Aanhef
De gemeenteraad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester,
ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 1 mei 2013;
gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht;
overwegende dat de ondernemingsraad van Bergen op 22 april 2013.met de Klachtenregeling
Bergen 2013 heeft ingestemd;
besluiten
vast te stellen de Klachtenregeling Bergen 2013
Artikel 1 Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
1klacht: een uiting van ongenoegen over de wijze waarop een bestuursorgaan of een persoon, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan, zich in een bepaalde aangelegenheid jegens een natuurlijk persoon of een rechtspersoon heeft gedragen.
2bestuursorgaan: de gemeenteraad, een raadscommissie, het college van burgemeester en wethouders, de burgemeester.
3gedraging: het in een bepaalde aangelegenheid jegens een natuurlijk persoon of rechtsper-soon handelen of nalaten te handelen door een bestuursorgaan of een persoon, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan.
Artikel 2 Klachtencoördinator
1De klachtencoördinator is een door het college aangewezen ambtenaar. Het college wijst tevens een plaatsvervanger aan.
2De klachtencoördinator registreert de klacht en geeft deze door aan de klachtbehandelaar en persoon over wie de klacht is ingediend.
3De klachtencoördinator stuurt binnen twee weken aan klager een ontvangstbevestiging. In de bevestiging wordt meegedeeld wie de klacht zal behandelen en hoe het verloop van de procedure zal zijn. Degene over wie de klacht is ingediend, krijgt de klacht, de meegezonden stukken en de ontvangstbevestiging in afschrift toegezonden.
4De klachtencoördinator bewaakt de voortgang van de klachtbehandeling en ziet erop toe dat de behandeling van de klacht overeenkomstig de bepalingen van afdeling 9.1.2 van de Algemene wet bestuursrecht en het bepaalde in deze regeling plaatsvindt.
5De klachtencoördinator is de contactpersoon voor de Nationale Ombudsman.
Artikel 3 Indiening van de klacht
1Een klacht kan zowel mondeling als schriftelijk worden ingediend.
2Mondelinge klachten worden in principe mondeling afgedaan. Wordt de klacht niet tot tevredenheid van klager afgedaan dan wordt klager op de mogelijkheid gewezen van schriftelijke klachtbehandeling. Desgewenst verleent de klachtencoördinator aan klager medewerking bij het op schrift stellen van de klacht.
3Een schriftelijke klacht is ondertekend en bevat ten minste:
-de naam en adres van de klager;
-de dagtekening;
-een omschrijving van de gedraging waartegen de klacht gericht is.
4Zodra naar tevredenheid van klager aan zijn klacht tegemoet is gekomen, vervalt de verplichting tot verdere behandeling van de klacht. Bij een schriftelijke klacht wordt dit schriftelijk aan klager en degene over wie werd geklaagd, bevestigd.
Artikel 4 Behandeling van de klacht
1De gemeentesecretaris onderzoekt de klacht, tenzij de klacht tegen hem gericht is en hoort klager of diens gemachtigde en de persoon over wie is geklaagd. Van dit horen stelt hij een verslag op. Een kopie van dit verslag wordt gezonden aan klager, aan de persoon over wiens gedraging is geklaagd en de klachtencoördinator.
2De gemeentesecretaris stelt een rapport op voor het college, vergezeld van zijn advies en eventuele aanbevelingen. Het rapport bevat tevens het verslag van het horen.
3Indien het besluit van het college afwijkt van het advies, wordt in de beslissing op de klacht daarvan de reden vermeld.
4De gemeentesecretaris stelt klager schriftelijk en gemotiveerd in kennis van de beslissing op de klacht, zoals bedoeld in artikel 9:12 van de Algemene wet bestuursrecht. Het college, de persoon over wiens gedraging is geklaagd en de klachtencoördinator ontvangen hiervan een kopie.
5a.Indien een klacht betrekking heeft op de gemeentesecretaris, behandelt de burgemeester de klacht.
b.Indien een klacht betrekking heeft op de burgemeester behandelt de loco-burgemeester de klacht.
c.Indien een klacht betrekking heeft op het college van burgemeester en wethouders of een lid ervan behandelt de burgemeester de klacht, tenzij deze zelf onderwerp is van de klacht, in welk geval lid b van toepassing is.
d.Indien een klacht betrekking heeft op de gemeenteraad, een raadscommissie en de griffier behandelt de voorzitter van de gemeenteraad de klacht.
6Elke klacht wordt vertrouwelijk behandeld.
7Het bestuursorgaan handelt de klacht binnen zes weken of, na verdaging, binnen tien weken na ontvangst van het klaagschrift af. De klachtencoördinator deelt de verdaging schriftelijk mee aan klager en degene over wiens gedraging is geklaagd,
Artikel 5 Verslag
1De klachtencoördinator stelt een jaarverslag op. Het college stelt het verslag vast.
2Het verslag bevat in ieder geval een overzicht van het aantal klachten van het voorgaande jaar, de aard van de klachten en de wijze van afdoening.
Artikel 6 Verwijzing Nationale Ombudsman
Het bestuursorgaan deelt klager in de brief als bedoeld in artikel 4, vierde lid mee dat, indien klager niet tevreden is over de behandeling van zijn klacht, hij zijn klacht kan voorleggen aan de Nationale Ombudsman.
Artikel 7 Onvoorzien
In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslissen burgemeester en wethouders.
Artikel 8 Inwerkingtreding
1Deze regeling treedt in werking op de dag na die waarop zij is bekendgemaakt.
2De regeling kan worden aangehaald als “Klachtenregeling Bergen 2013 ”.
3De Klachtenregeling Bergen (L.) wordt ingetrokken.