Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Drimmelen en;
de burgemeester van de gemeente Drimmelen;
ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft,
Gelet op het bepaalde in de Gemeentewet en afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht;
Gelezen het positieve advies van de Ondernemingsraad gemeente Drimmelen d.d. 24 mei 2023 ex artikel 25, eerste lid, sub e van de Wet op de Ondernemingsraden;
B E S L U I T E N
I. Vast te stellen het Algemeen mandaat-, volmacht –en machtigingsbesluit 2023;
II. In te trekken de Mandaatregeling gemeente Drimmelen 2018, vastgesteld bij besluiten van 9 en 11 april 2018;
III. Ten aanzien van de uitoefening van de in dit besluit bedoelde mandaten, volmachten en machtigingen de hieronder volgende algemene bepalingen vast te stellen.
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In dit besluit wordt verstaan onder:
a.Mandaat: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen.
b.Volmacht: de bevoegdheid om namens een bestuursorgaan privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten.
c.Machtiging: de bevoegdheid om namens een bestuursorgaan feitelijke handelingen te verrichten, geen besluiten of privaatrechtelijke rechtshandelingen zijnde.
d.Mandaatgever: het bestuursorgaan dat aan een bij functie in het mandaatregister genoemde functionaris de bevoegdheid geeft om in naam van het bestuursorgaan besluiten te nemen.
e.Mandans: degene die het mandaat verleent;
f.Mandataris: degene die het mandaat ontvangt.
g.Volmachtverlener: degene die de volmacht verleent;
h.Volmachtontvanger: degene die de volmacht ontvangt;
i.Machtigingverlener: degene die de machtiging verleent;
j.Machtigingverkrijger: degene die de machtiging ontvangt.
Artikel 2 Algemeen
1Met uitzondering van de aangelegenheden als vermeld in bijlage 1 wordt aan de voor de uitvoering van een taak belaste medewerkers, adviseurs en budgethouders, mandaat verleend ten aanzien van de tot het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester behorende aangelegenheden die betrekking hebben op deze taak.
2In het geval dat de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of de Omgevingswet van toepassing is op een aanvraag voor een omgevingsvergunning, en er sprake is van een meervoudige vergunning, volgen de lichtere vergunningen de zwaardere vergunning. Degene die de bevoegdheid heeft om over de zwaardere vergunning te besluiten, besluit daarom ook over de lichtere vergunning.
3Bij de uitoefening van de bevoegdheden wordt het daaromtrent gestelde bij of krachtens wetten, besluiten, verordeningen, regelingen, aanwijzingen en richtlijnen, hoe ook genaamd, van Europese, rijks-, provinciale en gemeentelijke wetgevers of andere bestuursorganen in acht genomen.
4Voor de toepassing van deze regeling en de daarop berustende bepalingen worden met mandaat gelijk gesteld de verlening van:
a.Volmacht;
b.Machtiging.
5De regels van een bijzondere mandaatregeling gaan voor op deze algemene mandaatregeling.
Artikel 3 Bevoegde personen bij mandaatverlening en vervangingsregeling
1Het aan een bepaalde functionaris opgedragen mandaat, volmacht of machtiging wordt geacht eveneens opgedragen te zijn aan diens leidinggevende.
2Indien een manager van een afdeling aan de aan hem toegewezen bevoegdheden geen uitvoering kan geven, vindt waarneming in deze bevoegdheden plaats door de manager van een andere afdeling.
3De in het tweede lid omschreven vervanging geschiedt bij voorkeur op de volgende wijze:
a.De manager van de afdeling Dienstverlening en Ondersteuning wordt in voorkomende gevallen vervangen door de manager van de afdeling Middelen en vice versa;
b.De manager van de afdeling Maatschappelijke Aangelegenheden wordt in voorkomende gevallen vervangen door de manager van de afdeling Dienstverlening en Ondersteuning en vice versa;
c.De manager van de afdeling Openbare Werken wordt in voorkomende gevallen vervangen door de manager van de afdeling Grondgebied en vice versa.
4Voorzover de in het derde lid opgenomen vervangingsregeling in een concrete situatie niet toereikend is, is elk afdelingshoofd bevoegd voor horizontale vervanging.
5Indien een bevoegdheid aan een externe functionaris wordt gemandateerd wordt daarmee het mandaat eveneens geacht te zijn opgedragen aan de manager van de betrokken functionele afdeling binnen de gemeentelijke organisatie.
6Daar waar een bevoegdheid is gemandateerd, gevolmachtigd of gemachtigd, wordt tevens de bevoegdheid tot bekendmaking hiervan verleend.
Artikel 4 Grenzen aan mandaat, volmacht of machtiging
1De besluitvormings – en ondertekeningsbevoegdheid is voorbehouden aan het bevoegde bestuursorgaan indien het betreft:
a.het vaststellen van algemene verbindende voorschriften;
b.het vaststellen van beleidsregels;
c.een beslissing op bezwaar, behalve in de gevallen dat de bezwaarschriftencommissie adviseert het bezwaar niet ontvankelijk te verklaren;
d.besluiten tot het opleggen van een last onder bestuursdwang of dwangsom, behalve in die gevallen waarbij de wegsleepregeling van toepassing is en bij spoedeisende gevallen als bedoeld in artikel 5:31 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 5.17 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
e.De overige aangelegenheden als vermeld in bijlage 1.
2Een in mandaat-, volmacht- of machtigingverhouding te nemen besluit dient aan de mandans, volmachtverlener c.q. machtigingverlener te worden voorgelegd, indien:
a.het besluit leidt tot afwijking van of aanvulling op het dan toe gevoerde beleid;
b.het besluit niet past binnen de daartoe bestemde budgetten;
c.de betrokken portefeuillehouder of de burgemeester dit kenbaar heeft gemaakt;
d.bij betrokkenheid van meerdere afdelingen één van de afdelingen over het te nemen besluit een afwijkend of negatief advies heeft uitgebracht;
e.voorzienbaar is, dat het besluit politiek gevoelige en publicitaire consequenties heeft;
f.er persoonlijke betrokkenheid van de mandataris, volmachtontvanger of machtigingverkrijger bij het te nemen besluit bestaat;
g.artikel 169, vierde lid van de Gemeentewet van toepassing is; of indien de mandataris, volmachtontvanger of machtigingverkrijger enige twijfel koestert of zulks het geval is.
3Ingeval de mandataris, volmachtontvanger of machtigingverkrijger op basis van het bepaalde in het tweede lid een te nemen besluit voorlegt aan het college c.q. de burgemeester, nemen deze bestuursorganen het besluit zelf en ondertekenen deze zelf.
4Ingeval artikel 169, vierde lid van de Gemeentewet van toepassing is neemt het college het besluit zelf.
5Indien door de mandataris wordt gehandeld in strijd met het bepaalde in het tweede lid van dit artikel, doet dit niets af aan de rechtsgeldigheid van het in mandaat genomen besluit, met uitzondering van het besluit dat is genomen in strijd met het tweede lid onder f van dit artikel.
6De bevoegdheden in het kader van het budgethouderschap dienen in acht te worden genomen.
Artikel 5 Reikwijdte mandaat-, volmacht- of machtigingverstrekking
1Indien mandaat, volmacht of machtiging wordt verleend ten aanzien van de uitvoering van een bevoegdheid, geschiedt deze verlening in de ruimste zin des woords, onverminderd het bepaalde in het derde lid van artikel 2. Naast het nemen van besluiten in positieve of negatieve zin wordt hieronder dan ook mede verstaan:
a.het nemen van alle voorbereidende besluiten c.q. ontwerpbesluiten;
b.het uitreiken van een gespecificeerd bewijs van ontvangst e.d.;
c.het vaststellen van formulieren voor het indienen van aanvragen e.d.;
d.verzoeken om kosteloze advisering aan derden (bijvoorbeeld politie, brandweer, Rijksdiensten, nutsbedrijven e.d.);
e.het nemen van beslissingen in het kader van de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen in de Awb (verdaging, opschorting, vaststelling hoogte dwangsom e.d.);
f.verdagen, opschorten en/of uitstellen;
g.verzoeken om aanvullende informatie;
h.het voeren van correspondentie, die direct te maken heeft met de opgedragen taken;
i.het stellen van nadere voorwaarden;
j.het toekennen van bedragen in termijnen;
k.het toekennen van voorschotten;
l.het afleggen van verantwoording aan het rijk;
m.het bekend maken van besluiten/beschikkingen, daar waar de verplichting daartoe in de wetgeving is opgenomen;
n.het toezenden van besluiten/beschikkingen, daar waar de verplichting daartoe in de wetgeving is opgenomen;
o.en alle andere besluiten die genomen moeten worden en alle andere handelingen die moeten worden verricht binnen het kader van de uitvoering van de verleende bevoegdheid.
2De bevoegdheid tot het verrichten van uitvoeringscorrespondentie en het verstrekken van informatie voor niet-gemandateerde bevoegdheden worden bij mandaat opgedragen aan alle ambtelijke functionarissen, voor zover een relatie hebbend met hun functie en geen nieuwe rechtsverhoudingen worden geschapen.
3Waar volmacht is verleend tot het besluiten en verrichten van een privaatrechtelijke rechtshandeling aan een volmachtontvanger wordt daarmee ook de bevoegdheid verleend tot bewaking van uitvoering van die rechtshandeling, waartoe worden gerekend ingebrekestelling, ontbinding, vorderen van nakoming, opzegging van een overeenkomst en alle andere besluiten, die hiermee verband (kunnen) houden.
Artikel 6 Ondertekening
1Daar waar door het college c.q. de burgemeester een bevoegdheid is verleend tot het nemen van een besluit, wordt tevens de bevoegdheid tot ondertekening verleend, voor zover dit niet wettelijk is uitgesloten.
2In de ondertekening dient tot uitdrukking te worden gebracht, dat het besluit is genomen krachtens mandaat, volmacht of machtiging. Hierbij wordt de volgende formulering aangehouden:
Namens burgemeester en wethouders / namens de burgemeester van Drimmelen
[Handtekening indien wettelijk verplicht]
[Naam]
[Functienaam]
3Voor zover ondertekening betrekking heeft op artikel 5, lid 2 wordt op persoonlijke titel ondertekend en niet namens het college. Volstaan kan worden met:
[Naam]
[Functienaam]
Een handtekening is niet vereist
4In publicaties en openbare kennisgevingen wordt volstaan met het vermelden van het betreffende bestuursorgaan.
Artikel 7 Schakelbepaling
Deze mandaatregeling is ingevolge artikel 10:12 van de Awb van overeenkomstige toepassing indien een bestuursorgaan aan een functionaris, werkzaam onder zijn verantwoordelijkheid, volmacht verleent tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen of machtiging verleent tot het verrichten van handelingen die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.
Artikel 8 Citeertitel en inwerkingtreding
1Dit besluit wordt aangehaald als de “Mandaatregeling gemeente Drimmelen 2023”.
2Het besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking.
3De Mandaatregeling gemeente Drimmelen 2018 van 9 en 11 april 2018, alsmede het bijbehorend register, vervalt op het in het tweede lid genoemde tijdstip.
BIJLAGE 1
A. Bestuurlijk-Juridische aangelegenheden
Publiekrecht
1Het doen van voorstellen aan de gemeenteraad.
2Het informeren van de gemeenteraad.
3Het beantwoorden van raadsvragen (artikel 37-vragen).
4Het vaststellen, wijzigen of intrekken van algemeen verbindende voorschriften, voor zover deze niet door de raad worden vastgesteld.
5het vaststellen, wijzigen of intrekken van beleidsregels.
6Het vaststellen, wijzigen of intrekken van regels omtrent de ambtelijke organisatie.
7Het nemen van een beslissing op bezwaar, behalve in de gevallen dat de bezwaarschriftencommissie adviseert het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren.
8Het besluiten tot het opleggen van een last onder bestuursdwang of dwangsom, behalve in die gevallen waarbij de wegsleepregeling van toepassing is en bij spoedeisende gevallen als bedoeld in artikel 5:31 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 5.17 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
9Het nemen van besluiten op verzoeken om informatie op grond van de Wet open overheid, die betrekking hebben op een ramp als bedoeld in de Wet veiligheidsregio’s.
10Het nemen van besluiten om bezwaar of (administratief) (hoger) beroep aan te tekenen of een verzoek om (wijziging of opheffing van) een verzoek om voorlopige voorziening in te dienen namens de gemeente of het gemeentebestuur in administratiefrechtelijke procedures.
11Het nemen van besluiten op schriftelijk ingediende klachten als bedoeld in Titel 9.1 van de Algemene wet bestuursrecht.
12Het opleggen van geheimhouding als bedoeld in artikel 87 van de Gemeentewet en het opheffen daarvan.
13Het nemen van een besluit tot het al dan niet verlenen van inspraak op grond van de inspraakverordening als bedoeld in artikel 150 Gemeentewet.
14Het vaststellen van een subsidieplafond en de wijze van verdeling ervan.
15Het nemen van besluiten op subsidieverzoeken voor zover deze niet zijn gebaseerd op een wettelijk voorschrift, met uitzondering van het bepaalde in artikel 4:23, derde lid onder c, Awb.
16Het nemen van besluiten waarbij wordt afgeweken van het beleid, richtlijnen en/of voorschriften, bij omgevingsrechtaangelegenheden met uitzondering van de besluiten die betrekking hebben op buitenplanse omgevingsplanactiviteiten voor de type gevallen als genoemd in het voorheen geldende artikel 4 van Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (kruimelgevallenlijst), juncto artikel 2.12 lid 1 sub a onder 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover dit geen transformatie betreft als bedoeld in artikel 4, negende lid, of een tijdelijke activiteit als bedoeld in artikel 4, elfde lid van Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht.
17Het nemen van besluiten, indien ter voorbereiding van deze besluiten een uniforme openbare voorbereidingsprocedure (afdeling 3.4 Awb) is gevoerd en zienswijzen, bedenkingen of inspraakreacties zijn ingebracht.
18Besluiten tot het aangaan van een exploitatieovereenkomst of anterieure overeenkomst ten behoeve van gebiedsontwikkeling.
19Aan de burgemeester blijft voorbehouden het nemen van een besluit op grond van de Wet tijdelijk huisverbod en de Opiumwet.
20Aan de burgemeester blijft voorbehouden het nemen van een besluit inzake een crisismaatregel op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg.
21Aan de burgemeester blijft voorbehouden het nemen van een besluit inzake inbewaringstelling op grond van de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten.
22Aan de burgemeester blijven voorbehouden de in de Gemeentewet aan hem toegekende openbare orde bevoegdheden.
23Aan de burgemeester blijven voorbehouden de in Afdeling 15 van de geldende Algemene plaatselijke verordening (APV) aan hem toegekende bevoegdheden (artikelen 2:75 tot en met 2:80 APV).
Privaatrecht
Aanbestedingen
1Het nemen van besluiten om af te wijken van het vastgestelde aanbestedingsbeleid.
2Het nemen van gunningsbesluiten en het afsluiten van de daaruit voortvloeiende overeenkomsten boven het bedrag van de budgetten waarover de budgethouder een bevoegdheid is verstrekt middels het vaststellen van de programmabegroting.
Contracten
1Het besluit tot het aangaan van convenanten, intentieverklaringen, en bestuursovereenkomsten.
2Het besluit tot het aangaan van overeenkomsten met een financiële waarde buiten de toegekende budgetten en/of vastgestelde kaders.
3Het besluit tot het aangaan van overeenkomsten indien op grond van de Gemeentewet het college de raad vooraf over de overeenkomst moet informeren, omdat
a.de raad daarom heeft verzocht;
b.op grond van de Gemeentewet de raad in de gelegenheid moet worden gesteld zijn wensen en bedenkingen ten aanzien van de overeenkomst ter kennis van het college te brengen omdat deze ingrijpende gevolgen voor de gemeente kan hebben;
c.de raad ter zake om informatie heeft gevraagd.
4Het afgeven van garanties, borgstellingen en dergelijke, hoe ook genaamd.
Civiele (en strafrechtelijke) procedures
1Het besluit hoger beroep of cassatie aan te tekenen namens de gemeente of het gemeentebestuur in civiele procedures.
2Het nemen van besluiten ten aanzien van alternatieve geschillenbeslechting, niet zijnde: - arbitrage of - het voorleggen van geschillen aan scheidslieden voor zover afspraken daarover vooraf schriftelijk zijn vastgelegd, of geschilbeslechting als bedoeld in artikel 11.5 CAO Gemeenten.
3Het treffen van een schikking in een civiele of strafrechtelijke procedure, indien hiervoor geen financiële middelen op de vigerende begroting beschikbaar zijn.
Overige privaatrechtelijke rechtshandelingen
1Het besluit tot de oprichting van of de deelneming in rechtspersonen.
2Het kwijtschelden en buiten invordering stellen van vorderingen, niet zijnde vorderingen in het kader van belastingheffing of een schikking in een civiele of strafrechtelijke procedure.
3Het besluit tot aanvaarding of afwijzing van erfstellingen/legaten/schenkingen.
4Het besluit tot het doen van een schenking.
5Het aanvaarden van een aanbod tot sponsoring.
6Het aanvragen van surseance van betaling en faillissement.
7Het nemen van besluiten over verzoeken om schadevergoeding boven een bedrag ad € 5.000,- voor zover dergelijke verzoeken op grond van de verzekeringspolis niet aan de verzekeraar moeten worden overgedragen.
8Bevoegdheden zoals opgenomen in het Treasurystatuut.
9Het nemen van besluiten over het opnemen van geldleningen op de kapitaalmarkt met een looptijd van een jaar of langer.
10Het nemen van besluiten over het verstrekken van geldleningen via de kapitaalmarkt.
11Het nemen van besluiten over het doen van beleggingen op de kapitaalmarkt.
12Het ondertekenen van overeenkomsten met een ander bestuursorgaan, waarbij de wederpartij wordt vertegenwoordigd door een bestuurder, met dien verstande dat in dat geval de burgemeester een machtiging kan verlenen aan een wethouder.
B. Personeelsaangelegenheden
1Aanwijzingsbesluit gemeentesecretaris als bedoeld in artikel 102 Gemeentewet.
2De vervanging van de gemeentesecretaris als bedoeld in artikel 106 Gemeentewet.
3Alle onderwerpen die onderdeel uitmaken van het personeelshandboek.
4Aanwijzing van ambtenaren en/of financiële belangen als bedoeld in artikel 5, lid 1, aanhef en onder d, Ambtenarenwet.
5Uitvoering geven aan artikel 8 Ambtenarenwet waar het nevenfuncties van de gemeentesecretaris betreft.
6Verzoek om vrijstelling aan het LOGA, als bedoeld in artikel 1.3, lid 1 CAO Gemeenten.
C. Overige aangelegenheden
1Het benoemen van personen als vertegenwoordiger van de gemeente Drimmelen in bestuurs- en toezichthoudende organen van publiekrechtelijke- en privaatrechtelijke rechtspersonen.
2Het benoemen van personen in adviesorganen van het college.
3Het benoemen van personen in bestuurscommissies als bedoeld in artikel 83 van de Gemeentewet.
4Het benoemen van personen in commissies als bedoeld in artikel 84 van de Gemeentewet.
5Het aanwijzen van een gemeenteambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b van de Gemeentewet.
6Het aanwijzen van een gemeenteambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel c van de Gemeentewet