Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van Berg en Dal,
Gelet op artikelen 2, 2a, 2b, 6, 7, 8, 10, 12 en 13 Regeling opvang ontheemden Oekraïne
Besluit vast te stellen:
Beleidsregels opvang ontheemden Oekraïne gemeente Berg en Dal
Artikel 1 Begrippen
Voor de toepassing van deze beleidsregels wordt verstaan onder:
College: het college van burgemeester en wethouders van Berg en Dal;
Kalenderdag: één dag van 00.00 uur tot 23.59 uur;
Peildatum: elke eerste dag van de maand;
Referteperiode: de maand voorafgaand aan de peildatum;
Regeling: Regeling opvang ontheemden Oekraïne;
Verstrekkingen: verstrekkingen zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 van de Regeling;
Wet: Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne.
Gezin: Een gezin zoals bedoeld in de Participatiewet artikel 3 lid 1 t/m 5
Overige begrippen in deze beleidsregels hebben dezelfde betekenis zoals bepaald in de regeling of de Participatiewet.
Leefgeld
Artikel 2 Intrekking en terugvordering leefgeld
1Het college trekt op grond van artikel 7 lid 2 van de Regeling met ingang van de eerstvolgende maand de verstrekking als bedoeld in artikel 6 eerste lid, aanhef en onder b van de Regeling geheel in, indien de meerderjarige ontheemde of een meerderjarig gezinslid:
a.inkomsten uit arbeid in Nederland of in een ander land heeft welke gelijk dan wel hoger zijn dan 115 procent van het leefgeld;
b.een loondervingsuitkering of een toeslag op grond van de Toeslagenwet ontvangt welke gelijk dan wel hoger is dan 115 procent van het leefgeld;
c.Partneralimentatie of kinderalimentatie voor ten laste komende minderjarige kinderen welke gelijk dan wel hoger is dan 115 procent van het leefgeld;
d.gedurende twee weken niet heeft voldaan aan verzoeken van het college om informatie te verstrekken over zijn inkomen en gezinssamenstelling als bedoeld in artikel 2a van de Regeling;
e.inkomsten verborgen heeft gehouden en daardoor ten onrechte van het leefgeld gebruik heeft gemaakt.
2Of als inkomsten genoemd in artikel 2 lid 1 sub a, b en/of c in gezamenlijkheid leiden tot inkomsten gelijk dan wel hoger dan 115 procent van het leefgeld
3Het college vordert op grond van artikel 7 lid 6 van de Regeling het verstrekte leefgeld als bedoeld in artikel 6 lid 1 onder b van de Regeling terug, indien dit ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verstrekt.
4Indien leefgeld is verstrekt aan een gezin, dan vordert het college het aan het gezin te veel of ten onrechte verstrekte leefgeld terug van de meerderjarige ontheemde en/of diens meerderjarige gezinslid.
5De terugvordering bedraagt niet meer dan er is verstrekt.
Artikel 3 Invordering leefgeld
1Het college start de terugvordering gelijktijdig met de afgifte van het besluit tot intrekking van het leefgeld en hanteert daarbij de in artikel 4:87 Awb genoemde betalingstermijn van zes weken.
2Het gelijktijdig met het terugvorderingsbesluit afgegeven intrekkingsbesluit omvat daarbij het volgende:
a.de hoogte van (het saldo van) de vordering;
b.de betalingsverplichting om de vordering in zijn geheel te voldoen;
c.de datum waarop de betalingsverplichting in gaat;
d.de mogelijkheid voor belanghebbende om binnen 6 weken na verzenddatum van de beschikking als bedoeld in artikel 4:87 Awb een betalingsregeling te treffen.
3Als de belanghebbende alleen leefgeld ontvangt of inkomsten ontvangt die lager zijn dan de beslagvrije voet als bedoeld in artikel 475d van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, wordt de maandelijkse aflossingsverplichting in beginsel bepaald op 5% van het leefgeldnorm.
4Als de belanghebbende inkomsten ontvangt, die hoger zijn dan de beslagvrije voet als bedoeld in artikel 475d van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering wordt de maandelijkse aflossingsverplichting bepaald op maximaal de volledige beslagruimte zoals aangegeven in artikel 475d van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
5Wanneer de feiten en omstandigheden hierom vragen kan afgeweken worden van artikel 3 lid 3 en artikel 3 lid 4 van deze beleidsregels en wordt maatwerk toegepast.
Artikel 4 Niet of niet meer voldoen aan de betalingsverplichting
1Als de belanghebbende niet bereid is tot het treffen van een betalingsregeling of een eerder opgelegde betalingsverplichting niet (meer) nakomt wordt één betalingsherinnering gestuurd, daarna een aanmaning gevolgd met een WIK brief.
2Indien er geen betalingsregeling tot stand is gekomen binnen de gestelde termijn of een eerder opgelegde betalingsverplichting wordt niet (meer) nagekomen, kan het college besluiten om de vordering in handen van een (gerechts)deurwaarder te stellen, die zo nodig tot dagvaarding zal overgaan teneinde een executoriale titel (vonnis) te verkrijgen.
3Nadat een executoriale titel is verkregen, kan het college besluiten om de (gerechts)deurwaarder opdracht te geven tot dwanginvordering over te gaan.
Artikel 5 Afzien van (verdere) invordering
Het college kan besluiten om een vordering af te boeken indien er gedurende 3 jaar geen betalingen zijn verricht en niet valt te verwachten dat dit op korte termijn nog gaat gebeuren.
Artikel 6 Terugwerkende kracht leefgeld
Leefgeld wordt in de basis niet toegekend met terugwerkende kracht.
De eigen bijdrage
Artikel 7 Eigen bijdrage
1De meerderjarige ontheemde die staat ingeschreven in de gemeentelijke opvang van de gemeente Berg en Dal en:
a.Inkomsten uit arbeid in Nederland of in een ander land heeft; of
b.Een toeslag op grond van de Toeslagenwet of een loondervingsuitkering ontvangt; of
c.Gedurende twee weken niet heeft voldaan aan verzoeken van het college om informatie te verstrekken over zijn inkomsten en gezinssamenstelling, of
d.Inkomsten verborgen heeft gehouden en daardoor ten onrechte van de verstrekkingen gebruik heeft gemaakt, of
e.inkomsten uit onderneming heeft, betaalt een eigen bijdrage aan de gemeentelijke opvang zoals bepaald in artikel 8 lid 1 van de regeling.
2De hoogte van de eigen bijdrage wordt vastgesteld op het bedrag zoals opgenomen in de regeling.
3Het college maakt gebruik van de bevoegdheid om een gedeeltelijke eigen bijdrage in de zin van artikel 8 lid 1 van de regeling dan wel artikel 7 lid 4 van de regeling op te leggen.
4De eigen bijdrage wordt niet opgelegd dan met een peildatum eerder dan 1 oktober 2024.
5Een meerderjarig kind vormt een eigen gezin.
Artikel 8 Onevenredige benadeling
1De eigen bijdrage wordt niet geheven indien dit heffen zou leiden tot een onevenredige benadeling voor de meerderjarige ontheemde en diens gezin.
2De meerderjarige ontheemde doet een beroep op onevenredige benadeling en verstrekt hiertoe alle benodigde informatie.
3Bij het bepalen van onevenredige benadeling kunnen overige financiële verplichtingen en schulden in aanmerking genomen worden, tenzij deze zijn ontstaan door een verwijtbare gedraging.
4Voor het in aanmerking nemen van schulden geldt dat een concrete aflossingsverplichting op schrift gesteld moet zijn met duidelijke voorwaarden.
Artikel 9 Werkwijze
1Iedere eerste dag van de kalendermaand geldt als peildatum. De meerderjarige ontheemde geeft voor de peildatum zijn inkomsten zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 sub a, b en c van deze beleidsregels over de referteperiode door aan het college.
2De meerderjarige ontheemde geeft wijzigingen in inkomsten en gezinssamenstelling voor de eerstvolgende peildatum door aan het college.
3De eigen bijdrage wordt over een kalendermaand geheven. Indien de meerderjarige ontheemde niet op de eerste dag van de kalendermaand voor het eerst ingeschreven staat in de opvang in de gemeente Berg en Dal en ook nog geen feitelijk verblijf hield in de opvang, wordt over die kalendermaand geen eigen bijdrage betaald.
4De eigen bijdrage wordt geheven met ingang van de eerste kalendermaand volgend op de dag waarop de ontheemde meerderjarig is geworden.
Artikel 10 Vordering
1Ontheemden die niet voldoen aan de verplichting tot het betalen van de eigen bijdrage, krijgen hiervan een herinnering.
2Wanneer er na die herinnering nog niet betaald is binnen de aangegeven termijn wordt een aanmaning verzonden;
3Indien de ontheemde langer dan twee maanden niet voldoet aan de verplichting tot het betalen van de eigen bijdrage, wordt een civielrechtelijke incassoprocedure gestart.
4Bij het niet voldoen aan de verplichting tot het betalen van de eigen bijdrage ondanks de inzet van een civielrechtelijke incassoprocedure, kan nakoming van de verplichting worden gevorderd bij de burgerlijke rechter.
Bijzondere kosten
Artikel 11 Buitengewone kosten
1Onder buitengewone kosten wordt in ieder geval verstaan:
a.Reiskosten van de ontheemde voor een verblijfsrechtelijke procedure.
De gemeentelijke opvang
Artikel 12 Verlaten van de opvang
1Het college kan de verstrekkingen beperken of intrekken indien de ontheemde de opvang definitief verlaat of langer dan 28 kalenderdagen per kalenderjaar niet in de opvang is verschenen.
2Duurt de afwezigheid van de ontheemde 14 aaneengesloten kalenderdagen of korter, dan blijft zijn plek in de opvang gereserveerd. Als het vertrek niet vooraf is gemeld, blijft de plek in de opvang zeven dagen gereserveerd.
3Duurt de afwezigheid van de ontheemde langer dan 14 kalenderdagen (of bij niet gemeld vertrek van 7 kalenderdagen), kan de opvangplek aan een ander worden gegeven. Dit kan onder andere wanneer de bezettingsgraad in de gemeentelijke opvang hoog is.
4Duurde de afwezigheid langer dan 14 kalenderdagen en is de opvangplek aan een ander gegeven, kan de ontheemde opnieuw om een opvangplek vragen. De nieuwe opvangplek kan zich in een andere gemeente bevinden.
5Duurt de afwezigheid van de ontheemde langer dan 28 kalenderdagen per jaar, wordt het leefgeld ingetrokken vanaf de eerste dag van de kalendermaand volgend op de maand waarin de afwezigheid wordt geconstateerd. De ontheemde kan vanaf dit moment tevens worden uitgeschreven uit de Basisregistratie Personen van de gemeente Berg en Dal en zijn recht op opvang verliezen.
6Duurt de afwezigheid van de ontheemde langer dan 28 kalenderdagen per jaar, kan de ontheemde uitgeschreven worden uit de Basisregistratie Personen van de gemeente Berg en Dal en zijn recht op opvang in de gemeente Berg en Dal verliezen.
7Indien één of enkele personen van een gezin vertrekken of langer dan 28 kalenderdagen niet in de opvangvoorziening zijn verschenen, wordt de hoogte van de financiële toelage zoals bedoeld in artikel 10 van de regeling aangepast naar de situatie van het deel van het gezin dat nog wel in de opvang verblijft.
Artikel 13 Melden verlaten opvang
1De ontheemde meldt zijn vertrek - en het vertrek van zijn minderjarige kinderen - uit de opvang schriftelijk bij de locatiemanager wanneer dit vertrek langer dan 24 uur is.
2Als vertrek en aankomst binnen een en hetzelfde weekend (zaterdag vertrekken en de daaropvolgende zondag terugkomen) vallen, hoeft dit niet te worden gemeld.
Artikel 14 Verstrekkingen beperken of intrekken
1Bij overtredingen van de huisregels van de opvangvoorziening of misdragingen vindt een gesprek plaats tussen de locatieleider en de ontheemde. Een verslag van dit gesprek wordt gedeeld met de ontheemde en opgeslagen in zijn dossier.
2Het verslag kan maatregelen bevatten die de ontheemde opgelegd worden. Maatregelen kunnen onder andere maar niet uitputtend zijn:
a.het tijdelijk geen bezoek mogen ontvangen op de opvanglocatie;
b.een ontzegging van toegang tot bepaalde gedeelten van de opvanglocatie;
c.Het overplaatsen van de ontheemde naar een andere opvanglocatie.
3Bij herhaalde overtreding dan wel ernstige misdraging of overtreding van de huisregels kan een gesprek tussen de ontheemde en een vertegenwoordiger van het college plaatsvinden. Een verslag van dit gesprek wordt gedeeld met de ontheemde en opgeslagen in zijn dossier.
4Aanvullend op het bepaalde in het eerste lid kan het college verstrekkingen volgens artikel 7 lid 1 van de regeling beperken of intrekken indien:
a.De ontheemde ernstig inbreuk maakt op de verplichtingen genoemd in artikel 6 derde lid van de regeling;
b.De ontheemde een ernstige vorm van geweld pleegt jegens medebewoners die in dezelfde opvangvoorziening verblijven, aan personen die werkzaam zijn in de voorziening, of aan anderen.
5Beperkingen van de financiële toelage worden ingezet naar evenredigheid van de voltrokken gedraging en vinden telkens plaats vanaf € 50 per maand.
6Beperkingen van de financiële toelage blijven gelden tot het gedrag van de ontheemde is hersteld tot een aanvaardbaar niveau dit ter beoordeling van het college.
Artikel 15 Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere en dringende situaties besluiten om een regel of meerdere regels niet toe te passen of hiervan af te wijken. Dit kan alleen als het volgen van de regel voor de persoon in kwestie oneerlijk zou zijn.
Artikel 16 Slotbepalingen
1Deze beleidsregels worden bekendgemaakt via lokaleregelgeving.overheid.nl en treden in werking op de dag na de bekendmaking.
2Deze beleidsregels worden aangehaald als “Beleidsregels opvang ontheemden Oekraïne gemeente Berg en Dal’’