Aanhef
De raad van de gemeente Emmen;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 22 april 2008, nummer: 08/414;
gelet op artikel 7, tiende lid, van de Wet sociale werkvoorziening;
overwegende dat de raad bij verordening nadere regels dient vast te stellen met betrekking tot het verstrekken van persoonsgebonden budgetten;
b e s l u i t :
Vast te stellen:
Verordening persoonsgebonden budget begeleid werken Wet sociale werkvoorziening.
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
a.college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Emmen;
b.de wet: de Wet sociale werkvoorziening;
c.periodieke subsidie: de loonkostensubsidie en overige aan de werkgever te verstrekken vergoedingen voor structurele kosten.
Artikel 2 De hoogte van de rechtstreeks aan de subsidieverlening verbonden uitvoeringskosten
Het college stelt elk jaar vóór 31 december de hoogte vast van de rechtstreeks aan de subsidieverlening verbonden uitvoeringskosten voor elk te verstrekken persoonsgebonden budget voor het daarop volgende kalenderjaar. Voor de 2e helft 2008 bedraagt het bedrag aan uitvoeringskosten € 750,--.
Artikel 3 Invulling voorwaarden adequate werkplek
1Het college verstrekt op aanvraag aan iedere Wsw-geïndiceerde een persoonsgebonden budget begeleid werken Wsw, indien werkgever en begeleidingsorganisatie er zorg voor dragen dat de arbeidsplaats voor de sw-geïndiceerde adequaat wordt ingevuld.
2De werkgever voldoet aan de volgende vereisten:
a.Zijn organisatie staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel of heeft anderszins rechts-persoonlijkheid;
b.De aangeboden arbeidsplaats en de omvang daarvan zijn, gelet op de indicatiestelling en mogelijkheden van de sw-geïndiceerde, als passend aan te merken;
c.De duur van het dienstverband bedraagt tenminste 6 maanden, met een mogelijkheid tot verlenging;
3De begeleidingsorganisatie voldoet aan de volgende vereisten:
a.De begeleidingsorganisatie is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel of heeft anderszins rechtspersoonlijkheid;
b.De begeleidingsorganisatie en/of haar medewerkers zijn naar het oordeel van het college gekwalificeerd voor het begeleiden van de doelgroep, c.q. de sw-geïndiceerde voor wie het persoonsgebonden budget is bestemd;
c.De begeleidingsorganisatie heeft naar het oordeel van het college aantoonbare kennis en ervaring in het werkveld;
Artikel 4 De wijze van vaststelling van de periodieke subsidie aan de werkgever
1Het college stelt op voorstel van de Wsw-geïndiceerde de hoogte van de subsidie aan de werkgever vast.
2Ingeval een voorgestelde loonkostensubsidie niet hoger is dan 60% van het bruto loon van de sw-geïndiceerde, wordt de loonkostensubsidie door het college op dat bedrag vastgesteld;
3Indien bij toepassing van het vorige lid het college gerede twijfel heeft aan de juiste hoogte van de loonkostensubsidie vindt, in afwijking van het vorige lid, een loonwaardeonderzoek plaats, op basis waarvan de hoogte van de loonkostensubsidie wordt vastgesteld. Daarbij kan een (externe)deskundige worden ingeschakeld.
4In ieder geval vindt een loonwaardeonderzoek plaats als de voorgestelde hoogte voor een loonkostensubsidie hoger is dan het percentage genoemd in lid 2.
5Onverminderd het bepaalde in de artikelen 5 en 10 van deze verordening vindt na elke herindicatie een loonwaardebepaling plaats in geval er sprake is van een dienstverband voor onbepaalde tijd.
Artikel 5 Herziening van de loonkostensubsidie
1Op verzoek van de werkgever kan een loonkostensubsidie worden herzien als hier, gelet op de ontwikkeling van de arbeidsproductiviteit van de werknemer, aanleiding voor is.
2De loonkostensubsidie kan ambtshalve worden gewijzigd als hier gerede aanleiding toe is.
Artikel 6 De vergoeding aan de begeleidingsorganisatie
1De hoogte van de vergoeding aan de begeleidingsorganisatie en de omvang van het aantal uren begeleiding wordt door partijen in onderling overleg vastgesteld. Tussentijdse aanpassingen hierin zijn mogelijk indien partijen dit vooraf overeenkomen.
Artikel 7 Vergoeding voor eenmalige noodzakelijke kosten van aanpassing van de omstandigheden waaronder de arbeid wordt verricht
1Het college kan een vergoeding verstrekken voor de eenmalige kosten van aanpassing van de omstandigheden waaronder de arbeid wordt verricht als uit een deskundigenrapport blijkt dat aanpassingen op de werkplek noodzakelijk zijn, deze persoonsgerelateerd zijn, en het niet redelijk is dat deze kosten door de werkgever worden gedragen.
2Kosten voor aanschaf van apparatuur, kosten voor de werkplek en kosten voortvloeiend uit arbowetgeving die de werkgever uit hoofde van normaal en goed werkgeverschap voor iedere werknemer zou moeten maken komen niet in aanmerking voor vergoeding door het college.
3De vergoeding wordt slechts verstrekt indien de Wsw-geïndiceerde behoort tot de handicap-categorie ernstig.
4Een vergoeding wordt alleen verstrekt indien er sprake is van een dienstverband van minimaal 12 maanden.
5De kosten boven het maximum van de in lid 5 a, b, en c, genoemde bedragen worden niet vergoed. In dat geval wordt de arbeidsplaats als niet passend beschouwd.
a.Bij een dienstverband van minimaal 12 maanden bedraagt het maximum € 10.000,--.
b.Bij een dienstverband van minimaal 24 maanden bedraagt het maximum € 17.500,--.
c.Bij een dienstverband van minimaal 36 maanden bedraagt het maximum € 25.000,--.
6Het college regelt de wijze van uitbetaling van de vergoeding.
Artikel 8 Indienen van de aanvraag
1De aanvraag voor een persoonsgebonden budget wordt ingediend door middel van een volledig ingevulde aanvraag. De aanvraag wordt mede-ondertekend door werkgever en de begeleidingsorganisatie.
2Het college kan ten behoeve van de aanvraag een aanvraagformulier vaststellen.
Artikel 9 Beslistermijn
1Het college besluit over de aanvraag binnen vier weken na ontvangst van alle benodigde gegevens.
2Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken verdagen. Het college stelt de aanvrager hiervan schriftelijk in kennis.
Artikel 10 Het besluit tot verlenen van de periodieke subsidie
Het besluit tot verlening van een periodieke subsidie bevat in ieder geval:
a.de hoogte van de periodieke subsidie en de wijze waarop deze kan worden aangepast;
b.wijze van bevoorschotting van de subsidie;
c.de verplichtingen van de werkgever.
Artikel 11 Het vaststellen van de periodieke subsidie
1De werkgever verstrekt kopie loonstroken van het uitbetaalde loon.
2Het college stelt de periodieke subsidie minimaal 1x per jaar vast binnen 4 weken na ontvangst van de laatste loonstrook.
Artikel 12 Verrekening met de voorschotten
De subsidie wordt overeenkomstig de vaststelling binnen vier weken betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten.
Artikel 13 Verplichtingen van de werkgever
De werkgever doet onmiddellijk schriftelijke mededeling aan het college van alle feiten en omstandigheden die van belang kunnen zijn voor de verstrekking van de subsidie.
Artikel 14 Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen in deze verordening, indien toepassing van de verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.
Artikel 15 Citeertitel en inwerkingtreding
1Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PGB begeleid werken Wsw.
2Zij treedt in werking op 1 juli 2008.
Artikel 16 Uitvoering van de verordening PGB begeleid werken Wsw
1Tot 1 januari 2009 berust uitvoering van deze verordening bij het algemeen bestuur van de Emco-groep.
2Het college bepaalt welke organisatie(s) vanaf 1 januari 2009 deze verordening uitvoert.
Aldus besloten door de raad van de gemeente Emmen
in de openbare vergadering van 26 juni 2008.
de griffier,
de voorzitter,
H.D. Werkman
C. Bijl