Aanhef
De onderhoudsverordening is vastgesteld door het Algemeen Bestuur van Wetterskip Fryslân op 22 december 2022 en treedt -tegelijk met de Omgevingswet- op 1 januari 2024 in werking.
Hoofdstuk 2 Beheer en onderhoud van waterstaatswerken
§ 2.1 Onderhoud aan waterstaatswerken
Artikel 2.1 Onderhoudsplicht
1Onderhoudsplichtig zijn diegenen die in de legger of in artikel 2.11 van de verordening tot het verrichten van gewoon of buitengewoon onderhoud aan waterstaatswerken zijn aangewezen.
2Onderhoudsplichtigen van waterstaatswerken zijn verplicht tot instandhouding van het waterstaatswerk overeenkomstig zijn functie.
§ 2.2 Onderhoud aan waterkeringen
Artikel 2.2 Gewoon onderhoud
De onderhoudsplichtigen van waterkeringen dragen zorg voor een goede toestand van de
waterkeringen door het bestrijden van schadelijk wild, met uitzondering van muskus- en
beverratten, het herstellen van beschadigingen aan en het in stand houden van een erosiebestendige graszode, begroeiingen en materialen, dienstig aan de waterkering.
Artikel 2.3 Buitengewoon onderhoud
De onderhoudsplichtigen van waterkeringen zijn verplicht tot instandhouding daarvan overeenkomstig het in de legger bepaalde omtrent ligging, vorm, afmeting en constructie.
Artikel 2.4 Onderhoud ondersteunende kunstwerken en werken ten behoeve van de waterkering
1De onderhoudsplichtigen van ondersteunende kunstwerken of werken die in, op, aan of boven waterkeringen of de beschermingszone zijn aangebracht en (mede) een waterkerende functie hebben, zijn verplicht deze waterkerend te houden.
2De middelen bestemd tot afsluiting van kunstwerken dienen door de onderhoudsplichtigen in goede staat te worden onderhouden en zo vaak als dat door of namens het bestuur nodig wordt geoordeeld te worden getoond. Het in goede staat houden betreft zowel de instandhouding als het functioneren van het werk.
§2.3 Onderhoud aan oppervlaktewaterlichamen
Artikel 2.5 Gewoon onderhoud
De onderhoudsplichtigen van oppervlaktewaterlichamen zijn verplicht tot het daaruit verwijderen van begroeiingen en afval, tot het herstellen van beschadigingen aan oevers, en tot het onderhouden van begroeiingen, dienstig aan de waterhuishoudkundige of ecologische functies ervan.
Artikel 2.6 Buitengewoon onderhoud
De onderhoudsplichtigen van oppervlaktewaterlichamen zijn verplicht tot instandhouding daarvan overeenkomstig het in de legger bepaalde omtrent ligging, vorm, afmeting en constructie.
Artikel 2.7 Onderhoud ondersteunende kunstwerken en werken
De onderhoudsplichtigen van ondersteunende kunstwerken en andere werken dienen de ondersteunende kunstwerken en werken die in, op, aan of boven de oppervlaktewaterlichamen zijn aangebracht en die een waterhuishoudkundige of mede een waterhuishoudkundige functie hebben te onderhouden.
§2.4 Overige onderhoudsverplichtingen
Artikel 2.8 Coupures en sluizen
De onderhoudsplichtigen van de in waterkeringen voorkomende coupures en sluizen dragen zorg dat deze op eerste aanzegging door of namens het bestuur terstond worden gesloten.
Artikel 2.9 Stuwen
De eigenaren van stuwen kunnen door het bestuur verplicht worden deze op een daarbij bepaald stuwpeil te stellen.
§ 2.5 Nadere regels en onderhoudsplicht indien geen (actuele) onderhoudslegger is vastgesteld
Artikel 2.10 Algemene regels / nadere regels
Het bestuur kan voor de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 2.2 tot en met 2.9 en 2.11, algemene regels stellen, die mede kunnen inhouden een gehele of gedeeltelijke vrijstelling van de in deze artikelen genoemde geboden of nadere regels met betrekking tot deze verplichtingen.
Artikel 2.11 Onderhoud aan waterstaatswerken zonder (actuele) legger
1Voor waterstaatswerken, waarvoor het vaststellen van een legger als bedoeld in artikel 78, tweede lid, Waterschapswet is voorgeschreven maar waarvoor nog geen legger is vastgesteld, is de onderhoudsplicht als volgt, tenzij het onderhoud op andere wijze is geregeld:
a.Voor waterkeringen of gedeelten van waterkeringen en ondersteunende kunstwerken met een waterkerende functie berust het gewoon onderhoud bij de eigenaren en het buitengewoon onderhoud bij het waterschap.
b.Voor hoofdwateren en ondersteunende kunstwerken berust het gewoon en buitengewoon onderhoud bij het waterschap.
c.Voor schouwwateren, overige wateren en ondersteunende kunstwerken berust het gewoon en buitengewoon onderhoud bij de aangrenzende eigenaren;
2Voor waterstaatwerken, waarvoor het vaststellen van een legger als bedoeld artikel 2.39 van de Omgevingswet is voorgeschreven en die op grond van een projectplan, watervergunning, projectbesluit, een omgevingsvergunning zijn aangelegd of gewijzigd ten opzichte van de legger, geldt, zolang vaststelling van een legger of een wijziging van de legger niet heeft plaatsgevonden, dat de ligging, vorm, afmeting en constructie van het waterstaatwerk worden aangehouden, zoals aangegeven in dat projectplan, die watervergunning, dat projectbesluit en die omgevingsvergunning.
Hoofdstuk 3 Toezicht, handhaving en strafbepalingen
Artikel 3.1 Aanwijzing toezichthouders
Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de daartoe door het bestuur aangewezen ambtenaren of andere personen.
Artikel 3.2 Schouw
1Door het bestuur kan schouw worden gevoerd over de waterstaatswerken volgens een door het bestuur vastgesteld schema.
2Het bestuur kan indien het dat nodig acht besluiten een extra schouw te voeren.
3Het bestuur stelt de datum van de schouw vast en maakt die ten minste twee weken tevoren bekend door een algemene bekendmaking.
4De bekendmaking kan in spoedeisende gevallen voor de aanvang van een extra schouw worden vervangen door een persoonlijke mededeling. Daarbij kan met een kortere termijn dan vermeld in het derde worden volstaan.
Artikel 3.3 Strafbepalingen
1Handelen in strijd met de bepalingen van deze onderhoudsverordening en de daarop gebaseerde regelgeving is een overtreding.
2Overtreding van de bepalingen van deze onderhoudsverordening of de daarop gebaseerde regelgeving wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete tot ten hoogste het bedrag van de tweede categorie als genoemd in artikel 23 van het Wetboek van Strafrecht, al dan niet met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak.
3Indien ten tijde van het plegen van de in het eerste lid genoemde overtreding nog geen jaar is verlopen sedert een vroegere veroordeling van de overtreder wegens gelijke overtreding onherroepelijk is geworden, kan hechtenis tot het dubbele van het gestelde maximum worden opgelegd.
Hoofdstuk 4 Slotbepalingen
Artikel 4.1 Overgangsrecht vrijstellingen
Een vrijstelling, zoals bedoeld in artikel 2.10, die is verleend voor de inwerkingtreding van deze onderhoudsverordening wordt geacht ingevolge deze onderhoudsverordening te zijn verleend.
Artikel 4.2 Overgangsrecht handhavingsbesluiten
Als voor de inwerkingtreding van deze verordening een overtreding heeft plaatsgevonden, een overtreding is aangevangen of het gevaar voor een overtreding klaarblijkelijk dreigde, en voor die inwerkingtreding een bestuurlijke sanctie is opgelegd voor die overtreding of dreigende overtreding, blijft het oude recht op die bestuurlijke sanctie van toepassing tot het tijdstip waarop:
a.de beschikking onherroepelijk is geworden en volledig is uitgevoerd of ten uitvoer is gelegd;
b.de beschikking is ingetrokken of is komen te vervallen; of
c.als de beschikking gaat om de oplegging van en last onder dwangsom:
1de last volledig is uitgevoerd;
2de dwangsom volledig is verbeurd en betaald; of
3de last is opgeheven
Artikel 4.3 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op het moment waarop de Omgevingswet in werking treedt.
Artikel 4.4 Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als “Onderhoudsverordening Wetterskip Fryslân 2023”. Aldus vastgesteld in een openbare vergadering van het algemeen bestuur van Wetterskip Fryslân op 22 november 2022.
L.M.B.C. Kroon
Dijkgraaf
O. Bijlsma
Secretaris-directeur