Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregels intrekken omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk

Gemeente Dongen · geldt sinds 22 juli 2016

Artikel 1: Begripsbepalingen

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

a.Omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk: vergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, lid 1 onder a van de Wabo;

b.Bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen, veranderen of vergroten van een bouwwerk;

c.Intrekken: het geheel of gedeeltelijk intrekken van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk.

Artikel 2: Intrekking bij uitblijven aanvang bouwwerkzaamheden

a.Conform het bepaalde in artikel 2.33, lid 2 onder a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is het college van burgemeester en wethouders bevoegd om een verleende omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen geheel of gedeeltelijk in te trekken als er niet binnen 26 weken na het onherroepelijk worden van de verkregen omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk een begin is gemaakt met het bouwen.

b.Enkel indien zich urgente en zwaarwegende planologische belangen voordoen wordt van deze bevoegdheid na 26 weken actief gebruik gemaakt. Doen zich geen urgente en zwaarwegende planologische belangen voor dan wordt 2 jaar na het onherroepelijk worden van de verleende vergunning gebruik gemaakt van deze bevoegdheid.

c.Onder ‘urgente en zwaarwegende planologische belangen’ wordt in dit kader een situatie verstaan waarbij voor het gebied waarbinnen het vergunde object is gesitueerd een bestemmingsplan in voorbereiding is en het vergunde object het toekomstig planologisch kader frustreert. Hierbij moet ten minste sprake zijn van een ontwerpbestemmingsplan welke op grond van artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening ter inzage is gelegd en is gepubliceerd.

d.Aan elke vergunninghouder waarvan geconstateerd is dat niet tijdig na het onherroepelijk worden van een verleende omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk is begonnen met het bouwen, wordt een voornemen tot intrekking van de verleende omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk bekend gemaakt conform artikel 6 van deze beleidsregels.

e.In het geval er een zienswijze is ingediend wordt bekeken of de ingediende zienswijze aanleiding geeft tot het gunnen van een ruimere termijn waarbinnen met het bouwen een begin moet zijn gemaakt.

f.De termijn bedoeld onder e wordt slechts eenmaal gegund en wordt naar redelijkheid en in het licht van het concrete geval bepaald en bedraagt maximaal 26 weken.

Artikel 3: Intrekking bij stilliggen bouwwerkzaamheden

a.Conform het bepaalde in artikel 2.33, lid 2 onder a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is het college van burgemeester en wethouders bevoegd om een verleende omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk in te trekken als het bouwen langer dan 26 weken heeft stilgelegen.

b.Van deze bevoegdheid wordt actief gebruik gemaakt. Dat wil zeggen dat indien het bouwen gedurende 26 weken stilligt de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk wordt ingetrokken.

c.Aan elke vergunninghouder met een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk waarbij geconstateerd wordt dat het bouwen 26 weken heeft stilgelegen, wordt een voornemen tot intrekking van de verleende vergunning bekendgemaakt conform artikel 6 van deze beleidsregels.

d.In het geval er een zienswijze is ingediend wordt bekeken of de ingediende zienswijze aanleiding geeft tot het gunnen van een ruimere termijn waarbinnen weer gestart moet worden met het bouwen.

e.De termijn bedoeld onder d wordt slechts eenmaal gegund en wordt naar redelijkheid en in het licht van het concrete geval bepaald en bedraagt maximaal 26 weken.

Artikel 4: Gunnen ruimere termijn voor start of herstart bouwwerkzaamheden

In de volgende situaties is sprake van een concreet geval waarvoor een ruimere termijn kan worden gegund zoals bedoeld in artikel 2, onder f en artikel 3, onder e van deze beleidsregels.

a.De vergunninghouder kan met concrete documenten (geaccepteerde offerte van een bouwondernemer, facturen van bestelde bouwmaterialen en/of hiermee gelijk te stellen documenten) zijn intentie tot het starten met het bouwen aantonen.

b.De vergunninghouder kan persoonlijke omstandigheden opvoeren. Bijvoorbeeld een sterfgeval of ziekte in de familie, welke aantoonbaar tot uitstel van het bouwen hebben geleid.

Een ruimere termijn wordt enkel gegund indien de persoonlijke omstandigheid zich niet meer dan 26 weken voor de start van de intrekkingsprocedure heeft voorgedaan of deze op dat moment nog voortduurt.

Artikel 5: Intrekken na gunnen ruimere termijn

Indien er binnen de in artikel 2, onder f en artikel 3, onder e van deze beleidsregels gestelde ruimere termijn geen begin is gemaakt met het bouwen wordt de verleende omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk ingetrokken.

Artikel 6: Procedure tot intrekking van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk

1Indien de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk tot stand is gekomen met de reguliere voorbereidingsprocedure: a. krijgen belanghebbenden voordat een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk wordt ingetrokken de gelegenheid om hierover binnen een redelijke termijn een zienswijze naar voren te brengen (conform artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht). Deze redelijke termijn is bepaald op 4 weken. b. de gemeente neemt binnen 8 weken na de ontvangst van de in lid 1 bedoelde zienswijze een besluit over het al dan niet intrekken van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk conform deze beleidsregels. c. het besluit tot intrekking van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk wordt bekendgemaakt aan vergunninghouder en eventuele derde belanghebbenden en wordt via elektronische weg bekend gemaakt of op een andere geschikte wijze.

2Indien de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk tot stand is gekomen met de uitgebreide voorbereidingsprocedure: a. wordt voordat een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk wordt ingetrokken het ontwerp van het te nemen besluit gedurende 6 weken ter inzage gelegd. Voorafgaand aan deze terinzagelegging wordt een kennisgeving van het ontwerpbesluit via elektronische weg bekend gemaakt of op een andere geschikte wijze. b. belanghebbenden kunnen zowel schriftelijk als mondeling hun zienswijze over het ontwerp naar voren brengen. c. indien er geen zienswijzen naar voren zijn gebracht neemt de gemeente binnen 4 weken nadat de termijn voor het naar voren brengen van zienswijzen is verstreken het besluit. Indien er wel zienswijzen naar voren zijn gebracht neemt de gemeente het besluit uiterlijk 12 weken na de terinzagelegging (conform artikel 3:18 Awb). d. het besluit tot intrekking van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk wordt bekendgemaakt aan vergunninghouder en eventueel derde belanghebbenden en wordt via elektronische weg bekend gemaakt of op een andere geschikte wijze.

Artikel 7: Uitsluiting overige intrekkingsgronden

Deze beleidsregels laten de besluitvorming over de overige in artikel 2.33 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht opgenomen intrekkingsgronden onverlet.

Artikel 8: Hardheidsclausule

Het college handelt volgens deze beleidsregels, tenzij dat voor één of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregels te dienen doel.

Artikel 9: Overgangsrecht

Voor omgevingsvergunningen voor de activiteit bouwen van een bouwwerk die zijn verleend voor de inwerkingtreding van dit beleid, geldt dat deze niet eerder dan 26 weken na inwerkingtreding worden ingetrokken.

Artikel 10: Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als Beleidsregels intrekken omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk.

Artikel 11: Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking.

Dongen, 8 juli 2016

BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DONGEN,

De secretaris, De burgemeester,

Mr. H.L.M. van Noort Drs. M.C. Starmans-Gelijns

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.