Aanhef
SAMENVATTING EN LEESWIJZER
Het vakgebied vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) binnen het omgevingsrecht, is sterk in ontwikkeling. Wetswijzigingen volgen elkaar snel op. De Omgevingswet, de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en de Wet Verbetering Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving vragen om het geven van invulling aan een veranderende maatschappij. Vanwege de ontwikkelingen rondom het omgevingsrecht, verandert de komende jaren veel in de werkwijze van de VTH-taken. Om deze reden is dit VTH-beleid een dynamisch document dat tussentijds aangepast wordt, indien de veranderende wet- en regelgeving hierom vraagt.
De nadruk komt steeds meer te liggen op integraal en programmagericht werken. Daarnaast eist de maatschappij steeds meer dat vergunningverlening, toezicht en handhaving eenduidiger en transparanter plaatsvinden.
Met dit beleidsplan worden uitgangspunten vastgesteld voor de VTH-werkzaamheden, zoals:
•Het niveau waarop vergunningen worden getoetst;
•Welke punten worden gecontroleerd bij verschillende bouwprojecten;
•De handhavingsmiddelen die worden ingezet.
De Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en straks de Omgevingswet (Ow) bepaalt dat het college het bevoegd gezag is voor de vaststelling van het VTH-beleid. Op basis daarvan maakt het college jaarlijks een uitvoeringsplan en een evaluatieverslag. Daarvan wordt verslag gedaan aan de gemeenteraad. Na de invoering van de Wet VTH stelde de gemeenteraad de Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving vast (de kwaliteitscriteria), die in deze beleidsperiode wordt vervangen door de verordening handhaving en uitvoering Omgevingsrecht Diemen. Uitgegaan wordt van de meest recente kwaliteitscriteria. Hiermee wordt voldaan aan de big 8 beleidscyclus.
Het VTH-beleid wordt uitgevoerd vanuit de kernwaarden van de gemeente Diemen:
o Lef;
o Leergierig;
o Bewust doen;
o Open houding;
o Verbindend.
Het VTH-beleid wordt ook uitgevoerd met inachtneming van het Rekmanifest (bijlage 11) waarbij vooral vanuit oplossingen wordt gedacht, een gedachte die ook in de Omgevingswet tot uiting komt.
De indeling van dit VTH-beleid is als volgt:
Hoofdstuk 1 behandelt de Big 8 cyclus, de relevante ontwikkelingen en de missie en visie.
Hoofdstuk 2 beschrijft de probleemanalyse, de prioriteiten, de analyse van inzichten en de strategieën.
Hoofdstuk 3 beschrijft de doelstellingen en de uitgangspunten van de drie deelgebieden vergunningverlening, toezicht en handhaving.
In hoofdstuk 4 komen de strategieën en werkwijzen aan de orde.
Hoofdstuk 5 bevat de borging van de uitvoering en de beschikbare dan wel benodigde middelen. In het uitvoeringsprogramma worden de middelen voor het specifieke jaar beschreven.
In hoofdstuk 6 komt de evaluatie van het beleid aan bod. De beleidscyclus is rond. Jaarlijks wordt het uitvoeringsprogramma geëvalueerd en wordt inzicht gegeven in de ingezette middelen.
1. ALGEMEEN
1.1. Inleiding en BIG 8
Met dit VTH-beleid legt het college van burgemeester en wethouders de basis voor de programmatische en integrale uitvoering van de wettelijke taken en het bereiken van de doelstellingen uit het coalitieprogramma “Diemen met elkaar en voor elkaar. Groen, open, inclusief en sociaal”.
Op grond van de wet VTH
1Zie artikel 7.2 van het Besluit omgevingsrecht (Bor)
is iedere gemeente verplicht om een integraal vergunningen- en handhavingsbeleid vast te stellen voor de taken uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) beleid op te stellen. Vergunningverlening, toezicht en handhaving zijn taken die hieronder vallen. Het vaststellen van het beleid en een uitvoeringsprogramma is een bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders. Na vaststelling wordt het beleid ter kennisname aan de gemeenteraad gestuurd.
Daarnaast worden de in de evaluatie gedane verbetervoorstellen
2Verbeterplan VTH proces-criteria van 4 september 2019.
op het gebied van VTH meegenomen als doelstelling, uitgangspunt of kernwaarde in het beleid.
Het VTH-beleid maakt inzichtelijk hoe de VTH-taken worden uitgevoerd en welke prioriteiten gesteld zijn. Het VTH-beleid wordt vervolgens jaarlijks naar uitvoeringsplannen vertaald en geëvalueerd.
Het VTH-beleid is een 4-jarig kader op basis waarvan uitvoering wordt gegeven aan de VTH-taak. Dit beleidsplan vervangt het Integraal vergunningverlenings-, toezichts- en handhavingsbeleid Gemeente Diemen 2019 – 2022 dat op 9 juli 2019 werd vastgesteld.
Het doel van vergunningverlening is om kwalitatief hoogwaardige vergunningen te verlenen door aanvragen goed te toetsen op volledigheid en specialisten in te schakelen voor de advisering op de aanvraag. Dit alles om te komen tot een goede uitvoeringskwaliteit van de vergunning die tijdig kenbaar wordt gemaakt en duidelijk is voor de aanvrager. Een kwalitatief goede vergunning voorkomt problemen tijdens de uitvoering. Toezicht en handhaving van wetgeving heeft als doel de kwaliteit van de (leef)omgeving te beschermen en waar mogelijk te verbeteren.
De nadruk komt, evenals het voorgaande VTH-beleid, meer en meer te liggen op integraal en programmagericht werken. Terugkerende elementen zijn:
o efficiëntere en daarmee effectievere handhaving;
o vermindering van de administratieve lastendruk;
o minder vergunningplichtige activiteiten;
o meer algemene regels;
o werken volgens een vaste beleidscyclus.
Er wordt nadrukkelijk (steeds meer) een beroep gedaan op de eigen verantwoordelijkheid van burgers en bedrijven. Daarnaast eist de maatschappij steeds meer dat vergunningverlening, toezicht en handhaving eenduidiger en transparanter plaatsvinden.
Coalitieakkoord
In het coalitieakkoord ‘Diemen met elkaar en voor elkaar’ maakt het college op hoofdlijnen de volgende keuzes bekend die mede leidend zijn bij het uitvoeren van taken die vallen binnen de reikwijdte van dit VTH-beleid. Onderstaande passages hebben raakvlakken met de VTH keten en zijn daarom overgenomen uit het coalitieakkoord.
Wonen
De Woonvisie die in 2018 is vastgesteld heeft nog niet aan kracht verloren, maar moet in 2023 versterkt en geactualiseerd worden
3Deze taak ligt bij Team Ruimtelijk Beleid.
. De coalitie vindt sociale woningbouw van het grootste belang vanwege de grote woningnood en wil bij blijven dragen aan de bouw van betaalbare woningen. De reeds vastgestelde nieuwe regels voor de verdeling van sociale huurwoningen treden per 2023 in werking.
Daar waar we kunnen, zullen we via voorlichting en algemene afspraken het ongewenst scheefhuren trachten te beïnvloeden en passend wonen promoten. De veelheid aan – helaas versnipperde - aanvullende regelgeving van het Rijk passen we waar mogelijk en zinvol toe en vertalen we naar lokale regelgeving in onder andere de huisvestingsverordening. Alleen regelgeving is niet genoeg. Het geven van duidelijke voorlichting wordt steeds belangrijker. Daarnaast vraagt het stellen van meer regels ook om meer handen om vergunningverlening en handhaving vorm te geven.
Cultuur
Een goed cultureel en divers evenementenaanbod komt de levendigheid van het dorp ten goede. Vanuit Daarom Diemen worden initiatieven voor nieuwe evenementen ondersteund. Verder leent het Diemerbos zich goed voor kleinschalige (theater)voorstellingen. House of Bird en Theater De Omval hebben op dit gebied al samengewerkt.
Bedrijventerrein Verrijn Stuart
Er zijn steeds meer signalen dat het bestemmingsplan en de openbare ruimte niet meer aansluiten op behoeften van de gebruikers van het terrein. Nu er steeds minder plaatsen zijn in Diemen waar vrij geparkeerd kan worden, kan in de nabije toekomst de parkeerdruk op Verrijn Stuart oplopen.
Dit kan ertoe leiden dat het nodig wordt om over te gaan tot regulering van het parkeren. Actualisatie van het bestemmingsplan en een opwaardering van de openbare ruimte zijn daar in ieder geval onderdeel van.
Detailhandel
Nadrukkelijk wordt met de verschillende wijkwinkelcentra in Diemen gekeken naar de mogelijkheden om tot meer evenementen te komen.
Veiligheid en ondermijning
De gemeente heeft de afgelopen jaren veel werk gemaakt van veiligheid en de strijd tegen ondermijning. Het huidige ondermijningsbeeld wordt bijgewerkt en daar stemmen wij onze inzet op af, waarbij er wordt gezorgd voor een evenwichtige balans tussen zorg en veiligheid. Bij de uitvoering van het beleid zal het vizier telkens gefocust zijn op dat wat mogelijk is qua landelijke en lokale regelgeving en zullen we daar waar mogelijk de grenzen opzoeken.
Veiligheid - Scheerlicht
De gemeente Diemen pakt actief misstanden op het gebied van woonfraude en ondermijning aan en omarmt de methodiek Scheerlicht in de gemeentelijke organisatie. We werken aan verdere ontschotting van onze organisatie en intensievere samenwerking met externe partners.
Preventie als uitgangspunt
Preventie is de kern van ons veiligheidsbeleid en repressie is het sluitstuk. Daarom investeren wij verder in een sterk sociaal beleid, opleiding, leefbare buurten en community building/ samenlevings-opbouw. We gaan vanuit deze focus aan de slag met een wijkgerichte aanpak.
Uitbreiden boa-capaciteit
Wij zijn ons bewust van de groeiende inzet van onze buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) en zien ook de toenemende weerstand die de boa’s bij de uitoefening van hun ambt ervaren. We houden het aantal boa’s in evenwicht met de grootte van de gemeente en het takenpakket. We zien ook de toenemende weerstand die boa’s bij de uitoefening van hun ambt ervaren. Daarom is in 2021 gestart met een pilot voor het dragen van bodycams. Mocht de boa-capaciteit in de toekomst onvoldoende zijn, dan zal een eventuele capaciteitsclaim worden meegenomen in de reguliere planning- en control cyclus.
Financiën
De financiële verhouding tussen het Rijk en de gemeenten wordt steeds ongemakkelijker, omdat de taken en de realisatie van doelstellingen steeds vaker door het Rijk doorgeschoven worden naar de gemeenten. Het voornemen is ons samen met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten actief op te stellen bij de lobby voor een rechtvaardige verdeling van de lasten.
En tot slot valt op dat uitdrukkelijk niet gekozen wordt voor een verdere overheveling van taken naar Duo+.
1.2. Ontwikkelingen
De voornaamste juridische ontwikkelingen zien in de komende jaren op een gedegen invoering van de Omgevingswet en alle gevolgen die daarmee samenhangen, zoals bijvoorbeeld het (verder) op orde brengen van de werkprocessen. Het is een intensief traject met een lange voorgeschiedenis. Daarnaast vraagt de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) de nodige aandacht. Deze wetten hebben langdurige gevolgen voor de wijze van werken en leiden tot een nieuwe manier van werken voor de hele VTH keten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het nieuwe meldingsstelsel voor de categorie 1 bouwwerken onder de Omgevingswet.
Maatschappelijk gezien zijn er tal van ontwikkelingen die ervoor zorgen dat er een verharding plaatsvindt in de samenleving. De burger wordt mondiger en eist meer van de gemeentelijke dienstverlening. Zo worden steeds meer legesbezwaren ontvangen en accepteren aanvragers geen ‘nee’ of ‘nee, mits’ meer. Bovendien is er meer agressie op straat, waar de toezichthouders in toenemende mate mee geconfronteerd worden.
Daarnaast heeft klimaatverandering en het verduurzamingsvraagstuk gevolgen voor de VTH werkzaamheden. Zo heeft de toenemende aanscherping van milieueisen niet alleen impact op de eigen werkzaamheden, maar ook op de samenwerking met de Omgevingsdienst Noordzeekanaal-gebied (ODNZKG).
Organisatorisch gezien is de gemeente Diemen een gemeente in ontwikkeling, terwijl de wereld in vlug tempo verandert. Om grip op het VTH proces te (be)houden zonder in te leveren op kwaliteit, is het noodzakelijk om werkprocessen verder te laten meebewegen met alle ontwikkelingen en oog te hebben voor wat er speelt onder de medewerkers. Medewerkers moeten naast hun reguliere werkzaamheden ook steeds inspringen op zaken die niet kunnen wachten en dat vraagt om een flexibele mindset.
De (optimalisatie van de) digitalisering is in volle gang. Digitalisering omvat niet alleen het digitaal maken van fysieke documenten en de introductie van nieuwe systemen, maar ook het vervangen van bestaande digitale systemen, de doorontwikkeling. Zo zal in de beleidsperiode SquitXO door Rx.Mission vervangen worden, het nieuwe VTH-systeem.
Al deze ontwikkelingen vergen in toenemende mate tijd en inzet van de medewerkers.
De samenwerking met externe partijen, zoals DUO+, de ODNZKG, politie en de provincie is niet alleen belangrijk en waardevol, maar (soms) ook complex en ingewikkeld. Dit wordt mede veroorzaakt door wetswijzigingen, het verschuiven van werkzaamheden/bevoegdheden
4Denk in dit verband aan de verplichting milieutaken bij een OD neer te leggen.
en/of het veranderen van contactpersonen. Daarbij komt dat deze organisaties ook in ontwikkeling zijn. Zo is een complicerende factor in de samenwerking met de ODNZKG dat taken in mandaat
5Mandaat is de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen (artikel 10:1 van de Algemene wet bestuursrecht).
zijn overgedragen, maar in de uitvoering (en terugkoppeling) dient een kwaliteitsslag plaats te vinden. In de jaarprogramma’s en evaluatieverslagen zal daar nader op ingegaan kunnen worden.
De invloed van deze ontwikkelingen is groot en zorgt ervoor dat tijdig en gedegen kunnen inspringen op wat de veranderende maatschappij vraagt van de gemeente Diemen een continue uitdaging blijft.
1.3. Missie en visie
De reeds bestaande missie is nog net zo relevant. Daarom wordt deze hier herhaald en bevestigd voor de nieuwe periode 2023 - 2026:
De VTH keten van de gemeente Diemen realiseert deze visie door:
–het op effectieve & doortastende wijze uitvoeren van de wettelijke taken en bestuurlijke opdrachten;
–met gevoel en verstand nauw samen te werken met interne en externe ketenpartners;
–een integrale dienstverlening die gericht is op het zoveel mogelijk digitaal en plaats onafhankelijk, tijdig leveren van diensten en producten.
Hiervoor is transparant beleid een vereiste met als belangrijke basisvoorwaarden:
–klantgerichte, resultaatgerichte en betrouwbare dienstverlening;
–denken in oplossingen.
In de gemeente Diemen wordt gewerkt volgens de Big 8 beleidscyclus. Hiermee wordt beoogd het hele VTH-proces inzichtelijk te maken, uit te voeren, te borgen en te verbeteren¬. Zie hieronder de visuele toelichting.
2. PROBLEEMANALYSE EN PRIORITEITEN
2.1. Analyse van inzichten
De analyse van inzichten beschrijft wat geleerd is in de afgelopen periode en wat er nodig is om de komende periode structuur, overzicht en focus te behouden.
Impact juridische ontwikkelingen: de impact van de implementatie van de Omgevingswet is groot en ziet op vele facetten, zoals de wijze van denken (“ja mits”, in plaats van “nee, tenzij”) en het stroomlijnen van de werkprocessen. De implementatie van de Wet open overheid
10Vervanger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).
(Woo) heeft ook in de komende beleidsperiode zijn effect. De juridische capaciteit ziet op een gefaseerde verschuiving van vergunningverlening naar handhaving over meerdere jaren.
De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers, die erop toezien dat een bouwwerk bij gereedmelding aan de regels voldoet. Hierdoor zal de positie van de consument moeten verbeteren. De gemeente wil goed voorbereid zijn op de Wkb. Daartoe worden de nodige voorbereidingen reeds getroffen. Medewerkers worden opgeleid, werkprocessen worden aangepast en systemen worden ingericht. Het cluster Vergunningen zal bijvoorbeeld onder de Omgevingswet bouwmeldingen gaan behandelen.
De inschatting is dat in deze beleidsperiode alleen de categorie I bouwwerken vallen. Categorie II en II bouwwerken vallen naar verwachting buiten de beleidsperiode. Voor het cluster Vergunningen is een verwachte daling van 338 uur berekend voor de Bouwbesluittoetsvrije werken en voor toezicht en handhaving een daling van 416 uur
11Afkomstig uit de impactanalyse Wkb van bureau Senze. Dit is de verwachte urendaling voor gevolgklasse 1.
. Echter zijn in deze indicatie de administratieve taken/uren niet meegenomen. De verwachting is juist dat een stijging van (administratieve) werkzaamheden. Het aantal aanvragen zal naar verwachting verder stijgen en de Omgevingswet brengt nieuwe taken met zich mee. Bovendien is de verwachting dat toetsen op het omgevingsplan ingewikkelder is dan op het bestemmingsplan vanwege het integrale werken.
Op bestuurlijk niveau zal in onderhavige beleidsperiode inzichtelijk gemaakt moeten worden:
o Wat de invloed van de Wkb is op de missie en visie;
o Welke keuze gemaakt wordt ten aanzien van de mate van toezicht en handhaving (streng aan de voorkant, geleidelijk loslaten of direct volledig loslaten);
o Wat de lokale risico’s zijn;
o Hoe om te gaan met het dossier bevoegd gezag
12Het dossier Bevoegd Gezag bevat documenten van alle fasen uit het bouwproces en heeft met name betrekking op veiligheid.
.
Dit is een langdurig traject dat in de onderhavige beleidsperiode zal voortduren. Zo wordt steeds verder inzichtelijk gemaakt wat ervoor nodig is om deze wet goed te kunnen implementeren en uitvoeren. Naar verwachting zal in 2023 meer duidelijkheid komen over de uitkomst van bovenstaande vragen en de beleidsmatige keuzes die daarmee samenhangen. Om geen vertraging op te lopen bij de vaststelling van dit beleidsplan is ervoor gekozen om zodra deze is afgerond een bijlage aan dit beleid toe te voegen waarbij zal worden ingegaan op de hierboven weergegeven vragen.
Impact maatschappelijke ontwikkelingen: de maatschappij verhardt. Daarom zijn de boa’s en toezichthouders openbare ruimte, na een pilot, in 2022 definitief uitgerust met een bodycam. Dit is nodig geacht ter bescherming van zowel de boa/toezichthouder openbare ruimte (het bieden van een zo veilig mogelijke werkomgeving) als het publiek (de bodycam heeft een preventieve en de-escalerende werking).
Ook de stap om te ageren tegen besluiten wordt sneller (en vaker) genomen. Dit zorgt voor druk op het cluster juristen van het team Openbare Orde en Veiligheid en Vergunningen (OOV&V) en het cluster Vergunningen vanwege de toename van het aantal bezwaarschriften tegen leges aanslagen.
De crisissen volgen elkaar in rap tempo op. Dit zorgt voor extra druk op de capaciteit. Denk bijvoorbeeld aan de opvang van ontheemden. Deze ontwikkelingen lijken voor een structurele impact te zorgen. De arbeidsmarkt is al langere tijd slecht, waardoor de capaciteit voortdurend onder druk staat. Verder zijn er grote bouwprojecten (zoals Holland Park) die veel aandacht vergen. Bovendien groeit de gemeente Diemen gestaag verder.
In deze beleidsperiode wordt verwacht dat voor de korte termijn bouwprojecten als de volgende de nodige aandacht vergen: ontwikkelingen van Hollandpark west en de nog in ontwikkeling zijnde strook Hollandpark Zuid, de locatie voormalige containerwoningen, de Hogeschool Inholland, Arent Krijtsstraat 1, Buitenlust, Hof van Saan en de Harmonielaan. Voor de lange termijn is de verwachting dat bouwprojecten zich minder op grote nieuwbouw projecten zullen richten, maar meer op sloop en verbouw.
Verduurzaming krijgt een grote rol binnen het VTH-gebied. In het kader van de verduurzaming is het Provinciaal Energieakkoord door de gemeente Diemen ondertekend. Er is een plan van aanpak energiebesparing bij bedrijven gerealiseerd en inmiddels subsidie toegekend. Dit plan van aanpak zal in de beleidsperiode worden uitgevoerd.
Impact organisatorische ontwikkelingen. De organisatie is in ontwikkeling. Daarboven op zijn de digitalisering en het nieuwe VTH systeem factoren die op de capaciteit drukken. Het borgen van dit soort ontwikkelingen is een voortdurende uitdaging.
In 2022 is een nieuw functiehuis geïntroduceerd met de daarbij behorende generieke functieprofielen. In de nieuwe beleidsperiode zullen medewerkers geïnformeerd worden over hun nieuwe functieomschrijving (HR21). Hiermee kan ook beter inzichtelijk gemaakt worden hoe de kritieke massa eruit ziet en de daarbij behorende kwaliteitseisen. Dit is relevant voor het blijvend voldoen aan de kwaliteitscriteria en dus voor de uitvoering van de (nieuwe) verordening Uitvoering en Handhaving.
Ook is een kwartiermaker aangenomen voor het team OOV&V, met taakaccent het cluster vergunningen. Deze rol ziet voornamelijk op het verbeteren van de interne en externe dienstverlening, het verder invulling geven aan het optimaliseren van de werkprocessen en het verlagen van de werkdruk. Het doel is om het team en met name het cluster vergunningen (verder) op de kaart te zetten.
2.2. VTH-strategie
De VTH-strategie van de gemeente Diemen is gebaseerd op de Landelijke handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) van 12 oktober 2022. Deze strategie is de opvolger van de Landelijke Handhavingsstrategie uit 2014, maar in de kern is deze strategie onveranderd.
Handhavende instanties, zoals overheden, omgevingsdiensten, het OM en de politie treden op basis van deze strategie op eenzelfde manier op bij vastgestelde overtredingen. Zo ontstaat een gelijk speelveld, wordt het rechtsgevoel gerespecteerd en blijft de leefomgeving veilig, schoon en gezond. Onder de LHSO kunnen specifieke handhavingsstrategieën worden uitgewerkt en vastgesteld.
De VTH-strategie van de gemeente Diemen is in eerste instantie gericht op preventie, om vervolgens af te dalen naar de vergunningenstrategie en de toezichts- en handhavingsstrategie. Afgeleide strategieën zoals de Strategie uitvoering thema’s en projecten en de aanverwante strategieën zijn in bijlage 3 te vinden.
3. DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
3.1. Doelstellingen en uitgangspunten vergunningverlening
Voor vergunningverlening gelden de volgende doelstellingen:
-Het bieden van een kwalitatief goede dienstverlening
De gemeente Diemen kiest al langere tijd voor een klantgerichte benadering, waarbij een goede (digitale) dienstverlening en een snelle en zorgvuldige afhandeling van de vergunningaanvragen centraal staan. Onze inwoners en bedrijven worden daarbij op een deskundige en vriendelijke wijze van informatie voorzien en het vergunningentraject is voor hen herkenbaar en transparant. Wij streven voortdurend naar verbetering van de dienstverlening aan onze inwoners en bedrijven.
-Het bieden van rechtszekerheid voor inwoners en ondernemers
De kwaliteit van vergunningen draagt bij aan rechtszekerheid waarbij ook aandacht voor de communicatie van wezenlijk belang is. Verleende vergunningen, vrijstellingen en ontheffingen dienen zorgvuldig gemotiveerd te worden, op adequate wijze bekend gemaakt te worden en zo nodig toegezonden te worden aan personen die een zienswijze hebben ingediend. Zo worden burgers, bedrijven in andere instellingen in de gelegenheid gesteld om hun belangen kenbaar te maken en eventueel bezwaar- en/of beroep aan te tekenen.
-Het redeneren vanuit oplossingen en een integrale aanpak
Bij het beoordelen van vergunningaanvragen wordt gezocht naar de mogelijkheden om de aangevraagde activiteiten te vergunnen. De focus ligt dus niet op de beperkingen die wet- en regelgeving met zich meebrengen, maar juist op het zoeken naar wegen en oplossingen om binnen de wet rekening houdend met de wensen van de aanvrager en omgeving, de activiteiten mogelijk te maken. Het rekmanifest dat door het college is vastgesteld, wordt daarbij als leidraad gebruikt.
In 2022 is een omgevingstafel ingesteld waarbij de intern betrokken partijen om de tafel zitten om gelijktijdig een plan te beoordelen. De intentie bestaat om de omgevingstafel uit te breiden zodat ook externe adviseurs kunnen aansluiten. Mogelijk zullen op de langere termijn de aanvrager en belanghebbenden ook uitgenodigd worden om aan te sluiten.
-Het realiseren van kwalitatief goede vergunningen
De gemeente is verantwoordelijk voor de uitvoeringskwaliteit van vergunningen. Daaronder wordt verstaan de mate waarin een afgegeven vergunning voldoet aan de juridische eisen (zoals geformuleerd in de relevante wet- en regelgeving en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur) en bijdraagt aan de omgevingsdoelen.
Uitgangspunten vergunningverlening
De uitgangspunten van vergunningverlening zijn:
1Per vergunningaanvraag is één casemanager verantwoordelijk voor het hele proces dat doorlopen moet worden. Aanvragers zijn zelf verantwoordelijk voor het tijdig indienen van een kwalitatief goede vergunningaanvraag. Heldere communicatie en pro-actief handelen/ informeren is hierbij noodzaak.
2Waar nodig
13Bijvoorbeeld bij horeca-aanvragen (en bij grote evenementen)
dan wel vereist vindt voor indiening een intakegesprek plaats. Ook krijgt de aanvrager informatie over welke overige benodigde vergunningen of meldingen dienen te worden aangevraagd.
3Jaarlijks informeert de casemanager Horeca vooraf horecaondernemers of gedurende het betreffende jaar een terras- of exploitatievergunning zal komen te vervallen.
4De toezichthouder wordt bij alle aanvragen in de gelegenheid gesteld om te adviseren, bijvoorbeeld of de tekeningen kloppen met de werkelijkheid. Bij legalisatieverzoeken stemt de casemanager de vergunningprocedure af met toezicht en handhaving. Bij dreigende buiten behandeling stelling of weigering van de aanvraag wordt de aanvrager tijdig uitgenodigd voor een integraal gesprek.
5Te verlenen vergunningen moeten voldoen aan de juridische eisen en bijdragen aan de omgevingsdoelen.
6Besluiten worden in duidelijke taal opgesteld, zodat de vergunning inclusief de voorwaarden begrijpelijk is voor de aanvrager/vergunninghouder.
7Verleende vergunningen worden via een warme overdracht
14Vindt plaats tijdens een regulier overleg tussen casemanagers en toezichthouders.
doorgegeven aan de toezichthouders.
3.2. Doelstellingen en uitgangspunten toezicht en handhaving
Voor toezicht en handhaving gelden de volgende doelstellingen:
-Het bieden van een duidelijk kader voor programmatisch toezicht en handhaving
Het bieden van een duidelijk kader voor de uitvoering van programmatisch toezicht en handhaving, hetgeen resulteert in een jaarlijks programma met prioriteitsstelling en werkwijze bij toezicht en handhaving van regelgeving die van invloed zijn op de directe leefomgeving.
-Het vergroten van het effect van toezicht en handhaving
Het effect van toezicht en handhaving vergroten door een programmatische aanpak
15Dit is een methode om de beschikbare capaciteit zo effectief mogelijk in te zetten en de naleving van regelgeving te vergroten. Bron: Stichting Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV).
van toezicht en handhaving en op basis van informatie gestuurde handhaving. Handhaving is geen op zichzelf staand doel.
-Het scheppen van duidelijkheid over de verwachting van handhaving
Het scheppen van duidelijkheid wat van handhaving mag worden verwacht, zowel intern (bestuur, ambtelijke organisatie) als extern (burgers, bedrijven).
Uitgangspunten en voorwaarden toezicht en handhaving
Hieronder wordt een aantal beleidsuitgangspunten en randvoorwaarden voor toezicht en handhaving beschreven.
1De gemeente kiest er voor haar toezichts- en handhavingstaken vorm te geven conform de uitgangspunten van integraal toezicht en handhaving
16Onder integraal toezicht en handhaving wordt een betere afstemming en samenwerking (met behoud van specialismen) tussen de verschillende taakvelden op het gebied van toezicht en handhaving verstaan.
.
2De geformuleerde gemeente brede uitgangspunten en de uitwerkingen daarvan leiden ertoe dat de gemeente Diemen haar toezichts- en handhavingstaak uitvoert en daarmee invulling geeft aan haar zorgplicht. Dit wordt gedaan op basis van bestuurlijk vastgestelde prioriteiten.
3De kwaliteit van toezicht en handhaving dient gewaarborgd te zijn. De gemeente kiest ervoor haar toezichts- en handhavingstaken vorm te geven conform de uitgangspunten
17De uitgangspunten zijn transparant, cyclisch en planmatig werken.
voor programmatisch toezicht en handhaving, waarbij monitoren noodzaak is.
4Handhaving dient zich van reactief naar proactief te ontwikkelen.
5De samenwerking met externe partijen wordt bevorderd.
6Bij de handhaving van de regels door de gemeente wordt het tweesporenbeleid
18De rol van het strafrecht is in de handhaving van bestuursrechtelijke wetgeving (bijvoorbeeld milieuwetgeving) de laatste jaren sterk gegroeid. Strafrecht is daarbij veelal complementair aan het bestuursrecht. Het doel is – naast het toevoegen van leed – om herhaling van de overtreding te voorkomen.
, waar mogelijk, voortgezet. De uitvoering van toezicht en handhaving door de gemeente wordt volgens een eenduidige strategie via stappenplannen, protocollen en checklisten vormgegeven.
7Beleidsvoornemens en resultaten van toezicht en handhaving worden, met inachtneming van de Wet open overheid en de Algemene verordening gegevensbescherming, openbaar gemaakt. Daarnaast worden acties zo mogelijk vooraf aangekondigd en over de resultaten ervan wordt gecommuniceerd.
8De handhavingstrajecten die worden gestart, worden (zo mogelijk) te allen tijde volledig en tijdig afgerond.
4. STRATEGIEEN EN WERKWIJZEN
4.1. Primaire strategie: preventiestrategie
De preventiestrategie is de primaire strategie die ziet op het bevorderen van spontane naleving van wet- en regelgeving. Belangrijke elementen van de preventiestrategie zijn voorlichting (communicatiestrategie) en de wijze van toezicht (toezichtstrategie). Handhaving is meer dan het corrigeren van overtredingen door het opleggen van herstellende en/of bestraffende sancties. Aan toezicht en handhaving gaat een acceptatieproces (van de gestelde norm, door burgers en bedrijven) vooraf. Dit vergt een gedegen vorm van communicatie.
Zo kan er actief voorlichting worden gegeven wanneer blijkt dat bepaalde regelgeving onvoldoende bekend is. Ook kan ingespeeld worden op ontwikkelingen wanneer blijkt dat in een bepaalde branche (of objectencategorie) calculerend gedrag voorkomt.
Communicatie vindt gericht plaats aan de hand van verschillende communicatievormen:
–Massacommunicatie: via websites en/of (lokale) media zo veel mogelijk mensen informeren over de regels en de handhaving ervan;
–Doelgroepgerichte/gebiedsgerichte communicatie: een doelgroep of gebied informeren over de specifieke regels en handhaving die voor hun/dat gebied van toepassing zijn;
–Individuele communicatie: persoonlijke voorlichting aan een burger of bedrijf over de regels en de handhaving ervan.
Zo wordt bijvoorbeeld actief gecommuniceerd via Facebook en Instagram en wordt per e-mail voorlichting over regelgeving gegeven (bijvoorbeeld horeca). Daarnaast worden participatie-bijeenkomsten, inspraakavonden en thema-avonden georganiseerd, door de verschillende teams. Ook is een scholenproject actief.
Om inzicht te krijgen in de redenen van overtreden van wet- en regelgeving wordt gebruik gemaakt van de ‘Tafel van Elf’ van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid. Deze methodiek sluit aan bij de LHSO. In bijlage 9 is een nadere toelichting te vinden.
In het Uitvoeringsprogramma wordt verder uitgewerkt op welke wijze en op welke onderdelen de gemeente Diemen actief communiceert. Hierin wordt opgenomen in welke concrete gevallen de gemeente wel of niet actief communiceert over haar toezicht- en handhavingstaken. Onderdeel van preventiestrategie is verder het inschakelen van buurtbemiddeling of mediation. Dit is een aanvulling op de Tafel van Elf. In geval van klachten kan buurt-bemiddeling een sterkere oplossingskracht hebben dan de inzet van toezicht en handhaving.
4.2. Strategie toetsing vergunningen en meldingen
Het doel van de vergunningenstrategie is om het gewenste kwaliteitsniveau van de diverse processen en werkzaamheden zo hoog mogelijk te houden en in ieder geval te laten voldoen aan de wettelijke eisen en kwaliteitscriteria, waarbij volledigheid belangrijk is. Ook wordt er naar gestreefd om de wettelijke taken binnen de gestelde termijnen uit te voeren. De vergunningenstrategie legt vast welke vormen van vergunningverlening worden onderscheiden en welke toetsingskaders hierbij gelden, waarbij het bouwbeleidsplan Diemen 2012 de diepgang van toetsing bepaalt.
De probleemanalyse ten aanzien van vergunningverlening laat zien dat het belangrijk is om bij de vergunningverlening te zorgen voor het minimaliseren van de negatieve effecten
19Dit houdt in dat de vergunningen met de grootste impact in principe in eerste instantie moeten worden behandeld.
. De gemeente Diemen wil daarbij de risico’s strategisch beheersen door risicogestuurd te werken. Daardoor wordt inzichtelijk welke onderdelen belangrijk zijn en dus een diepgaandere toets wenselijk/noodzakelijk is. Deze strategie beoogt de capaciteit daar in te zetten waar de effectscores het hoogst zijn. Met behulp van een prioritering wordt ‘top-down’ gewerkt. Naarmate de berekende effectscores afnemen, neemt ook de inspanning (diepgangsniveau) af. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de toetsingsniveaus met bijbehorende omschrijving.
Nr.
Omschrijving diepgang toetsniveau
Nadere uitwerking binnen de genoemde tijdseenheden
0
Geen toetsing (plannen/aanvragen worden ontvangen, maar niet getoetst);
Ingediende bescheiden worden gearchiveerd.
1
Toetsen op uitgangspunten (sneltoets: toetsen op de aanwezigheid en compleetheid v/d technische informatie);
De toetser bladert diagonaal door de stukken en bepaalt op basis van ervaring zijn oordeel over het betreffende aspect.
2
Globaal (visuele hoofdlijnentoets: toetsen of de uitgangspunten conform de daarvoor gestelde normen zijn uitgevoerd);
Van het aspect worden de uitgangspunten gecontroleerd en bekeken wordt of de uitkomsten realistisch zijn voor het ontwerp.
3
Gemiddeld (representatief: toetsen of informatie klopt en eventuele berekeningen correct zijn uitgevoerd);
Vanuit de hoofdlijnentoets wordt vanuit de ervaring van de toetser bepaald welk onderdeel representatief is voor het gehele aspect en dit onderdeel wordt inhoudelijk getoetst
20Door een controle op de berekening uit te voeren of het geheel doorlopen van ingediende berekening(en).
.
4
Grondig (integraal: volledige toetsing op alle onderdelen).
Van een aspect worden alle documenten bestudeerd en compleet getoetst of opnieuw berekend.
Op deze wijze zullen vergunningen en meldingen met een hoger risico ook een intensiever beoordelingsproces kennen waarmee risico’s beter worden beheerst en het publiek belang wordt gewaarborgd. Een adequate risico gestuurde aanpak voor het vergunningsverleningstraject draagt bij aan de efficiëntie van het houden van toezicht, omdat opgemerkte aandachtspunten bij het vergunningsverleningstraject meegenomen kunnen worden in het toezichtstraject. Deze toetsingsstrategie is van toepassing voor het taakveld Bouw. Voor wat betreft de taakvelden, Brandveiligheid, Milieu, APV en bijzondere wetgeving wordt vooralsnog altijd een grondige toets uitgevoerd. In de komende beleidsperiode wordt onderzocht of ook ten aanzien van deze taakvelden een andere toetsingsstrategie kan worden toegepast.
4.3. Toezichtstrategie
De toezichtstrategie is de strategie die beschrijft op welke manier en in welke vorm toezicht plaatsvindt. Dit is een leidraad bij het opstellen van het uitvoeringsplan en voor de toezichthouder in zijn dagelijkse werk. Toezicht vindt plaats op basis van de gestelde prioriteiten en doelen. Deze zijn vastgesteld op basis van de risicoanalyse. De prioritering is leidend voor de frequentie van het toezicht. Voor milieutoezicht, horecatoezicht en toezicht op gebruik (brandveiligheid) gelden planningsmodules (gebaseerd op de milieubelastende activiteit (onder de Omgevingswet) en gebaseerd op het preventieactiviteitenplan (PREVAP richtlijn
21Deze richtlijn zal onder de Omgevingswet bijgewerkt moeten worden, aangezien voor veel gebouwen de vergunningplicht cq meldingsplicht vervalt, maar er in het kader van brandveiligheid wel toezicht dient plaats te vinden.
) die ziet op de periodieke controlefrequenties van de verschillende gebruiksfuncties. De werkwijze bij toezicht en handhaving wordt verder toegelicht in bijlage 10.
Preventief: geprogrammeerd gebiedstoezicht
De kwaliteit van de leefomgeving wordt onder andere bepaald door de mate van controle op de naleving van de gestelde normen. Controle betekent ook “gezien worden” en dat werkt in de regel preventief. Gekoppeld aan handhavingscommunicatie zal dit een positief effect hebben op kwaliteit van de leefomgeving. De surveillance kan door elke discipline worden uitgevoerd.
Het gaat er dan om dat bevindingen bij de juiste handhavingspartner worden gelegd: ook dat is een vorm van signaaltoezicht. Dit kan een collega zijn of een ander bevoegd gezag. Periodiek wordt binnen een gebied, al dan niet steekproefsgewijs, gecontroleerd of er overtredingen zijn. Deze controles vinden plaats aan de hand van incidentele fysieke perceelcontroles. Dat geldt voor Wabo/Omgevingswet-gerelateerde taken en ook het toezicht in de openbare ruimte door boa’s vindt hierin plaats.
Actief: gebiedsgerichte controle
Een surveillance kan ook resulteren in een controle, op basis waarvan een handhavingstraject moet worden opgestart. Deze controle zal vooral op de bedrijventerreinen leiden tot het constateren van uiteenlopende vormen van strijdig (planologisch) gebruik. Er blijkt op een deel van de bedrijven-terreinen behoefte te bestaan aan een ander soort bedrijven (kantoren, maatschappelijke voorzieningen etc.) dan dat daar volgens het bestemmingsplan is toegestaan.
Het belang van een tijdige signalering is tweeledig:
•ernstige overtredingen worden eerder gesignaleerd en aangepakt (mits dit prioriteit heeft) en
•de informatie is direct bruikbaar in elke actualiseringsronde van de bestemmingsplannen.
De gebiedsgerichte controle kan ook worden ingezet voor de taakvelden milieu, brandveiligheid, bouwen, openbare ruimte en openbare orde & veiligheid. Tijdens de controle heeft de toezichthouder specifiek oog voor één of meerdere controlepunten. Voorbeelden hiervan zijn bebouwing in voorerfgebied, gevelinventarisatie milieu
22Jaarlijkse controle op zicht om te kijken welke bedrijven waar zitten en of deze in de juiste categorie zijn ingedeeld.
of foutief parkeren. Met het afnemen van vergunningsplichtige activiteiten en het toenemen van vergunningsvrije of meldingsplichtige werkzaamheden neemt de kans op afwijkend handelen toe. Uit de praktijk blijkt dat daar waar minder inzet nodig is voor vergunningverlening, intensivering van toezicht en handhaving noodzakelijk is.
Actief: controle naar aanleiding van verleende vergunningen en/of meldingen
Deze vorm van controle is traditioneel en vloeit direct voort uit het nemen van beschikkingen, het stellen van voorschriften bij vergunningen en het accepteren van meldingen. Naleving van voorschriften is essentieel bij vergunningverlening, immers het gaat hier om zaken die expliciet vergund dienden te worden. Alle verleende vergunningen worden, waar mogelijk, integraal gecontroleerd overeenkomstig het vastgestelde beleid en de eventuele controlefrequentie. In geval van overtredingen wordt de sanctiestrategie toegepast, die voortvloeit uit het beleid.
Reactief: controle naar aanleiding van klachten en/of verzoeken om handhaving
Niet alle klachten en/of verzoeken om handhaving resulteren in een controle. Dat is afhankelijk van de prioriteitstelling en aard van de melding. Op anonieme meldingen wordt in beginsel niet gereageerd. Indien sprake is van een mogelijk acute situatie wordt uiteraard wel actie ondernomen. Bij dit onderwerp wordt de lijn van de constante jurisprudentie omtrent ‘de beginselplicht tot handhaving’ gevolgd.
4.4. Handhavingsstrategie (sanctie- en gedoogstrategie)
De handhavingsstrategie bestaat uit de volgende strategieën.
Sanctiestrategie
De sanctiestrategie is bepalend voor de wijze waarop de gemeente Diemen optreedt bij geconstateerde overtredingen. Uitgangspunt is dat niet direct strafrecht wordt toegepast, maar dat het doel is om de overtreding weg te nemen en/of om herhaling te voorkomen.
Naast de corrigerende en straffende
23Denk bijvoorbeeld aan de verkeersboetes en de bestuurlijke boete.
werking van de strategie kent de sanctiestrategie ook een preventieve rol. Het opleggen en uitvoeren van sancties kunnen zorgen voor betere naleving van regels bij anderen. In bijlage 2 is een toelichting op de landelijke handhavingsmatrix gegeven. In deze toelichting wordt ingegaan op het gebruik van de handhavingsmatrix en de verschillende interventiemogelijkheden. In bijlage 8 is de dwangsommentabel opgenomen welke door de gemeente Diemen wordt gehanteerd.
Gedoogstrategie
Bij gedoogsituaties dient te worden aangesloten bij de huidige (constante) jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Slechts onder bijzondere omstandigheden mag van het bestuursorgaan worden gevergd om van handhavend optreden af te zien. Dat kan zich voordoen als sprake is van concreet zicht op legalisatie. Ook kan handhavend optreden zodanig onevenredig zijn in verhouding tot de daarmee te dienen belangen dat van optreden in die concrete situatie behoort te worden afgezien.
Het landelijke beleidskader inzake gedogen opgesteld destijds door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijk Toezicht en Milieu en de Minister van Verkeer en Waterstaat en de jurisprudentie van de bestuursrechter zijn als uitgangspunt gebruikt bij het opstellen van dit hoofdstuk.
Aan het landelijke beleidskader voor gedogen kunnen geen rechten worden ontleend. Het motto vanuit de preventie is: ‘Handhaven is goed, maar preventie is beter.’ Wanneer toezicht echter tot handhaven leidt is daadwerkelijk handhaven de regel en gedogen de uitzondering. Gedogen van overtredingen vindt plaats in tijdelijke overgangs- of overmachtssituaties en alleen schriftelijk in de vorm van een gedoogverklaring met voorwaarden. Uitsluitend met uitzicht op legalisatie en/of opheffing van de strijdigheid kan in een dergelijke situatie het middel gedogen onder voorwaarden uitkomst bieden en aanvaardbaar worden ingezet.
Daarnaast hecht de gemeente Diemen waarde aan het Rekmanifest. Met het omarmen van dit manifest zoeken de medewerkers binnen de regels de rek op. Creativiteit, vertrouwen en speelruimte zijn kernwoorden in het manifest. In bijlage 11 is het manifest opgenomen. In dit verband zijn de kernwaarden zoals het hebben van een open houding, lef en een verbindende rol belangrijk.
Een situatie die wordt gedoogd, dient periodiek te worden gecontroleerd. In de situatie dat niet aan de voorwaarden wordt voldaan, is het belangrijk direct handhavend op te treden. Bovendien is lang gedogen op basis van de jurisprudentie geen reden om af te zien van handhaving en blijft handhavend optreden dus een optie.
4.5. Strategieën overig
Privaatrechtelijke handhaving: DUO +
In aanvulling op de hiervoor behandelde bestuurlijke handhavingsbevoegdheid heeft de gemeente ook privaatrechtelijke handhavingsmogelijkheden. De overheid mag in principe alleen dan gebruik maken van de privaatrechtelijke weg indien geen bestuursrechtelijke weg voorhanden is waarmee een vergelijkbaar resultaat kan worden bereikt of indien een ander belang gediend wordt dan het publiekrechtelijke belang. Onder bepaalde omstandigheden kan privaatrechtelijk worden opgetreden, indien de gemeente als rechtspersoon optreedt. Dit kan in geval van:
1het plegen van een onrechtmatige daad door een natuurlijk- of rechtspersoon jegens de gemeente;
2het niet-nakomen van een overeenkomst met de gemeente door een natuurlijk- of rechtspersoon;
3de eigenaarsbevoegdheid van de gemeente, zoals ingebruikneming van gemeentegrond.
De privaatrechtelijke handhaving wordt binnen de gemeente Diemen uitgevoerd door DUO+, de uitvoeringsorganisatie. Voor ondersteuning vanuit de toezichthouders is geen capaciteit.
Handhaving bij overtredingen door eigen organisatie of andere overheid
Handhaving van voorschriften bij een object van een andere overheidsinstelling of van een onderdeel van de eigen organisatie is niet anders dan handhaving van voorschriften bij derden. Op overtredingen van overheden volgt inhoudelijk dezelfde reactie als op overtredingen van burgers en bedrijven. Hier gelden, meer nog dan bij particulieren en bedrijven, nalevingsdoelen in de sfeer van algemeen normbesef en geloofwaardigheid van de overheid.
Strategieën aanverwant beleid
Naast de beleidsstrategie voor het vergunnings- en toezichtstraject zijn er ook aanverwante beleidsdocumenten waarin strategieën zijn opgenomen. Dit zijn beleidsdocumenten die in het kader van VTH ook van belang zijn en vormen samen met de strategieën in dit VTH-beleidsplan het strategische kader voor het Omgevingsrecht.
➢ Meerjarenbeleidsplan Integrale Veiligheid 2023-2026
In het Meerjarenbeleidsplan Integrale Veiligheid 2023-2026 zijn de veiligheidsthema’s benoemd waarop de komende jaren wordt ingezet. Deze komen overeen met de thema’s genoemd in het Regionaal Veiligheidsplan 2023-2026 van de veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland. In het beleid wordt bijzondere prioriteit gegeven aan de aanpak van ondermijnende (drugs)criminaliteit, het door gerichte preventie verder terugdringen van high impact crimes en het tegengaan van digitale en gedigitaliseerde criminaliteit.
In de context van dit VTH-uitvoeringsplan zijn vooral het thema ondermijning met de bijbehorende methode Scheerlicht en het project Wijkgerichte Aanpak van belang. In het kader van ondermijning worden integrale controles opgenomen. Deze controles zijn gericht op een juiste basisregistratie personen, uitkeringsfraude, belastingfraude, overbewoning, brandveiligheid, openstaande boetes, etc. De regie op deze controles ligt bij de beleidsmedewerkers openbare orde en veiligheid. De prioritering van het uitvoeringsplan VTH is hieraan ondergeschikt. Wel ondersteunen de toezichthouders en handhavers het team OO&V en Vergunningen bij de controles op het gebied van ondermijnende criminaliteit en bij speciale themacontroles.
➢ Preventie- en handhavingsplan alcohol 2019-2022 en het horecasanctiebeleid 2017
In het Preventie- en handhavingsplan alcohol is vooral bepaald hoe de gemeente toeziet en handhaaft. In het horecasanctiebeleid 2017 is bepaald welke sancties na verschillende type overtredingen worden opgelegd. De prioritering van de verschillende overtredingen zijn gebaseerd op het VTH-beleid en dienen als lex specialis te worden gezien ten opzichte van het algemene VTH-beleidsplan. Beide staan op de planning om in de beleidsperiode geactualiseerd te worden.
➢ Woonvisie en de daarop gebaseerde huisvestingsverordening
De woonvisie is in 2018 vastgesteld voor de periode 2018 - 2023. Hierin is bepaald hoe de gemeente om wil gaan met het thema wonen. In de Huisvestingsverordening zijn diverse nieuwe regels gesteld waarmee betere handvatten zijn gegeven om op te treden tegen onrechtmatig gebruik van woningen. Het gaat hierbij onder meer om een verbod om zonder vergunning woningen behorende tot de woonruimtevoorraad te onttrekken, samen te voegen, te splitsen of om een woonruimte te verbouwen tot meer woonruimten (woningvorming). Ook is er een registratieplicht voor toeristische verhuur gekomen en geldt sinds 1 juli 2022 een opkoop-bescherming van woonruimten. Dit levert extra werkzaamheden op voor het cluster Vergunningen. Bij het handhavend optreden wordt het algemene VTH-beleidsplan gevolgd. De capaciteit die hiervoor verkregen is, zal naar verwachting in deze beleidsperiode (deels) vervuld worden.
Bijlage 1: Verbetervoorstellen uit het Verbeterplan VTH-procescriteria
VTH-beleid: Algemene eisen
–Aan het VTH beleid een prioritering aan de activiteiten, ofwel, een prioritering van de acties die worden uitgevoerd om de VTH-beleidsdoelen te realiseren, toe te voegen (gedaan);
–Het beleidsstuk de beleidsdoelen strategischer én algemener te houden om vervolgens pas in het uitvoeringsprogramma daadwerkelijk de beleidsdoelen te vertalen naar prestatie-indicatoren. Hierdoor wordt de 'trechter' gevormd van strategisch en abstract naar operationeel en concreet (gedaan);
–Een logische en volledige vertaling van de risicoanalyse naar een werkwijze voor vergunning-verlening in de organisatie te implementeren en een beschrijving hiervan aan het VTH-beleidsstuk toe te voegen (gedaan).
VTH-beleid: specifieke eisen voor vergunningverlening
–Aan het VTH beleid een (uitgebreide) nalevingsstrategie waarmee concreet duidelijk wordt hoe de gemeente naleving bevordert, toevoegen. Beschrijf hierbij ook de wijze waarop voorlichting gegeven wordt aan personen die een inrichting drijven (gedaan);
–Aan het VTH beleid inzicht in welke harde criteria getoetst worden bij een aanvraag van een omgevingsvergunning (volledigheidstoets, welstandtoets, bouwbesluit, enz.) toevoegen (gedaan).
VTH-beleid: specifieke eisen die gelden voor toezicht en handhaving
–Aan de toezichtstrategie dient te worden toegevoegd hoe controles worden voorbereid, daadwerkelijk worden uitgevoerd, hoe rapportages tot stand komen inclusief de wijze waarop gevolg gegeven wordt aan de bevindingen, hoe relevante gegevens worden opgeslagen, wat in de rapporten komt te staan, hoe onderzoek plaatsvindt naar stoffen, trillingen, warmte en geluid én hoe de toezicht- en nalevingsstrategie bijdraagt aan de beleidsdoelen (gedaan);
–Aan de sanctiestrategie dient te worden toegevoegd hoe omgegaan wordt met andere bestuursorganen die een overtreding begaan (gedaan);
–De onderdelen die betrekking hebben op ‘toezicht en handhaving’ in het VTH-beleid ook af-stemmen met de partners van het handhavingsarrangement alvorens het VTH-beleid wordt vastgesteld. Het VTH-beleid wordt nu ter kennis gestuurd aan deze partners. Het advies luidt om deze partners in het (voortraject) aantoonbaar aan te haken (gedaan).
Uitvoeringsprogramma
–In het huidige uitvoeringsprogramma zijn vrijwel alle activiteiten uit het VTH-beleidsplan overgenomen in het VTH-uitvoeringsprogramma. Dit betekent dus dat alle activiteiten in één jaar uitgevoerd zouden moeten worden. Dit lijkt niet realistisch. Geadviseerd wordt om een keuze te maken op welke activiteiten wordt ingezet in het specifieke jaar, op basis van de prioriteitstelling en wat realistisch is (gedaan);
–De onderdelen die betrekking hebben op ‘toezicht en handhaving’ in het VTH-uitvoeringsprogramma ook afstemmen met de partners van het handhavingsarrangement alvorens het VTH-beleid wordt vastgesteld. Het VTH-uitvoeringsprogramma is nu ter kennis gestuurd aan de partners in de strafrechtelijke tak. Het advies luidt om deze partners in het (voortraject) aantoonbaar aan te haken (in wording).
Uitvoeringsorganisatie
–De generieke HR21 functieomschrijvingen dienen nader te worden uitgewerkt voor de VTH-gerelateerde functies, zodat inzichtelijk is wat de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de verschillende VTH-functies zijn (in wording);
–De gemeente dient een toetsingsmechanisme te ontwikkelen en toe te passen om te toetsen in hoeverre conform procesbeschrijvingen wordt gewerkt (gedaan).
Evaluatie en rapportage van het uitvoerings- en handhavingsbeleid
–Inzicht geven in de mate van uitvoering van de voorgenomen activiteiten uit het uitvoerings- en handhavingsbeleid (gedaan);
–Inzicht geven in de mate waarin activiteiten conform prioriteitstelling zijn uitgevoerd (grotendeels);
–Inzicht geven in de mate waarin ieder gesteld beleidsdoel uit het VTH-beleid is bereikt (in wording);
–Inzicht geven in de mate waarin daadwerkelijk de afspraken zijn nagekomen die gemaakt zijn met de strafrechtelijke tak. In de volgende beleidsevaluatie-rapportage kan specifiek gekeken worden in hoeverre de afspraken zijn nagekomen tussen partners van het handhavingsarrangement (in wording).
Evaluatie en rapportage van de uitvoeringsprogramma’s
–Rapporteren in hoeverre activiteiten zijn uitgevoerd / uitvoeringsdoelstellingen zijn behaald. Hierbij kan, net als bij het vorige jaarverslag, benoemd worden hoeveel uren inzet dit gekost heeft (gedaan);
–Rapporteren in hoeverre de uitgevoerde activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen uit het uitvoerings- en handhavingsbeleid (gedaan);
–Rapporteren of het VTH-beleid een aanpassing verdient op basis van het jaarverslag. In dit op te stellen jaarverslag over het jaar 2019 kan gesteld worden dat dit het geval is, mede op basis van de adviezen die uit deze interne audit voortvloeien (zie de voorgestelde aanpassingen bij processtap 1 in dit verbeterplan) (gedaan).
Kwaliteitsverordening en samenwerking met de omgevingsdienst
–De Omgevingsdienst NZKG werkt momenteel aan het opstellen van een uitvoeringsprogramma in opdracht van de gemeente Diemen. Dit uitvoeringsprogramma dient afgerond te worden (gedaan);
–Updaten van de VTH-kwaliteitsverordening, omdat gesteld wordt dat dit gaat gebeuren in het VTH-beleid. De kwaliteitscriteria 2.1 zijn ook recentelijk geupdate naar versie 2.2/2.3, dus het is een geschikt moment voor de update van de VTH-kwaliteitsverordening. Hierbij wordt geadviseerd kritisch te kijken naar het gegeven dat het gemeentebestuur zich op dit moment (bewust, zoals wordt gesteld in het VTH-beleid) niet heeft gecommitteerd aan de kritieke massa voor wat betreft de uitvoering van de VTH-taken die door het college zelf worden uitgevoerd (in wording).
Conclusie: de hele big 8 cyclus wordt continu geëvalueerd en waar nodig aangepast & bijgewerkt. Bovengenoemde punten zullen de komende jaren de nodige aandacht blijven krijgen.
Bijlage 2: Toelichting interventiematrix landelijke handhavingsstrategie Omgevingsrecht
De landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) is de opvolger van de Landelijke Handhavingsstrategie (LHS) uit 2014. De aanleiding is de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De LHSO heeft betrekking op de Omgevingswet en de daarop gebaseerde regels. Bij het constateren van een overtreding, treedt de sanctiestrategie in werking. De sanctiestrategie in de gemeente is integraal. Dit betekent dat bij overtredingen, onafhankelijk van het desbetreffende taakveld, op dezelfde wijze wordt opgetreden. De bestuursorganen moeten voor de basistaken die in een omgevingsdienst deelnemen gezamenlijk een uniforme handhavingsstrategie vaststellen. Die strategie moet zo nodig worden afgestemd met de instanties belast met de strafrechtelijke handhaving. De handhavingspartners moeten intensief en loyaal samenwerken om effectief te kunnen handhaven. Gemotiveerd wordt daarin aangegeven welke doelen worden gesteld voor de uitvoering en handhaving en welke werkzaamheden met het oog op die doelen zullen worden verricht. De LHSO is bedoeld als instrument voor de organisaties belast met de handhaving van de Omgevingswet en de daarop gebaseerde regels.
Hiernaast is een stappenplan beschreven die wordt toegepast tijdens een bij het toezicht gedane bevinding. Er worden handreikingen gegeven voor het passend interveniëren bij geconstateerde bevindingen, het in vergelijkbare situaties vergelijkbare keuzes maken en bij het toepassen van sancties consequent te handelen.
INTERVENTIEMOGELIJKHEDEN
Aanspreken/informeren is een informele interventie (geen wettelijke basis) naar aanleiding van een inspectie die ertoe moet leiden dat de normadressaat
27Normadressaat is een categorie personen voor wie een gegeven norm geldt.
naleeft of in staat is na te leven. Aanspreken/informeren gebeurt mondeling, door het verstrekken van schriftelijke informatie of door verwijzing naar websites. Aanspreken/informeren is vooral aan de orde bij goedwillende normadressaten die onbedoeld niet naleven en die gemotiveerd zijn de niet naleving zo snel mogelijk zelf op te lossen.
Waarschuwen betekent dat de normadressaat naar aanleiding van een inspectie een waarschuwingsbrief ontvangt. Daarin is opgenomen welke maatregelen of voorzieningen getroffen moeten worden om na te leven en binnen welke (redelijke) termijn. In de brief staat ook dat de handhavingsinstantie verdergaande bestuursrechtelijke interventies zal nemen (LOB, LOD), als blijkt dat de in de waarschuwingsbrief opgenomen maatregelen of voorzieningen niet zijn getroffen na het verstrijken van de termijn.
Bestuurlijk gesprek met (de leiding van) de normadressaat in kwestie is een aanvullende escalerende interventie op waarschuwen.
Verscherpt toezicht als interventie betreft het naar aanleiding van een inspectie meer of intensiever toezicht houden op de normadressaat. Een bestuurlijk gesprek zal hier vaak aan vooraf gaan. Verscherpt toezicht moet worden aangekondigd, als ook onder welke voorwaarden het verscherpt toezicht weer zal worden opgeheven.
Last onder dwangsom (LOD) is de herstelsanctie, inhoudende een last tot geheel of gedeeltelijk herstel van de overtreding en de verplichting tot betaling van een geldsom indien de last niet, niet volledig of niet tijdig wordt uitgevoerd. De op te leggen dwangsom moet voldoende hoog zijn om beëindiging van de overtreding te stimuleren.
Het opleggen van een last onder dwangsom gebeurt volgens zorgvuldig te volgen stappen.
1Bestuurlijke waarschuwing, dat wil zeggen: het attenderen van de overtreder op de overtreding en het informeren van een bevoegdheid tot handhavend optreden.
2Als de waarschuwing niet het beoogde effect heeft, kan een voornomen tot het opleggen van een last onder dwangsom kenbaar gemaakt worden. In het voornemen wordt een termijn geboden om een eventuele zienswijze kenbaar te maken.
3Sanctiebeschikking, dat wil zeggen: het opleggen van een last onder dwangsom met een herstel-termijn. Indien de overtreding niet, niet volledig of niet tijdig is opgeheven, verbeurt de dwangsom en wordt overgegaan tot het innen van de dwangsom.
Last onder bestuursdwang (LOB) is de herstelsanctie, inhoudende een last tot geheel of gedeeltelijk herstel van de overtreding en de bevoegdheid van het bestuursorgaan om de last door feitelijk handelen ten uitvoer te leggen, indien de last niet, niet volledig of niet tijdig wordt uitgevoerd. Een last onder bestuursdwang wordt in beginsel ingezet bij overtredingen van de Opiumwet, maar ook bij overtredingen van de APV, zoals langdurig geparkeerde caravans, aanhangers e.d. en bij spoedeisende situaties (zie hierna verder).
Voor de last onder bestuursdwang gelden dezelfde zorgvuldig te doorlopen stappen als voor de last onder dwangsom. Ook hier kan, bijvoorbeeld in spoedeisende situaties, van deze stappen worden afgeweken:
1Bestuurlijke waarschuwing, dat wil zeggen: het attenderen van de overtreder op de overtreding en het informeren van een bevoegdheid tot handhavend optreden
2Als de waarschuwing niet het beoogde effect heeft, kan een voornomen tot het uitvoeren van de last onder bestuursdwang kenbaar gemaakt worden. In het voornemen wordt een termijn geboden om een eventuele zienswijze kenbaar te maken.
3Sanctiebeschikking, dat wil zeggen: het opleggen van een last onder bestuursdwang met een hersteltermijn. Indien de overtreding niet, niet volledig of niet tijdig is opgeheven, zal de bestuursdwang worden uitgevoerd op kosten van de overtreder.
In spoedeisende gevallen kan het bestuursorgaan besluiten om zonder voorafgaande last bestuursdwang toe te passen. Indien de situatie zo spoedeisend is dat een besluit niet kan worden afgewacht, kan terstond bestuursdwang worden toegepast, maar wordt zo spoedig mogelijk nadien alsnog een besluit bekendgemaakt. Enkele voorbeelden van spoedeisende gevallen:
•levensbedreigende situaties (bijvoorbeeld bij brand/instortingsgevaar);
•brandgevaarlijke situaties;
•illegale bouw- dan wel sloopwerkzaamheden;
•bedreiging van de openbare orde;
•verkeerd aangeboden afval.
Tijdelijk stilleggen betekent dat activiteiten als gevolg van de overtreding tijdelijk worden stilgelegd, tot de overtreding is hersteld en van naleving sprake is. Er kan aanleiding zijn om bij tijdelijk stilleggen beleid te raadplegen en/of politiek te informeren. Tijdelijk stilleggen kan onder de LOB vallen.
Bestuurlijke boete is een bestuurlijke bestraffende sanctie die door een daartoe bevoegde overheids-dienst zonder tussenkomst van het OM of een rechter kan worden opgelegd. De gemeente verzorgt de inning en incasso van bestuurlijke boetes van diverse overheidsdiensten, waaronder de Nederlandse Voedsel-en Warenautoriteit (VWA), de Nederlands Arbeidsinspectie (voormalig Inspectie SZW) en de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Een bestuurlijke boete houdt de onvoorwaardelijke verplichting in tot betaling van een geldsom en kan naast een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang worden opgelegd. De maxima en bandbreedtes van boetebedragen zijn veelal vastgelegd in de wetgeving.
Schorsen of intrekken vergunning, certificaat of erkenning kan een passende interventie zijn als de normadressaat houder is van een begunstigend besluit (vergunning of ontheffing). Dat besluit kan geheel of gedeeltelijk ingetrokken worden. Deze interventie is met name passend als de normadressaat niet in actie komt naar aanleiding van eerdere correctieve interventies, zoals een last onder dwangsom. Het geheel of gedeeltelijk intrekken van een begunstigend besluit is een vergaande interventie die zorgvuldig moet worden voorbereid.
Exploitatieverbod, sluiting
Voor niet vergunningplichtige normadressaten bestaat de mogelijkheid op basis van de Fraudewet om het bedrijf te sluiten of de exploitatie ervan te verbieden. Ook dit zijn vergaande interventies die zorg-vuldig moeten worden voorbereid en waarbij het informeren van beleid en politiek noodzakelijk is.
Bestuurlijke strafbeschikking milieu (BSBm) is een op het strafrecht (artikel 257ba Wetboek van Strafvordering) gebaseerde interventie die daartoe bevoegde handhavingsinstanties zonder tussenkomst van het OM kunnen opleggen. De BSBm is bedoeld voor relatief eenvoudige overtre-dingen, waarbij er over de schuldvraag geen twijfel bestaat. Met het intrekken van het mandaat, wordt deze interventiemogelijkheid niet meer door de gemeente Diemen gebruikt, maar door de ODNZKG.
Proces-verbaal (PV) kan door de boa worden opgemaakt bij het vermoeden van een strafbaar feit. Dit optreden valt onder het strafrechtelijk optreden dat in deze landelijke handhavingsstrategie is geregeld.
Een PV is de basis voor het verdere optreden van het OM dat kan leiden tot sancties als: een geldboete, een werkstraf, een gevangenisstraf, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, publicatie van het vonnis, stillegging van de onderneming en verbeurdverklaring. Waar in de matrix van figuur 3 ‘PV’ staat betreft het de middelzware en zware segmenten die in stap 3 zijn afgestemd tussen handhavingsinstantie en OM. Als in overleg is besloten dat het OM niet optreedt, zijn er in deze situaties de in figuur 3 aangegeven op herstel en/of op bestraffing gerichte bestuursrechtelijke interventies om te overwegen, en ook de BSBm als strafrechtelijke interventie.
Bijlage 3: Prioriteiten en risicoanalyse
Strategie toetsing toezicht en handhaving
De probleemanalyse van toezicht & handhaving laat zien dat ten aanzien van toezicht & handhaving de risicoscores (= KANS X EFFECT) leidend zijn. De gemeente Diemen wil deze ‘risico’s’ eveneens strategisch beheersen door risicogestuurd te gaan werken. De risico’s geven aan welke objecten/ bedrijven grote risico’s met zich meebrengen en waar dus toezicht een belangrijkere rol speelt. De strategie hierin is om de capaciteit daar in te zetten waar de risico’s (zowel negatieve effecten als het nalevingsgedrag) het grootst zijn. Dit kan worden gedaan door diepgangsniveaus in de toetsingen toe te passen. Net als bij vergunningverlening kan ook bij toezicht met behulp van een prioritering ‘topdown’ worden gewerkt. Naarmate de berekende risico’s afnemen, neemt ook de inspanning (diepgangsniveau) af. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de toetsingsniveaus met bijbehorende omschrijving.
NR
OMSCHRIJVING DIEPGANG TOETSNIVEAU
NADERE UITWERKING BINNEN DE GENOEMDE TIJDSEENHEDEN
0
Geen toetsing (vergunning);
Niet beoordelen of aan een voorschrift wordt voldaan.
1
Toetsen op uitgangspunten (toets op minimale invulling);
De toezichthouder houdt minimaal toezicht op de meest relevante voorschriften.
2
Toetsen op uitgangspunten (toets op basisniveau);
De toezichthouder hanteert het basisniveau met betrekking tot toezicht op de meest relevante voorschriften.
3
Toetsen op uitgangspunten (toets op basisniveau+);
De toezichthouder hanteert het basisniveau met betrekking tot toezicht op alle voorschriften.
4
Grondig (integraal: continue toetsing op alle onderdelen).
De toezichthouder ziet continu toe op de naleving van voorschriften (monitoring).
Op deze wijze zullen toezichtzaken met een hoger risico ook een intensiever toetsingsproces kennen waarmee risico’s beter worden beheerst en het publiekelijk belang wordt gewaarborgd. Deze toetsingstrategie is van toepassing voor de taakvelden Bouw en APV en Bijzondere wetgeving.
Diepgaande toetsingen zijn belangrijk voor het adequaat kunnen bijstellen van de risicoanalyse (voornamelijk op naleving), omdat op deze manier beter inzichtelijk wordt waar inwoners en bedrijven wel/of niet naleven op beleid, wet- en regelgeving. Dit geldt voor zowel vergunningverlening als voor toezicht en handhaving.
Strategie uitvoering thema’s en projecten
In Diemen wordt ook aan specifieke aandachtsgebieden en projecten gewerkt. Dit zijn werkzaamheden die naast de reguliere taken worden uitgevoerd, maar welke wel een claim leggen op de VTH-formatie. Een strategische benadering ten aanzien van het uitvoeren van deze thema’s is om die reden noodzakelijk. Door de thema’s
28Dit zijn de aandachtsgebieden en projecten
te toetsen aan de hand van de ‘ladder van noodzakelijkheid’ is een prioritering aangebracht in de thema’s.
Ladder van noodzakelijkheid
Wettelijke urgentie (wetgeving/landelijk- en/of provinciaal beleid
Politieke urgentie (beleid, coalitieprogramma en/of specifieke vraag)
Basis voor regulier werk (impact op regulier werk)
Rendement (investering versus opbrengst)
Verantwoordelijk (voelt iemand zich verantwoordelijk voor deze werkzaamheden
De thema’s worden getoetst aan de treden van de ‘ladder van noodzakelijkheid’ waardoor werkzaamheden uitgesmeerd kunnen worden over meerdere jaren om zo de VTH-formatie optimaal te kunnen benutten. Per thema wordt gekeken welke treden van toepassing zijn om op die wijze in het jaarlijkse uitvoeringsplannen de noodzaak van de thema’s te kunnen duiden. De thema’s worden vervolgens ingepast en waar nodig uitgesmeerd over meerdere jaren.
De hiervoor weergegeven prioriteitenstelling moet richting geven aan de inzet van mensen, middelen, de frequenties van toezicht en handhaving en de aspecten waarop tijdens handhavingsbezoeken wordt gelet.
Indien sprake is van meerdere overtredingen is de overtreding met de hoogste prioriteit leidend.
PRIORITEIT
METHODE
PRIORITEIT 1: HEEL HOOG
Toezicht:
•Actief zoeken naar en nasporen van elke indicatie van illegale activiteiten;
•In kaart brengen en houden van legale activiteiten, door waarneming ter plaatse en bureaucontrole.
Handhaving:
•Elk bekend geworden overtreding wordt volgens het stappenplan gehandhaafd.
•Een verbeurde dwangsom wordt te allen tijde geïnd, ook als op het moment van inning al een einde is gemaakt aan de illegale situatie.
PRIORITEIT 2: HOOG
Toezicht:
•Actief zoeken naar en opsporen van illegale activiteiten;
•In kaart brengen en houden van legale activiteiten, door waarneming ter plaatse en bureaucontrole.
Handhaving:
•Handhaving in projectvorm en steekproefsgewijs volgens het stappenplan, met dien verstande dat de situaties met grote veiligheidsrisico’s prioriteit krijgen.
•Een verbeurde dwangsom wordt te allen tijde geïnd, ook als op het moment van inning al een einde is gemaakt aan de illegale situatie.
PRIORITEIT 3: GEMIDDELD
Toezicht:
•Structureel steekproefsgewijs controleren.
Handhaving:
•Handhaving in projectvorm en steekproefsgewijs volgens het stappenplan.
•Omvang van de steekproef hangt af van de beschikbare capaciteit.
•Een verbeurde dwangsom wordt te allen tijde geïnd, ook als op het moment van inning al een einde is gemaakt aan de illegale situatie.
PRIORITEIT 4: LAAG
Toezicht:
•Incidenteel steekproefsgewijs controleren dan wel op piepsysteem controleren.
Handhaving:
•Handhaving vindt niet structureel steekproefsgewijs plaats, afhankelijk van de beschikbare capaciteit. Een verbeurde dwangsom wordt alleen geïnd als op het moment van inning geen einde is gemaakt aan de illegale situatie.
PRIORITEIT HOOG (1 & 2) BIJ EEN SCORE TUSSEN 12 – 20 (VANAF 20 HEEL HOOG)
Een hoge prioriteit betekent dat intensieve en integrale controle op basis van een vooraf opgesteld actieplan plaatsvindt op de naleving van de regels. Integraal wil zeggen: met de betrokken taakvelden van de eigen organisatie en de relevante partners. Een hoge prioriteit brengt met zich mee dat elke melding van burgers, bedrijven of handhavingspartners waaruit zou kunnen worden afgeleid dat er sprake is van regelovertreding van een kernbepaling een vervolg krijgt.
Bij een eerste constatering van overtreding van handhavingstaken met een hoge Toezichts- en handhavingsprioriteit volgt altijd een reactie, daar waar mogelijk "lik op stuk". Enerzijds om de overtreder direct tot naleving te dwingen, anderzijds om tijdrovende aanschrijvingsprocedures tot een minimum te beperken. Bij constatering van een overtreding van een kernbepaling bij hercontrole volgt een bestuursrechtelijke en/of strafrechtelijke sanctie. Het gemeentebestuur maakt met politie en Openbaar Ministerie afspraken (vastgelegd in het handhavingsarrangement)over de toepassing van strafrechtelijke en bestuursrechtelijke sancties. Hierbij wordt rekening gehouden met de aard van de overtreding en de aard van de strafrechtelijke geldboete
PRIORITEIT GEMIDDELD (3) BIJ EEN SCORE TUSSEN 6 - 11
Bij constatering van een overtreding volgt altijd een reactie. In de nadere uitwerking van de handha-vingsinspanningen per taakveld wordt aangegeven of de reactie in eerste aanleg bestaat uit een schrif-telijke waarschuwing of een bekeuring. Indien bij hercontrole opnieuw een overtreding wordt gecon-stateerd volgt een sanctie, afhankelijk van de aard van de overtreding bestaande uit een strafrech-telijke geldboete of een bestuurlijke sanctie. Over de aard van de strafrechtelijke geldboete maakt de gemeente afspraken met politie en Openbaar Ministerie (vastgelegd in het handhavingsarrangement).
PRIORITEIT LAAG (4) BIJ EEN SCORE TUSSEN 1 - 5
Een lage prioriteit betekent dat minimale toezichts- en handhavingsactiviteit plaatsvindt. Handhaving in de vorm van controles vindt alleen plaats indien uit een melding of waarneming rechtstreeks een vermoeden van regelovertreding voortvloeit. Daarnaast is het streven gericht op regelmatig terug-kerende controleacties. Doel van deze acties is het in beeld krijgen van de naleving van regelgeving op de verschillende taakvelden en het verkrijgen van input voor hernieuwde prioriteitstelling. Bij constatering van een overtreding volgt een schriftelijke dan wel mondelinge waarschuwing. Over de aard van de sanctie maakt de gemeente afspraken met politie en Openbaar Ministerie.
De uitkomsten van de prioriteitenanalyse leveren de volgende prioriteiten op:
HELE HOGE PRIORITEIT
NR
Specificatie / ONDERWERP
Handhavingstaak
1
Alle categorieën constructieve veiligheid met uitzondering van zeer eenvoudige constructies
Strijd Bouwbesluit /Woningwet
2
Alle categorieën brandveiligheid
Strijd Bouwbesluit /Woningwet
3
Externe veiligheid
Strijd Bevi, Revi (Besluit en regeling externe veiligheid inrichtingen)
29Het doel van het Bevi is om mensen in de buurt van een bedrijf met gevaarlijke stoffen te beschermen. Bron: Infomil
4
Opslag van vuurwerk
Strijd Vuurwerkbesluit / Wet Milieubeheer
5
Brandgevaarlijke opslag / explosiegevaar
Strijd Wet milieubeheer / Activiteitenbesluit
6
Illegale lozingen en incidenten
Strijd Wet milieubeheer / ASV/Besluit lozen buiten inrichtingen
7
Ter beschikking stellen consumentenvuurwerk zonder / in afwijking van vergunning
Strijd Vuurwerkbesluit / APV
8
Open vuur bij gebouwen
Strijd Wetboek van Strafrecht
9
Grote evenementen
30Uit draaiboek evenementen blijkt dat dit om 500 of meer bezoekers gaat.
Strijd APV
10
Veiligheid of gezondheid bij bouwen, slopen, gebruik bouwwerk
Strijd Bouwbesluit/ Woningwet
11
Verkeersonveiligheid door bouwwerken
Strijd Wabo / Geen of in afwijking omg.vergunning
12
Mishandeling ambtenaar in functie
Strijd Wetboek van Strafrecht
13
Overtredingen Opiumwet
Uitvoering artikel 13b Opiumwet
14
Bedreiging (met geweld) tegen een ambtenaar in functie (mishandeling
Strijd Wetboek van Strafrecht
HOGE PRIORITEIT
NR
SPECIFICATIE / ONDERWERP
HANDHAVINGSTAAK
1
Kamergewijze verhuur
Strijd Bouwbesluit/bestemmingsplan/ Huisvestingswet/ Huisvestingsverordening
2
Geen omgevingsvergunning gebruik/ geen melding brandveilig gebruik
Strijd Wabo / Bouwbesluit
3
Afwijking omgevingsvergunning gebruik
Strijd Wabo
4
Overbevolking in woonruimte, bewoning bedrijventerrein
Strijd Bouwbesluit / bestemmingsplan/ Huisvestingswet/ Huisvestingsverordening
5
Wijziging monument / beschermd dorpsgezicht
Strijd Wabo/ Geen of afwijking omg.vergunning
6
Woongebouw overige veiligheid
Strijd Bouwbesluit
7
Ziekenhuis / zorgcentra overige veiligheid
Strijd Bouwbesluit
8
Sporthal / zwembad overige veiligheid
Strijd Bouwbesluit
9
Restaurant / café / horeca overige veiligheid
Strijd Bouwbesluit
10
(Kinder)dagverblijven overige veiligheid
Strijd Bouwbesluit
11
Scholen overige veiligheid
Strijd Bouwbesluit
12
Interne constructieve wijziging gebouwen
Strijd Wabo/ Geen of afwijking omgvergunning/ Huisvestingswet/ Huisvestingsverordening
13
Bedrijven overige veiligheid
Strijd Bouwbesluit
14
Kantoren en winkels overige veiligheid
Strijd Bouwbesluit
15
Risicovol asbest (ketentoezicht)
Strijd Bouwverordening/ Wet milieubeheer/ Wet bodembescherming/ Asbestverwijderings-besluit
16
Afvalwater bij inrichtingen
Strijd Wet milieubeheer / Activiteitenbesluit
17
Afval bij inrichtingen
Strijd Wet milieubeheer / Activiteitenbesluit
18
Bodem bij inrichtingen
Strijd Wet milieubeheer / Activiteitenbesluit
19
Energie
Strijd Wet milieubeheer / Activiteitenbesluit
20
Geluid bij bedrijven / horeca
Strijd Wet geluidhinder /Activiteitenbesluit
21
Geluid bij evenementen
Strijd Wet geluidhinder /AMvB’s
22
Bodem bij niet-inrichtingen
Strijd Wet Bodembescherming
23
Verkeersbesluiten voor werken
Strijd Wegenverkeerswet / BABW
24
Parkeren bij scholen
Strijd RVV/Wet Mulder
25
Werken op of aan de weg / CROW
Strijd Wegenverkeerswet
26
het niet juist aanbieden van huishoudelijk afval
Strijd ASV
27
Verbod afvalstof in bodem aan te brengen / houden
Strijd ASV
28
Verbod opslag afvalstoffen
Strijd ASV
29
Samenscholing
Strijd APV
30
Hinderlijk gedrag in voor publiek toegankelijke ruimten / gebouwen en op straat
Strijd APV
31
Openlijk gebruik en handel van harddrugs
Strijd APV
32
Hinderlijk gebruik van drank en softdrugs
Strijd APV
33
Betreden gesloten woning of lokaal
Strijd APV/ Wetboek van Strafrecht
34
Vernieling van gemeentelijke eigendommen
Strijd Wetboek van Strafrecht/ APV
35
Belediging ambtenaar in functie
Strijd Wetboek van Strafrecht
36
Doen valse aangifte, valsheid in geschrifte
Strijd Wetboek van Strafrecht
37
Verbod vuur te stoken
Strijd APV/ Wetboek van Strafrecht
38
Bezigen consumentenvuurwerk buiten de venstertijden
Strijd APV
39
Objecten onder hoogspanningsleiding
Strijd APV
40
Parkeerexcessen
31Waaronder in ieder geval parkeren van grote voertuigen, parkeren in strijd met parkeerverbod, parkeren langs gele strepen, parkeren buiten de vakken, bedrijfsvoertuigen.
Strijd RVV/ Wet Mulder/APV /RVV
41
Evenementen
Strijd APV
42
Illegale feesten
Strijd APV
43
Exploitatie (horeca)
Strijd APV
44
Horeca
Strijd Alcoholwet
45
Ordeverstoring in horeca
Strijd APV
46
Parkeren van uitzichtbelemmerende voertuigen
Strijd APV
47
Verbreken zegels vanwege bevoegd gezag
Strijd Wetboek van Strafrecht
50
Staat bouwwerk, open erf of terrein
Strijd Bouwbesluit
51
Gevaarlijke honden
Strijd APV
52
Afwijken van vergunning /melding
Strijd Wet milieubeheer/ Act.besluit / Wabo
53
Natte koeltorens
32Installatie gebruikt voor het, met een open constructie, afvoeren van overtollige warmte uit productieprocessen en gebouwen door middel van het vernevelen van water Bron: www.Infomil.nl.
Strijd Wet milieubeheer/ Activiteitenbesluit
54
Overtredingen uit de gemiddelde of lage priori-teit die de openbare ruimte ernstig verstoren of ontsieren en waar meerdere personen last van hebben dan wel een ernstige belemmering van de doorgang tot gevolg hebben.
Strijd met APV
55
Defecte voertuigen
Strijd APV
56
Inbrekerswerktuigen / geprepareerde tassen / messen/steekwapens (vervoeren/bij zich hebben)
Strijd APV
57
Alcohol schenken aan minderjarige(n)
Strijd Alcoholwet
58
Kappen of snoeien van bomen zonder / in afwijking van vergunning
Strijd Bomenverordening / Wabo
59
Ondermijning/ Onrechtmatige bewoning/ BRP
strijd Huisvestingswet/ Huisvestingsverordening/ Woningwet/ Wet BRP/ bestemmingsplan
60
Niet opvolgen aanwijzing verkeersregelaar
Strijd Wetboek van Strafrecht/ Wegenverkeerswet
GEMIDDELDE PRIORITEIT
NR
Specificatie / ONDERWERP
Handhavingstaak
1
Strijdig gebruik
Strijd bestemmingsplan, Huisvestingswet/ Huisvestingsverordening
2
Bijgebouwen voorzijde of zijkant naar openbaar gebied gekeerd
Strijd Wabo / Geen of afwijking omgevingsvergunning
3
Uitbreiding gebouwen voorzijde of zijkant naar openbaar gebied gekeerd
Strijd Wabo/ Geen of afwijking omgevingsvergunning
4
Gevelwijziging voorzijde of zijkant naar openbaar gebied gekeerd
Strijd Wabo/ Geen of afwijking omgevingsvergunning
5
Gebouwen niet zijnde brandveiligheid, constructieve veiligheid en overige veiligheid
Strijd Bouwbesluit
6
Uitbreiding / bijgebouw bij gebouwen
Strijd Wabo/ Geen of afwijking omgevingsvergunning
7
Handelsreclame /reclame
Strijd Wabo/ Geen of afwijking omgevingsvergunning /APV
8
Hinder / Stank/Geur
Strijd Bouwverordening/ APV/ Act.besluit
9
Aanlegwerkzaamheden
Strijd bestemmingsplan/ Strijd met Wabo/ geen of in afwijking van omgevingsvergunning
10
Geluid bij bouwen, slopen of wegwerkzaamheden
Strijd Wet geluidhinder/ AMvB’s/ APV
11
Afvalwater bij niet-inrichtingen
Strijd Waterwet/ Wet milieubeheer/ Besluit lozen buiten inrichtingen
12
Lucht bij inrichtingen
Strijd Wet milieubeheer/ Act.besluit
13
Zonder vergunning / melding
Strijd Wet milieubeheer/ Act.besluit /Wabo
14
Verkeer regelen na ongeval
Strijd Wegenverkeerswet/ BABW/Hulpverlening
15
Verkeer regelen bij verkeersbesluiten / vergunningen
Strijd Wegenverkeerswet/ BABW
16
Verkeer regelen bij ad-hoc werkzaamheden
Strijd Wegenverkeerswet/ BABW
17
Maken, veranderen, beschadigen van een (uit)weg
Strijd Wabo/ APV
18
Niet de rijbaan gebruiken
Strijd met RVV/ Wet Mulder
19
20
Verkeersveiligheid in gevaar brengen
Strijd Wegenverkeerswet/ Wetboek van Strafrecht
21
Verbod straatafval achter te laten en het wegwerpen van reclamebiljetten en ander foldermateriaal
Strijd ASV
22
Verbod afvalstoffen te doorzoeken of te verspreiden *
Strijd ASV
23
Verbod vervoeren, laden, lossen afvalmateriaal *
Strijd ASV
24
Verbod tot ontdoen autowrak *
Strijd ASV
25
Betogingen op openbare plaatsen (demonstratie)
Strijd APV / WOM
26
Baldadigheid
Strijd Wetboek van Strafrecht
27
Opschudding veroorzaken
Strijd Wetboek van Strafrecht
28
Schennis eerbaarheid
Strijd Wetboek van Strafrecht
29
Openbare dronkenschap
Strijd Wetboek van Strafrecht/ APV
30
Gevaarlijk of hinderlijk voorwerp
Strijd APV
31
Verkoop van schadelijke waren
Strijd Warenwet/ APV
32
Fietswrakken
Strijd APV
33
Fietsen aan gemeentelijke eigendommen
Strijd APV
34
De weg anders gebruiken dan publieke functie ervan
Strijd APV
35
Caravans, campers, aanhangers
Strijd APV
36
Aantasting groenvoorziening door voertuigen
Strijd APV
37
Illegaal gebruik ontheffing
Strijd APV/ RVV
38
Hondenverontreiniging
Strijd APV
39
Loslopende honden
Strijd APV
40
Standplaatsen
Strijd APV
41
Snuffelmarkten / braderieën
Strijd APV
42
Weekmarkt
Strijd Marktverordening
43
Sluitingstijden
Strijd Winkeltijdenwet /APV
44
Terrassen
Strijd APV
45
Collectieve / incidentele festiviteiten
Strijd APV
46
Uitstallingen / objecten
Strijd Wabo/ APV
47
Avondwinkels
Strijd Winkeltijdenverordening
48
Straatprostitutie / Escort
Strijd APV
49
Seksinrichtingen
Strijd APV/ Huisvestingswet/ Huisvestingsverorde-ning/ bestemmingsplan
50
Tentoonstellen erotische / pornografische goederen en afbeeldingen
Strijd APV
51
Veiligheid op het water
Strijd APV
52
Overlast van vaartuigen
Strijd APV
53
Verbod ligplaats in te nemen
Strijd APV / bestemmingsplan
54
Voorwerpen op, in of boven het water
Strijd APV
55
Wrakken in openbare wateren (ketentoezicht)
Strijd Waterwet
56
Illegaal in gebruik genomen gemeentegrond
Strijd Bestemmingsplan / Wabo
57
58
Houden van hinderlijke of schadelijke dieren
Strijd APV
59
Alle categorieën constructieve veiligheid, eenvoudige constructies
Strijd Woningwet / Bouwbesluit
60
Ernstige mate in strijd met welstandseisen
Strijd Woningwet
61
Bouwafval
Strijd Bouwverordening
62
Plakken en kladden
Strijd APV
63
Huisnummering
Strijd Verordening naamgeving en nummering
64
Erfafscheiding voorzijde of zijkant naar openbaar gebied gekeerd
Strijd Wabo / Geen of afwijking omgevingsvergunning
65
Natuurlijke behoefte doen
Strijd APV
66
Dakkapellen
33Voorzijde, zijkant naar openbaar gebied gekeerd.
Strijd Wabo / Geen of afwijking omg.vergunning
67
Aanzetten (aanhitsen) van dieren tot het aanvallen van mensen
Strijd Wetboek van Strafrecht
68
Parkeerontheffing
Parkeerbeleidsplan 2021
69
Ontheffing verbranding in openbare ruimte
Strijd met APV
* door onbevoegden
LAGE PRIORITEIT
NR
Specificatie / ONDERWERP
Handhavingstaak
1
Voeren van duiven, eenden en zwanen
Strijd APV
2
Winkelwagens
Strijd APV
3
Fietsen tegen gebouwen
Strijd APV
4
Fietsen buiten de stalling
Strijd APV
6
Schotelantennes
Strijd Wabo/ Geen of afwijking omg.vergunning
7
Interne wijziging gebouwen (niet constructief)
Strijd Wabo/ Geen of afwijking omg.vergunning
8
Erfafscheiding overig
Strijd Wabo/ Geen of afwijking omg.vergunning
9
Gevelwijziging overig
Strijd Wabo/ Geen of afwijking omg.vergunning
10
Administratief
Strijd Wet milieubeheer / Activiteitenbesluit
11
Lucht bij niet-inrichtingen
Strijd Besluit luchtkwaliteit
12
Hinderlijke beplanting of voorwerp
Strijd APV
14
Loterij en/of kansspelvergunning/melding
Strijd APV/ Alcoholwet
15
Verbod bedrijfsafval aan te bieden aan inzameldienst
Strijd ASV
16
Verstoring rust op zon- en feestdagen bij godsdienstbijeenkomst
Strijd Zondagswet
19
Vervoer plakgereedschap
Strijd APV
20
Voertuigen van autobedrijf
Strijd APV
21
Te koop aanbieden van voertuigen
Strijd APV
23
Parkeren van reclamevoertuigen
Strijd APV
24
Overhangend groen
Strijd APV
25
Flyeren
Strijd APV
26
Venten
Strijd APV
27
Collecteren
Strijd APV
28
Kledinginzameling
Strijd APV
29
Vermakelijkheden zondag voor 13:00 uur
Strijd Zondagswet
30
Verstrooien van as
Strijd APV
31
Opslaan voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen
Strijd APV
33
Afwezigheid van en toezicht door exploitant en beheerder (seksinrichtingen)
Strijd APV
34
Verschaffen gegevens nachtregister
Strijd APV
35
Recreatief nachtverblijf buiten kampeerterreinen
Strijd APV
38
Dieren onbevoegd laten lopen
Strijd APV
39
Voorzieningen voor verkeer en verlichting
Strijd APV
40
Slapen op of aan de weg
Strijd APV
42
Overige geluidshinder
Strijd APV
48
Verontreiniging door andere dieren
Strijd APV
49
Veiligheid op het ijs
Strijd APV
50
Straatartiest
Strijd APV
51
Dakkapellen achterzijde
Strijd Wabo
Categorieën van toetsing
De categorieën uit de hierna volgende risico analyses worden als volgt gedefinieerd:
–Fysieke veiligheid: de mate waarin de fysieke leefomgeving wordt geraakt/aangetast;
–Sociale kwaliteit: de mate waarin burgers in staat zijn om deel te nemen aan het sociale en economische leven, onder condities die hun welbevinden en individuele potenties stimuleren;
–Financieel economische schade: de kosten die schade met zich meebrengt;
–Natuur/stadsschoon: de mate waarin de natuur/stadsschoon wordt geraakt/aangetast;
–Volksgezondheid: de mate waarin de volksgezondheid wordt geraakt/aangetast;
–Bestuurlijk imago: te verwachten afbreuk en/of schade aan het imago, beeld, geloofwaardigheid en vertrouwen van burgers in het bestuurlijk apparaat en haar besluitvorming.
Bijlage 3A: Risicoanalyse vergunningen
RISICOANALYSE Omgevingsrecht
ONDERWERPEN
Fysieke veiligheid
Sociale kwaliteit
Fin. ec. schade
Natuur/stadsschoon
Volksgezondheid
Bestuurlijk imago
gem
kans op slecht naleefgedrag
risico
prioriteit
Milieu Type C bedrijven (incl. ODNZKG)
3
2
3
3
3
4
3,00
4
12,0
Hoog
Wijzigen/verbouwen/ slopen monument
1
3
4
4
1
5
3,00
4
11,3
Hoog
Slopen met asbest
4
4
5
2
5
4
4,00
3
12,0
Hoog
Planologisch strijdig gebruik uitgebreide proc.
0
4
4
4
3
3
3,00
4
12,0
Hoog
Staat bouwwerken, open erven, terreinen
4
4
1
1
4
4
3,00
4
12,0
Hoog
Slopen zonder asbest
3
3
3
1
3
3
2,67
3
8,0
Gemiddeld
(Licht)reclamevergunning
0
3
3
2
0
2
2,50
3
7,5
Gemiddeld
Voorwerpen op of aan de weg (object melding)
1
2
2
2
0
3
2,00
3
6,0
Laag
Planologisch strijdig gebruik reguliere procedure
0
2
1
2
2
2
1,80
3
5,4
Laag
Inrit, uitrit, weg maken/ veranderen (vergunning)
2
1
1
1
2
1
2,00
2
4,0
Laag
Milieu Type B-bedrijven
2
1
3
2
1
2
1,83
2
3,7
Laag
Kapvergunning
2
1
2
3
0
1
1,80
2
3,6
Laag
Milieu Type A-bedrijven
2
1
2
2
1
1
1,50
1
1,5
Laag
RISICOANALYSE APV en Alcoholwet
ONDERWERPEN
Fysieke veiligheid
Sociale kwaliteit
Fin. ec. schade
Natuur/stadsschoon
Volksgezondheid
Bestuurlijk image
gem
kans op slecht naleef gedrag
risico
prioriteit
Evenementen risicoklasse C (groot)
5
3
3
3
4
4
3,67
4
14,7
Hoog
Vergunning speelautomatenhal
1
3
3
2
5
5
3,17
3
9,5
Gemiddeld
Alcoholwet-vergunning – Commercieel
2
3
3
1
5
4
3,00
3
9,0
Gemiddeld
Alcoholwet-vergunning – Para commercieel
2
3
4
1
5
3
3,00
3
9,0
Gemiddeld
Vergunning speelautomaat in overige Horeca
1
3
3
3
5
2
2,83
3
8,5
Gemiddeld
Exploitatievergunning seksinrichting/ escortbedrijf
1
5
5
1
0
5
2,83
3
8,5
Gemiddeld
Ontheffing geluidhinder
1
5
3
0
2
3
2,80
3
8,4
Gemiddeld
Evenementen risicoklasse B (middel)
3
3
2
2
3
3
2,67
3
8,0
Gemiddeld
Promotionele activiteit
1
3
3
1
0
2
2,00
4
8,0
Gemiddeld
Verklaring van geen bezwaar
3
2
3
1
2
4
2,50
3
7,5
Gemiddeld
Vergunning terras
2
3
2
2
3
3
2,50
3
7,5
Gemiddeld
Alcohol schenken aan minderjarige(n)
3
4
4
1
5
5
3,7
4
14,7
Hoog
Betoging of demonstratie houden melding
3
2
1
0
1
4
1,83
3
6,0
Gemiddeld
Evenementen risicoklasse A (klein), evenemen-ten risicoklasse 0 -melding, incidentele festiviteit – melding, samenscholing ontheffing
2
3
2
2
2
2
2,17
3
6,5
Gemiddeld
Wijziging inrichting, aanvraag (tap)ontheffing, wijziging aanhangsel per leidinggevende, ontheffing artikel 4 lid 4 Alcoholwet (PC)
2
3
2
1
3
2
2,17
3
6,5
Gemiddeld
Tijdelijke afwijking sluitingstijden horeca
2
3
2
1
3
2
2,17
3
6,5
Gemiddeld
Parkeerontheffing
1
1
2
2
0
4
2,00
3
6,0
Gemiddeld
Standplaatsvergunning
2
3
2
2
1
2
2,00
3
6,0
Gemiddeld
Ontheffing verbranding in openbare ruimte
2
2
1
3
2
2
2,00
3
6,0
Gemiddeld
Loterij en/of kansspelvergunning/melding
1
2
2
0
3
2
1,70
3
5,0
laag
Ventvergunning, Collectevergunning
1
3
1
1
0
2
1,60
3
4,8
Laag
Ontheffing/ tijdelijke afwijking winkeltijden
1
4
4
0
1
2
2,40
2
4,8
Laag
Plantsoenen betreden (ontheffing)
0
3
0
4
1
3
2,75
1
2,8
Laag
Kampeerontheffing
2
3
1
2
0
1
1,80
1
1,8
Laag
Bijlage 3B: Risicoanalyse toezicht en handhaving
STRIJD MET HET BOUWBESLUIT
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
N X K= RISICO
PRIORITEIT
Alle categorieën constr. veiligheid
34Met uitzondering van zeer eenvoudige constructies
5
5
4
4
3
5
4,3
5
22
HEEL HOOG
Alle categorieën constructieve veiligheid eenvoudige constructies
4
4
3
2
2
3
2,8
3
8
GEMIDDELD
Alle categorieën brandveiligheid
5
5
5
4
3
5
4,3
5
22
HEEL HOOG
Woongebouw, ziekenhuis/ zorg-centra, sporthal/ zwembad, restau-rant/ café/horeca, overige veiligheid
4
3
4
2
4
3
3,3
4
13
HOOG
(Kinder)dagverblijven overige veiligheid, scholen overige veiligheid
4
3
4
2
5
5
3,8
4
15
HOOG
Bedrijven, kantoren, winkels, overige veiligheid
4
3
4
2
4
3
3,3
4
13
HOOG
Woningen overige veiligheid
4
3
4
2
4
3
3,3
3
9
GEMIDDELD
Gebouwen, Gezondheid , energiezuinigheid, bruikbaarheid
3
2
4
2
3
2
2.7
3
8
GEMIDDELD
GEEN OF AFWIJKING OMGEVINGSVERGUNNING (PLANOLOGISCH & WELSTAND)
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
N x K= RISICO
PRIORITEIT
Wijziging monument / beschermd dorpsgezicht
2
3
4
4
1
5
3,2
4
12
HOOG
Interne constructieve wijziging gebouwen
5
3
3
3
1
4
3,2
4
12
HOOG
Bijgebouwen Voorzijde, uitbreiding/ bijgebouw bij gebouwen
2
3
1
1
1
3
1,8
4
7
GEMIDDELD
Erfafscheiding voorzijde
1
3
2
3
1
3
2,2
4
9
GEMIDDELD
Reclame
1
3
2
3
1
3
2,2
4
9
GEMIDDELD
Uitbreiding gebouwen voorzijde
3
3
2
1
1
3
2,2
4
9
GEMIDDELD
Dakkapel voorzijde, gevelwijziging voorzijde
3
3
2
4
1
4
2,5
4
10
GEMIDDELD
Schotelantennes
1
2
1
4
1
2
1,8
3
5
LAAG
Dakkapel overig
1
2
2
2
1
2
1,7
3
5
LAAG
Overige interne wijziging gebouwen
2
1
1
1
1
1
1,2
4
5
LAAG
Erfafscheiding overig
1
2
1
3
1
1
1,5
3
5
LAAG
Gevelwijziging overig
1
2
1
2
1
1
1,3
2
3
LAAG
STRIJD MET HET BOUWBESLUIT
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
N x K = RISICO
PRIORITEIT
Brandgevaar
5
5
4
5
5
5
4,8
5
24
HEEL HOOG
Kamerbewoning, geen omgevingsvergunning brandveilig gebruik/ geen gebruiksmelding
5
5
4
4
4
5
4,8
5
24
HEEL HOOG
Afwijking omgevingsvergunning Brandveilig gebruik/ melding brandveilig gebruik
5
5
4
4
4
5
4,8
4
19
HOOG
STRIJD MET BESTEMMINGSPLAN
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
N x K= RISICO
PRIORITEIT
Strijdig gebruik
4
4
2
3
2
4
3,2
3
10
GEMIDDELD
Aanlegwerkzaamheden
1
4
3
4
1
3
2,7
3
8
GEMIDDELD
STRIJD MET DE BOUWVERORDENING/WONINGWET/BESTEMMINGSPLAN/ASBESTVERWIJDERINGSBESLUIT/BOUWBESLUIT/ACTIVITEITENBESLUIT
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
N x K= RISICO
PRIORITEIT
Overbevolking, bewoning bedrijventerrein
4
5
4
3
4
5
4,2
4
17
HOOG
Hinder / Stank /geur
3
3
2
2
3
2
2,5
3
8
GEMIDDELD
Risicovol asbest
5
4
4
4
4
5
4,3
4
18
HOOG
Staat bouwwerk, open erf of terrein
5
4
4
3
3
4
3,8
5
19
HOOG
Veiligheid / gezondheid bouwen, slopen, gebruik Bouwwerk
5
5
4
4
4
5
4,5
5
22
HEEL HOOG
Slopen
3
4
3
3
3
3
3,2
3
10
GEMIDDELD
Bouwafval
3
4
3
4
2
3
3,2
3
10
GEMIDDELD
NIET VOLDOEN AAN DE HUISVESTINGSWET /GEMEENTELIJKE BASISADMINISTRATIE
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
N X K= RISICO
PRIORITEIT
Onrechtmatige bewoning
4
4
3
4
3
5
3,8
3
11
GEMIDDELD
STRIJD MET WONINGWET
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
N X K= RISICO
PRIORITEIT
Ernstige mate strijd met welstandseisen
2
4
2
4
2
4
3
3
9
GEMIDDELD
MILIEU
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K
PRIORITEIT
Energie
1
2
4
4
2
4
2,83
5
14
HOOG
Afvalwater bij inrichtingen
4
4
4
4
5
3
4
4
16
HOOG
Afvalwater bij niet-inrichtingen
3
3
4
4
5
4
3,8
3
11
GEMIDDELD
Geluid bij evenementen, bedrijven/ horeca
1
2
1
3
4
4
2,5
5
13
HOOG
Geluid bij bouwen slopen of verkeer
1
2
1
2
2
4
2
4
8
GEMIDDELD
Lucht bij inrichtingen
4
5
4
3
4
3
3,8
3
11
GEMIDDELD
Lucht bij niet-inrichtingen
2
2
3
2
2
2
2,2
2
4
LAAG
Afval bij inrichtingen
3
3
4
4
4
4
3,6
4
14
HOOG
Bodem bij inrichtingen
4
4
5
5
5
3
4,3
3
13
HOOG
Bodem bij niet-inrichtingen
3
3
5
5
4
3
3,8
4
15
HOOG
Externe veiligheid, vuurwerk
5
5
5
5
5
5
5
4
20
HEEL HOOG
Administratief
3
2
2
1
1
2
1,8
3
5
LAAG
Brandgevaarlijke opslag / explosiegevaar
5
5
5
5
3
5
3,8
5
23
HEEL HOOG
Afwijking van vergunning/melding
2
2
2
3
3
3
2,5
2
5
LAAG
Zonder vergunning / melding
3
3
3
3
3
3
3
4
12
HOOG
Natte koeltoren
4
3
4
3
5
4
3,8
3
12
HOOG
VERKEERSVEILIGHEID
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE x K = RISICO
PRIORITEIT
Verkeersbesluiten voor werken
3
0
4
0
0
4
2,2
5
13
HOOG
Verkeersbesluiten vergunning
2
0
4
0
0
3
1,5
5
8
GEMIDDELD
Verkeer regelen na ongeval
4
3
3
1
1
1
2,2
3
7
GEMIDDELD
Verkeer regelen bij verkeersbesluiten / vergunningen
2
2
2
3
0
3
2
3
6
GEMIDDELD
Verkeer regelen bij ad-hoc werkzaamheden
4
2
2
3
0
3
2,3
4
9
GEMIDDELD
Parkeren bij scholen
3
4
2
4
0
3
2,7
5
14
HOOG
Werken op of aan de weg/CROW
4
3
4
3
0
3
2,8
5
14
HOOG
Hinderlijke beplanting of voorwerp
2
2
1
2
0
1
1,3
2
3
LAAG
Maken, veranderen, beschadigen van een (uit)weg
2
3
3
4
0
2
2,3
3
7
GEMIDDELD
Niet rijbaan gebruiken
3
4
3
4
0
4
3
2
6
GEMIDDELD
Geen helm dragen
4
0
1
0
0
0
0,8
3
2
LAAG
Niet opvolgen aanwijzing verkeerregelaar
4
4
2
0
0
4
2,3
3
7
GEMIDDELD
Verkeersveiligheid in gevaar brengen
4
4
4
0
0
2
2,3
3
7
GEMIDDELD
art 2 Wet aansprakelijkheid Motorvoertuigen
0
3
4
4
0
3
2,3
3
7
GEMIDDELD
AFVAL
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X KANS = RISICO
PRIORITEIT
Het niet juist aanbieden van huishoudelijk afval
35Omvat bijvoorbeeld ter inzameling aanbieden door anderen dan de gebruikers, anders dan afzonderlijk ter inzameling aanbieden, anders dan via aangewezen inzamel-middel aanbieden, aanbieden op andere dagen en tijden.
3
2
3
3
4
4
3,2
4
13
HOOG
Verbod bedrijfsafval aan bieden aan inzameldienst
0
0
3
0
0
3
1
3
3
LAAG
Verbod afvalstof in bodem aanbrengen / houden
2
4
5
5
3
5
3
5
15
HOOG
Verbod straatafval achter te laten
0
2
3
3
1
4
2,2
4
9
GEMIDDELD
Verbod afvalstoffen te door-zoeken of te verspreiden*
0
2
3
3
1
3
2
4
8
GEMIDDELD
Wegwerpen reclamebiljetten en ander foldermateriaal
0
1
1
3
0
2
1,2
4
5
LAAG
Verbod vervoeren, laden, lossen afvalmateriaal*
2
2
3
3
1
3
2,3
4
9
GEMIDDELD
Verbod opslag afvalstoffen
2
2
3
4
3
5
3,2
4
13
HOOG
Verbod tot ontdoen autowrak*
0
3
3
4
2
5
2,8
4
11
GEMIDDELD
Meldingen illegale lozingen en incidenten
3
5
5
5
5
5
4,7
5
24
HEEL HOOG
* Door onbevoegden
OVERLAST / HINDER
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Samenscholing
3
4
3
2
0
5
2,8
5
14
HOOG
Hinderlijk gedrag in voor publiek toegankelijke ruimten / gebouwen
2
4
2
1
0
5
2,3
5
12
HOOG
Openlijk gebruik & handel
2
5
2
2
2
5
3
4
12
HOOG
Hinderlijk gebruik van drank en softdrugs
2
5
2
2
1
5
2,8
5
14
HOOG
Betreden gesloten woning / lokaal
2
5
2
2
0
5
2,7
5
14
HOOG
Betogingen op openbare plaatsen (of demonstratie)
2
4
3
2
0
4
2,5
3
8
GEMIDDELD
Vernieling
2
5
4
3
0
5
3,2
4
13
HOOG
Baldadigheid
0
4
2
2
0
5
2,2
5
11
GEMIDDELD
Opschudding veroorzaken
2
4
3
0
0
4
2,2
3
7
GEMIDDELD
Schennis eerbaarheid
2
5
0
1
0
4
2
5
10
GEMIDDELD
Belediging ambtenaar in functie
2
4
3
0
0
5
2,3
5
12
HOOG
Bedreiging (met geweld) tegen een ambtenaar in functie (mishandeling)
5
5
5
0
4
5
4
5
20
HEEL HOOG
Aanzetten (aanhitsen) van dieren tot aanvallen mensen
3
4
2
0
2
3
2,3
3
7
GEMIDDELD
Openbare dronkenschap
1
4
1
0
0
3
1,5
4
6
GEMIDDELD
Verstoring rust op zon- en feestdagen bij godsdienst-bijeenkomst
0
1
1
0
0
3
0,8
2
2
LAAG
VEILIGHEID
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X KANS
PRIORITEIT
Verbod vuur te stoken
1
3
4
4
3
4
3,2
4
13
HOOG
Ter beschikking stellen consumentenvuurwerk tijdens verkoopdagen
5
5
5
4
5
5
4,8
5
24
HEEL HOOG
Bezigen consumentenvuur-werk tijdens jaarwisseling
4
4
4
3
2
5
3,7
5
19
HOOG
Inbrekerswerktuigen en geprepareerde tassen / messen/steekwapens (vervoeren / bij zich hebben)
4
4
3
0
3
4
3
4
12
HOOG
Vervoer plakgereedschap
0
3
0
0
0
2
0,8
2
2
LAAG
Objecten onder hoogspanningslijn
4
5
5
3
0
5
3,7
4
15
HOOG
Gevaarlijk of hinderlijk voorwerp
2
4
3
4
0
4
2,8
4
11
GEMIDDELD
Veiligheid op het ijs
2
2
2
1
0
2
1,5
3
5
LAAG
Eigen onroerende zaak in brand steken
1
3
0
1
3
3
1,8
3
5
LAAG
Vuurwapen afschieten, vuur onderhouden bij gebouwen
5
4
4
4
3
4
4
5
20
HEEL HOOG
Verkoop schadelijke waren
2
1
2
0
4
3
2
4
6
GEMIDDELD
PARKEEREXCESSEN
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X KANS = RISICO
PRIORITEIT
Parkeerexcessen
36Waaronder in ieder geval parkeren van grote voertuigen, parkeren in strijd met parkeerverbod, parkeren langs gele strepen, parkeren buiten de vakken, bedrijfsvoertuigen.
2
2
4
2
0
5
2,5
5
13
HOOG
Fietsen buiten de stalling
1
2
1
4
0
3
1,8
5
9
GEMIDDELD
Fietswrakken
0
2
1
4
0
3
1,7
4
7
GEMIDDELD
Fietsen aan gemeentelijke eigendommen
1
2
2
3
0
3
1,8
4
7
GEMIDDELD
Fietsen tegen gebouwen
1
2
1
4
0
3
1,8
4
7
GEMIDDELD
Defecte voertuigen
0
3
0
4
0
3
1,7
5
9
GEMIDDELD
Caravans
2
3
1
3
0
4
2,2
4
9
GEMIDDELD
Campers/aanhangwagens
0
2
0
3
0
4
1,5
4
6
GEMIDDELD
Te koop aanbieden van voertuigen
0
1
0
4
0
4
1,5
3
5
LAAG
Parkeren van reclamevoertuigen
1
2
0
3
0
4
1,7
3
5
LAAG
Aantasting groenvoorzie-ning door voertuigen
0
2
4
5
0
4
2,5
3
8
GEMIDDELD
Illegaal gebruik ontheffing
0
1
3
3
0
4
1,8
4
7
GEMIDDELD
VELLEN VAN HOUTOPSTANDEN
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X KANS = risico
PRIORITEIT
Kappen / snoeien bomen zonder / in afwijking van vergunning
2
3
4
4
1
3
2,8
5
14
HOOG
Overhangend groen
2
2
0
3
0
3
1,7
3
5
LAAG
OVERLASTHONDEN
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Hondenverontreiniging
0
0
3
3
2
4
2
5
10
GEMIDDELD
Loslopende honden (aanlijnplicht)
2
4
3
0
0
4
2,2
5
11
GEMIDDELD
Gevaarlijke honden/ muilkorf
4
5
3
0
2
4
3
4
12
HOOG
ECONOMISCHE ACTIVITEITEN
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Flyeren
0
0
2
1
0
2
0,8
3
2
LAAG
Straatartiest
0
2
0
0
0
2
0,6
4
2
LAAG
Venten
0
0
0
0
1
1
0,3
4
1
LAAG
Standplaatsen
0
1
2
1
2
2
1,3
5
7
GEMIDDELD
Collecteren
0
1
0
0
0
1
0,3
3
1
LAAG
Kledinginzameling
0
1
2
1
0
3
1,2
3
4
LAAG
Snuffelmarkten/ braderieën
2
2
3
1
2
3
2,2
4
9
GEMIDDELD
Weekmarkt
2
2
3
1
2
3
2,2
5
11
GEMIDDELD
Evenementen
4
4
4
2
2
4
3,3
5
17
HOOG
Grote evenementen
5
5
5
2
2
5
4
5
20
HEEL HOOG
Vermakelijkheden zondag voor 13:00 uur
0
0
0
0
0
1
0,2
3
1
LAAG
Heling
0
1
2
0
0
3
1
4
4
LAAG
Illegaal feest
4
4
4
2
2
4
4
3
12
HOOG
HORECA
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Exploitatie
2
3
2
3
3
4
2,8
5
14
HOOG
Sluitingstijden
0
2
0
3
1
4
1,7
4
7
GEMIDDELD
Terrassen
2
2
3
3
0
4
2,5
4
10
GEMIDDELD
Kansspelen
0
2
0
0
0
4
1
3
3
LAG
Collectieve / incidentele festiviteiten
0
3
2
3
0
4
2
4
8
GEMIDDELD
Aanwezigheid in gesloten horecabedrijf
0
3
0
0
0
3
1
2
2
LAAG
Ordeverstoring
3
4
2
3
0
5
2,8
5
14
HOOG
BODEM-, WEG EN MILIEUVERONTREINIGING
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Verstrooien van as
0
0
0
0
1
1
0,3
2
1
LAAG
ONTSIERING EN STANKOVERLAST
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Winkelwagens
1
1
2
3
0
2
1,5
4
6
GEMIDDELD
Handelsreclame
2
2
3
4
0
3
2,3
4
9
GEMIDDELD
Uitstallingen / objecten
2
2
3
3
0
2
2
5
10
GEMIDDELD
Plakken en kladden
0
2
2
3
0
3
1,7
3
5
LAAG
Natuurlijke behoefte doen
0
2
3
3
2
3
1,8
2
4
LAAG
Opslaan voertuigen, vaartui-gen, mest, afvalstoffen
1
3
3
4
2
4
2,8
3
8
LAAG
WINKELTIJDENWET
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Sluitingstijden
0
3
0
2
0
3
1,3
4
5
LAAG
Avondwinkels
0
3
0
2
0
3
1,3
5
7
GEMIDDELD
SEKSINRICHTINGEN
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIO
Straatprostitutie
2
5
2
4
1
4
3
3
9
GEMIDDELD
Seksinrichtingen, escort
0
3
0
3
2
4
1,7
5
9
GEMIDDELD
Tentoonstellen erotische / pornografische goede-ren/afbeeldingen
2
1
2
4
0
4
2,2
4
9
GEMIDDELD
Aanwezigheid / toezicht exploitant / beheerder
2
2
0
0
2
3
1,5
3
5
LAAG
OPENBAAR WATER
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Veiligheid op water
4
4
3
4
1
3
3,2
3
10
GEMIDDELD
Overlast aan vaartuigen
3
3
3
0
0
3
2
3
6
GEMIDDELD
Verbod ligplaats innemen
0
2
4
4
0
3
2,2
3
7
GEMIDDELD
Voorwerpen op, in of boven het water
2
2
3
4
2
3
2,7
4
11
GEMIDDELD
Wrakken in openbare wateren
2
3
4
4
2
3
3
3
9
GEMIDDELD
ILLEGAAL IN GEBRUIK GENOMEN GEMEENTEGROND
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Illegaal in gebruik genomen gemeentegrond
1
1
3
4
0
3
2
5
10
GEMIDDELD
PERSONENVERVOER
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Besluit Personenvervoer (taxiregelingen)
2
2
3
0
0
2
1,5
3
5
LAAG
OVERIGE ASPECTEN
CATEGORIE
FYSIEK
KWALITEIT
FINANCIEEL
NATUUR
VOLKSGEZONDHEID
IMAGO
NEGATIEF EFFECT
KANS
NE X K = RISICO
PRIORITEIT
Slapen op/aan de weg
0
3
2
3
0
3
1,83
2
4
LAAG
Naaktrecreatie
0
3
0
4
0
4
1,8
2
4
LAAG
Verschaffen gegevens nachtregister
0
0
4
0
0
1
0,6
2
1
LAAG
Recreatief nachtverblijf buiten kampeerterreinen
0
4
3
4
0
3
2,3
2
5
LAAG
Overige geluidshinder
1
2
2
0
0
3
1,3
4
5
LAAG
Voeren duiven/eenden/zwanen
0
0
3
4
2
3
2
4
8
GEMIDDELD
Houden van hinderlijke/ schadelijke dieren
2
2
2
4
3
3
2,7
4
11
GEMIDDELD
Verontreiniging door andere dieren
37Volgens de APV gaat het om een dier, niet zijnde een hond.
1
0
3
3
2
3
2
2
4
LAAG
Dieren onbevoegd laten lopen
0
0
3
4
0
3
1,7
3
5
LAAG
Onbevoegd in bezaaide grond
0
0
4
4
0
3
1,8
2
4
LAAG
Voorzieningen voor verkeer en verlichting
3
2
3
0
0
3
1,8
2
4
LAAG
Betreden verboden terrein
1
3
3
1
0
3
1,8
3
5
LAAG
Verbreken zegels vanwege bevoegd gezag
2
4
3
0
0
5
2,3
5
12
HOOG
Doen valse aangifte, valsheid in geschrifte
0
5
5
0
3
5
3
4
12
HOOG
Gebruik vals reisdocument
0
0
3
0
0
3
1
3
3
LAAG
Overtreding voorschrift krachtens gemeentewet
3
4
4
0
0
4
2,5
5
13
HOOG
Overtreding visserijwet
2
2
4
4
2
3
2,7
2
5
LAAG
Bijlage 5: Landelijke Toetsmatrix Bouwbesluit 2012
Deze matrix kent kolommen voor alle hoofdgebruiksfuncties, die het Bouwbesluit kent en voor enkele sub-gebruiksfuncties, die bijzondere aandacht verdienen zoals kinderdagverblijven. Elke afdeling in het Bouwbesluit heeft in de matrix een rij. Voor zover van toepassing vermeldt elke cel een score voor het landelijk vastgestelde toetsniveau: een 1, 2, 3 of 4. De kwaliteitscriteria voor de uitvoering van de Wabo vergen dat uitvoeringsorganen werken met een toetsprotocol en een toezichtsprotocol. Essentieel element in zulke protocollen is dat weloverwogen en herleidbaar wordt aangegeven welk aspect welke aandacht verdient. De matrix is daarbij onmisbaar, bij voorkeur gebaseerd op een risicoanalyse.
De landelijke Toetsmatrix Bouwbesluit 2012 kent vijf toetsniveaus, te weten:
Niveau
Diepgang
Uitwerking
0
Geen toetsing
Niet beoordelen of aan een voorschrift wordt voldaan
1
Uitgangspuntentoets
Bevatten de stukken voldoende informatie over de uitgangspunten?
2
Visueel toetsen
Kloppen de uitgangspunten en lijken de uitkomsten redelijk?
3
Representatief toetsen
Controle van de maatgevende onderdelen
4
Volledig toetsen
Van ieder te toetsen aspect wordt nagegaan of de uitgangspunten juist zijn en worden de uitkomsten gecontroleerd / nagerekend.
De meest actuele versie van dit model wordt gevolgd. Het model is van de Vereniging Bouw- en Woningtoezicht Nederland en mag vrij gebruikt worden. Een uitgebreide toelichting op het model is beschikbaar op de website van de vereniging.
Bijlage 7: Processchema toezicht en handhaving
De processen worden sinds 2016 in het programma Engage visueel gemaakt. De werkprocesschema’s onder de Omgevingswet zijn nog volop in ontwikkeling. Om inzicht in deze processen te krijgen, kan de volgende website worden geraadpleegd:
https://viewerapp.engageprocess.com?dId=479b1a27-d90b-4354-a790-91ed9489178e&state=6&vuser= omgevingswet@duoplus.nl&vpass =H0aajSNUkZnRTBvlUhYpvg-;7;--;7;-
Achter elk blokje zit een (online) werkproces.
Bijlage 8: Richtlijnen dwangsommen en termijnen
Bevoegdheid
De formele grondslag voor de bevoegdheid om handhavend op te treden is gelegen in artikel 125 van de Gemeentewet en artikel 5:21 en verder van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De bevoegdheid bestaat uit het feitelijk optreden tegen een geconstateerde overtreding (last onder bestuursdwang). In plaats daarvan kan ook een last onder dwangsom worden opgelegd (artikel 5:32, eerste lid, van de Awb). In beginsel zal gekozen worden voor een last onder dwangsom.
De dwangsom
De dwangsom heeft tot doel de overtreding tegen te gaan of te voorkomen (effectiviteit). De dwangsom is dan ook niet bestraffend van aard en kan niet gelijkgesteld worden met een boete. De hoogte van de dwangsom wordt afgestemd op de aard en de ernst van de overtreding (evenredigheid).
Er worden drie soorten dwangsommen onderscheiden (artikel 5:32b, eerste lid, van de Awb). De dwangsom waarbij het geldbedrag ineens verbeurt, waarbij het geldbedrag per tijdseenheid waarin de last niet is uitgevoerd wordt verbeurd en waarbij het geldbedrag wordt verbeurd per keer dat de overtreding is geconstateerd.
In de gemeente Diemen wordt over het algemeen de dwangsom waarbij het geldbedrag ineens verbeurt, toegepast. Aan deze keuze liggen meerdere redenen ten grondslag. Allereerst is deze vorm het meest helder voor de inwoners van onze gemeente. Ook voorkomt dit onoverzichtelijkheid in eventuele bezwaar- en beroepsprocedures. Bij de andere vormen moet er immers bij iedere constatering een invorderingsbeschikking worden genomen, waar weer apart bezwaar en beroep tegen open staat. Tot slot leert de ervaring dat deze vorm beter aansluit bij de gehanteerde bedrijfsprocessen van de ambtelijke organisatie.
De begunstigingstermijn
Bij het ongedaan maken van een overtreding of het voorkomen van verdere overtreding, wordt een termijn gesteld waarin de last dient te worden uitgevoerd, de begunstigingstermijn. Pas als de overtreding nog plaatsvindt na het aflopen van deze termijn, verbeurt de dwangsom en moet er een geldbedrag worden betaald (artikel 5:32a, tweede lid, Awb). Uitgangspunt is hoeveel tijd redelijkerwijs nodig is om de overtreding te beëindigen.
Met voorgaande factoren is rekening gehouden bij de totstandkoming van de in deze richtlijn genoemde begunstigingstermijnen. Voor de termijnen die in deze richtlijn zijn genoemd, is uitgegaan van een gemiddelde termijn waarbinnen het mogelijk moet worden geacht om te kunnen voldoen aan de opgelegde last.
Niet ongedaan maken overtreding en recidive
Indien wordt geconstateerd dat de overtreding na het eindigen van de begunstigingstermijn niet (volledig) ongedaan is gemaakt, moet worden geconcludeerd dat de opgelegde dwangsom het gewenste effect niet heeft bereikt. Afhankelijk van het soort overtreding en de andere relevante feiten en omstandigheden van het geval, wordt beoordeeld of er opnieuw een last onder dwangsom wordt opgelegd, of dat er wordt gekozen voor het opleggen van een last onder bestuursdwang. Doorgaans zal er worden gekozen voor het opnieuw opleggen van een last onder dwangsom. Aangezien de hoogte van de eerder gekozen dwangsom een onvoldoende prikkel is gebleken, zal bij een nieuwe last onder dwangsom worden gekozen voor een hoger bedrag. De dwangsom wordt (ten minste) verdubbeld ten opzichte van de eerder opgelegde dwangsom.
Een andere reden voor het opleggen van een hogere dwangsom kan zijn dat een overtreder binnen een termijn van twee jaar eenzelfde soort overtreding begaat. Hiervoor is het niet nodig dat voor de vorige overtreding een last onder dwangsom is opgelegd. Als de overtreder voor de vorige overtreding een waarschuwing of voornemen last onder dwangsom heeft ontvangen, is dit voldoende. Uiteraard wordt hierbij gekeken of sprake is van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.
Algemene opmerkingen bij de tabellen
Deze richtlijn is grotendeels gebaseerd op de “Leidraad handhavingsacties en begunstigingstermijnen” van het Kenniscentrum Infomil. Het Kenniscentrum Infomil is onderdeel van de directie RWS Leefomgeving van Rijkswaterstaat, de uitvoeringsorganisatie van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Er is voor gekozen om voor veel onderwerpen aan te sluiten bij de landelijke norm. Tegelijkertijd is er op andere punten bewust afgeweken, in verband met de specifieke handhavingsproblematiek in de gemeente Diemen.
De tabel vermeldt richtinggevende voorbeelden. Deze dienen als richtlijn/leidraad te worden gebruikt. Er is dus vrijheid om in het concrete geval hiervan af te wijken. De geconstateerde feiten/omstandigheden zijn bepalend voor de individuele vaststelling van de hoogte en het maximaal te verbeuren bedrag. Afwijkingen naar boven van de in de tabel genoemde maximum dwangsomhoogte (met uitzondering van de verhoging bij een herhaalde overtreding), waarvoor in het concrete geval goede reden kan zijn, moeten steeds goed zijn onderbouwd en in de beschikking worden gemotiveerd. Dit geldt tevens voor de begunstigingstermijn.
Deze richtlijn is uitdrukkelijk niet uitputtend bedoeld. Dat een overtreding niet in deze richtlijn is opgenomen, zegt niets over de noodzaak en/of wenselijkheid van de handhaving daarvan. Ook voor overtredingen die niet in de tabel zijn genoemd, wordt per geval de hoogte van de dwangsom en de duur van de begunstigingstermijn bepaald.
In deze richtlijn zijn alleen dwangsommen opgenomen. De mogelijkheid blijft bestaan om een last onder bestuursdwang op te leggen indien de feiten en omstandigheden van het concrete geval hiertoe aanleiding geven. Verder is het uitgangspunt dat we verbeurde dwangsommen invorderen.
Algemeen
Taakveld
Algemeen
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
Geen medewerking verlenen aan toezichthouder
per overtreding
€10.000
Enkele uren tot een paar weken
Ontbrekend onderzoek zoals: preventieonderzoek, bodemonderzoek, energiebesparingsonderzoek, akoestisch onderzoek etc.
ineens
€5.000
2maanden
Het niet overleggen van ontbrekende gegevens, zoals logboek, administratie, energienota, lekdichtheid, registratie, rapportage etc.
ineens
€1.000
1maand
Overtredingen milieu
Taakveld
Afval
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
Opslag niet conform voorschriften
ineens
€5.000
2maanden
Afval (gevaarlijke afvalstoffen) niet correct afvoeren
ineens
€50.000
1maand
Afval niet correct afvoeren
ineens
€5.000
1maand
Scheiding afval niet conform voorschriften
per overtreding
€1.000
1maand
Overtredingen milieu
Taakveld
Bodem
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
Afvalstoffen op/in de bodem brengen
ineens
€5.000
1maand
Keuring onder- of bovengrondse tank niet uitgevoerd
ineens
€3.500
1maand
Vloer niet vloeistofdicht
ineens
€15.000
2maanden
Vloeistofdichte (lek)bak ontbreekt
ineens
€15.000
2maanden
Geen financiële zekerheid
ineens
€15.000
1maand
Opslag vaste mest zonder voorzieningen
ineens
€5.000
3maanden
Ontbreken (KIWA-)certificaat mestopslag
ineens
€5.000
1maand
Foliebassin niet gekeurd
ineens
€5.000
1maand
Mestbassin niet conform de bouwtechnisch richtlijnen
ineens
€25.000
2maanden
Geen melding Besluit mobiel breken bouw- en sloopafval
ineens
€1.000
1maand
Afgifte van grond/bouwstoffen aan een niet bevoegde be-/verwerker
ineens
€5.000
1maand
Geen melding besluit bodemkwaliteit
ineens
€5.000
1maand
Toepassing niet conform de voorschriften en/of voorgeschreven voorzieningen niet aangebracht
ineens
€5.000
1maand
Taakveld
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
(Externe) veiligheid
Brandscheiding niet op orde
ineens
€25.000
2maanden
Opslag gevaarlijke stoffen niet volgens voorschriften
ineens
€25.000
1maand
Opslag kluis/kast ontbreekt
ineens
€15.000
2maanden
Gasflessen niet tegen omvallen beschermd
ineens
€150 per fles
1dag
Keuring gastank verlopen
ineens
€1.000 per tank
2maanden
Keuring gasfles verlopen
ineens
€300 per fles
1week
Hekwerk bij gastank ontbreekt/niet tegen aanrijden beschermd
ineens
€2.000
1maand
Geluid
Geluidnorm overschreden
per overtreding
€500 met max van €5.000
1week
Geluidbegrenzer niet conform verzegeling
ineens
€5.000
1maand
Gedragsvoorschriften niet naleven
per overtreding
€500 met max van €5.000
1dag
In werking buiten gegunde uren
ineens
€5.000
1dag
Lucht
Overschrijding emissie-eisen
ineens
€50.000
2weken
Metingen niet (juist) uitgevoerd
ineens
€2.500
1maand
Afvoerpijp niet op hoogte
ineens
€10.000
2maanden
Overtredingen milieu
Taakveld
Lucht
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
Niet juist gebruiken of ontbreken emissiebeperkende apparatuur (zoals (stof)filters, ontgeuringsinstallatie)
ineens
€15.000
2maanden
Geen keuring of onderhoud stook- of koelinstallatie
ineens
€4.000
1maand
Niet naleven voorschriften stook- of koelinstallatie
ineens
€4.000
1maand
Vuurwerk
Opslag van vuurwerk niet conform de voorschriften en er kan direct aan de voorschriften worden voldaan
ineens
€5.000
1dag
Water
Afscheider, controleput of zuiveringstechnische voorziening ontbreekt of niet conform voorschriften
ineens
€10.000
1maand
Overig
In werking zonder vergunning
ineens
€50.000
2maanden
(milieu)
Geen melding (milieu)
ineens
€20.000
1maand
Ongewoon voorval niet gemeld (milieu)
ineens
€10.000
1week
Overtredingen aanleg, bouw en sloop
Taakveld
Algemeen
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
In strijd met stillegging bouw of sloop klein bouwwerk, zoals een erfafscheiding, tuinmeubilair, vlaggenmasten, dakkapel, schotelantennes, zonweringen, etc.
ineens
€5.000
direct
In strijd met stillegging bouw of sloop middelgroot bouwwerk, zoals een dakterras, klein bijgebouw, overkapping, etc.
ineens
€10.000
direct
In strijd met stillegging bouw of sloop groot bouwwerk, zoals een dakopbouw, aanbouw aan een bestaand gebouw, etc.
ineens
€35.000
direct
In strijd met stillegging bouw of sloop compleet bouwwerk, zoals een woning, bedrijfsgebouw, etc.
ineens
€100.000
direct
Aanleggen, bouwen of slopen in strijd met (planregels) bestemmingsplan
ineens
€20.000
2maanden
Aanleggen
Aanleggen zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning categorie laag, zoals kabels en leidingen, ophogen, etc.
ineens
€10.000
2maanden
Taakveld
Aanleggen
Overtreding
Modaliteit
Richtlijndwangsom
Begunstigingstermijn
Aanleggen zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning categorie gemiddeld, zoals heiwerkzaamheden, bodem verlagen, gronden afgraven etc.
ineens
€15.000
2maanden
Aanleggen zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning categorie hoog, zoals watergangen, oppervlakteverhardingen van wegen etc.
ineens
€20.000
2maanden
Bouwen
Bouwen zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning, klein bouwwerk, zoals een erfafscheiding, tuinmeubilair, vlaggenmasten, dakkapel, schotelantennes, zonweringen etc.
ineens
€5.000
2maanden
Bouwen zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning middelgroot bouwwerk, zoals een dakterras, klein bijgebouw, overkapping, etc.
ineens
€10.000
2maanden
Taakveld
Bouwen
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
Bouwen zonder een omgevingsvergunning groot bouwwerk, zoals een dakopbouw, aanbouw aan een bestaand gebouw, etc.
ineens
€35.000
2maanden
Bouwen zonder een omgevingsvergunning categorie hoog, zoals een woning, bedrijfsgebouw, etc.
ineens
€100.000
2maanden
Bouwen in strijd met het Bouwbesluit categorie laag, zoals technische voorschriften bruikbaarheid, etc.
ineens
€10.000
2maanden
Bouwen in strijd met het Bouwbesluit categorie gemiddeld, zoals technische voorschriften energiezuinigheid, etc.
ineens
€15.000
2maanden
Bouwen in strijd met het Bouwbesluit categorie hoog, zoals technische voorschriften veiligheid, gezondheid, etc.
ineens
€20.000
2maanden
Slopen
Slopen zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning of een melding categorie laag, zoals het slopen van een bijgebouw zonder asbest, etc.
ineens
€5.000
per direct
Taakveld
Slopen
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
Slopen zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning of een melding categorie gemiddeld, zoals het slopen zonder asbest
ineens
€10.000
per direct
Slopen zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning of een melding categorie hoog, zoals het slopen met (waarschijnlijk) asbest
ineens
€20.000
per direct
Monumenten
Verandering aan, op, in of bij een monument zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning
ineens
€20.000
2maanden
Verandering in beschermd stad- en dorpsgezichten zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning
ineens
€15.000
2maanden
Overtredingen planologisch gebruik
Taakveld
Strijdig gebruik
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
Gebruik in strijd met het bestemmingsplan zoals verkeerd gebruik grond/erf, illegale handelingen buitengebied, etc.
ineens
€5.000
2maanden
Strijdig gebruik bestemming, zoals Airbnb, wonen of bedrijfsmatige activiteiten waar niet toegestaan, etc.
ineens
€10.000
2maanden
Strijdig gebruik bestemming overschrijding max. aantal huishoudens
Ineens
Maatwerk
38Voor het vaststellen van de dwangsom wordt aangesloten bij de geschatte jaaromzet van de huuropbrengsten met een maximum van € 50.000.
2maanden
Overtredingen brandveiligheid
Taakveld
Brandveilig gebruik
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
Geen omgevingsvergunning voor brandveilig gebruik
ineens
€20.000
max. 2 weken
Geen melding voor brandveilig gebruik
ineens
€10.000
max. 2 weken
Niet naleven (maatwerk)voorschrift omgevingsvergunning brandveilig gebruik / nadere voorwaarden na gebruiksmelding / bvhvoorschriften omgevingsvergunning bouw
ineens
€10.000
max. 2 weken
Voorschriften (brand)veiligheid
Bouwkundige gebreken zoals: zelfsluitende deur(en), brandcomparti-mentering, (beschermde) subbrandcompartimenten, (extra) beschermde vluchtrouten (rookvrije vluchtroutes) etc.
per overtreding
€30.000 - €70.000
1– 3 mnd
Installatietechnische gebreken zoals: brandmeldinstallatie, ontrui-mingsalarminstallatie, brandblusmiddelen, bereikbaarheid (voor hulpdiensten) vluchtrouteaanduiding en noodverlichting, brandblusinstallaties, etc.
per overtreding
€5.000 €20.000
1- 3 mnd
Organisatorische gebreken: blokkeren vluchtwegen, aankleding van ruimten
39Bijvoorbeeld onveilige versiering.
, ontruimingscapaciteit
40Het veilig evacueren van aanwezigen.
, etc.
per overtreding
€5.000
1dag à 2 weken
Bij brandveiligheidsovertredingen geldt een voorfase waarin een controlebrief wordt gestuurd met alle overtredingen. In die brief wordt een termijn gegeven om de overtredingen op te heffen. De in dit schema genoemde begunstigingstermijnen zijn de termijnen van de last onder dwangsom zelf. De voorfase zit daar niet in. De genoemde bedragen zijn per overtreding(en) en dienen een voldoende financiële prikkel te bewerkstelligen om de overtreding op te heffen. In sommige gevallen kan een Plan van Aanpak (PvA) voldoende zijn om te voldoen aan de begunstigingstermijn. Gebruikelijk is om dit in goed overleg en na goedkeuring van de betreffende inspecteur brandveiligheid vast te stellen. Bewust is gekozen om aan te sluiten bij de BIO maatregelen
41BIO staat voor bouwkundige, installatietechnische en organisatorische gebreken, een welkbekende afkorting.
met betrekking tot brandveiligheid.
Overtredingen Algemene Plaatselijke Verordening (APV)
Taakveld
Algemeen
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
Reclame(bord) zonder vergunning
ineens
€5.000
2maanden
Maken of veranderen van een uitweg zonder vergunning
ineens
€5.000
2maanden
Overtredingen overig
Taakveld
Algemeen
Overtreding
Modaliteit
Richtlijn dwangsom
Begunstigingstermijn
Huisvestingsverordening overschrijding max. aantal huishoudens
ineens
maatwerk
42Voor het vaststellen van de dwangsom wordt aangesloten bij de geschatte jaaromzet van de huuropbrengsten met een maximum van € 50.000.
2maanden
Huisvestingsverordening overig
Ineens
€ 2.500, - €10.000
2maanden
Inbrekerswerktuigen / geprepareerde tassen / messen / steekwapens
ineens
€2.500 tot max €10.000
Per direct
Illegale feesten
ineens
€5.000
Per direct
Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
Tot max €10.000
Bijlage 9: Toelichting op de “Tafel van Elf”
De Tafel van Elf is een wetenschappelijk ontwikkeld model dat inzage geeft in de redenen waarom mensen de regels overtreden. De methode laat zien dat er vóór het daadwerkelijke sanctietraject voldoende mogelijkheden zijn om door middel van gerichte communicatie overtredingen te voorkomen, dan wel helderheid over normen te verstrekken (mochten die onvoldoende helder zijn). De Tafel van Elf probeert het activeren van het sanctietraject te voorkomen door een verhoogde inzet op preventie.
Dat wordt in onderstaande methode toegelicht:
Onderin de piramide staan werkwijzen die een breed en langdurig effect hebben, het meest inwerken op ‘norm-internalisatie’ (het eigen maken van de norm) en het minst belastend zijn voor burgers en bedrijven.
Helemaal in de punt staat handhaving in de vorm van controleren en sanctioneren. Dit is nodig als een stok achter de deur. De ervaring leert dat effecten van sancties alleen gunstig zijn zolang de handhaving actief is. Bovendien gaat het om een aanpak die doorgaans ingrijpender is voor burgers en bedrijven. Daarnaast is handhaving voor de overheid een kostbaar middel dat gedoseerde inzet vergt.
De Tafel van Elf beschrijft dimensies van spontane naleving.
De dimensies uit de Tafel van Elf vormen daarom de basis van de preventiestrategie. Dat wordt verder vormgegeven onder invloed van de LHSO. Zo wordt eenduidig sanctionerend opgetreden indien – ondanks preventie en communicatie – toch sprake is van een (herhaling van) een overtreding. De elf dimensies voor naleving van wetgeving zijn ondergebracht in twee groepen, elk met hun eigen uitwerking op de neiging tot naleving. De bovenste twee onderdelen van de Tafel van Elf omvatten de daadwerkelijke inzet van toezicht en handhaving.
1Naleving in dimensies
De Tafel van Elf is een samenhangende opsomming van dimensies die bepalend zijn voor de naleving van regelgeving. De Tafel van Elf is ontstaan vanuit de praktische behoefte om inzicht te krijgen in de factoren die de gehoorzaamheid van mensen aan regelgeving bepalen en de invloed die rechtshandhaving daarop heeft. De basis wordt gevormd door een combinatie van in de literatuur voorkomende sociaalpsychologische, sociologische en criminologische theorieën, aangevuld met algemene inzichten en praktijkervaringen op het terrein van de rechtshandhaving. De dimensies van de Tafel van Elf moeten worden beschouwd als gedragswetenschappelijke variabelen die nalevingsgedrag beïnvloeden. Door ze systematisch na te lopen, vormen ze een hulpmiddel voor de wetgever om te komen tot naleefbare wetgeving.
2De Tafel van Elf als wetgevingsinstrument
De Tafel van Elf kan toegepast worden als ondersteunende checklist bij de totstandkoming van wetgeving. Dit geldt temeer wanneer het gedrag van mensen bijdraagt aan te bereiken beleidsdoelen. De Tafel van Elf is dan ook van toepassing op een groot deel van de beleidsinstrumentele wetgeving en ook op enkele delen van het strafrecht. De Tafel van Elf is hiermee een hulpmiddel bij de totstandkoming van wetgeving. In het kader van het project Marktwerking Deregulering en Wetgevingskwaliteit (MDW) wordt de Tafel van Elf bij het onderdeel ‘toetsing van voorgenomen regelgeving’ aangeboden als checklist om een aantal vragen te beantwoorden die betrekking hebben op de verwachte mate van naleving van de (toekomstige) wetgeving. Deze vragen moeten beantwoord worden in de toelichting bij de regeling (in geval van een wet respectievelijk AMvB aangeduid als memorie of nota van toelichting). Het doel ervan is om inzichtelijk te maken wat de verschillende (neven-)effecten zijn van de voorgestelde regelgeving. Een goede, heldere toelichting op de verwachte mate van naleving verhoogt bovendien de kwaliteit van een wetsvoorstel.
De Tafel van Elf is ontwikkeld door de Inspectie voor de Rechtshandhaving van het Ministerie van Veiligheid en het Sanders Instituut van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
3Inhoud Tafel van Elf
A. Dimensies voor spontane naleving
B. Controle dimensies
C. Sanctie dimensies
-T1 Kennis van regels
-T6 Informele meldingskans
-T10 Sanctiekans
-T2 Kosten/baten
-T7 Controlekans
-T11 Sanctie-ernst
-T3 Mate van acceptatie
-T8 Detectiekans
-T4 Gezagsgetrouwheid doelgroep
-T9 Selectiviteit
-T5 Informele controle
Hieronder worden deze elf ‘tafels’ verder uitgewerkt en toegelicht.
Dimensies van spontane naleving
1.
kennis van regels
Soms is de regelgeving vaag of complex. Het wordt niet begrepen door de doelgroep. Hier prevaleert communicatie boven sanctioneren.
2.
kosten en baten
Hier is calculerend gedrag aan de orde: is een overtreding lonend? Hier past sanctioneren en communiceren, maar dan als ‘naming and shaming’.
3.
mate van acceptatie
Wordt het beleid door de doelgroep (burger of bedrijf) onderschreven? Betrek belangengroepen bij de formulering van het beleid.
4.
normgetrouwheid doelgroep
Het gaat hier om respect en vertrouwen. Een moeilijk te beïnvloeden dimensie, waarbij rekening moet worden gehouden met een sterke individualisering van de maatschappij.
5.
niet overheidscontrole
De door de doelgroep ingeschatte kans op een positieve of juist een negatieve sanctionering van hun gedrag. In deze categorie bevindt zich de bewuste overtreder met een calculerend gedrag.
Handhavingsdimensies
6.
meldingskans
De door de doelgroep ingeschatte kans dat een overtreder door een derde wordt gemeld (het verzoek om handhaving of klacht) en dat er vervolgens door de overheid daadwerkelijk wordt opgetreden.
7.
controlekans
De kans dat daadwerkelijk wordt gecontroleerd wordt geschat door de doelgroep. Als de overheid “bekend staat” als één, die nauwelijks controleert of sanctioneert dan geeft dat aan het begaan van overtredingen een onjuiste impuls. Handhavingsbeleid moet stellig zijn en uitvoeringsresultaat laten zien. Communicatie van handhavingsresultaat werkt in die zin weer preventief.
8.
detectiekans
Als er wordt gecontroleerd, dan kan niet altijd alles worden waargenomen. In controlerapporten gaan wij altijd uit “van het moment van de controle, voor zover wij hebben kunnen vaststellen”. Die laatste zin staat symbool voor de detectiekans, dikwijls behorend bij de calculerende overtreder.
9.
selectiviteit
Bij dit item behoort het uitvoeren van toezicht op basis van een naleefstrategie, waarbij recidivisten nadrukkelijker en frequenter worden gecontroleerd. De categorie “bewuste overtreders” calculeren de pakkans al in bij de dimensies controlekans respectievelijk detectiekans.
10.
sanctiekans
In deze categorie zit het bewuste calculerende gedrag van een potentiële overtreder. De overheid kan na constatering van overtredingen sancties opleggen. Dit gebeurt echter niet altijd. Dit hangt af van zaken als het sepotbeleid, de bewijsbaarheid van overtredingen en het eventuele gedoogbeleid. Daardoor is het relevant te beoordelen in hoeverre de doelgroep verwacht straf te krijgen voor bepaalde overtredingen, ofwel naar de gepercipieerde sanctiekans.
11.
sanctie-ernst
De hoogte van een sanctie heeft direct te maken met de hoogte van een dwangsom en/of de impact van bestuursdwang respectievelijk de gevolgen van een proces-verbaal. Ook kosten gerechtelijke kosten kunnen een rol spelen. Het proces van sanctieoplegging kan ook bijkomende, immateriële nadelen hebben zoals het verlies van reputatie. De hoogte en ernst van de verschillende soorten sancties zal niet op alle doelgroepen dezelfde impact hebben. De snelheid en zekerheid van sanctieoplegging kan die impact vergroten, bijv. via het beleid van lik-op-stuk.
Bijlage 10: Werkwijze bij toezicht en handhaving
Verschillende handhavingspartners zijn actief in toezicht en handhaving in de leefomgeving. Zowel in de openbare ruimte als in het bebouwde gebied. Te denken valt aan toezicht door het waterschap, de Omgevingsdienst, de provincie Noord-Holland, de politie, Staatbosbeheer, Groengebied-Amstelland en de gemeentelijke organisatie.
Door informatie gestuurde handhaving en heldere werkafspraken die in de basis vastgelegd zijn in het handhavingsarrangement, zijn meerdere vormen van integraal toezicht mogelijk.
In Diemen kennen we de volgende vormen van integraal toezicht.
➢ Controleren met elkaar: Toezichthouders vanuit diverse taakvelden voeren gezamenlijk een integrale controle uit. Ieder voor de eigen discipline. Met name van toepassing in situaties die door een groter dan gemiddelde complexiteit of bestuurlijke prioriteit worden gekenmerkt. Soms is deze methode nodig, meestal is die arbeidsintensief en belastend voor de ondernemer of burger.
➢ Na elkaar controleren: Verschillende toezichthouders van uiteenlopende instanties of afdelingen voeren zelfstandig en onafhankelijk van elkaar een controle uit. Omdat de inspecties over een relatief groter tijdsbestek worden uitgevoerd, heeft deze aanpak een sterkere preventieve uitwerking. Deze vorm van controleren is de klassieke vorm van toezicht. De toezichtlast neemt echter toe en de efficiëntie neemt af. Bovendien is het risico groot dat controles verschillende vakgebieden bestrijken, hetgeen kan leiden tot interpretatieverschillen.
➢ Voor elkaar signaleren: Een toezichthouder kan tijdens zijn ‘eigen’ controle een mogelijke overtreding in een ander taakveld signaleren. Als deze constatering daartoe aanleiding geeft, zal de specialist van dat taakveld zelf een controle uitvoeren. Het voordeel van deze aanpak is dat overtredingen in een eerder stadium worden gesignaleerd. Deze aanpak vergt wel de nodige afstemming (en kunde) binnen een organisatie.
➢ Voor elkaar controleren: Een toezichthouder neemt tijdens een integrale controle meerdere aandachtsvelden voor zijn rekening. Dit heeft voornamelijk betrekking op situaties die worden gekenmerkt door een geringe complexiteit. Dit is een vorm van signaaltoezicht, die in bepaalde gevallen prima kan worden uitgevoerd.
➢ Bij toezicht wordt gekozen voor de meest effectieve en efficiënte manier van toezicht. Dit is afhankelijk van het doel van het betreffende project in het uitvoeringsplan. Het streven is bij alle controles oog te hebben voor signaalpunten van andere taakvelden en/of bevoegd gezag.
➢ De manier van werken bij toezicht en handhaving krijgt vorm in een soort controle. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in preventief, actief en reactief toezicht:
•geprogrammeerd gebiedstoezicht (preventief)
•controle op de naleving van verleende vergunningen en/of meldingen (actief)
•gebiedsgerichte controles (actief)
•controle naar aanleiding van klachten/handhavingsverzoeken (reactief)