Terug naar alle wetten

Regeling straf- en afzonderingscel justitiële jeugdinrichtingen

Rsacjj

Geldende tekst van alle 35 artikelen, ingedeeld volgens het BWB-wettenregister.

Inhoudsopgave

Paragraaf 1 Algemene bepalingen

  • Artikel 1In deze regeling wordt verstaan onder:

Paragraaf 2 Voorwaarden

  • Artikel 2Bij de tenuitvoerlegging van een disciplinaire straf in een strafcel of van een afzondering in een afzonderingscel…
  • Artikel 3Indien de afzondering, bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de wet, niet ten uitvoer kan worden gelegd in een…
  • Artikel 4Ingeval sprake is van medische problematiek bezoekt de arts of diens vervanger, dan wel in diens opdracht de…
  • Artikel 5De directeur draagt er zorg voor dat hij ten minste dagelijks op de hoogte wordt gesteld van de toestand van de in de…
  • Artikel 6Indien de jeugdige herhaaldelijk zonder noodzaak gebruik maakt van in de straf- of afzonderingscel aanwezige…
  • Artikel 7Indien de jeugdige zelfdestructief gedrag vertoont dan wel indien het vermoeden hiervan bestaat, stelt het met het…
  • Artikel 8De directeur draagt er zorg voor dat de wijze van verslaglegging over het verblijf van een jeugdige in een straf- of…

Paragraaf 3 De inrichting van de straf- of afzonderingscel

  • Artikel 9De artikelen 2, 5, 6 en 7 van de Regeling eisen kamer justitiële jeugdinrichting zijn van overeenkomstige toepassing…
  • Artikel 10In de straf- of afzonderingscel kan daglicht toetreden.
  • Artikel 11De straf- of afzonderingscel, of de afdeling waar de straf- of afzonderingscel zich bevindt, is voorzien van een toilet.
  • Artikel 12De directeur draagt zorg dat de straf- of afzonderingscel voldoende is verlicht.
  • Artikel 13In een straf- of afzonderingscel bevinden zich gedurende de dag zitelementen en gedurende de nacht een matras, een…
  • Artikel 14Een straf- of afzonderingscel kan zijn uitgerust met een observatiecamera.

Paragraaf 4 Het verblijf in de straf- of afzonderingscel

  • Artikel 15Tijdens het verblijf in de straf- of afzonderingscel draagt de directeur er zorg voor dat de jeugdige in staat wordt…
  • Artikel 16Het is de jeugdige niet toegestaan voorwerpen onder zijn berusting te houden, tenzij de directeur anders bepaalt.
  • Artikel 17De jeugdige die verblijft in een straf- of afzonderingscel heeft het recht lectuur te ontvangen overeenkomstig de…
  • Artikel 18De jeugdige wordt, gedurende zijn verblijf in de straf- of afzonderingscel, in staat gesteld goederen te kopen.
  • Artikel 19De jeugdige is verplicht de straf- of afzonderingscel met de zich daarin bevindende voorwerpen schoon en ongeschonden…
  • Artikel 20In de straf- of afzonderingscel mag niet worden gerookt.

Paragraaf 5 Verzorging

  • Artikel 21Bij plaatsing in straf- of afzonderingscel wordt de jeugdige, indien het dragen van eigen kleding of schoeisel een…
  • Artikel 22De jeugdige wordt `s ochtends en `s avonds in de gelegenheid gesteld zich lichamelijk te verzorgen.
  • Artikel 23Het voor gebruik in de straf- en afzonderingscel bestemde eetgerei, wordt tegelijkertijd met de maaltijd aan de…

Paragraaf 6 Controle

  • Artikel 24De jeugdige wordt voor de plaatsing in een straf- of afzonderingscel aan zijn kleding en lichaam onderzocht.
  • Artikel 25De directeur draagt zorg dat ingenomen kleding en andere bezittingen van de jeugdige door twee personeelsleden of…

Paragraaf 7 Camera observatie

  • Artikel 26De directeur kan, indien de lichamelijke of geestelijke toestand van de jeugdige dit noodzakelijk maakt, bepalen dat de…
  • Artikel 27Het gebruik van een observatiecamera in de straf- of afzonderingscel kan geïndiceerd zijn, indien er sprake is van een…
  • Artikel 28De camera observatie duurt ten hoogste 24 uur.
  • Artikel 29De directeur instrueert het personeelslid of de medewerker, die wordt belast met de camera observatie, op welke wijze…
  • Artikel 30De directeur kan besluiten dat de beelden die door camera observatie worden gemaakt op band worden vastgelegd.

Paragraaf 8 Plaatsing en overplaatsing

  • Artikel 31Indien de directeur voornemens is, met toepassing van artikel 26, eerste lid, of artikel 56, eerste lid, van de wet.
  • Artikel 32De directeur van de inrichting waar de afzondering ten uitvoer wordt gelegd, informeert de directeur van de inrichting…

Paragraaf 9 Overgangsbepaling

  • Artikel 33Straf- en afzonderingscellen in inrichtingen waarvan de bouw is gestart na 1 januari 1998, voldoen in elk geval aan de…

Paragraaf 10 Slotbepalingen

  • Artikel 34Deze regeling treedt in werking op 1 september 2001.
  • Artikel 35Deze regeling wordt aangehaald als:

Uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Omschrijvingen bij artikelen zijn redactioneel of de openingszin van het artikel. Dit is geen juridisch advies.