren blijft met de vaststelling van dit besluit ongewijzigd.
Artikel 5 (intrekking)
De eerder vastgestelde besluiten tot aanwijzing van de onder de artikelen 1 en 2 genoemde ambtenaren, dat wil zeggen met uitzondering van het aangehaalde “aanwijzingsbesluit ambtenaren parkeerbelastingen” d.d. 3 februari 2014, worden ingetrokken op het moment dat dit besluit in werking treedt.
Artikel 6 (inwerkingtreding)
Dit besluit treedt (met terugwerkende kracht) in werking op 1 januari 2023.
Artikel 7 (citeerartikel)
Dit besluit wordt aangehaald als “Besluit aanwijzing heffings- en invorderingsambtenaar gemeente Goes 2023”.