1. Inleiding
1.1. Waarom beleid
In dit beleidsstuk is vastgelegd hoe de gemeente Dronten uitvoering geeft aan de gemeentelijke taken die voortvloeien uit de Wet kinderopvang.
Het vastleggen van dit beleid draagt bij aan:
•een transparante werkwijze, omdat houders, ouders, toezichthouders en andere belanghebbenden vooraf geïnformeerd zijn over de mogelijkheden en bevoegdheden van het college;
•rechtsgelijkheid, door het vastleggen van beleidsregels die voor iedereen van toepassing zijn;
•het stimuleren van kwalitatief goede kinderopvang.
1.2. Wat komt aan de orde
Allereerst worden het besluit en de gebruikte definities beschreven (hoofdstuk 2). In hoofdstuk 3 wordt de gemeentelijke visie op handhaving en de relatie met het dossier kinderopvang toegelicht. Vervolgens wordt ingegaan op de verschillende mogelijkheden binnen het toezicht, waaronder herstelaanbod en risico gestuurd toezicht (hoofdstuk 4). Daarna wordt in hoofdstuk 5 uitgelegd hoe een aanvraag tot exploitatie afgehandeld wordt. Als laatste gaat het college in de beleidsregels in op de verschillende mogelijkheden voor handhaving bij het niet naleven van de kwaliteitseisen (hoofdstuk 6). Hierin wordt aangegeven welke strategie gevolgd wordt. Daarbij wordt per niet nageleefde kwaliteitseis bepaald welke handhaving daarop volgt, waarbij het afwegingsmodel richting geeft.
In het afwegingsmodel (bijlage 1) is vastgelegd:
•of er een boete kan worden opgelegd en de hoogte daarvan;
•de hoogte van een last onder dwangsom;
•de maximale hersteltermijn.
2. Besluit, toepassing, citeertitel beleidsregels en definities
2.1. Besluit
Burgemeester en wethouders van de gemeente Dronten
Gelet op artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht;
Gelet op de artikelen 1.61 lid 1, 1.65 lid 1 en 4, 1.66 en 1.72 lid 1 Wet kinderopvang;
Besluiten:
de ‘Beleidsregels uitvoering gemeentelijke taken Wet kinderopvang gemeente Dronten’, per 26 november 2019 vast te stellen.
2.2. Toepassing
Deze beleidsregels zijn van toepassing op de gemeentelijke inzet om:
-toezicht te houden op de kwaliteit van de kinderopvang;
-aanvragen tot exploitatie en wijzigingsverzoeken voor kinderopvang af te handelen;
-te handhaven naar aanleiding van het niet naleven van voorschriften van de bij of krachtens de Wet kinderopvang gestelde regelgeving.
De (junior) beleidsmedewerker team Samenleving is gemandateerd tot handhaving (https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2018-208546.html).
Deze beleidsregels zijn van toepassing op alle gastouderbureaus, voorzieningen voor kinderopvang en gastouderopvang binnen de gemeente.
2.3. Citeertitel
Deze beleidsregels worden aangehaald als ‘Beleidsregels gemeentelijke taken uitvoering Wet kinderopvang gemeente Dronten’.
2.4. Definities
Hieronder vindt u definities van de belangrijkste in dit beleid voorkomende termen. Voor alle (overige) definities wordt aangesloten bij de definities zoals deze zijn gegeven in de Wet Kinderopvang en onderliggende regelgeving.
Definitie
Afwegingsmodel
In het afwegingsmodel worden per domein de kwaliteitseisen geclusterd weergegeven en voorzien van een hersteltermijn, de hoogte van de bestuurlijke boete en de last onder dwangsom.
Het afwegingsmodel is als bijlage aan deze beleidsregels toegevoegd (bijlage 1).
Awb
Algemene wet bestuursrecht
College
Het college van burgemeester en wethouders
Gemeente
Gemeente Dronten
GGD
GGD Flevoland
Kinderopvangvoorziening
Buitenschoolse opvang op een specifiek adres, dagopvang op een specifiek adres, een gastouderbureau of een voorziening voor gastouderopvang
Kwaliteitseisen
De kwaliteitseisen vastgelegd in voorschriften, welke door de houder nageleefd moeten worden, staan genoemd in de Wet kinderopvang en alle onderliggende regelgeving
LRK
Landelijk register kinderopvang
Toezichthouder
De aangewezen toezichthouder GGD Flevoland. De toezichthouder kinderopvang onderzoekt de naleving van de kwaliteitseisen, legt de bevindingen vast in een inspectierapport en adviseert het college om al dan niet te handhaven
Wko
Wet kinderopvang
3. Kader, visie, ambitie en speerpunten
3.1. Kader
Aan kinderopvang worden kwaliteitseisen gesteld. Deze kwaliteitseisen staan in de Wet kinderopvang (Wko) en in de daarop gebaseerde algemene maatregelen van bestuur en ministeriële regelingen en aanverwante regelingen.
De regelgeving stelt kwaliteitseisen aan de volgende onderwerpen (in de GGD rapportages ook wel domeinen genoemd):
•registratie, wijzigingen en administratie;
•het pedagogisch klimaat;
•personeel en groepen;
•veiligheid en gezondheid;
•accommodatie;
•ouderrecht.
De Wko bepaalt dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor toezicht op en handhaving van deze eisen. De GGD is bij wet de aangewezen toezichthouder voor kinderopvang. Het college heeft de directeur publieke gezondheid van de GGD Flevoland aangewezen als toezichthouder.
De Inspectie van het Onderwijs is de tweedelijns toezichthouder en controleert jaarlijks of de gemeente haar wettelijke taken met betrekking tot de registervoering en de uitvoering van het toezicht, goed uitvoert.
3.2. Visie op handhaving
De gemeente heeft de volgende visie op handhaving. Wanneer geconstateerd wordt dat een kwaliteitseis niet nageleefd wordt, grijpt de gemeente actief in met een handhavingsmaatregel. Feiten en omstandigheden waaronder de overtreding is begaan worden daarbij meegewogen.
Het doel van het handhavend optreden door de gemeente Dronten is de overtreding te laten herstellen. Bestraffen wordt toegepast indien nodig (dus: de gemeente kan een bestuurlijke boete opleggen). De gemeente handhaaft vanuit een brede blik. Dit betekent dat geconstateerde tekortkomingen integraal worden bekeken en rekening wordt gehouden met de omstandigheden. Hierbij kan de gemeente in gesprek treden met de toezichthouder en de houder.
De gemeente Dronten vindt kwalitatief goede kinderopvang belangrijk. Toezicht en handhaving worden passend ingezet. De gemeente streeft een goede relatie met de houder na en werkt vanuit vertrouwen.
3.3. Speerpunten
De gemeente Dronten kan aan bepaalde kwaliteitseisen extra aandacht geven. Dit kan gerealiseerd worden door extra (aanvullende) voorschriften in het onderzoek op te nemen. Een voorbeeld is het periodiek uitvoeren van een volledig onderzoek op alle domeinen, zoals beschreven in paragraaf 3.1 Kader. Op deze wijze krijgt de gemeente een beter beeld van de kwaliteit van de kinderopvang en draagt zodoende bij aan de kwaliteit.
Specifieke speerpunten van de gemeente Dronten kunnen jaarlijks worden bepaald. De speerpunten worden in overleg met de toezichthouder vastgesteld in een jaarlijkse overeenkomst over het uitvoeren van de toezichtstaak door de GGD.
Indien de gemeente in een bepaald jaar specifieke speerpunten voor het toezicht vaststelt, worden deze bij aanvang van het nieuwe kalenderjaar gecommuniceerd met de houders en de gastouderbureaus. Het is geen vanzelfsprekendheid dat de GGD en de gemeente specifieke speerpunten vaststellen.
4. Toezicht
4.1. Onderzoeken
De toezichthouder voert de volgende onderzoeken voor de gemeente Dronten uit:
•Onderzoek voor registratie: naar aanleiding van een ingediende aanvraag tot exploitatie onderzoekt de toezichthouder of de exploitatie redelijkerwijs zal plaatsvinden volgens de voorschriften van de Wko en onderliggende regelgeving.
•Onderzoek na registratie: binnen 3 maanden na registratie in het LRK vindt een onderzoek plaats (dit onderzoek vindt niet plaats bij voorzieningen voor gastouderopvang).
•Jaarlijks onderzoek: alle kindercentra en gastouderbureaus worden jaarlijks onderzocht.
•Onderzoek voorzieningen voor gastouderopvang; jaarlijks op basis van een steekproef. De gemeente Dronten stelt jaarlijks de steekproef vast om voorzieningen voor gastouderopvang te onderzoeken.
•Nader onderzoek: naar aanleiding van eerder geconstateerde overtreding(en) en als er een handhavingsmaatregel is ingezet, onderzoekt de toezichthouder nadat de hersteltermijn is verstreken of de overtreding is hersteld.
•Incidenteel onderzoek: een onderzoek naar aanleiding van onder meer een incident, een signaal, een wijzigingsverzoek van een houder of bijvoorbeeld een thema-onderzoek passend bij de gemeentelijke speerpunten.
De bevindingen tijdens een onderzoek en het oordeel van de toezichthouder worden in een inspectierapport vastgelegd. Deze inspectierapporten geven een beeld van de kwaliteit van de voorziening. De rapporten worden openbaar gemaakt in het LRK.
4.2. Risico gestuurd en onaangekondigd toezicht
Om een goed beeld te krijgen van een kindercentrum, gastouderbureau of voorziening voor gastouderopvang, vinden de onderzoeken (met uitzondering van het onderzoek voor registratie) in principe onaangekondigd plaats.
Daarnaast wordt het toezicht op kindercentra en gastouderbureaus die daarvoor in aanmerking komen, risico gestuurd uitgevoerd. Dit betekent meer toezicht waar het nodig is, minder waar het kan. Om hier invulling aan te geven wordt door de toezichthouder een risicoprofiel opgesteld of aangepast na ieder (daarvoor relevant) onderzoek. Aan de hand hiervan wordt de intensiviteit van het daarna volgende toezicht bepaalt. De gemeente kan ervoor kiezen om af te wijken van het risicoprofiel. Dit betekent dat incidenteel op extra domeinen kan worden geïnspecteerd.
4.3. Herstelaanbod
De gemeente Dronten en de GGD werken met de werkwijze herstelaanbod. Door te werken met herstelaanbod verwacht de gemeente dat een overtreding sneller beëindigd wordt. Dit komt de kwaliteit van de kinderopvang ten goede en de gemeente hoeft minder handhaving in te zetten.
Een herstelaanbod is het aanbod van de toezichthouder kinderopvang aan de houder om binnen de tijd van het opstellen van het concept inspectierapport een geconstateerde overtreding te herstellen.
Het herstelaanbod kan aangeboden worden bij alle type voorzieningen, bij een onderzoek na registratie, een jaarlijks onderzoek en een incidenteel onderzoek. Het wordt niet aangeboden bij een onderzoek voor registratie of bij een nader onderzoek.
Elke overtreding kan in principe in aanmerking komen voor herstelaanbod. De toezichthouder beoordeelt of de aard en omstandigheid zich daarvoor leent. De periode tot herstel is maximaal 4 weken. De toezichthouder schrijft in het inspectierapport het verloop van het aanbod. De houder is niet verplicht om van het aanbod gebruik te maken.
In opdracht van de gemeente Dronten geeft de GGD geen herstelaanbod bij:
•Recidive, dat wil zeggen herhaling van een geconstateerde tekortkoming;
•Te veel overtredingen;
•Benodigde hersteltermijn langer dan 4 weken;
•Voor een andere overtreding geen herstelaanbod geboden wordt;
•Een bevel wordt afgegeven voor een andere overtreding.
De gemeente weegt de oorspronkelijke overtreding en de resultaten van herstelaanbod mee bij haar beslissing om wel of niet te handhaven. Meer informatie hierover staat in paragraaf 6.4 Handhaving na herstelaanbod.
4.4. Schriftelijk bevel
Indien de toezichthouder tijdens een onderzoek een situatie tegenkomt waarin het nemen van maatregelen redelijkerwijs geen uitstel kan lijden, kan de toezichthouder zelf ingrijpen. Dit gebeurt met een schriftelijk bevel. Dit bevel heeft een geldigheidsduur van 7 dagen. In het bevel geeft de toezichthouder aan wat de overtreding(en) is/zijn en welke actie de houder moet ondernemen en binnen welke termijn dit dient te gebeuren.
De toezichthouder informeert de gemeente over het opgelegde schriftelijk bevel. Hierdoor is de gemeente tijdig op de hoogte om eventueel vervolgstappen (zoals verlenging van het schriftelijk bevel) te nemen.
5. Aanvraag tot exploitatie
5.1. Nieuwe voorziening
Een nieuwe kinderopvangvoorziening mag pas in exploitatie genomen worden na schriftelijke toestemming daartoe verleend door het college, op een in dat besluit vastgestelde specifieke datum. Als er toestemming is gegeven wordt de voorziening vervolgens in het LRK geregistreerd. Om deze toestemming te verkrijgen dient de houder een aanvraag tot exploitatie in bij de gemeente waar de beoogd te exploiteren kinderopvangvoorziening zich bevindt. De beslistermijn is 10 weken. Deze termijn kan in bepaalde situaties nog verlengd worden. Het is dus van belang dat de houder een aanvraag tijdig voor de gewenste startdatum indient. Een aanvraag wordt ingediend middels een door de rijksoverheid vastgesteld aanvraagformulier, te vinden op www.rijksoverheid.nl en www.landelijkregisterkinderopvang.nl. De gemeente kan besluiten tot het invoeren van leges voor de aanvraag van een nieuwe kinderopvangvoorziening.
5.1.5 Mogelijkheden na afwijzing aanvraag tot exploitatie
5.2. Houderwijziging
Een kindercentrum of gastouderbureau dat wordt overgenomen, is veelal al in exploitatie en er worden kinderen opgevangen/bemiddeld. Het is voor de continuïteit daarom van belang dat de oude en nieuwe eigenaar samen een overname goed regelen. Een houderwijziging wordt ingediend middels een door de rijksoverheid vastgesteld wijzigingsformulier. Deze formulieren zijn te vinden op www.rijksoverheid.nl en www.landelijkregisterkinderopvang.nl.
De gemeente Dronten hanteert de volgende uitgangspunten bij een overname:
•Een overname wordt behandeld als een nieuwe aanvraag. Dat betekent dat ook bij een overname streng wordt getoetst (Streng aan de Poort). Naleving van de kwaliteitseisen bij andere kinderopvangvoorzieningen en de handhavingshistorie van de nieuwe houder wordt meegewogen;
•De nieuwe houder heeft redelijkerwijs tijd nodig om eventuele bestaande tekortkomingen op te heffen. Daar wordt rekening mee gehouden.
5.3. Verhuizing
6. Handhaving
6.1. Preventie
De gemeente Dronten vindt het van belang om het niet naleven van kwaliteitseisen (zoveel mogelijk) te voorkomen. In dit kader informeren wij houders over ons toezicht en handhavingsbeleid. Indien van toepassing wordt door de gemeente actief richting de houders en gastouderbureaus aangegeven waar speerpunten liggen voor het toezicht in een bepaald kalenderjaar. Het op de hoogte zijn en het voldoen aan de kwaliteitseisen voor kinderopvang is de verantwoordelijkheid van de houders en gastouderbureaus.
6.2. Maatwerk in handhaving
De gemeente heeft een beginselplicht tot handhaven. De wet en regelgeving is hiervoor de basis en in dit gemeentelijk beleid wordt hier invulling aan gegeven. Goed handhaven betekent echter ook dat het college oog heeft voor de specifieke situatie van het geval. Individuele omstandigheden - verzwarend of verzachtend – kunnen van invloed zijn op het wel of juist niet geven van een maatregel nadat geconstateerd is dat een kwaliteitseis niet is nageleefd. Dat doet recht aan het feit dat niet alle situaties ‘standaard’ zijn. Handhaven is ook maatwerk.
6.2.4. Hersteltermijn
6.3. Handhavingsmiddelen
De gemeente kan de volgende herstellende en bestraffende handhavingsmiddelen inzetten:
Traject
Handhavingsmiddel
Formeel herstellend
Aanwijzing
Last onder dwangsom
Last onder bestuursdwang
Exploitatieverbod
Intrekken toestemming tot exploitatie
Formeel bestraffend
Bestuurlijke boete
Niet ieder middel is in iedere situatie geschikt om in te zetten. De gemeente kiest altijd het meest passende middel, gegeven de aard van de overtreding en de omstandigheden. Hieronder volgt een toelichting op de diverse middelen die de gemeente Dronten zal inzetten.
6.3.6. De bestuurlijke boete (hierna: boete)
6.4. Handhaving na herstelaanbod
Wanneer er herstelaanbod heeft plaatsgevonden, kan dit van invloed zijn op de handhaving die de gemeente inzet op de overtredingen die primair door de toezichthouder geconstateerd zijn.
Wanneer het herstelaanbod niet gedaan is, of wanneer de houder het niet aangenomen heeft, wordt dit niet gezien als verzwarende omstandigheid voor de handhaving.
Bijlage 1: Afwegingsmodel
Diversen mbt naleving, registratie, wijzigingen en administratie
Wettelijke bepaling / kwaliteitseis
Maximale hersteltermijn
Bestuurlijke boete
Last onder dwangsom per constatering
Niet voldoen aan de definitie van kinderopvang, gastouderopvang, gastouder of gastouderbureau.
N.v.t, intrekken toestemming tot exploitatie is aan de orde.
n.v.t.
n.v.t.
Start exploitatie voor ontvangst toestemming college[3] of voor de datum waarop college bepaald heeft dat exploitatie mag aanvangen.
n.v.t.
Gelijk aan bedrag boete 4e categorie (2019: € 20.750)
€ 20.750[4]
Houder geeft wijziging van in het LRK opgenomen gegevens later / niet door terwijl dit zou moeten gebeuren zodra de houder bekend is met deze wijziging.
2maanden
€ 2.000
€ 2.000
Niet nakomen van een vordering tot medewerking van de toezichthouder.
n.v.t.
Gelijk aan bedrag boete 2e categorie (2019: € 4.150)
Gelijk aan bedrag boete 2e categorie
Niet opvolgen van een aanwijzing / bevel.
2weken
€ 4.000
n.v.t.
Niet opvolgen van exploitatieverbod gegeven conform 1.66 Wko.
n.v.t.
€ 20.750
n.v.t.
Niet nakomen van een afspraak zoals genoemd in 1.67 Wet op het primair onderwijs.
n.v.t.
€ 4.000
n.v.t
[3] Overtreding van art. 1.45 en 1.46 Wko is een misdrijf conform art. 1 lid 2 Wet op de economische delicten. College zal eerst aangifte hiervan doen bij het OM, indien het OM aangeeft niet te vervolgen of de bestraffing aan het college over te laten, volgt oplegging van een boete maximaal gelijk aan de boete zoals genoemd in de Wet op de economische delicten.
[4] Betreft een preventieve last onder dwangsom
Praktijk / uitvoering
Wettelijke bepaling / kwaliteitseis
Maximale hersteltermijn
Bestuurlijke boete
Last onder dwangsom per constatering
De houder biedt verantwoorde opvang.
2weken
€ 8.000
GO: € 2.000
€ 8.000
GO: € 2.000
De houder zorgt ervoor dat conform het beleid gehandeld wordt.
2weken
€ 2.000
€ 2.000
De houder voldoet aan zijn informatieplicht.
2maanden
€ 1.000
€ 1.000
De houder voldoet aan de eisen gesteld aan veilige en gezonde kinderopvang.
2weken
€ 3.000
GO: € 500
€ 3.000
GO: € 500
De houder voldoet aan de eisen mbt formatie.
2weken
€ 5.000
GO: € 200
€ 5.000
GO: € 200
De houder voldoet aan de eisen mbt stabiliteit (GO: groepsgrootte).
2weken
€ 3.000
GO: € 300
€ 3.000
GO: € 300
De houder voldoet aan de eisen mbt de VOG’s en het personenregister kinderopvang.
2weken
€ 3.000
GO: € 500
€ 3.000
GO: € 500
De houder voldoet aan de eis mbt de voertaal.
2maanden
€ 2.000
GO: € 200
€ 2.000
GO: € 200
De binnen- en buitenspeelruimtes voldoen aan de eisen.
2weken
€ 2.000
GO: € 200
€ 2.000
GO: € 200
De houder voldoet aan het ouderadviesrecht / klachtrecht.
2maanden
€ 1.000
€ 1.000
Praktijk/uitvoering
De houder van het gastouderbureau voert de kassiersfunctie, de verplichte gesprekken en de zorgplicht uit.
2weken
€ 3.000
€ 3.000
De houder voldoet aan de uren norm voor VE
2maanden
€ 2.000
€ 2.000
Documenten
Wettelijke bepaling / kwaliteitseis
Maximale hersteltermijn
Bestuurlijke boete
Last onder dwangsom
De houder heeft beleidsdocumenten die volledig zijn en alle verplicht te beschrijven onderwerpen bevat.
2maanden
€ 3.000 voor het ontbreken van het document
€ 750 voor iedere (sub)eis waaraan niet is voldaan
€ 3.000 het ontbreken van het document
€ 750 voor ieder(e) (sub)eis waaraan niet is voldaan
De administratie van de houder bevat alle verplicht op te nemen documenten en is op verzoek van de toezichthouder onverwijld te raadplegen.
2maanden
€ 3.000
per ontbrekend document
€ 3.000
per ontbrekend document
De houder gebruikt een VE programma dat voldoet aan de eisen
2maanden
€ 1.000
€ 1.000 per constatering