Aanhef
De raad van de gemeente Asten;
gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 20 januari 2026.
gehoord het advies van de commissie Samenleving en Bestuur van 12 februari 2026;
besluit:
1Het Horecabeleid gemeente Asten 2026 vast te stellen.
2Het Beleidsplan horeca, sport en recreatie-inrichtingen gemeente Asten in te trekken.
Samenvatting
Het horecabeleid van de gemeente Asten heeft als doel alle horeca (natte horeca, droge horeca en paracommerciële instellingen) in zowel de dorpskernen als het buitengebied te versterken en te ondersteunen.
Horeca speelt een belangrijke rol in het versterken van de aantrekkelijkheid en leefbaarheid van de dorpscentra (Asten, Heusden en Ommel) door ontmoetingsplekken te bieden en economische initiatieven te stimuleren. De gemeente ziet de horeca als een manier om Asten te positioneren als aantrekkelijke verblijfsgemeente zowel voor inwoners als voor toeristen.
Inwoners, lokale ondernemers en maatschappelijke instellingen hebben input geleverd om dit beleid te ontwikkelen.
Om meer horeca in het buitengebied mogelijk te maken, kijken we met name naar ruimtelijke en milieutechnische aspecten, veiligheid, duurzaamheid, gezondheid en esthetiek. Daarnaast moet worden aangetoond dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).
Voor de natte horeca (cafés en restaurants) worden de sluitingstijden in de weekenden verruimd van 02.00 uur naar 03.00 uur. Voor de paracommerciële instellingen gelden, in tegenstelling tot het oude beleid, ten opzichte van elkaar uniforme sluitings- en schenktijden. Ook wordt aangegeven wat wel en niet is toegestaan aan paracommerciële activiteiten.
Daarnaast worden in het beleid de maatschappelijke aspecten toegelicht, zoals preventie van het alcohol- en drugsgebruik en gehoorschade. Het beleid bevordert de toegankelijkheid voor mensen met een beperking, zowel fysiek als sociaal. Zo creëren we een inclusieve omgeving.
De gemeente Asten hanteert een ‘high trust, high penalty’- toezichtmodel, waarbij horecaondernemers vertrouwen krijgen, maar waar sancties volgen bij overtredingen.
Het beleid wordt in 2027 geëvalueerd.
Leeswijzer
Het horecabeleid gemeente Asten 2026 is opgedeeld in verschillende hoofdstukken die elk specifieke onderwerpen behandelen.
In hoofdstuk 1 wordt de huidige stand van zaken rondom het aantal horecagelegenheden in Asten beschreven, met een overzicht van natte - en droge horeca en paracommerciële instellingen.
In hoofdstuk 2 wordt het belang van horeca in Asten geschetst. De ambities van de gemeente op het gebied van horeca worden toegelicht, evenals het participatieproces dat heeft bijgedragen aan de totstandkoming van dit beleid worden trends en ontwikkelingen binnen de horeca geschetst, zoals de veranderende behoefte van de bezoekers.
In hoofdstuk 3 wordt een objectief beeld weergegeven van de huidige wettelijke kaders en het nu nog geldende horecabeleid.
In hoofdstuk 4 wordt het nieuwe horecabeleid gemeente Asten 2026 uiteengezet, zoals de ontwikkelkaders van de verschillende gebieden, koffietafels bij gemeenschapshuizen, verhuur aan derden, de sluitingstijden en schenktijden.
In hoofdstuk 5 worden de maatschappelijke aspecten van het horecabeleid besproken, zoals het alcohol- en drugsbeleid gericht op jongeren, gehoorschadepreventie en inclusie voor mensen met een beperking.
In hoofdstuk 6 wordt het toezichtmodel ‘high trust, high penalty’ uit, dat de gemeente hanteert voor het toezicht op horecagelegenheden.
Hoofdstuk 3. Wettelijke kaders en bestaand beleid
3.1 Kaders gemeentelijk beleid
3.1.1 Omgevingsvisie
De omgevingsvisie Asten is het ontwikkelkader van de gemeente Asten. Initiatieven van toerisme, recreatie en horeca moeten passen binnen de kaders van de omgevingsvisie. Nieuwe ontwikkelingen worden vanuit een integrale gebiedsbenadering bepaald.
Het coalitieakkoord 2022-2026 ‘Gedreven door Passie en Ambitie’ benadrukt dat de gemeente Asten niet alleen aantrekkelijk moet zijn voor inwoners, maar ook voor de recreatieve en toeristische sector. De gemeente profileert zich met haar natuur, gezellige cafés, gastvrijheid en karakteristieke dorpen met goede voorzieningen als een aantrekkelijke bestemming voor bezoekers.
In de toekomstagenda 2030, die is verwerkt in de omgevingsvisie, is de koers van de gemeente Asten opgenomen met betrekking tot een aantal maatschappelijke opgaven. De vier opgaven zijn:
▶ Transformatie buitengebied;
▶ Vitale kernen;
▶ Centrumontwikkeling;
▶ Klimaatbestendig en energieneutraal Asten.
FIGUUR 1: KAART OMGEVINGSVISIE ASTEN
3.1.2 Programma Centrumontwikkeling - Toekomstbeeld 2040
In het programma Centrumontwikkeling – Toekomstbeeld 2040 van november 2024 zijn de ambities voor het centrum van Asten vastgelegd. Horeca speelt een belangrijke rol in de transitie van het centrum van ‘place to buy’ naar ‘place to be’. Winkelen wordt aangevuld met een rijke mix aan horeca, culturele evenementen, recreatieve activiteiten en maatschappelijke voorzieningen. Deze veelzijdigheid vormt de kracht van het centrum en maakt het tot een aantrekkelijke omgeving om te wonen, te ondernemen, te recreëren en te werken. Met gezellige pleinen, een mix van lokale winkels en filiaalbedrijven, sfeervolle horecagelegenheden en een groene omgeving is het centrum nu en in de toekomst een geliefde bestemming voor zowel inwoners als bezoekers. Het Programma Centrumontwikkeling biedt duidelijke kaders voor de korte, middellange en lange termijn om het centrum van Asten leefbaar, aantrekkelijk en economisch vitaal te houden.
3.1.3 Ondergeschikte- en route gebonden horeca
In het bestemmingsplan Buitengebied Asten 2016 zijn regels opgenomen over ondergeschikte- en route gebonden horeca. Onder een aantal voorwaarden is deze vorm van horeca toegestaan, zonder dat er sprake is van strijdigheid met het tijdelijk Omgevingsplan. Het heeft betrekking op kleinschalige horeca, die wordt aangeboden als nevenfunctie bij een recreatieve hoofdfunctie, waar aan passanten vanuit de bestaande bebouwing dranken en versnaperingen worden verstrekt. In hoofdstuk 4.3 wordt deze vorm van horeca toegelicht.
3.2 Kaders veiligheid en vergunningen
3.2.1 Exploitatievergunning
Op basis van artikel 2:28, eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening 2017 (APV) gemeente Asten is het verplicht een exploitatievergunning aan te vragen voor het exploiteren van natte en droge horeca en paracommerciële instellingen.
De exploitatievergunning is persoonlijk, niet overdraagbaar en bevat voorschriften die de woon- en leefsituatie in de omgeving van het horecabedrijf beschermen, met als doel hinder en overlast te beperken.
3.2.2 Alcoholwetvergunning
Een exploitant heeft een Alcoholwetvergunning nodig als er in een horecagelegenheid alcohol wordt geschonken. Dit geldt zowel voor natte horeca als paracommerciële instellingen. De Alcoholwetvergunning is een landelijke vergunning. Op grond van artikel 3 van de Alcoholwet is het verboden een zonder daartoe strekkende vergunning van de burgemeester het horecabedrijf of slijtersbedrijf uit te oefenen.
3.2.3 Omgevingsvergunning
Sinds 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. Deze wet verplicht gemeenten om in een omgevingsplan vast te leggen welke regels en mogelijkheden gelden binnen de gemeentegrenzen. Het omgevingsplan vervangt de bestaande regels voor ruimtelijke ordening (bestemmingsplannen), bouwen en milieu. Omdat het plan zeer omvangrijk is, hebben gemeenten tot 2032 de tijd om dit zorgvuldig vast te stellen. Tot die tijd geldt een tijdelijk omgevingsplan, waarin ook regels voor geluid zijn opgenomen.
Als het exploiteren van een horecabedrijf op een locatie niet past volgens de functieomschrijving in het omgevingsplan, en de gemeente wil dit wel mogelijk maken dan moet het omgevingsplan aangepast worden of er kan een Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit aan gevraagd worden (BOPA). Per geval wordt bekeken of een horecaonderneming op een bepaalde plek qua aard en omvang past in de omgeving. Hierbij wordt er getoetst aan verschillende omgevingsfactoren zoals bijvoorbeeld geluid, geur, parkeren, groen, enzovoort. Deze omgevingsfactoren moeten nog nader uitgewerkt worden.
Het nemen van een besluit op het verlenen van een BOPA is de bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders. Echter, voor het toevoegen van zelfstandige horecalocaties buiten het centrum van één van de dorpskernen geldt het adviesrecht van de gemeenteraad. Het gaat hier om bindend adviesrecht wat de gemeenteraad de mogelijkheid geeft om de “regie” te behouden bij aanvragen met betrekking tot horeca buiten de centrumgebieden.
De huidige geluidsregels zijn grotendeels overgenomen uit het voormalige Activiteitenbesluit en worden aangeduid als de bruidsschat. Deze regels blijven van kracht totdat de gemeente een eigen, definitief omgevingsplan vaststelt.
Voor horeca in Asten geldt bij normale bedrijfsvoering een landelijke norm van 50 dB(A) etmaalwaarde. Deze waarde is bedoeld om geluidsoverlast voor omwonenden te beperken. In de praktijk komen klachten incidenteel voor, vooral wanneer bezoekers het horecabedrijf verlaten. De wettelijke regels ter bescherming van de omgeving tegen horecalawaai, inclusief terrassen, zijn vastgelegd in de bruidsschat (hoofdstuk 22 Activiteiten, afdeling 22.3 Milieubelastende activiteiten, paragraaf 22.3.4 geluid, artikel 22.63). Horeca is verplicht zich hieraan te houden.
3.2.4 Ontheffingen voor festiviteiten
Naast de reguliere geluidswaarden zijn er uitzonderingen mogelijk voor incidentele festiviteiten. Horecaondernemers kunnen hiervoor een ontheffing aanvragen, waarmee de geluidsnormen tijdelijk worden verruimd. In Asten mag dit per horecabedrijf maximaal vijf keer per jaar voor activiteiten zoals dj-optredens, livebands, karaoke of tentfeesten (artikel 4:3 APV).
3.2.5 Collectieve festiviteiten
Voor grotere, door de gemeente aangewezen festiviteiten zoals carnaval, kermis en Koningsdag gelden eveneens uitzonderingen. Tijdens deze dagen zijn de reguliere geluidswaarden niet van toepassing (artikel 4:2 APV). Dit geldt specifiek voor delen van de gemeente zoals Asten-centrum, Heusden en Ommel. Daarnaast kan de gemeente aanvullende regels vaststellen om geluidsoverlast en gehoorschade te beperken.
3.3 Overige wet- en regelgeving
3.3.1 Wet op de Kansspelen
Speelautomaten
In horeca van de gemeente Asten zijn twee soorten speelautomaten aanwezig: kansspelautomaten en behendigheidsautomaten. Voor het plaatsen van een kansspelautomaat in een horecabedrijf is een aanwezigheidsvergunning verplicht omdat het geld uitkeert. Een kansspelautomaat zoals bijvoorbeeld een fruitautomaat of eenarmige bandiet keert geld uit (artikel 30, aanhef en onder a, van de Wet op de Kansspelen). Een behendigheidsautomaat zoals een flipperkast of videogame keert alleen vrije spellen uit, geen geld (artikel 30, aanhef en onder b, van de Wet op de Kansspelen), hiervoor is geen aanwezigheidsvergunning nodig.
Laagdrempelige horeca: dit zijn bedrijven zoals snackbars, kantines, afhaalrestaurants en wijk- of jongerencentra. Deze bedrijven mogen geen kansspelautomaten plaatsen (artikel 30, aanhef en onder d, van de Wet op de Kansspelen). Zij mogen wel een behendigheidsautomaat plaatsen.
Hoogdrempelige horeca: dit betreft locaties zoals cafés en restaurants. Deze bedrijven mogen maximaal twee speelautomaten plaatsen (artikel 30, aanhef en onder e, van de Wet op de Kansspelen). Dit kunnen twee kansspelautomaten zijn, twee behendigheidsautomaten, of één van elk type. Hierdoor wordt de mogelijkheid geboden om een mix van kansspel- en behendigheidsautomaten te hebben, zolang het totale aantal automaten niet meer dan twee bedraagt.
Speelautomatenhallen
Op grond van de beleidsregel Speelautomatenhal Asten 2020 kan de burgemeester voor maximaal 2 speelautomatenhallen een vergunning verlenen.
Bingo’s
Volgens de Alcoholwet mogen er geen bingo’s en andere kansspelen (met uitzondering van speelautomaten) plaatsvinden in een horecabedrijf. Dat betekent dat er geen bingo georganiseerd mag worden in de ruimten waar normaal gesproken alcohol wordt geschonken. Dat er op het moment van de bingo geen alcohol wordt geschonken, doet niet ter zake.
Het kabinet heeft eind maart 2025 ingestemd met een voorstel van staatssecretaris Karremans om kleine kansspelen, waaronder bingo en kienen vallen, weer toe te staan in een horecalokaliteit. Hiervoor dient de Alcoholwet aangepast te worden. Deze wetgeving moet nog aangenomen worden in de Tweede en Eerste Kamer.
Maar niet alleen de Alcoholwet stelt regels over het organiseren van bingo’s. Ook de Wet op de Kansspelen stelt regels om een bingo te mogen organiseren. Deze zijn:
▶ De bingo wordt georganiseerd door een Nederlandse vereniging (of stichting die zich materieel nauwelijks onderscheid van een vereniging) die minstens 3 jaar bestaat.
▶ De organiserende vereniging heeft een duidelijk doel omschreven in statuten, niet zijnde het organiseren van bingo’s.
▶ De waarde van de prijzen mag per serie niet hoger zijn dan 400 euro.
▶ Per bijeenkomst mag de waarde van de prijzen niet hoger zijn dan 1.550 euro.
▶ Er moet minstens 14 dagen vooraf melding worden gedaan bij de gemeente door de vereniging.
3.3.2 Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob)
Gemeenten krijgen steeds meer te maken met ondermijnende criminaliteit. Ondermijnende criminaliteit bestaat uit alle vormen van criminaliteit die een bedreiging zijn voor de integriteit. Criminelen maken gebruik van legale structuren, zoals vergunningen om criminele activiteiten uit te voeren. De Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) geeft de overheid een instrument in handen om zich tegen risico van aantasting van de integriteit te beschermen. De Wet Bibob en het daarbij behorende besluit Bibob zijn van toepassing op de Alcoholwetvergunning en exploitatievergunning.
3.3.3 Opiumwet
Op grond van artikel 13b van de Opiumwet heeft de burgemeester de bevoegdheid bestuursdwang toe te passen als er soft- of harddrugs wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt, dan wel daartoe aanwezig is. In de Beleidsregel handhavingsprotocol Opiumwet 13b Asten 2021 staat beschreven onder welke omstandigheden en op welke wijze gebruik wordt gemaakt van de bestuurlijke maatregelen bij overtreding van de Opiumwet. In het uiterste geval kan de Alcoholwet- en exploitatievergunning worden ingetrokken en moet de inrichting gesloten worden.
Hoofdstuk 4. Horecabeleid Asten 2026
4.1 Mogelijkheden horeca
4.1.1 Buitengebied
We willen meer mogelijkheden bieden voor horeca in het buitengebied. De vraag naar horecavoorzieningen groeit, mede door het toenemende aantal bezoekers in zowel dag- als verblijfsrecreatie. Deze trend is opgenomen in de Visie Toerisme en Recreatie Asten 2025 (ten tijde van het schrijven van dit beleid nog in conceptfase).
We behouden de drie kernwaarden van het buitengebied:
▶ De natuur;
▶ Het karakteristieke landschap;
▶ De rust.
Deze kernwaarden vormen de basis voor een aantrekkelijk woonklimaat én een bloeiende toeristische sector.
Om meer horeca in het buitengebied mogelijk te maken, kijken we met name naar ruimtelijke en milieutechnische aspecten, veiligheid, duurzaamheid, gezondheid en esthetiek. Daarnaast moet worden aangetoond dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).
De uitgangspunten om horeca in het buitengebied mogelijk te maken zijn:
▶ De ontwikkeling van horecavoorzieningen richten we primair op het deelgebied Groen Genieten, zoals opgenomen in de Omgevingsvisie Asten. In andere gebieden staan we horeca alleen toe als deze geen onevenredige negatieve invloed heeft op omliggende functies en bedrijven. Een eenduidige organisatie en handhaving van horecabeleid is noodzakelijk. Tijdens het participatieproces voor de visie gaven ondernemers duidelijk aan: gelijke monniken, gelijke kappen. Zij vragen om eerlijke en gelijke regels voor iedereen binnen de horecasector.
▶ De CROW-normen maken onderscheid tussen horeca in het centrum en in het buitengebied op basis van parkeer-kencijfers en verkeersgeneratie. In het centrum gelden doorgaans striktere parkeernormen vanwege beperkte ruimte en hogere druk op bereikbaarheid, terwijl in het buitengebied ruimere parkeereisen worden gehanteerd omdat daar meer fysieke ruimte beschikbaar is. De overige kaders (zoals geluid, brandveiligheid en milieu) vallen buiten de CROW en worden via gemeentelijk beleid of de Omgevingswet geregeld.
▶ Nieuwe horeca moet altijd passen in het landschap. We geven de voorkeur aan het benutten van bestaande bebouwing. Nieuwbouw is mogelijk, maar alleen als deze past bij de omgeving en binnen de beleidskaders.
Elke ontwikkeling moet zorgvuldig worden ingepast in het landschap. Landschappelijke elementen moeten behouden blijven en cultuurhistorische of architectonische waarden mogen niet onnodig worden aangetast. We streven naar een balans tussen het versterken van horeca in het buitengebied, het behoud van voorzieningen in de kernen én het vergroten van ons toeristisch-recreatief aanbod. Zo bouwen we samen aan een levendige, duurzame en gastvrije gemeente.
4.2 Kernen
4.2.1 Kern Asten
Het Programma Centrumontwikkeling – Toekomstbeeld 2040 zet in op een geleidelijke transformatie van het centrum van Asten. Waar het centrum nu vooral functioneert als traditioneel winkelgebied, groeit het de komende jaren uit tot een levendige, veelzijdige bestemming. Winkelen blijft belangrijk, maar wordt aangevuld met horeca, recreatie, evenementen en maatschappelijke voorzieningen. Deze mix versterkt de aantrekkingskracht van het centrum als plek om te wonen, werken, ondernemen en recreëren.
Het centrumgebied ligt binnen de ring van verkeerswegen die het kernwinkelgebied omsluiten: Langstraat, Burgemeester Wijnenstraat, Kerkstraat, Deken Meijerstraat, Emmastraat, Tuinstraat, Logtenstraat en Frits de Bruijnstraat.
Onderstaande gebieden vormen samen het fundament voor de verdere uitbouw van het centrum als levendig hart van Asten.
▶ De Markt: het kloppende hart van Asten met een mix van horeca, retail, dienstverlening en wonen op de verdieping. De Markt is een ideale plek voor grote evenementen;
▶ De Emmastraat: een groene entree naar het centrum;
▶ De Prins Bernhardstraat en Remery Passage;
▶ Het Eeuwig Levenplein: ruimte voor horeca en evenementen;
▶ Winkelcentra ’t Kompas en de Midas: verbinding en vernieuwing tussen twee winkelcentra;
▶ Het Koningsplein: een historische entree naar het centrum met ruimte voor grote evenementen;
▶ Het Burgemeester Ploegmakerspark: ontspanning en ruimte voor kleinschalige evenementen;
▶ Uitbreiding van horeca aan het Floraplein is mogelijk. Volgens de functionele indeling is het een gebied met een functiemix waarbij horeca, met name overdag geopend, is toegestaan.
FIGUUR 2: KAART INDELING GEBIEDEN CENTRUM ASTEN
FIGUUR 3: KAART FUNCTIONELE INDELING CENTRUM
4.2.2 Kernen Heusden en Ommel
Voor de kernen Heusden en Ommel ligt de focus op het behoud van de bestaande horeca Daarnaast willen we zorgen voor voldoende toekomstperspectief, zodat deze ondernemingen zich kunnen ontwikkelen. Daarbij sluiten we aan bij de programmalijn Vitale Kernen, die gericht is op het versterken van de leefbaarheid en economische vitaliteit van de dorpskern.
FIGUUR 4: KERN HEUSDEN
FIGUUR 5: KERN OMMEL
4.2.3 Woongebieden en bedrijventerreinen
Het ontwikkelkader voor horeca in woongebieden maakt ruimte voor horecavormen die de leefbaarheid en het sociale karakter van de wijk versterken. Denk hierbij aan voorzieningen zoals cafetaria’s, koffiebars of lunchrooms waar geen alcohol wordt geschonken. Het doel is om horeca op een verantwoorde manier te integreren in woonwijken, zonder de rust en het woongenot van bewoners te verstoren.
Op bedrijventerreinen sluit horeca aan bij de behoeften van werknemers, bezoekers en bij de dynamiek van het bedrijventerrein zelf. Dit betekent dat horeca op deze locaties functioneel en ondersteunend van aard is.
4.3 Ondergeschikte en route gebonden horeca
4.3.1 Buitengebied
Met inachtneming van het bovenstaande kiezen we ervoor om de ondergeschikte- en routegebonden horeca in de toekomst los te laten. Door middel van een omgevingsvergunning voor een BOPA kunnen horecafuncties worden toegelaten. Hierbij wordt getoetst aan ruimtelijke en milieutechnische aspecten, veiligheid, duurzaamheid, gezondheid en esthetiek. Daarnaast moet worden aangetoond dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Een horecafunctie kan worden toegelaten als zelfstandige functie of als zelfstandige functie naast een andere functie. Hierbij gaat het dan meer om een combinatie horeca met een andere functie dan om horeca als ondergeschikte functie. In dit geval gelden er meerdere functies voor dezelfde locatie, iets wat onder de Omgevingswet mogelijk is en ervoor zorgt dat functies flexibeler toegepast kunnen worden om zo in te spelen op lokale omstandigheden en initiatieven.
4.3.2 Kernen
Ondergeschikte horeca in de kernen is toepasbaar, zoals bijvoorbeeld bij het Museum en gemeenschapshuis ’t Kwartier. Net als bij het buitengebied worden horecafuncties toegelaten op bepaalde locaties, zodat er maatwerk kan worden toegepast.
4.4 Paracommerciële instellingen
4.4.1 Sportverenigingen
Sportverenigingen mogen geen bijeenkomsten van persoonlijke aard organiseren, met uitzondering van de activiteiten genoemd in tabel 2. Dit verbod is ingesteld om te voorkomen dat sportverenigingen concurreren met commerciële horeca.
De verbodsbepaling in artikel 14, tweede en derde lid, van de Alcoholwet staat in beginsel buitenschoolse opvang van kinderen in een sportkantine niet toe. Dit zou wel mogelijk zijn als het zou gaan om een afzonderlijke lokaliteit (gebouw).
Sportverenigingen mogen hun gebouw alleen verhuren aan derden als het gaat om eenzelfde soort sportvereniging (Jeu de boules doet dit bijvoorbeeld). Het is niet toegestaan om ruimtes te verhuren voor bruiloften, feesten of andere bijeenkomsten van persoonlijke aard. De gemeente Asten wil het toch mogelijk maken om een sportkantine te verhuren aan naschoolse kinderopvang. Met het horecabeleid Asten 2026 wil de gemeente Asten vooruitlopen op landelijke ontwikkelingen rondom de Alcoholwet. Daarnaast wil de gemeente hiermee een oplossing bieden voor het lokale tekort aan beschikbare ruimtes voor maatschappelijke doeleinden. Ook vindt gemeente Asten dat het hebben van naschoolse opvang bij een sportvereniging een positieve invloed heeft op de kinderen. De kinderen kunnen op deze manier laagdrempelig kennis maken met diverse sporten.
Omdat er op dit moment nog wel sprake is van een strijdigheid met de Alcoholwet zal vanuit het college onderzocht worden of het mogelijk is het horecagedeelte af te scheiden van de rest van de sportkantine. Ook zal het verboden zijn om alcohol te schenken tijdens activiteiten van de naschoolse opvang (zie tabel 6).
4.4.2 Sociaal-culturele instellingen en gemeenschapshuizen
Soosgebouwen/scouting/kansplus/theater
Sociaal-culturele instellingen zoals soosgebouwen mogen activiteiten organiseren die net als bij sportverenigingen zijn in tabel 2 opgenomen. Zij mogen geen bijeenkomsten van persoonlijke aard organiseren, met uitzondering van de activiteiten genoemd in tabel 2.
Gemeenschapshuizen
Alcoholwet
Als een gemeenschapshuis wordt geëxploiteerd door een stichting of vereniging, dan geldt het als paracommerciële instelling en valt het onder dezelfde regels als sociaal-culturele instellingen Dit geldt voor Hart van Heuze en De Kluis).
Wordt het geëxploiteerd door een commerciële onderneming, dan is het géén paracommerciële instelling en gelden de regels voor natte horeca. Dit geldt voor ’t Kwartier.
Koffietafels en condoleancebijeenkomsten bij de gemeenschapshuizen
De gemeente Asten wil ten aanzien van het organiseren van koffietafels en condoleancebijeenkomsten bij de gemeenschapshuizen uniformiteit. De gemeenschapshuizen in onze gemeenten hebben een belangrijke sociale functie, een huiskamer die de sociale cohesie in de gemeenschap versterkt. De gemeente Asten wil daarom dat het mogelijk wordt om koffietafels en condoleancebijeenkomsten te organiseren, mits er commerciële prijzen worden gehanteerd. Omdat hier sprake is van een strijdigheid met artikel 4, derde lid, aanhef en onder b, van de Alcoholwet moet hiervoor het gemeenschapshuis Hart van Heuze en de Kluis bij de burgemeester een ontheffing worden gevraagd. Artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet biedt deze mogelijkheid.
Gemeenschapshuis het Kwartier is geen paracommerciële instelling en wordt aangemerkt als natte horeca. Een koffietafel of condoleance zou daarom zonder meer zijn toegestaan ware het niet dat in de huurovereenkomst die met de gemeente gesloten is, is opgenomen dat het houden van koffietafels en condoleance bijeenkomsten niet is toegestaan. De huurovereenkomst zal hierop moeten worden aangepast.
4.4.3 Sluitingstijden
Op 9 februari 2019 heeft de gemeente Asten een pilotconvenant gesloten met Koninklijk Horeca Nederland, afdeling Asten en politie. Hierin stond dat de sluitingstijden van ‘natte’ horeca met een uur verruimd zou worden.
Op basis van dit convenant worden in dit beleid de nieuwe sluitingstijden voor de ‘natte’ horeca opgenomen. Hierdoor moeten horecabedrijven op vrijdag- en zaterdagavonden, evenals tijdens collectieve bijzondere dagen, vanaf 03.00 uur gesloten zijn in plaats van 02.00 uur. Vanaf de genoemde sluitingstijden mogen er geen bedrijfsactiviteiten meer plaatsvinden.
Deze wijziging zal worden opgenomen in artikel 2:29, eerste en tweede lid, van de APV Asten 2017.
TABEL 3: OVERZICHT REGULIERE SLUITINGSTIJDEN
Dagen
Natte horeca
Droge horeca
Zondag op maandag
01.00 uur
02.00 uur
Maandag op dinsdag
01.00 uur
02.00 uur
Dinsdag op woensdag
01.00 uur
02.00 uur
Woensdag op donderdag
01.00 uur
02.00 uur
Donderdag op vrijdag
01.00 uur
02.00 uur
Vrijdag op zaterdag
03.00 uur
03.00 uur
Zaterdag op zondag
03.00 uur
03.00 uur
In tabel 4 staan de sluitingstijden voor de collectieve, bijzondere dagen. Hemelvaartsdag is als extra dag aangewezen in het horecabeleid Asten 2026. Met betrekking tot de dagen waarop de klok wordt verzet gelden de officiële tijden.
TABEL 4: OVERZICHT SLUITINGSTIJDEN BIJZONDERE DAGEN
Dagen
Natte horeca
Droge horeca
Carnaval Zondag op maandag maandag op dinsdag
03.00 uur
03.00 uur
Kermissen zondag op maandag maandag op dinsdag
03.00 uur
03.00 uur
Zomeravondactiviteiten 5 dagen in juli/augustus
03.00 uur
03.00 uur
Koningsnacht van 26 op 27 april
03.00 uur
03.00 uur
Hemelvaartsdag
03.00 uur
03.00 uur
Feestdagen:
▶ 1e op 2e Kerstdag
▶ 1e op 2e Paasdag
▶ 1e op 2e Pinksterdag
▶ Koningsdag
03.00 uur
03.00 uur
Sluitingstijden sportverenigingen
In tabel 5 zijn de sluitingstijden van de sportverenigingen opgenomen. Gekozen is voor uniforme sluitingstijden geldend voor alle sportverenigingen. Op basis van uniformiteit is beter te handhaven. Sportverenigingen mogen vanzelfsprekend ook eerder sluiten.
TABEL 5: OVERZICHT SLUITINGSTIJDEN SPORTVERENIGINGEN
Dagen
Eindtijden
Maandag
01.00 uur
Dinsdag
01.00 uur
Woensdag
01.00 uur
Donderdag
01.00 uur
Vrijdag
01.00 uur
Zaterdag
01.00 uur
Zondag
01.00 uur
Voor bijzondere situaties kunnen sportverenigingen 10x per jaar een ontheffing sluitingstijd aanvragen per vereniging.
4.4.4 Schenktijden sportverenigingen
Het beperken van schenktijden bij sportverenigingen is een manier om de gezondheid van leden te bevorderen, jongeren te beschermen, overlast te verminderen en concurrentie met commerciële horeca te voorkomen. Daarmee sluit het beleid aan bij de maatschappelijke rol van sportverenigingen en de kaders van de Alcoholwet. Indien een sportkantine ook wordt gebruikt als naschoolse opvang zijn de schenktijden anders en mag er geen alcohol geschonken worden tijdens de naschoolse activiteiten.
TABEL 6: OVERZICHT SCHENKTIJDEN SPORTVERENIGINGEN
Dagen
Sportverenigingen
Maandag
12.00*- 01.00 uur
Dinsdag
12.00*- 01.00 uur
Woensdag
12.00*- 01.00 uur
Donderdag
12.00*- 01.00 uur
Vrijdag
12.00*- 01.00 uur
Zaterdag
12.00 - 01.00 uur
Zondag
11.00** - 01.00 uur
*Wanneer een locatie verhuurd is aan derden, waarbij minderjarigen aanwezig zijn, mag er pas alcohol worden geschonken nadat deze activiteit is beëindigd.
** In verband met seniorenwedstrijden die eerder dan 12.00 uur zijn afgelopen geldt hier een uitzondering van schenktijd vanaf 11.00 uur.
4.4.5 Schenktijden overige paracommerciële instellingen
Voor overige paracommerciële instellingen met een sociaal-cultureel karakter gelden specifieke regels voor het schenken van alcohol. Zij verstrekken uitsluitend alcoholhoudende drank gedurende de periode beginnende met 1 uur voor aanvang en eindigende met 1 uur na beëindiging van de georganiseerde activiteiten. Deze vallen binnen de statutaire doelen c.q. de toegestane activiteiten van de desbetreffende paracommerciële rechtspersoon
TABEL 7: OVERZICHT SCHENKTIJDEN PARACOMMERCIËLE INSTELLINGEN
Dagen
Soosgebouwen
Gemeenschapshuizen
Maandag t/m zondag
1uur voor en 1 uur na de laatste activiteit
1uur voor en 1 uur na de laatste activiteit
Hoofdstuk 5. Maatschappelijke aspecten
5.1 Alcohol en drugs
5.1.1 JOGG Aanpak
Via de JOGG-aanpak (Jongeren Op Gezond Gewicht) werkt de gemeente Asten onder andere aan de leefstijltransitie middelengebruik. Hierbij ligt de focus op preventie.
5.1.2 Skip die Trip
Via het project ‘Skip die trip’ werkt de gemeente Asten samen met tweeëndertig andere gemeenten aan het denormaliseren van drugsgebruik. Skip die trip biedt horecaondernemers handvaten om bij te dragen aan de preventie van drugsgebruik en het stimuleren van gezonde keuzes. Zo is er bijvoorbeeld aandacht voor een gedegen drugsbeleid bij evenementen en festivals, ondersteund door een leidraad en een gerichte communicatiecampagne naar festivalbezoekers.
Hoofdstuk 6. Toezicht en handhaving
6.1 Toezichtsmodel ’high trust - high penalty’
6.1.1 Basisniveau
Dit niveau kenmerkt zicht door weinig tot geen meldingen, incidenten over of overtredingen van wet- en regelgeving en vergunningsvoorwaarden. Er is een grote mate van vertrouwen in de exploitant, waarbij het uitgangspunt is dat de horecagelegenheid zelf zorgdraagt voor naleving van wet- en regelgeving en vergunningsvoorwaarden en voorschriften. In beginsel wordt niet op basisniveau gecontroleerd, maar kan in incidentele gevallen toch voorkomen.
6.1.2 Middelniveau
Bij dit niveau is er sprake van enkele meldingen van partners, omwonenden, bedrijven en/of andere belanghebbenden. Ook kan het gaan om een enkel incident of overtreding van wet- en regelgeving en vergunningsvoorwaarden en voorschriften. Vanuit het oogpunt van beheersbaarheid van het woon- en leefklimaat en bescherming van de openbare orde en veiligheid vindt vaker toezicht plaats dan bij het basisniveau.
6.1.3 Aandachtsniveau
Bij dit niveau is sprake van meerdere (overlast)meldingen of overtreding van wet- en regelgeving en vergunningsvoorwaarden, waardoor er frequent toezicht plaatsvindt. De frequentie van toezicht is afhankelijk van het naleefgedrag en de ernst van de overtreding.
Deze aanpak stelt de gemeente in staat om flexibel toezicht te houden, afhankelijk van het gedrag en de omstandigheden van horecagelegenheden.