Aanhef
De raad van de gemeente Alphen aan den Rijn;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 31 mei 2022;
gelet op de artikelen 84, 149 en 156 van de Gemeentewet en de artikelen 7:5, 7:7 en 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht;
gezien het advies van de Commissie Financiën, Bestuurlijk & Publiek Domein;
besluiten vast te stellen de volgende:
Hoofdstuk I Algemene bepalingen
Artikel 1. Definities
In deze verordening wordt verstaan onder:
-Awb : Algemene wet bestuursrecht;
-besluit : besluit in de zin van artikel 1:3 van de Awb;
-verwerend bestuursorgaan : gemeentelijk bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen: onder de gemeentelijke bestuursorganen vallen: de raad, het college van burgemeester en wethouders, de burgemeester of de leerplichtambtenaar;
-bezwaarmaker : indiener van een bezwaarschrift;
-college : het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn;
-Commissie : adviescommissie voor bezwaarschriften, zoals bedoeld in artikel 7:13 van de Awb;
-ontvangstbevestiging : ontvangstbevestiging, zoals bedoeld in artikel 6:14, lid 1, van de Awb;
-onafhankelijke adviseurs: vaste externe adviseurs, ieder zijnde een persoon als bedoeld in artikel 7:5, eerste lid, onder a, van de Awb;
-voorzitter : voorzitter van de Commissie.
Artikel 2. Ingediend bezwaarschrift en informele afhandeling
1Het verwerend bestuursorgaan registreert het ingediende bezwaarschrift met de datum van ontvangst.
2Daarna wordt zo spoedig mogelijk contact opgenomen met de bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden, tenzij het bestuursorgaan over het voorgenomen besluit met dezelfde inhoud al contact heeft opgenomen met bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden of als de bezwaren niet-ontvankelijk zijn.
3Het bestuursorgaan geeft bij het contact zoals bedoeld in het tweede lid, en anders in de ontvangstbevestiging, een uitleg over het vervolg van de procedure en de duur van de behandeling van het bezwaarschrift.
4Het verwerend bestuursorgaan onderzoekt of het bezwaarschrift informeel kan worden afgehandeld voor het verder in behandeling te nemen.
5Als het bezwaarschrift in der minne wordt geschikt, legt het verwerend bestuursorgaan de gemaakte afspraken schriftelijk vast en neemt het zo nodig een nieuw besluit.
6Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk namens het verwerend bestuursorgaan in handen van het secretariaat van de Commissie of de externe adviseurs gesteld.
Artikel 3. Commissie bezwaarschriften, onafhankelijke adviseurs en hun bevoegdheden
1Er is een Commissie bezwaarschriften en er zijn onafhankelijke adviseurs.
2De Commissie bezwaarschriften en de onafhankelijke adviseurs zijn niet bevoegd tot het horen en adviseren over bezwaarschriften, gericht tegen besluiten:
a.op grond van een wettelijk voorschrift betreffende belastingen of de Wet waardering onroerende zaken;
b.op het gebied van de wetten en regels, zoals opgenomen op het bij deze verordening behorende Uitvoeringsbesluit, vastgesteld door het college.
3Het college is bevoegd middels een Uitvoeringsbesluit bij deze verordening aan te geven over welke besluiten de Commissie bezwaarschriften hoort- en adviseert en over welke besluiten de onafhankelijke adviseur hoort en adviseert.
4Het horen naar aanleiding van en het adviseren van het verwerend bestuursorgaan over een bezwaarschrift tegen besluiten geschiedt door de Commissie, respectievelijk door een onafhankelijke adviseur, of ambtelijk namens het bestuursorgaan op basis van deze verordening en het in lid 3 van dit artikel bedoelde Uitvoeringsbesluit.
Artikel 4. Jaarverslag
Jaarlijks wordt een verslag van de behandeling van de bezwaarschriften door de Commissie en de externe adviseurs uitgebracht aan de bestuursorganen van de gemeente betreffende de werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar, al dan niet gezamenlijk.
Artikel 5. Vergoedingen
1De voorzitter, diens plaatsvervanger en de leden van de Commissie bezwaarschriften ontvangen een vergoeding per bijgewoonde vergadering, zoals opgenomen in de Verordening Rechtspositie raads- en commissieleden Alphen aan den Rijn.
2De onafhankelijke adviseur ontvangt per de door hem of haar gehouden vergadering het bedrag, dat de voorzitter van de Commissie of diens plaatsvervanger, per bijgewoonde vergadering ontvangt, zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel.
Hoofdstuk II Behandeling van bezwaarschriften door de Commissie bezwaarschriften
Artikel 6. Horen en adviseren door de Commmissie
1Er is een Commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaarschriften.
2De Commissie is belast met het horen en adviseren over de volledige heroverweging van bestreden besluiten.
3De Commissie is niet belast met de behandeling van bezwaarschriften:
a.waarvan is bepaald dat de voorbereiding van de beslissing op bezwaar wordt afgedaan door een extern adviseur, tenzij de extern adviseur deze voorbereiding heeft doorverwezen naar de Commissie met toepassing van artikel 22, lid 1, van deze verordening;
b.die zijn ingediend tegen besluiten, zoals opgenomen onder artikel 3, lid 2 van deze verordening.
Artikel 7. Samenstelling Commissie
1De Commissie bestaat uit een voorzitter en tenminste twee leden.
2De voorzitter en de leden worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen.
3Het college benoemt de plaatsvervangende voorzitter(s).
4De voorzitter, diens plaatsvervanger(s) en de leden van de Commissie maken geen deel uit van een bestuursorgaan of een ander adviesorgaan dat advies geeft aan een bestuursorgaan van de gemeente Alphen aan den Rijn en zijn evenmin werkzaam onder de verantwoordelijkheid van één van de bestuursorganen van de gemeente Alphen aan den Rijn.
5De voorzitter, diens plaatsvervanger(s) en de leden van de Commissie, zijn niet woonachtig binnen het grondgebied van de gemeente Alphen aan den Rijn.
6In uitzonderlijke gevallen kan het college, op voorstel van de Commissie, gemotiveerd besluiten om een andere onafhankelijke commissie aan te wijzen voor het behandelen van een bepaald bezwaarschrift.
Artikel 8. Secretarissen
1De secretarissen van de Commissie zijn de door het college aangewezen ambtenaren, die de Commissie ondersteunen en samen met de ondersteuners het secretariaat van de Commissie vormen.
2Een secretaris van de Commissie is aanwezig bij de hoorzitting en bij de advisering over bezwaren, zoals bedoeld in de artikelen 6 en 16 van deze verordening, maar heeft geen stemrecht bij het uitbrengen van het advies over het bezwaarschrift door de Commissie.
Artikel 9. Zittingsduur
1De voorzitter en de leden van de Commissie worden benoemd voor een termijn van vier jaar.
2Het is mogelijk één keer herbenoemd te worden voor een periode van vier jaar.
3De voorzitter en de leden kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college.
4. De aftredende of ontslagnemende voorzitter of leden blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.
Artikel 10. Uitoefening bevoegdheden
1. De voorzitter oefent de volgende bevoegdheden van de hierna genoemde artikelen van de Awb zelfstandig uit:
a.verzoeken om een schriftelijke machtiging aan een gemachtigde (artikel 2:1, tweede lid Awb);
b.stellen van een termijn aan de bezwaarmaker (artikel 6:6 Awb);
c.verzenden van stukken tijdens de behandeling door de Commissie (artikel 6:17 Awb);
d.ter inzage leggen van het bezwaarschrift en de op de zaak betrekking hebbende stukken, dan wel het toezenden daarvan aan een belanghebbende (artikel 7:4, tweede lid, Awb);
e.al dan niet op verzoek van een belanghebbende afzien van het op de hoogte stellen van het verhandelde tijdens een hoorzitting van een andere belanghebbende, voor zover geheimhouding om gewichtige reden is geboden (artikel 7:6, vierde lid, Awb).
2De voorzitter kan deze bevoegdheden mandateren aan de secretarissen van de Commissie.
Artikel 11. Hoorzitting
1De voorzitter bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting waarin de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de Commissie te laten horen.
2De voorzitter nodigt de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het verwerend bestuursorgaan ten minste twee weken voor de hoorzitting schriftelijk uit.
3Binnen drie werkdagen na de uitnodiging kunnen de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden of het verwerend bestuursorgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de hoorzitting te wijzigen.
4De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt binnen drie werkdagen na ontvangst van dit verzoek aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het verwerend bestuursorgaan meegedeeld.
5De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen, genoemd in het tweede tot en met vierde lid.
6De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de Commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Als daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist.
8Het horen vindt in beginsel plaats door de voorzitter, dan wel diens plaatsvervanger en twee leden. Voor het houden van een hoorzitting is vereist dat tenminste één lid en de (plaatsvervangend) voorzitter aanwezig zijn.
9In afwijking van het achtste lid van dit artikel hoort de Commissie bij ontstentenis van de (plaatsvervangend) voorzitter met tenminste twee leden. Alsdan voorziet de Commissie voor de duur van de hoorzitting in een waarnemend voorzitter ten aanzien van het horen.
10De voorzitter kan de bevoegdheden van de leden 1,2,4 en 5 van dit artikel mandateren aan de secretarissen van de Commissie.
Artikel 12. Onpartijdigheid voorzitter en leden
1De voorzitter en de leden van de Commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift als daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen.
2Het college kan een integriteitscode vaststellen voor de voorzitter en de leden van de Commissie.
Artikel 13. Openbaarheid hoorzitting
1De hoorzitting van de Commissie is openbaar.
2In afwijking van het eerste lid vindt de hoorzitting achter gesloten deuren plaats, indien de bezwaren betrekking hebben op een besluit:
a.betreffende een besluit op basis van de Wet inburgering 2021;
b.over een gehandicaptenparkeerkaart of gehandicaptenparkeerplaats;
c.krachtens de Huisvestingsverordening Holland-Rijnland, voor zover het besluit betrekking heeft op een urgentieverklaring in het kader van huisvesting.
3De deuren kunnen voorts worden gesloten als de voorzitter of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet.
4Als de Commissie naar aanleiding van het derde lid beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de hoorzitting verzetten, vindt de hoorzitting plaats achter gesloten deuren.
Artikel 14. Verslaglegging
1Van de hoorzitting wordt een audioverslag gemaakt.
2Uit het audioverslag blijkt of de zitting geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren heeft plaatsgevonden.
3Uit het audioverslag blijkt welke bescheiden op de zitting zijn overgelegd.
4Uit het audioverslag blijkt welke afspraken met belanghebbende zijn gemaakt over het toezenden van het audioverslag.
5Van de hoorzitting wordt voorts een schriftelijk verslag gemaakt:
a.als belanghebbende daar om verzoekt;
b.als er beroep wordt ingesteld tegen de betreffende beslíssing op het bezwaarschrift bij de bestuursrechter;
c.als vanwege omstandigheden een audioverslag niet kan worden toegezonden.
6Het schriftelijke verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter hoorzitting is voorgevallen.
7Als de hoorzitting geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren plaatsvindt, wordt hiervan melding gemaakt in het schriftelijke verslag.
8Het schriftelijke verslag verwijst naar de op de hoorzitting overgelegde bescheiden, die bij het verslag worden gevoegd.
9Het schriftelijke verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de Commissie.
Artikel 15. Nader onderzoek
1De Commissie is bevoegd nader onderzoek te doen als zij dit na afloop van de hoorzitting wenselijk acht.
2De uit nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan toegezonden.
3De bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie schriftelijk reageren en indien gewenst aan de voorzitter vragen om een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op dit verzoek.
4Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.
Artikel 16. Raadkamer en advies
1De Commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het uit te brengen advies.
2De Commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies.
3Als bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter.
4Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt als die minderheid dat verlangt.
5Het advies van de Commissie is gemotiveerd en omvat een voorstel aan het verwerend bestuursorgaan voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift.
6Het advies van de Commissie wordt door de voorzitter en de secretaris ondertekend.
Artikel 17. Uitbrengen advies en verdaging
1Het advies wordt met het verslag, en eventueel door de Commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het verwerend bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen.
2Als naar het oordeel van de voorzitter de termijn van twaalf weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het verwerend bestuursorgaan tijdig de beslissing te verdagen.
3Van een besluit tot verdaging van de beslistermijn ontvangen de Commissie en belanghebbenden een afschrift.
Hoofdstuk III Behandeling van bezwaarschriften door een onafhankelijk adviseur
Artikel 19. Zittingsduur
1De onafhankelijke adviseurs worden benoemd voor een termijn van maximaal vier jaar.
2Het is mogelijk één keer herbenoemd te worden voor een termijn van maximaal vier jaar.
3De onafhankelijke adviseurs kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college.
4De aftredende- of ontslagnemende onafhankelijke adviseurs blijven hun functie zo nodig en zo mogelijk vervullen totdat in hun opvolging is voorzien.
Artikel 20. Onpartijdigheid en integriteit
1De onafhankelijke adviseur behandelt een bezwaarschrift niet, indien daarbij zijn of haar onpartijdigheid in het geding is. Hij of zij laat zich zo nodig vervangen.
2Het college kan een integriteitscode vaststellen voor de onafhankelijke adviseurs.
Artikel 21. Openbaarheid- en beslotenheid hoorzitting
1De hoorzitting is openbaar, indien naar het oordeel van de onafhankelijke adviseur de persoonlijke levenssfeer van belanghebbende(n) niet wordt aangetast.
2De hoorzitting vindt in ieder geval achter gesloten deuren plaats, indien de bezwaren betrekking hebben op een besluit:
a.op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) dan wel opvolgende wetgeving;
b.krachtens de Participatiewet, het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 of andere sociale wet-of regelgeving dan wel opvolgende wetgeving.
Artikel 22. Doorgeleiding naar de Commissie bezwaarschriften
1Indien de onafhankelijke adviseur tijdens de behandeling van het bezwaarschrift tot het inzicht komt dat het bezwaarschrift qua juridisch kader, de feiten en/of de situatie dermate complex is dat behandeling dat behandeling door de Commissie bezwaarschriften wenselijk is, maakt hij of zij dit kenbaar aan de secretaris van de Commissie en het verwerend bestuursorgaan.
2Het verwerend bestuursorgaan draagt er in dat geval zorg voor, dat het bezwaarschrift alsnog door de Commissie wordt behandeld en stelt bezwaarmaker hiervan op de hoogte.
Artikel 23. Advies
1De onafhankelijke adviseur adviseert het verwerend bestuursorgaan zo spoedig mogelijk na het horen van de belanghebbenden over de te nemen beslissing op het bezwaarschrift.
2Indien de beslissing op het bezwaarschrift afwijkt van het advies van de onafhankelijk adviseur, vermeldt het verwerend bestuursorgaan in deze beslissing de reden(en) voor die afwijking.
Hoofdstuk IV Slot- en overgangsbepalingen
Artikel 24. Intrekking oude regeling en overgangsbepaling
1De Verordening behandeling bezwaarschriften Alphen aan den Rijn 2014, gewijzigd bij raadsbesluit van 28 juni 2018, wordt ingetrokken.
2De in het eerste lid genoemde verordening blijft echter van toepassing op de afhandeling van bezwaarschriften die zijn ontvangen tijdens het van kracht zijn van deze verordening.
Artikel 25. Inwerkingtreding en citeertitel
1Deze verordening treedt in werking op de eerste dag van de maand, volgend op de dag van de wettelijke bekendmaking ervan.
2Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening behandeling bezwaarschriften Alphen aan den Rijn 2022.