Terug naar alle wetten
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België tot regeling van het scheepvaartverkeer en van de recreatie op de gemeenschappelijke Maas
Geldende tekst van alle 98 artikelen, ingedeeld volgens het BWB-wettenregister.
Inhoudsopgave
- Artikel 1De uitoefening van de scheepvaart op de gemeenschappelijke Maas, alsmede het bedrijven van recreatie op en aan deze…
- Artikel 2De ambtenaren die ingevolge de wetgeving van elk van beide landen zijn belast met de handhaving van het Reglement, zijn…
- Artikel 3Een proces-verbaal, waarin een overtreding van het Reglement is vastgesteld, opgemaakt door een in artikel 2 bedoelde…
- Artikel 4De vervolging van een overtreding van het Reglement geschiedt in het land waar zij is begaan.
- Artikel 5Overtreding van het Reglement is strafbaar ingevolge de daarvoor geldende wetgeving in elk van beide landen.
- Artikel 6Wijziging, aanvulling en vervanging van het Reglement kan worden overeengekomen in een diplomatieke notawisseling…
- Artikel 7De bepalingen van het Belgisch-Nederlands Reglement van 20 mei 1843 ter uitvoering van artikel 9 van het Verdrag van 19…
- Artikel 8Deze Overeenkomst treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de dag waarop de…
Hoofdstuk 1 ALGEMENE BEPALINGEN
- Artikel 1.00Toepassingsgebied Dit reglement is van toepassing op de gemeenschappelijke Maas.
- Artikel 1.01Betekenis van enige uitdrukkingen In dit reglement wordt verstaan onder:
- Artikel 1.02De schipper 1 In dit reglement wordt onder de schipper verstaan degene die een schip of een samenstel voert.
- Artikel 1.03Verplichtingen van de bemanning De leden van de bemanning van een schip moeten de aanwijzingen opvolgen die hun door de…
- Artikel 1.04/1.05Voorzorgsmaatregelen en afwijking van het reglement De schipper moet in het belang van de veiligheid of de goede orde…
- Artikel 1.06Gebruik van de vaarweg 1 Een schip of een samenstel mag niet deelnemen aan de scheepvaart indien:
- Artikel 1.07Belading 1 Een schip mag niet deelnemen aan de scheepvaart indien het zodanig is beladen, dat het inzinkt tot over het…
- Artikel 1.09Sturen van een schip 1 Een schip mag slechts deelnemen aan de scheepvaart, indien het bestuurd wordt door een daartoe…
- Artikel 1.10Scheepsbescheiden 1 Aan boord van een schip, bestemd of gebezigd voor het vervoer van goederen, moeten de volgende…
- Artikel 1.11Reglement aan boord 1 Aan boord van een schip moet een bijgewerkt exemplaar van dit reglement aanwezig zijn.
- Artikel 1.12Buiten boord uitsteken van voorwerpen;
- Artikel 1.13Bescherming van verkeerstekens 1 Een schip mag geen installaties van verkeerstekens gebruiken om daaraan te meren of…
- Artikel 1.14Beschadiging van kunstwerken Indien een schip een kunstwerk heeft beschadigd, moet de schipper onverwijld daarvan…
- Artikel 1.15Verbod tot het te water doen geraken van voorwerpen of stoffen 1 Het is verboden in de vaarweg voorwerpen of stoffen te…
- Artikel 1.17Vastgevaren of gezonken schepen;
- Artikel 1.18Verplichting tot vrijmaking van het vaarwater 1 Indien een schip dat is vastgevaren of gezonken dan wel een door een…
- Artikel 1.19Aanwijzingen 1 De bevoegde autoriteit kan ter verzekering van de veiligheid of de goede orde van de scheepvaart aan de…
- Artikel 1.20Verlenen van medewerking aan ambtenaren 1 De schipper moet aan de bevoegde autoriteit de nodige medewerking verlenen…
- Artikel 1.22Voorschriften van tijdelijke aard De schipper moet de voorschriften van tijdelijke aard naleven die in bijzondere…
- Artikel 1.23Melden van en toestemming voor evenementen 1 Het is verboden een sportevenement, een festiviteit of een ander evenement…
Hoofdstuk 2 KENTEKENS
- Artikel 2.01Kentekens van schepen, met uitzondering van kleine schepen 1 Een schip mag niet deelnemen aan de scheepvaart, indien…
- Artikel 2.02Kentekens van kleine schepen 1 Een klein schip mag niet deelnemen aan de scheepvaart, indien hierop niet zijn…
- Artikel 2.02aUitrusting en constructie van kleine schepen 1 Een varend klein schip, niet bestemd of gebezigd voor het vervoer van…
Hoofdstuk 3 OPTISCHE TEKENS VAN SCHEPEN
- Artikel 3.01Toepassing 1 's Nachts zijn op een varend schip de artikelen 3.08, 3.09, 3.11, 3.12,3.13 en 3.18 en op een stilliggend…
- Artikel 3.01aBegripsbepalingen In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
- Artikel 3.02Lichten Voor zover niet anders wordt bepaald, moeten de lichten die een schip ingevolge dit reglement moet voeren…
- Artikel 3.03Borden en vlaggen 1 Voor zover niet anders wordt bepaald, moeten de borden en vlaggen die een schip ingevolge dit…
- Artikel 3.04Cylinders, bollen, kegels en ruiten 1 De cylinders, bollen, kegels en ruiten die een schip ingevolge dit reglement moet…
- Artikel 3.05Verboden tekens 1 Een schip mag geen andere tekens voeren of tonen dan die welke in dit reglement worden vermeld en mag…
- Artikel 3.06Noodlichten Indien de lichten die een schip ingevolge dit reglement moet voeren niet kunnen werken, moeten deze…
- Artikel 3.07Verboden lichten, verlichting of zoeklichten dan wel vlaggen, borden of andere voorwerpen 1 Een schip mag geen lichten…
- Artikel 3.08Lichten van alleenvarende motorschepen 1 Een alleenvarend motorschip moet voeren:
- Artikel 3.09Lichten van slepen 1 Het motorschip aan de kop van een sleep moet voeren:
- Artikel 3.11Lichten van gekoppelde samenstellen Een gekoppeld samenstel moet voeren:
- Artikel 3.12Lichten van zeilschepen 1 Een zeilschip moet voeren:
- Artikel 3.13Lichten van kleine schepen 1 Een alleenvarend klein motorschip moet voeren:
- Artikel 3.14-3.17Artikelen 3.14-3.17 (niet overgenomen).
- Artikel 3.18Bijkomende lichten van schepen die onmanoeuvreerbaar worden 1 Een schip dat onmanoeuvreerbaar wordt, moet als bijkomend…
- Artikel 3.20Lichten van stilliggende schepen 1 Een schip dat direct of indirect aan de oever gemeerd ligt, moet voeren:
- Artikel 3.21-3.26Artikelen 3.21-3.26 (niet overgenomen).
- Artikel 3.27Lichten van in bedrijf zijnde drijvende werktuigen en van vastgevaren of gezonken schepen 1 Een in bedrijf zijnd…
- Artikel 3.28Bijkomende lichten van schepen, waarvan de ankers een gevaar voor de scheepvaart kunnen vormen 1 Een schip waarvan een…
- Artikel 3.29Dagtekens van slepen 1 Het motorschip aan de kop van een sleep moet voeren:
- Artikel 3.30Dagteken van schepen die tegelijkertijd door middel van zeilen en een motor worden voortbewogen Een schip dat…
- Artikel 3.31-3.34Artikelen 3.31-3.34 (niet overgenomen).
- Artikel 3.35Bijkomende dagtekens van schepen die onmanoeuvreerbaar worden 1 Een schip dat onmanoeuvreerbaar wordt moet als…
- Artikel 3.36-3.40Artikelen 3.36-3.40 (niet overgenomen).
- Artikel 3.41Dagtekens van in bedrijf zijnde drijvende werktuigen en van vastgevaren of gezonken schepen 1 Een in bedrijf zijnd…
- Artikel 3.42Bijkomend dagteken van ankers van schepen die een gevaar voor de scheepvaart kunnen vormen Een schip waarvan één of…
- Artikel 3.43-3.44Artikelen 3.43-3.44 (niet overgenomen).
- Artikel 3.45Bijkomend teken van schepen van toezichthoudende ambtenaren Een schip van toezichthoudende ambtenaren mag als bijkomend…
- Artikel 3.46Noodtekens 1 Een in nood verkerend schip, dat hulp wil inroepen, moet de volgende seinen, hetzij afzonderlijk hetzij…
- Artikel 3.47-3.54Artikelen 3.47-3.54 (niet overgenomen).
Hoofdstuk 4 GELUIDSSEINEN VAN SCHEPEN
- Artikel 4.01Algemene bepalingen 1 De te gebruiken geluidsseinen zijn de volgende:
- Artikel 4.02Geven van geluidsseinen 1 Een schip, met uitzondering van een klein schip, moet zo nodig zijn handelingen door de…
- Artikel 4.03Verboden geluidsseinen Een schip mag slechts van de geluidsinstallatie dan wel van de scheepstoeter of de hoorn gebruik…
Hoofdstuk 5 VERKEERSTEKENS
- Artikel 5.01Vaststelling van de verkeerstekens 1 Bijlage II bepaalt welke verkeerstekens voor het verkeer op de vaarweg kunnen…
- Artikel 5.02Aanbrengen of verwijderen van verkeerstekens 1 Een verkeersteken als bedoeld in artikel 5.01 kan in het belang van de…
Hoofdstuk 6 VAARREGELS
- Artikel 6.01Begripsbepalingen 1 In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
- Artikel 6.02Kleine schepen - algemene bepalingen 1 In dit hoofdstuk worden onder een klein schip mede begrepen een sleep of een…
- Artikel 6.03Algemene beginselen 1 Schepen mogen slechts elkaar voorbijvaren op tegengestelde koersen dan wel elkaar voorbijlopen…
- Artikel 6.03aKoers kruisen 1 Indien de koersen van twee schepen elkaar kruisen, zó, dat gevaar voor aanvaring bestaat, moet het…
- Artikel 6.04Recht tegen elkaar insturen - Hoofdregel 1 Indien twee schepen recht tegen elkaar insturen, moet elk van beide naar…
- Artikel 6.05Recht tegen elkaar insturen 1 Indien een opvarend schip en een afvarend schip recht tegen elkaar insturen, moet het…
- Artikel 6.06-6.08Artikelen 6.06-6.08 (niet overgenomen).
- Artikel 6.09Voorbijlopen - algemene bepalingen 1 Een schip mag een ander schip slechts voorbijlopen, nadat het zich er van heeft…
- Artikel 6.10Voorbijlopen 1 De oploper moet aan bakboord van de opgelopene voorbijlopen.
- Artikel 6.11-6.12Artikelen 6.11-6.12 (niet overgenomen).
- Artikel 6.13Keren 1 Een schip mag slechts keren, nadat het zich er van heeft vergewist, dat, het tweede en derde lid in aanmerking…
- Artikel 6.14Gedrag bij vertrek Artikel 6.13 is eveneens van toepassing op een schip dat zijn ankerplaats of zijn ligplaats verlaat…
- Artikel 6.15Verbod zich in de tussenruimte tussen de lengten van een sleep te begeven Een schip mag zich niet in de tussenruimten…
- Artikel 6.16Uitvaren en invaren van havens en nevenvaarwegen en het daarbij invaren of oversteken van het hoofdvaarwater 1 Een…
- Artikel 6.17Op gelijke hoogte varen;
- Artikel 6.18Verbod om ankers, kabels of kettingen te laten slepen 1 Een schip mag niet een anker, een kabel of een ketting laten…
- Artikel 6.19Zich laten drijven Een schip mag zich niet met de stroom laten meedrijven zonder dat het van een middel tot…
- Artikel 6.20Hinderlijke waterbeweging Een schip moet zijn snelheid zodanig regelen, dat hinderlijke waterbeweging waardoor schade…
- Artikel 6.21Manoeuvreerbaarheid van samenstellen Een motorschip dat zorgt voor de voortbeweging van een samenstel moet een vermogen…
- Artikel 6.22-6.29Artikelen 6.22-6.29 (niet overgenomen).
- Artikel 6.30Algemene bepalingen voor het varen bij slecht zicht 1 Een varend schip moet een snelheid aanhouden die is aangepast aan…
- Artikel 6.31Geluidssein van een schip dat stilligt of dat is vastgevaren 1 Een schip, dat in het vaarwater of in de nabijheid…
- Artikel 6.33Schepen die bij slecht zicht de vaart voortzetten 1 Een niet op radar varend schip moet als mistsein geven één lange…
- Artikel 6.33aSnelheid 1 Een schip mag niet varen met een grotere snelheid dan 16 km/u ten opzichte van de oever.
- Artikel 6.33bVaren met snelle motorboten - waterskiën 1 Een snelle motorboot moet zodanig varen en een waterskiër moet zich zodanig…
- Artikel 6.33cPlankzeilen, zwemmen en duiken In de in artikel 6.33a, derde lid, aangewezen vakken is het verboden te varen met een…
- Artikel 6.33dStiltezone voor sportvissers Een motorschip mag niet varen op de linkerhelft van de vaarweg in het vak tussen km 5.970…
- Artikel 6.33eVerboden activiteiten Het is verboden zich boven de vaarweg door de lucht te laten voortbewegen.
Hoofdstuk 7 REGELS VOOR HET LIGPLAATS NEMEN
- Artikel 7.01Algemene beginselen voor het ligplaats nemen 1 Een schip moet zodanig ligplaats nemen, dat de scheepvaart niet wordt…
- Artikel 7.02Ligplaats nemen (ankeren en meren) 1 Een schip mag geen ligplaats nemen, met uitzondering van de volgende gevallen:
- Artikel 7.03-7.07Artikelen 7.03-7.07 (niet overgenomen).
- Artikel 7.08Toezicht Een stilliggend schip moet, voor zover het geen schipper heeft, zijn gesteld onder toezicht van een persoon…
Uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Omschrijvingen bij artikelen zijn redactioneel of de openingszin van het artikel. Dit is geen juridisch advies.