Terug naar alle wetten
Wet op de Sociaal-Economische Raad
BO
Geldende tekst van alle 62 artikelen, ingedeeld volgens het BWB-wettenregister.
Inhoudsopgave
Hoofdstuk Eerste Van de Sociaal-Economische Raad
Titel I Van de zetel en de taak
Titel II Van de samenstelling en inrichting
§ 1 Algemene bepaling
- Artikel 3De Raad heeft een voorzitter, een dagelijks bestuur, een algemeen secretaris en, bij toepassing van artikel 19, een of…
§ 2 Van de Raad
- Artikel 4De Raad bestaat uit ten minste dertig en ten hoogste vijf en veertig leden.
- Artikel 5Lid of plaatsvervangend lid van de Raad kunnen alleen zijn zij die niet van de verkiesbaarheid bij krachtens wettelijk…
- Artikel 6Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regelen worden gesteld omtrent de onverenigbaarheid van het lidmaatschap van…
- Artikel 7Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regelen worden gesteld ter verzekering van de naleving van het bepaalde in…
- Artikel 8De leden van de Raad en hun plaatsvervangers treden om de twee jaren tegelijk af en kunnen terstond opnieuw worden…
- Artikel 9De leden van de Raad en hun plaatsvervangers kunnen een vergoeding genieten volgens regelen, door de Raad bij…
- Artikel 10De leden van de Raad en hun plaatsvervangers zijn verplicht tot geheimhouding van alle zaken- en bedrijfsgeheimen…
§ 3 Van de voorzitter
- Artikel 11De voorzitter wordt door Ons uit de leden van de Raad benoemd en kan door Ons worden geschorst en ontslagen.
- Artikel 12De benoeming van de voorzitter en de plaatsvervangende voorzitters geschiedt telkens voor ten hoogste twee jaren.
- Artikel 13De artikelen 9 en 10 zijn ten aanzien van de voorzitter en de plaatsvervangende voorzitters van overeenkomstige…
§ 4 Van het dagelijks bestuur
- Artikel 14Behoudens het bepaalde in het volgende lid benoemt de Raad uit zijn midden de leden van het dagelijks bestuur.
- Artikel 15De artikelen 9 en 10 zijn ten aanzien van het dagelijks bestuur van overeenkomstige toepassing.
§ 5 Van het secretariaat
- Artikel 16De Raad heeft een secretariaat, dat bestaat uit een algemeen secretaris, een of meer secretarissen en ander personeel.
- Artikel 17De algemeen secretaris en de secretarissen kunnen noch zelf een onderneming drijven, noch in dienst zijn van een…
- Artikel 18Artikel 10 is ten aanzien van het personeel van het secretariaat van overeenkomstige toepassing.
§ 6 Van de commissies uit het midden van de Raad
- Artikel 19De Raad is bevoegd voor bepaalde onderwerpen commissies uit zijn midden in te stellen.
Titel III Van de werkwijze
- Artikel 20De Raad vergadert niet, indien blijkens de presentielijst niet meer dan de helft van de zitting hebbende leden is…
- Artikel 21De leden van de Raad zijn niet gerechtelijk vervolgbaar voor hetgeen zij in de vergaderingen hebben gezegd of aan haar…
- Artikel 22De leden van de Raad stemmen zonder last of ruggespraak.
- Artikel 23De leden van de Raad onthouden zich van medestemmen over zaken, die hun, hun echtgenoten of hun geregistreerde partners…
- Artikel 24Over zaken wordt mondeling en bij hoofdelijke oproeping, over personen bij gesloten en ongetekende briefjes gestemd.
- Artikel 25Een stemming is nietig, indien niet meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden, die zich niet van…
- Artikel 26Ieder lid kan één stem uitbrengen.
- Artikel 27Bij staking van stemmen in een voltallige vergadering wordt, indien het zaken betreft, het voorstel geacht niet te zijn…
- Artikel 28Onze Ministers zijn bevoegd de door de Raad en de commissies uit zijn midden te houden vergaderingen bij te wonen en…
- Artikel 29De artikelen 20 tot en met 27 zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van het dagelijks bestuur.
- Artikel 30De Raad vraagt de adviezen, welke hij voor de vervulling van zijn taak nodig acht.
- Artikel 31De Raad kan bij verordening nadere regelen stellen betreffende zijn werkwijze.
Titel IV Van de vervulling van de taak
- Artikel 32De Raad maakt ten aanzien van de onderwerpen, waarvan de regeling of nadere regeling bij de wet aan hem is overgelaten…
- Artikel 33De wet bepaalt, voor wie de verordeningen, bedoeld in artikel 32, eerste lid, bindende regelen kunnen inhouden.
- Artikel 35De Raad kan met betrekking tot de vervulling van zijn in artikel 2 omschreven taak, bij verordening zijn bevoegdheden -…
- Artikel 36De Raad verleent de bij of krachtens een wet tot uitvoering daarvan gevorderde medewerking.
- Artikel 37Tenzij het voorschrift, waarbij de medewerking wordt ingeroepen, anders bepaalt, kan de Raad bij verordening zijn…
- Artikel 38Tenzij naar zijn oordeel dringende redenen zich daartegen verzetten, geeft de Raad kennis van de ontwerpen van…
- Artikel 39De voorzitter vertegenwoordigt de Raad in en buiten rechte.
- Artikel 40De Raad dient desgevraagd Onze Ministers van bericht over alle aangelegenheden de Raad betreffende.
Titel V Van de adviezen van de Raad
- Artikel 41De Raad adviseert op schriftelijk verzoek van Onze Ministers of van een van beide Kamers der Staten-Generaal en kan…
- Artikel 42De Raad kan commissies, waarin ook personen buiten de Raad zitting kunnen hebben, instellen ter voorbereiding van door…
- Artikel 43In afwijking van de Kaderwet adviescolleges stelt de Raad, op verzoek van Onze betrokken Ministers, commissies ter…
- Artikel 44De Raad kan de commissies, bedoeld in de artikelen 42 en 43, machtigen namens hem van advies te dienen.
- Artikel 45De adviezen van de Raad en zijn commissies worden opgesteld overeenkomstig het gevoelen van de meerderheid der…
Titel VI Van de geldmiddelen
§ 1 Van de begroting
- Artikel 46Het dagelijks bestuur biedt jaarlijks voor 1 October aan de Raad een begroting der inkomsten en uitgaven in het komende…
- Artikel 47De begroting wordt vastgesteld door de Raad en behoeft de goedkeuring van Onze Minister van Sociale Zaken en…
- Artikel 48De door de Raad vastgestelde begroting wordt Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor 15 November ter…
- Artikel 49Indien de Raad weigert de hem bij de wet opgelegde uitgaven op de begroting te brengen, geschiedt dit door Onze…
§ 2 Van het beheer en de rekening en verantwoording
- Artikel 51Het dagelijks bestuur beheert het vermogen en de inkomsten en uitgaven van de Raad, met dien verstande, dat de Raad ter…
- Artikel 52Het dagelijks bestuur doet aan de Raad rekening en verantwoording van het beheer over het afgelopen kalenderjaar, onder…
- Artikel 53De Raad is verplicht aan Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de door hem aangewezen deskundigen alle…
§ 3 Middelen
- Artikel 54De middelen ter dekking van uitgaven van de Raad, voor zover die niet door andere inkomsten worden gedekt, komen ten…
- Artikel 55De Raad kan beschikken over de financiële middelen in de rekening-courant die de Raad aanhoudt bij Onze Minister van…
Titel VII Van het toezicht op de Raad
- Artikel 56Indien een verordening of een ander besluit van de Raad Onze goedkeuring of die van Onze betrokken ministers behoeft…
- Artikel 58De besluiten van de Raad, de voorzitter, het dagelijks bestuur en de commissies uit het midden van de Raad kunnen bij…
- Artikel 59Het koninklijk besluit tot vernietiging of tot schorsing, dan wel tot verlenging of opheffing van een schorsing wordt…
- Artikel 65De Raad brengt jaarlijks voor 1 april aan Onze Ministers verslag uit omtrent zijn werkzaamheden en die van de…
Hoofdstuk Derde Slotbepalingen
- Artikel 138Voor oprichting van of deelneming in andere rechtspersonen behoeft de Raad de toestemming van Onze Minister van Sociale…
- Artikel 139Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties draagt zorg voor de elektronische toegankelijkheid van de…
- Artikel 140Het beroep tegen besluiten en handelingen van de Raad wordt door de wet geregeld.
- Artikel 162Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regelen worden gesteld ter bevordering van een goede uitvoering van deze wet.
- Artikel 163Deze wet wordt aangehaald als:
Uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Omschrijvingen bij artikelen zijn redactioneel of de openingszin van het artikel. Dit is geen juridisch advies.