Gemeentelijke regelgeving

Coffeeshopbeleid Apeldoorn 2025

Gemeente Apeldoorn · geldt sinds 23 juli 2025

Aanhef

De burgemeester van de gemeente Apeldoorn,

gelezen het voorstel van 12/05/2025

overwegende dat,

het gewenst is om beleidsregels vast te stellen naar aanleiding van de actualisatie van het coffeeshopbeleid,

gehoord de driehoek op 12 februari 2024;

besproken met coffeeshophouders op 6 mei 2024;

toegelicht aan het college op 28 mei 2024

besproken op de PMA op 28 maart 2024

besproken op de PMA van 12 september 2024;

raadsbesluit op 19 september 2024;

inzageperiode van zes weken oktober/november 2024

besproken op de PMA van 8 mei 2025;

gehoord de driehoek op 23 juni 2025;

gelet op de artikelen 4:81, eerste lid, 4:83 en 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 13b van de Opiumwet, de Aanwijzing Opiumwet, artikel 174 van de Gemeentewet, artikel 2:33A e.v. van de Algemene Plaatselijke Verordening.

gelet op de Beleidsregel gedoogverklaring nieuwe coffeeshops Apeldoorn 2025.

besluit vast te stellen de volgende beleidsregel: Coffeeshopbeleid Apeldoorn 2025

5. Beleidsregels

Artikel 1. Coffeeshops

1Een coffeeshop is een alcoholvrij horecabedrijf waar de verstrekking en het gebruik van softdrugs kan plaatsvinden.

2De burgemeester gedoogt deze bedrijfsvoering als de exploitant beschikt over een gedoogverklaring zoals bepaald in artikel 4.

Artikel 2. Maximumstelsel

1In Apeldoorn worden maximaal vijf gedoogverklaringen verstrekt.

2Een gedoogverklaring, zoals bedoeld in artikel 4, kan alleen worden verleend aan bestaande coffeeshophouders, tenzij er ruimte vrijvalt voor een gedoogverklaring binnen het maximumstelstel van vijf coffeeshops.

3Verdeling van een vrijgekomen gedoogverklaring vindt plaats overeenkomstig het bepaalde in de, bij dit beleid behorende, beleidsregel gedoogverklaring nieuwe coffeeshops 2025.

Artikel 3. Vergunning alcoholvrij bedrijf

Het exploiteren van een coffeeshop is niet toegestaan zonder een vergunning alcoholvrij bedrijf.

Artikel 4. Gedoogverklaring (AHOJGI en aanvullende criteria, indieningsvereisten, weigeringsgronden)

1Voor het exploiteren van een coffeeshop is naast een vergunning alcoholvrij bedrijf een gedoogverklaring vereist.

2De gedoogverklaring wordt voor een periode van vijf jaar verstrekt. De gedoogverklaring is persoonsgebonden, locatiegebonden, niet overdraagbaar en wordt enkel aan natuurlijke personen verstrekt en dus niet aan rechtspersonen. Alleen aan rechtspersonen aan wie ten tijde van de inwerkingtreding van deze beleidsregel reeds een gedoogverklaring was verleend, kan deze gedoogverklaring onder de in deze beleidsregels gestelde voorwaarden opnieuw worden verleend mits de natuurlijke persoon die op de gedoogverklaring staat genoemd niet wijzigt.

3Aan de gedoogverklaring worden nadere voorwaarden verbonden, waaronder ten minste de AHOJGI-criteria. Ook kunnen aanvullende voorwaarden worden verbonden die toezien op het omgevingsbeheer (overlast), beveiliging, administratieve verantwoording en op medewerking aan het verlenen van informatie over risico's van middelengebruik.

4De AHOJGI-criteria genoemd in het derde lid zijn:

A) geen affichering

Reclame, anders dan een summiere aanduiding op de betreffende lokaliteit, is verboden.

H) geen harddrugs

Er mogen geen harddrugs voorhanden zijn en/of verkocht worden.

O) geen overlast

De exploitatie van de coffeeshop mag geen overlast veroorzaken.

J) geen jeugdigen

1Het is verboden om personen onder de 18 jaar toe te laten in een coffeeshop

2Het is verboden om softdrugs te verkopen aan personen onder de 18 jaar.

G) geen grote hoeveelheden

1Het is verboden om per transactie meer dan 5 gram te verkopen.

2Het is verboden om een handelsvoorraad van meer dan 500 gram softdrugs in de coffeeshop aanwezig te hebben.

I) geen verkoop aan niet ingezetenen

Het is verboden om toegang te verlenen en softdrugs te verkopen aan anderen dan ingezetenen van Nederland.

5De aanvullende criteria genoemd in het derde lid zijn in ieder geval:

▪ In de coffeeshop wordt geen alcoholhoudende drank verstrekt of gebruikt;

▪ De coffeeshop is vrij toegankelijk voor ingezetenen van Nederland van 18 jaar en ouder;

▪ De exploitant van de coffeeshop voert bij zijn huisreglement een legitimatieplicht voor bezoekers in en houdt deze in stand. Bij overtreding van het huisreglement dient de toegang tot de coffeeshop te worden geweigerd. De exploitant dient, als onderdeel van het zogenaamde O-criterium, toe te zien op de naleving van deze gedragsregels door zijn klanten. Op zijn minst in een straal van 25 meter rondom de coffeeshop. Het huisreglement bevat in ieder geval de volgende gedragsregels:

▪ niet foutief of dubbel parkeren in de nabije omgeving van de zaak;

▪ geen lawaai / overlast in de vorm van muziek of ander luidruchtig gedrag;

▪ het trottoir niet blokkeren met rijwiel of scooter;

▪ geen afval afkomstig van de coffeeshop (wietzakjes) op straat;

▪ geen andere vorm van hinderlijk gedrag.

▪ De coffeeshop heeft naar buiten toe een ‘open karakter’, dus geen geblindeerde ramen etc. Evenals de vrije toegankelijkheid vergroot dit voorschrift de handhaafbaarheid en voorkomt het dat controlerende en toezichthoudende taken worden belemmerd. Daarnaast voorkomt het dat bij omwonenden en passanten argwaan wordt gewekt over de exploitatie;

▪ Softdrugs mogen niet gratis worden verstrekt en moeten direct worden afgerekend. Een prijslijst moet duidelijk zichtbaar voor het publiek in de inrichting aanwezig zijn;

▪ De exploitant zorgt voor een adequate voorlichting met betrekking tot het gebruik van softdrugs aan bezoekers. Voorlichtingsmateriaal moet doorlopend op monitors gepresenteerd worden en via folders bij de kassa beschikbaar zijn. Tevens moet het voor straathoekwerkers / preventiemedewerkers altijd mogelijk zijn de coffeeshop te betreden om met bezoekers en personeel in gesprek te gaan;

▪ De exploitant zorgt iedere twee jaar voor een agressietraining en een training over softdrugs en verslaving voor zijn personeel. In de training over softdrugs en verslaving staat het informeren van bezoekers over middelenmisbruik, gezondheidsrisico’s en het signaleren en melden van problematisch gebruik centraal. De gemeente Apeldoorn houdt een register bij van medewerkers van coffeeshops die deze trainingen hebben gevolgd;

▪ De coffeeshop mag maximaal van maandag tot en met vrijdag tot 01.00 uur geopend zijn en op zaterdag en zondag tot maximaal 02.00 uur. Coffeeshophouders komen niet in aanmerking voor een verlenging van de openingstijden. De burgemeester kan op grond van specifieke omstandigheden (bijvoorbeeld het tegengaan van overlast in de woonomgeving) besluiten andere openingstijden in te stellen voor de coffeeshop;

▪ De coffeeshop mag geen terras hebben. Dit verbod is aanvullend op de affichering uit de AHOJGI-criteria. Daarnaast kan met het verbod op terrassen worden voorkomen dat de handel zich eenvoudig en oncontroleerbaar verplaatst naar de straat.

▪ Loketverkoop vanuit de coffeeshop - aan de buitenzijde van het pand – en ‘bezorgservice’ vanuit de coffeeshop is niet toegestaan.

6Voor een gedoogverklaring gelden indieningsvereisten. De aanvrager dient de gedoogverklaring aan te vragen onder overlegging van in ieder geval de volgende gegevens:

a) De personalia van de aanvrager tevens ondernemer en de naam, het woonadres en de geboortedatum van de ondernemer en de leidinggevenden en een kopie van een identiteitsbewijs. Ondernemer en leidinggevenden zijn minimaal 21 jaar;

b) een verklaring omtrent het gedrag van de ondernemer/aanvrager en leidinggevenden. Deze mag niet ouder zijn dan twee maanden;

c) Een bewijs van inschrijving bij de Kamer van Koophandel met het inschrijfnummer bij de Kamer van Koophandel;

d) Een ingevulde Bibob-vragenlijst vergunningen (waaronder de verklaring betalingsgedrag belastingdienst die niet ouder dan twee maanden mag zijn);

e) De aanvraag alcoholvrij bedrijf;

f) Een bewijs waaruit blijkt dat de ondernemer en leidinggevenden aantoonbaar deskundig zijn op het gebied van problematisch drugsgebruik en drugsverslaving, afgegeven door een verslavingszorginstelling;

g) Het Ondernemingsplan waarin ten minste beschreven staat:

▪ Een uitgebreide motivatie om een coffeeshop te exploiteren;

▪ Het bedrijfsconcept, de omvang van de totale inrichting, blijkend uit een voorlopig ontwerp. In deze omschrijving moet ook de gekozen locatie worden toegelicht (adres en kadastrale gegevens van de beoogde locatie en het bewijs dat de aanvrager kan beschikken over de beoogde locatie voor de coffeeshop);

▪ Een beschrijving van het aanbod van producten in de coffeeshop en hoe de kwaliteit ervan te waarborgen;

▪ De persoonsgegevens van en bewijsstukken over de kennis en ervaring in de coffeeshopbranche van de aanvrager en leidinggevenden;

▪ De financiële haalbaarheid van de exploitatie. Duidelijk moet zijn welk bedrag met de totale investering voor de beoogde exploitatie van de coffeeshop is gemoeid. Er is bewijs dat dit met voldoende zekerheden is afgedekt met een externe financiering, dan wel uit eigen middelen;

h) Het Plan ‘AHOJGI en aanvullende criteria’ waarin tenminste beschreven staat en schriftelijk is toegelicht:

▪ Op welke manier en met welke concrete maatregelen de aanvrager gaat voorzien in de naleving van de AHOJGI-criteria en de aanvullende criteria en hoe deze bijdragen aan de doelstellingen uit het coffeeshopbeleid;

▪ Een bereikbaarheids- en parkeeranalyse van de te vestigen en/of bestaande coffeeshop en hoe verkeers- en parkeeroverlast te voorkomen;

▪ De vertaling van het bovenstaande naar huisregels (voor zover mogelijk) en hoe deze te handhaven.

i) Het Preventieplan verslaving waarin ten minste beschreven staat wat de aanvrager gaat doen om risicovol en problematisch gebruik en verslaving te voorkomen en te bestrijden. Hierbij moeten de volgende aspecten aan bod komen;

▪ De legitimatieplicht van bezoekers en de minimale leeftijd van 18 jaar;

▪ De monitoring van het gebruik door bezoekers;

▪ De wijze waarop het personeel wordt opgeleid en getraind in het bij personen signaleren van het ontwikkelen van verslaving en het omgaan met agressie;

▪ Het ontwikkelen van communicatievaardigheden voor de omgang met mensen met beginnende verschijnselen van verslaving;

▪ De wijze waarop bezoekers (online en fysiek) voorlichtingsmateriaal over verslaving in de coffeeshop kunnen verkrijgen;

▪ De communicatie met verslavingszorg ter voorkoming en bestrijding van verslaving;

▪ De wijze waarop vorm wordt gegeven aan het periodiek afstemmen met verslavingszorg om de kennis en vaardigheden van personeel op het gebied van verslaving te actualiseren;

j) Het Communicatieplan waarin tenminste beschreven staat op welke manier de aanvrager zelf in contact treedt dan wel benaderbaar is voor gemeente, omwonenden, omliggende bedrijven etc. over mogelijke zorgen en klachten die verband houden met de exploitatie van de coffeeshop.

Meer informatie over deze plannen van aanpak staan vermeld in de beleidsregel gedoogverklaring nieuwe coffeeshops 2025.

7De volgende weigeringsgronden zijn van toepassing, een gedoogverklaring wordt geweigerd indien en/of:

a) Het maximaal aantal af te geven gedoogverklaringen is verleend;

b) De ondernemer en/of de leidinggevende van de coffeeshop in enig opzicht van slecht levensgedrag is (uitleg en toepassing op grond van artikel 8 Alcoholwet);

c) De aanvraag niet voldoet aan de indieningsvereisten uit artikel 4, lid 6;

d) De aanvraag niet voldoet aan de locatiecriteria uit artikel 7;

e) De ondernemer geen natuurlijk persoon is;

f) Een eerdere gedoogverklaring is ingetrokken en dit besluit met een beslissing op bezwaar is gehandhaafd;

g) De ondernemer en/of leidinggevende direct of indirect belangen heeft/hebben in of verbonden zijn aan coffeeshops die zijn gevestigd in de gemeente Apeldoorn niet zijnde de coffeeshop waarvoor de gedoogverklaring wordt aangevraagd. Van verbondenheid is in elk geval, doch niet uitsluitend sprake:

▪ indien (beoogde) ondernemer en/of leidinggevende, zijn levenspartner of familieleden tot en met de tweede graad een andere coffeeshop binnen de grenzen van de gemeente Apeldoorn in eigendom heeft/hebben/of exploiteert/exploiteren;

▪ indien (beoogde) ondernemer en/of leidinggevende een arbeidsrelatie heeft met een coffeeshop binnen de gemeente Apeldoorn;

▪ indien (beoogde) ondernemer en/of leidinggevende aandelen bezit van een coffeeshop binnen de gemeente Apeldoorn die – vanuit het verleden - nog onder de rechtspersoonlijkheid van besloten dan wel naamloze vennootschap wordt gedreven;

▪ indien (beoogde) ondernemers en/of leidinggevende een lening, daaronder begrepen een achtergestelde lening of garantstelling heeft verstrekt aan of afgesloten bij een onderneming die binnen de gemeente Apeldoorn een coffeeshop exploiteert of bij de natuurlijke personen die aan deze coffeeshop zijn verbonden;

h) Een aanvraag voor een gedoogverklaring voor nieuwe coffeeshops niet binnen 6 weken, gerekend vanaf de in de ‘bekendmaking vrijkomen gedoogverklaring’ genoemde datum, door de gemeente is ontvangen. Zie artikel 2 van de beleidsregel gedoogverklaring nieuwe coffeeshops 2025.

Artikel 5. Wijziging leidinggevende

Indien een ondernemer een nieuwe leidinggevende wil opvoeren, dient deze een wijziging op de gedoogverklaring en vergunning alcoholvrij bedrijf in te dienen.

Artikel 6. Wisseling van ondernemer, zeggenschap en overname

1Indien een ondernemer de exploitatie van zijn coffeeshop beëindigt, vervalt de gedoogverklaring van rechtswege.

2Ingeval de gedoogverklaring in het verleden is verleend aan een rechtspersoon, dan vervalt de gedoogverklaring van rechtswege zodra de zeggenschap in deze rechtspersoon wijzigt.

3In het geval beëindiging van de gedoogverklaring het gevolg is van het overlijden van een ondernemer, vervalt de gedoogverklaring van rechtswege.

4Een overname van een bestaande coffeeshop geldt als een nieuwe vestiging waarop de locatiecriteria uit artikel 7 en de beleidsregel gedoogverklaring nieuwe coffeeshops 2025 van toepassing zijn. Bij een overname vervalt dus de overgangsbepaling dat artikel 7 niet van toepassing is op bestaande coffeeshops.

5Indien de gedoogverklaring ingevolge het eerste, tweede en derde lid vervalt of wordt ingetrokken, bepaalt de burgemeester of en wanneer de procedure zoals omschreven in de beleidsregel gedoogverklaring nieuwe coffeeshops 2025 in werking treedt.

Artikel 7. Locatiecriteria

1Coffeeshops kunnen binnen de bebouwde kom van het stedelijk gebied van Apeldoorn gevestigd worden. Twee daarvan in de binnenstad van Apeldoorn (wijk Centrum)

6Hierbij is aansluiting gezocht bij de grenzen van wijken zoals gehanteerd door het CBS. De wijk centrum bestaat uit twee buurten: Binnenstad en De Haven. https://apeldoorn.incijfers.nl/dashboard/apeldoorn-in-cijfers/bestuur

en drie in de overige delen van de bebouwde kom van het stedelijk gebied van de stad Apeldoorn. Een ondernemer die een coffeeshop wil exploiteren is zelf verantwoordelijk voor het aandragen van een geschikte locatie. Bij het zoeken naar geschikte locaties moeten onderstaande criteria in acht worden genomen:

a) Afstand tot scholen en jongerencentra

De coffeeshop mag niet gelegen zijn binnen een afstand van 300 meter van scholen voor voortgezet onderwijs (praktijkonderwijs, vmbo, havo en vwo) of middelbaar beroepsonderwijs voor scholieren jonger dan 18 jaar. Het afstandscriterium geldt eveneens voor jongerencentra die zich hoofdzakelijk richten op een publiek vanaf 15 jaar en ouder. Het afstandscriterium geldt over de kortste loopafstand over de openbare weg tussen de hoofdingang van de coffeeshop en de hoofdingang van de school/jongerencentrum. Voor basisscholen geldt geen afstandscriterium. Coffeeshops mogen zich echter niet in de directe nabijheid en/of in het zicht van basisscholen vestigen.

b) Afstand tot daklozen -en of verslaafdenopvang, crisisopvang, en opvanglocaties voor vluchtelingen

De coffeeshop mag niet gelegen zijn binnen een afstand van 300 meter van een daklozen- en of verslaafdenopvang, crisisopvanglocaties en opvanglocaties voor vluchtelingen etc. Het afstandscriterium geldt over de kortste loopafstand over de openbare weg tussen de coffeeshops en de hoofdingang van voornoemde locaties. Indien een locatie op een instellingsterrein gevestigd is, wordt het begin van het terrein dan wel de poort of het toegangshek aangehouden.

c) Afstand tot andere coffeeshops

De coffeeshop mag niet gelegen zijn binnen een afstand van 300 meter van een andere coffeeshop. Hiermee wordt (ongewenste) concentratie van coffeeshops voorkomen. Het afstandscriterium geldt over de kortste loopafstand over de openbare weg tussen de coffeeshops, gemeten van hoofdingang tot hoofdingang.

d) Woonstraten en bedrijventerreinen

Geen coffeeshop wordt gedoogd in een straat, dan wel een duidelijk herkenbaar afzonderlijk gedeelte daarvan, waaraan bebouwing ligt die in hoofdzaak dient voor bewoning. Dit criterium heeft een rechtstreekse relatie met de meest voorkomende hinder vanuit coffeeshops voor omwonenden: hinder door verkeer, parkeren en rondhangende bezoekers. Bij een acceptabele vestigingslocatie kan gedacht worden aan een locatie in een (deel van een) straat, of een bouwblok daarbinnen, waar de bebouwing op de begane grond voor meer dan 50% bestaat uit bedrijvigheid (denk bijvoorbeeld aan detailhandel en horeca). Op bedrijventerreinen worden geen coffeeshops toegestaan.

e) Woon- en leefklimaat en/of openbare orde

Een gedoogverklaring wordt geweigerd als naar het oordeel van de burgemeester moet worden aangenomen dat het woon- en leefklimaat en/of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de coffeeshop.

f) Verkeer en parkeren

Ter voorkoming van verhoogde parkeerdruk kunnen in de vergunning en gedoogverklaring (vanwege het O-criterium) eisen worden gesteld aan de beschikbare parkeerruimte in de omgeving van de coffeeshop. Een coffeeshop wordt daarbij voor de normering gelijkgesteld aan de parkeernorm voor een café/ bar/ cafetaria. Deze parkeernorm wordt berekend op de wijze zoals toegepast bij aanvraag van een omgevingsvergunning. Voor locaties die met de auto bereikbaar zijn, moet naast ruimte voor parkeren, de locatie geschikt zijn voor de bezoekers die met de auto de coffeeshop kortdurend bezoeken. Dit houdt in dat auto’s bij kortdurend bezoek in voldoende mate de ruimte hebben om stil te staan in de directe nabijheid van de locatie. Dit moet voor het overige verkeer veilig kunnen plaatsvinden.

g) Omgevingsplan

7Voorheen bestemmingsplan

Het geldende omgevingsplan moet de functie horeca op de betreffende locatie toestaan. Indien een gedoogverklaring is verleend en tevens een omgevingsvergunning noodzakelijk is om het gebruik teneinde de functie horeca mogelijk te maken, mag van de gedoogverklaring op basis van dit beleid geen gebruik worden gemaakt totdat de omgevingsvergunning is verleend.

h) Voetgangersgebied binnenstad

De coffeeshop mag niet gelegen zijn binnen het voetgangersgebied van de binnenstad van de stad Apeldoorn. Dit criterium dient ter voorkoming van hinder door verkeer en parkeren in het voetgangersgebied.

Artikel 8. Handhaving

Coffeeshops worden jaarlijks (één of meerdere malen) gecontroleerd, zowel regulier als naar aanleiding van signalen of meldingen. Het aantal reguliere controles is voor iedere coffeeshop gelijk. Naar aanleiding van signalen of meldingen kunnen aanvullende controles bij één of meer coffeeshops plaatsvinden. Overtredingen van de gedoogcriteria uit dit coffeeshopbeleid worden beëindigd conform het handhavingsarrangement in bijlage 1.

Artikel 9. Overgangsbepalingen

1Reeds onder het coffeeshopbeleid 2013 verleende vergunningen alcoholvrij bedrijf in combinatie met gedoogverklaringen worden aangemerkt als vergunningen alcoholvrij bedrijf en gedoogverklaringen op grond van deze beleidsregels.

2Voor zover coffeeshops nog over een verleende vergunning alcoholvrij bedrijf in combinatie met een gedoogverklaring voor onbepaalde tijd beschikken, geldt een overgangsperiode van drie jaar vanaf de datum van inwerkingtreding van dit beleid.

3Het bepaalde in artikel 4, lid 2, ten aanzien van natuurlijke personen, geldt niet voor bestaande coffeeshops die al voor de inwerkingtreding van het coffeeshopbeleid Apeldoorn 2025 een gedoogverklaring hadden voor niet-natuurlijke personen en rechtspersonen.

4Het bepaalde in artikel 4, lid 6, onder a geldt niet voor huidige ondernemers en leidinggevenden van coffeeshops.

5Bij het opnieuw aanvragen van de gedoogverklaring dienen ook de huidige coffeeshops de plannen of de updates daarvan in te dienen conform artikel 4, lid 6, onder f (met uitzondering van het bepaalde over motivatie en financiële haalbaarheid), g, h (met uitzondering van het bepaalde over bereikbaarheids- en parkeeranalyse voor reeds bestaande coffeeshops gevestigd in het voetgangersgebied van het centrum van Apeldoorn), i en j.

6Het bepaalde in artikel 7 is niet van toepassing op de bestaande coffeeshops.

7Indien de burgemeester besluit de gedoogverklaring van een coffeeshop definitief in te trekken en dit besluit is onherroepelijk, dan wordt de coffeeshop niet meer beschouwd als een reeds gevestigde coffeeshop. De exploitant kan in de toekomst geen nieuwe aanvraag gedoogverklaring meer indienen.

8De beoordelingssystematiek zoals beschreven in artikel 3 en 4 van de Beleidsregel gedoogverklaring nieuwe coffeeshops 2025 is niet van toepassing op de in te dienen plannen of updates ervan zoals vereist conform artikel 4, lid 6, onder f, g, h, i en j Coffeeshopbeleid 2025.

Artikel 10. Citeertitel

Deze beleidsregel kan worden aangehaald als: Coffeeshopbeleid Apeldoorn 2025

Artikel 11. Bekendmaking

Deze beleidsregel zal worden bekendgemaakt door plaatsing in het Gemeenteblad en publicatie op overheid.nl.

Artikel 12. Inwerkingtreding

1Deze beleidsregel treedt in werking op de eerste dag na de datum van bekendmaking.

2Met de inwerkingtreding van deze beleidsregel vervalt het Coffeeshopbeleid 2013 en de Beleidsregel overgangsregeling gedoogverklaringen coffeeshops Apeldoorn 2019.

Bijlage 1 Handhavingsarrangement

Feit

Maatregel

Reclame maken / Niet toegestane vorm van Affichering door de coffeeshop (AHOJGI-criterium).

1ste constatering:

Last onder dwangsom

€2.500-€5.000 per geconstateerde overtreding met een maximum van 3 overtredingen.

Eerstvolgende constatering na maximum verbeuring last onder dwangsom:

Sluiting voor drie maanden

3econstatering:

Intrekken gedoogverklaring

Verkoop, aflevering of verstrekking (dan wel aanwezigheid daartoe) van Harddrugs in de coffeeshop (AHOJGI-criterium).

1steconstatering:

Intrekken gedoogverklaring. Een belangrijk uitgangspunt van het coffeeshopbeleid is de scheiding van de markten van soft- en harddrugs. Wanneer harddrugs worden aangetroffen in een coffeeshop zijn de volksgezondheid en de openbare orde per definitie in het geding.

Overlast door de coffeeshop; parkeeroverlast rond de coffeeshop, geluidhinder, vervuiling en/of voor of nabij de coffeeshop rondhangende klanten

(AHOJGI-criterium).

1steconstatering:

bestuurlijke waarschuwing (evt. met voorstellen tot verbetering van de situatie).

2econstatering:

beperking van de openingstijden van de coffeeshop (indien overlast zich in bepaalde uren manifesteert), dan wel sluiting voor drie maanden.

3econstatering:

Intrekken gedoogverklaring.

Aanwezigheid van een Jeugdige (= persoon jonger dan 18 jaar) in de coffeeshop (AHOJGI-criterium).

1ste constatering:

bestuurlijke waarschuwing.

2econstatering:

sluiting voor drie maanden.

3econstatering:

Intrekken gedoogverklaring. Een coffeeshop mag niet toegankelijk zijn voor en niet verkopen aan jeugdigen (leeftijdsgrens 18 jaar). De exploitant dient vast te stellen dat degene aan wie hij toegang verleent en degene aan wie hij verkoopt, meerderjarig is. Het tonen van een geldig identiteitsbewijs is een instrument waarmee de exploitant dit kan vaststellen.

Feit

Maatregel

Verkoop aan een Jeugdige (= persoon jonger dan 18 jaar) (AHOJGI-criterium).

1ste constatering:

sluiting voor drie maanden.

2econstatering:

Intrekken gedoogverklaring

Verkoop van een Grote hoeveelheid softdrugs "categorie 1"; d.w.z. meer dan 5 gram per persoon per dag, maar minder dan 50 gram

(AHOJGI-criterium).

1ste constatering:

bestuurlijke waarschuwing.

2econstatering:

sluiting voor drie maanden.

3econstatering:

Intrekken gedoogverklaring

Verkoop van een Grote hoeveelheid softdrugs "categorie 2"; d.w.z. meer dan 50 gram per persoon per dag, maar minder dan 3 kilo

(AHOJGI-criterium).

1steconstatering:

sluiting voor drie maanden.

2econstatering:

Intrekken gedoogverklaring

Verkoop van een Grote hoeveelheid softdrugs "categorie 3"; d.w.z. meer dan 3 kilo per persoon per dag

(AHOJGI-criterium).

1ste constatering:

Intrekken gedoogverklaring

Aanwezigheid van een niet-Ingezetene van Nederland in de coffeeshop*

(AHOJGI-criterium).

*Hierop wordt alleen gecontroleerd en gehandhaafd bij signalen van overlast

1steconstatering:

bestuurlijke waarschuwing

2econstatering:

sluiting voor drie maanden

3econstatering:

Intrekken gedoogverklaring

Feit

Maatregel

Verkoop aan een niet-Ingezetene van Nederland

(AHOJGI-criterium).

*Hierop wordt alleen gecontroleerd en gehandhaafd bij signalen van ernstige en structurele overlast

1steconstatering:

bestuurlijke waarschuwing

2econstatering:

sluiting voor drie maanden

3econstatering:

Intrekken gedoogverklaring

Handelshoeveelheid >500 gram

1ste constatering

2econstatering

3econstatering

4econstatering

Vanaf 500 gram tot 1 kilo

Bestuurlijke waarschuwing

3maanden sluiting

6maanden sluiting

Intrekken gedoogverklaring

1kilo tot 5 kilo

3maanden sluiting

6maanden sluiting

Intrekken gedoogverklaring

5kilo tot 10 kilo

6maanden sluiting

12maanden sluiting

Intrekken gedoogverklaring

10kilo tot 20 kilo

12maanden sluiting

Intrekken gedoogverklaring

20kilo of meer

Intrekken gedoogverklaring

Overschrijding handelsvoorraad

Feit

Maatregel

Afwezigheid van de leidinggevende

1steconstatering:

bestuurlijke waarschuwing

2econstatering:

sluiting voor drie maanden

3econstatering:

Intrekken gedoogverklaring

Overtreding van een aan de vergunning alcoholvrij bedrijf en gedoogverklaring verbonden voorschrift, voor zover hiervoor niet reeds benoemd (bijv. overtreding sluitingsuur, verkoop alcohol, geen voorlichting/voorlichtingsmateriaal aanwezig).

1ste constatering:

Last onder dwangsom

Richtlijn €2.500-€10.000 per geconstateerde overtreding met een maximum van 3 overtredingen.

Eerstvolgende constatering na maximum verbeuring last onder dwangsom:

Sluiting voor drie maanden

3econstatering:

Intrekken gedoogverklaring

Toepassing van de handhavingsmatrix coffeeshops

Waarschuwing zelfde feit

Indien er naar aanleiding van een 1ste constatering van een overtreding een bestuurlijke waarschuwing is gegeven en uiterlijk twee jaar na verzending van de waarschuwingsbrief dezelfde overtreding voor een 2e keer wordt geconstateerd, dan wordt de maatregel opgelegd zoals in de handhavingsmatrix genoemd onder 2e constatering. Is deze termijn van twee jaar op het moment dat de 2e overtreding wordt geconstateerd verstreken, dan wordt in beginsel volstaan met het geven van een nieuwe bestuurlijke waarschuwing.

Waarschuwing ander feit

Indien een bepaalde overtreding voor de 1ste keer wordt geconstateerd - voor welke overtreding de handhavingsmatrix een bestuurlijke waarschuwing als reactie voorschrijft -, terwijl uiterlijk twee jaar voor deze constatering aan de coffeeshop een bestuurlijke waarschuwing is verzonden wegens het begaan zijn van een ándere overtreding, dan kan de burgemeester - gelet op de ernst of de aard van de feiten en omstandigheden, of gelet op eerdere door de coffeeshop begane overtredingen in de afgelopen 4 jaar - afzien van het geven van een bestuurlijke waarschuwing en direct de bestuurlijke maatregel opleggen zoals in de handhavingstabel genoemd onder 2e constatering.

Samenloop van overtredingen

Wanneer meerdere overtredingen – tegelijkertijd of elkaar in korte tijd opvolgend - begaan worden kan in concrete gevallen besloten worden om maatregelen gecombineerd op te leggen (bijvoorbeeld een tijdelijke sluiting en een last onder dwangsom) om een overtreding te beëindigen en beëindigd te houden.

Last onder dwangsom

De genoemde bedragen zijn een richtlijn. De hoogte van de last onder dwangsom wordt onder meer bepaald door de duur en de ernst van de overtreding en het gewicht dat de burgemeester aan de overtreding toekent. Tevens dient een last onder dwangsom een voldoende financiële prikkel te zijn zodat de overtreding wordt beëindigd en beëindigd gehouden. De burgemeester kan daarom altijd afwijken van bovengenoemde bedragen.

Afwijkingsbevoegdheid

De burgemeester beschikt bij zijn bevoegdheidstoepassing in het kader van de handhaving over beoordelingsvrijheid. Indien bijzondere omstandigheden aanleiding geven om af te wijken van dit beleid, dan dient de burgemeester zijn inherente afwijkingsbevoegdheid op grond van artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht toe te passen. De stappen in het handhavingsarrangement gelden daarbij te allen tijde als uitgangspunt.

Als de feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven, kan de burgemeester afwijken van deze uitgangspunten. Zo kan worden besloten om een stap uit het handhavingsarrangement over te slaan en niet eerst te waarschuwen, terwijl dit wel in het stappenplan is opgenomen, maar meteen tot een maatregel (bijvoorbeeld een last onder dwangsom) over te gaan. Bijvoorbeeld indien verschillende overtredingen worden geconstateerd – tegelijkertijd of elkaar in korte tijd opvolgend begaan – of wanneer de aard, ernst en omvang van de overtreding(en) hiertoe aanleiding geven. Tevens kan in een voorkomend geval, afhankelijk van de aard, ernst en omvang van de overtreding een tussenstap (of herhaling van een stap) gelden. Tot slot kan worden besloten om wegens bijzondere omstandigheden juist een lichtere maatregel te treffen dan het handhavingsarrangement voorschrijft.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.