Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bunschoten
Gelet op het bepaalde in de Huisvestingswet 2014
Gelet op afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb);
Gelezen het bepaalde in de Huisvestingsverordening gemeente Bunschoten 2025-2029
Overwegende dat de voorbereiding en de uitoefening van een aantal bevoegdheden in de huisvestingsverordening gemeente Bunschoten 2025-2029 aan functionarissen binnen de woningbouwverenigingen, actief op de lokale woningmarkt binnen de gemeente Bunschoten moet worden toebedeeld.
Besluit:
1De uitoefening van de navolgende bevoegdheden en de uitvoering van de navolgende taken van het college op grond van de Huisvestingsverordening gemeente Bunschoten 2025-2029:
a.De verlening van een huisvestingsvergunning tot het in gebruik nemen van vergunningplichtige woonruimte als bedoeld in Hoofdstuk 2, de artikelen 2.3.1 t/m 2.3.6;
b.De woonruimteverdeelregels toe te passen zoals bedoeld in Hoofdstuk 2, de artikelen 2.3.7 t/m 2.3.12.
toe te kennen aan de directeuren van de woningbouwcorporaties G&O en Omthuis
2Daarbij geldt de bevoegdheid per woningbouwcorporatie voor de woningen in eigen beheer;
3Ten aanzien van de uitoefening van de onder 1 en 2 vermelde bevoegdheden de navolgende voorschriften vast te stellen.
Artikel 1 Begripsbepalingen
In dit besluit wordt verstaan onder:
a.Wet: Huisvestingswet 2014
b.Gemeente Bunschoten: gemeente alwaar de huisvestingsregels van toepassing zijn;
c.Mandaat: de bevoegdheid om in naam van het college van burgemeester en wethouders besluiten te nemen;
d.Gemandateerde: degene die het mandaat ontvangt
Artikel 2 Algemeen
Bij de uitoefening van de bevoegdheden in mandaat wordt het daaromtrent gestelde bij of krachtens wetten, verordeningen, regelingen, besluiten, aanwijzingen en richtlijnen, hoe ook genaamd, van Europese, rijks, provinciale en gemeentelijke wetgevers of andere bestuursorganen in acht genomen.
Artikel 3 Verantwoordelijkheid
De uitoefening van de bevoegdheden in mandaat vindt plaats in naam en onder verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders.
Artikel 4 Reikwijdte mandaat
1De verlening van de bevoegdheden in mandaat geschiedt in de ruimste zin des woords;
2De gemandateerde is bevoegd tot het verrichten van alle handelingen, benodigd voor de voorbereiding, bekendmaking en uitvoering van een door hem krachtens mandaat genomen besluit;
3De uitoefening van de gemandateerde bevoegdheden geschiedt binnen de grenzen en met inachtneming van het ter zake geldende recht, specifiek met inachtneming van artikel 10:3 Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 5 Ondermandaat
1Ondermandaat binnen de organisatie van de betreffende woningbouwcorporaties is toegestaan;
2Ondermandatering geschiedt bij schriftelijk besluit door de oorspronkelijke gemandateerde;
3De oorspronkelijke gemandateerde blijft verantwoordelijk voor de uitvoering van de ondergemandateerde bevoegdheden;
4Bij ondermandaat geschiedt de ondertekening op de wijze, waarbij voor de gemandateerde ontvanger de naam en functie van de ondergemandateerde moet worden ingevuld.
Artikel 6 Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als mandaatbesluit huisvestingverordening 2025-2029.
Artikel 7 Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking op 15 juli 2025.