Aanhef
Algemeen Bestuur van Wetterskip Fryslân
gelezen het voorstel d.d. 15 december 2009 van het dagelijks bestuur van Wetterskip Fryslân;
overwegende dat,
Met ingang van 1 januari 2008 het Besluit bodemkwaliteit (BBK) geldt. Het BBK regelt het nuttig toepassen van grond en baggerslib. Het BBK geeft aan een gemeente en waterschap, als bevoegd gezag, de mogelijkheid om gebiedsspecifiek beleid met een normering voor het lokaal toepassen van grond en baggerslib (de lokale maximale waarden) vast te stellen om zo regionale problemen op te lossen. Met de Nota waterbodembeheer geven wij hieraan invulling door 4 zandwinplassen aan te wijzen als gebieden waar de waterbodemkwaliteit mag verslechteren om door het samenbrengen van baggerslib (uit vooral de bebouwde gebieden) een waterkwaliteitsverbetering in het gehele beheergebied te kunnen bereiken.
Gelet op,
het Besluit bodemkwaliteit
b e s l u i t:
vast te stellen de Nota Waterbodembeheer
2. Onderhoud in het bebouwde- en in het landelijke gebied.
2.1 Onderhoud in het bebouwde gebied.
Van oudsher werd het waterbeheer in het bebouwde gebied uitgevoerd door de gemeenten. Zij voerden het onderhoud uit, bedienden de kunstwerken (peilbeheer) en richtten het watersysteem in bij uitbreiding- en herinrichtingsplannen. Met de invoering van de waterschapswet in 1992 is ook het waterbeheer in de bebouwde kom een formele taak van de waterschappen geworden. Dat betekent, dat het waterschap beheerder is van alle watergangen in het bebouwde gebied. Dit beheer omvat mede het onderhoud van bepaalde watergangen en kunstwerken.
In het bebouwde gebied is, om wateroverlast eventueel gevolgd door schade te voorkomen, naast de aanvoer en afvoer van water ook de aanwezigheid van voldoende berging van water van groot belang. In het bebouwde gebied is vaak niet duidelijk wie welke taken met betrekking tot waterbodems moet uitvoeren. Hierdoor komt efficiënte uitvoering van het onderhoudsbaggerwerk mogelijk in het gedrang. Door het ontbreken van de hiervoor benodigde fysieke ruimte is het verspreiden van baggerslib op de oever van de aangrenzende percelen in veel gevallen niet mogelijk.
Uiterlijk in 2010 wil Wetterskip Fryslân met alle gemeenten in het beheergebied afspraken hebben gemaakt over het onderhoud van wateren in het bebouwde gebied. Deze formele afspraken worden vastgelegd in een zogenaamd overdrachtsdocument. De feitelijke overdracht van het onderhoud is uiterlijk in 2015 ook in de laatste gemeente afgerond, als de gemeenten hieraan hun medewerking verlenen.
De uitgangspunten voor de overname van het onderhoud zijn vastgelegd in de notitie “Uitgangspunten voor de overname van het onderhoud in het bebouwde gebied”. De belangrijkste uitgangspunten met betrekking tot het onderhoudsbaggeren zijn:
•Hoofdwateren worden onderhouden door het waterschap. Schouwwateren worden onderhouden door de gemeente. De aanwijzing van beide typen wateren vindt plaats in overleg met de gemeente;
•Waar de verspreiding van baggerslib op de oever niet mogelijk is, wordt de ontvangstplicht in het bebouwde gebied niet geëffectueerd. Het baggerslib wordt hergebruikt of elders als bodem toegepast;
•Hoofdwateren, die niet voldoen aan de in de legger vastgestelde afmetingen, worden voor de overdracht naar het waterschap op de vereiste afmetingen gebracht door deze te baggeren. Alle kosten voor het baggeren, het transporteren en de verwerking van het baggerslib worden 50 %-50 % verdeeld tussen de gemeente en het waterschap;
•Alle kosten met betrekking tot het baggeren, het transporteren en de verwerking van het baggerslib na de overdracht zijn voor het waterschap, mits de gemeente planologische medewerking verleent aan de inrichting van een baggerdepot binnen de gemeentegrenzen. Wil of kan de gemeente dit niet, dan worden nadere afspraken gemaakt over de verrekening van de kosten.
De afspraken over het onderhoud in bebouwde gebieden hebben betrekking op het waterkwantiteitsbeheer. Daarnaast worden er in bebouwde gebieden ook baggerwerkzaamheden ten behoeve van de (recreatie)scheepvaart uitgevoerd. Het uitvoeren van deze baggerwerkzaamheden blijft een taak van de gemeente of de provincie.
De onduidelijkheid over de uitvoering van onderhoudsbaggerwerk in het bebouwde gebied heeft geleid tot een achterstand in de uitvoering. Met het verwijderen van het (achterstallige) baggerslib wordt een verbetering van de waterkwaliteit in het bebouwde gebied en daarmee van de waterkwaliteit in het beheergebied van Wetterskip Fryslân behaald. Om deze inhaalslag uit te kunnen voeren is het noodzakelijk dat er voldoende betaalbare bestemmingen voor het vrijkomende baggerslib voorhanden zijn. Baggerslib, dat niet over aangrenzende percelen verspreid wordt, kan worden toegepast binnen door de gemeente vast te stellen gebiedsspecifiek beleid of in een grootschalige bodemtoepassing. Daarnaast kan het slib naar een erkende verwerker of een baggerdepot afgevoerd worden. Niet verspreidbaar slib, dat voldoet aan de lokale maximale waarden, kan binnen het in deze nota vastgestelde beleid in de aangewezen zandwinplassen als bodem toegepast worden.
2.2 Onderhoud in het landelijke gebied.
Onderhoud in het landelijke gebied wordt uitgevoerd volgens de regelgeving in het Besluit bodemkwaliteit en volgens de werkwijze uit het Beleidsplan onderhoudsbaggeren Wetterskip Fryslân. Een groot deel van het vrijkomende baggerslib wordt over de aangrenzende percelen verspreid. Het verhogen van kades op aan de te baggeren watergang grenzende percelen en eventueel het verhogen van hele aan de watergang grenzende percelen worden eveneens onder het verspreidingsbeleid uitgevoerd. Het toetsingskader voor het verspreidingsbeleid wordt gevormd door de risicobeoordeling msPAF (meer stoffen potentieel aangetaste fractie). Indien vrijkomend baggerslib niet over aangrenzende percelen verspreid, maar op een andere locatie als bodem toegepast wordt, geldt het toetsingskader voor het toepassen van baggerslib als bodem uit het Besluit bodemkwaliteit. Binnen het generieke beleid uit het Besluit bodemkwaliteit is in het landelijke gebied de Achtergrondwaarde de bovengrens voor het toepassen van baggerslib als bodem. Mogelijk biedt door gemeenten vast te stellen gebiedsspecifiek beleid in de toekomst ruimte op slib, dat niet aan de Achtergrondwaarden voldoet, op de landbodem als bodem toe te passen. Hierover is op dit moment nog geen duidelijkheid.
Niet al het in het landelijke gebied vrijkomende licht verontreinigde baggerslib kan over aangrenzende percelen verspreid of op een andere plaats als bodem toegepast worden. Deze situatie doet zich vooral voor in de bredere (boezem)vaarten. Bij het uitvoeren van onderhoudsbaggerwerk in deze vaarten kan er per strekkende meter zo veel baggerslib vrijkomen, dat dit niet allemaal over de aangrenzende percelen verspreid kan worden. Ook voor het in het landelijke gebied vrijkomende niet verspreidbare baggerslib dient uit doelmatigheidsoverwegingen een betaalbare bestemming voorhanden te zijn. Ook dit slib kan, als het aan de normering uit deze nota voldoet, in de aangewezen zandwinplassen als bodem toegepast worden. Bij de vaststelling van de lokale maximale waarden zal daarom niet alleen met de gemeten gehalten in de bebouwde gebieden, maar ook met die in het landelijke gebied rekening gehouden worden.
6. Lokale maximale waarden.
6.1 Kengetallen.
Voor de berekening van het gemiddelde, de mediaan en de percentielwaarden is het beheergebied in de deelgebieden ‘bebouwd gebied’ en ‘landelijk gebied’ verdeeld. Met behulp van de sinds 1999 in het verkennend waterbodemonderzoek verzamelde gegevens zijn voor een groot aantal stoffen, waaronder alle stoffen uit het standaardpakket Besluit bodemkwaliteit, van zowel de gemeten gehalten als van de gecorrigeerde waarden het gemiddelde, de mediaan, de 75-, de 80-, de 90- en de 95-percentielwaarden van de beide gebieden berekend. Bij de berekeningen zijn de overschrijdingen van de kwaliteitsklasse B niet meegenomen. De lokale maximale waarden zijn afgeleid van de naar standaardbodem gecorrigeerde waarden. In bijlage 3 zijn het gemiddelde, de mediaan en de percentielwaarden van de gemeten gehalten weergegeven. In bijlage 4 zijn het gemiddelde, de mediaan en de percentielwaarden van de naar standaardbodem omgerekende waarden opgenomen.
De lokale maximale waarden zijn gelijkgesteld aan de afgeronde 95-percentieelwaarden van de resultaten van het waterbodemonderzoek in het bebouwde- of in het landelijke gebied. Daarmee is gekozen voor de hoogste waarden uit de beide series. Een uitzondering hierop zijn de normen voor barium en de som PAK’s. Voor barium en voor de som 10 PAK’s zijn de 90-percentielwaarden in bebouwd gebied (458 mg/kg respectievelijk 23 mg/kg) aangehouden. Bij waterbodemonderzoek bestaande uit bemonsteringen en analyses is er altijd sprake van enige spreiding. De 95-percentielwaarden voor barium in het landelijke gebied (549 mg/kg) en voor de som PAK’s in bebouwd gebied (36 mg/kg) liggen te dicht bij de maximale waarden voor de kwaliteitsklasse B (625 mg/kg respectievelijk 40 mg/kg) om deze waarden als bovengrenzen voor het gebiedspecifieke beleid te hanteren. Per parameter wordt de maximale waarde voor de kwaliteitsklasse A als ondergrens aangehouden. Voor PAK’s, PCB’s, drins en HCH’s is alleen een norm voor de som vastgesteld. De normering dient voldoende ruimte te bieden voor het milieuhygiënisch verantwoord toepassen van een groot deel van het in beheergebied van Wetterskip Fryslân aanwezige verontreinigde baggerslib, zonder dat er lokaal sprake is van risico’s. Omdat bij de berekeningen alle overschrijdingen van de kwaliteitsklasse B buiten beschouwing gelaten zijn, is, met uitzondering van de parameters barium en de som 10 PAK’s, de keuze van de 95- percentielwaarden verantwoord. In bijlage 5 zijn de lokale maximale waarden opgenomen.
De lokale maximale waarden gelden voor de naar standaardbodem omgerekende gehalten (de gecorrigeerde waarden). Uit het beheergebied van Wetterskip Fryslân afkomstige grond en baggerslib, dat voldoet aan de lokale maximale waarden kan, rekening houdend met de in deze nota geformuleerde voorwaarden, als bodem in de aangewezen zandwinplassen toegepast worden. De maximale waarde voor de kwaliteitsklasse A is de ondergrens voor de lokale maximale waarden. Deze normering geldt voor de licht verontreinigde grond en het licht verontreinigde baggerslib afkomstig uit het beheergebied van Wetterskip Fryslân, ongeacht de aanbieder daarvan. Het toepassen van baggerslib als bodem binnen de regels uit deze Nota waterbodembeheer kan alleen plaatsvinden als tenminste alle stoffen uit het standaardpakket van het Besluit bodemkwaliteit geanalyseerd zijn. De normen gelden alleen voor baggerslib en grond uit het beheergebied van Wetterskip Fryslân. Daarmee wordt invulling gegeven aan standstill op gebiedsniveau.
6.2 Risicotoolbox.
Het Ministerie van Verkeer en Waterstaat heeft voor het toepassen van grond en baggerslib in oppervlaktewater de risicotoolbox waterbodems vastgesteld. Rekening houdend met de gebruiksfuncties en de doelen van het oppervlaktewater zijn maximale waarde voor toe te kennen normen bepaald. Voorbeelden van gebruiksfuncties en doelen zijn: beroepsvisserij, drinkwater, zwemwater, oeverrecreatie en sportvisserij, water voor de landbouw en waterkwaliteit en ecologie.
Met behulp van de (concept) risicotoolbox is vastgesteld dat, rekening houdend met de gebruiksfuncties en de doelen van het oppervlaktewater, de lokale maximale waarden, zoals die weergegeven zijn in bijlage 5, als norm voor het toepassen van baggerslib als bodem in de vier aangewezen zandwinplassen aangehouden kan worden. Bij de toetsing met de risicotoolbox is bij de beoordeling van de humane risico’s rekening gehouden met de functies recreatie in combinatie met visconsumptie.
Bijlage 3 Gemeten waarden in het bebouwde- en in het landelijke gebied.
Gemeten waarden, zoals die verkregen zijn in de het verkennend waterbodemonderzoek in de periode 1999 – 2008.
Resultaten onderzoek waterbodems in het bebouwde gebied in mg/kg droge stof, gemeten waarden, niet omgerekend naar standaardbodem.
Parameter
gemiddelde
mediaan
75p
80p
90p
95p
Antimoon
1,8
1,4
2,0
2,1
3,3
3,9
Arseen
9,0
9,5
10,6
12,0
15,0
17,5
Barium
77,4
66,0
108,3
113,0
140,4
161,3
Cadmium
0,5
0,4
0,6
0,6
0,9
1,0
Chroom
23,2
19,0
31,0
35,0
43,0
50,5
Kobalt
5,4
5,0
7,0
7,6
9,1
11,0
Koper
29,9
20,0
38,0
44,8
65,1
85,0
Kwik
0,3
0,1
0,3
0,3
0,6
1,1
Lood
57,8
37,5
72,5
81,8
120,6
180,0
Molybdeen
1,0
0,8
1,0
1,1
1,7
2,7
Nikkel
13,6
12,0
17,8
20,0
24,2
29,0
Tin
12,6
5,7
9,9
10,6
26,8
47,2
Vanadium
34,4
32,0
47,6
52,5
59,1
66,2
Zink
156,1
110,0
209,6
230,0
326,5
410,0
PAK
6,7
2,2
5,9
8,0
13,0
20,0
minerale olie
396,9
170,0
400,0
540,0
994,0
1395,7
Aldrin
0,0298
0,0030
0,0050
0,0050
0,0050
0,0076
Dieldrin
0,0315
0,0031
0,0050
0,0050
0,0050
0,0076
Endrin
0,0298
0,0030
0,0050
0,0050
0,0050
0,0076
Isodrin
0,0298
0,0030
0,0050
0,0050
0,0050
0,0078
Telodrin
0,0610
0,0030
0,0050
0,0050
0,0050
0,0078
Chloordaan
0,5058
0,0078
0,0109
0,0156
1,7508
3,4100
DDT/DDE/DDD
0,0233
0,0112
0,0258
0,0271
0,0310
0,1178
PCB 101
0,1010
0,0050
0,0050
0,0050
0,0098
0,0254
PCB 118
0,0392
0,0049
0,0050
0,0050
0,0050
0,0113
PCB 138
0,0869
0,0050
0,0050
0,0050
0,0103
0,0245
PCB 153
0,1002
0,0050
0,0050
0,0050
0,0096
0,0249
PCB 180
0,0694
0,0050
0,0050
0,0050
0,0065
0,0205
PCB 28
0,0387
0,0043
0,0050
0,0050
0,0050
0,0092
PCB 52
0,0322
0,0050
0,0050
0,0050
0,0050
0,0157
a-HCH
0,0936
0,0030
0,0050
0,0050
0,0050
0,0076
ß-HCH
0,0453
0,0050
0,0050
0,0050
0,0050
0,0175
y-HCH (lindaan)
0,0506
0,0050
0,0050
0,0050
0,0057
0,0175
d-HCH
0,0456
0,0050
0,0050
0,0050
0,0050
0,0130
Heptachloor
0,0289
0,0030
0,0050
0,0050
0,0050
0,0062
heptachloorepoxide(som)
0,0316
0,0020
0,0050
0,0050
0,0050
0,0085
Hexachloorbenzeen
0,0306
0,0035
0,0050
0,0050
0,0050
0,0099
Hexachloorbutadieen
0,0488
0,0050
0,0050
0,0050
0,0050
0,0050
Pentachloorbenzenen
0,0020
0,0002
0,0006
0,0009
0,0011
0,0020
a-endosulfan
0,0296
0,0030
0,0050
0,0050
0,0050
0,0076
CN
2,84
2,03
3,50
4,06
5,16
5,96
Sufaat
1357
815
1650
2040
2800
3700
Resultaten onderzoek waterbodems in het landelijke gebied in mg/kg droge stof, gemeten waarden, niet omgerekend naar standaardbodem.
Parameter
gemiddelde
mediaan
75p
80p
90p
95p
Antimoon
1,9
2,0
2,0
2,0
2,9
4,0
Arseen
10,9
10,0
14,0
15,0
18,0
21,0
Barium
76,9
55,0
93,0
110,0
156,0
210,0
Cadmium
0,5
0,4
0,6
0,7
1,1
1,6
Chroom
31,5
29,0
40,0
42,0
49,0
57,0
Kobalt
6,2
5,9
8,2
8,6
10,0
12,0
Koper
29,6
19,0
33,2
38,7
62,0
91,0
Kwik
0,3
0,1
0,3
0,3
0,6
1,0
Lood
65,5
33,0
65,0
77,6
130,0
200,0
Molybdeen
1,1
1,0
1,1
1,4
2,0
2,7
Nikkel
17,8
16,0
23,0
24,9
29,0
35,0
Tin
11,0
3,0
8,6
11,0
20,0
32,3
Vanadium
42,0
41,0
57,0
60,0
68,0
73,0
Zink
160,8
99,0
180,0
220,0
360,2
520,0
PAK
3,8
1,5
4,1
5,2
9,4
15,0
Minerale olie
221,3
100,0
220,0
275,8
509,0
779,5
Aldrin
0,0068
0,0005
0,0005
0,0010
0,0050
0,0050
Dieldrin
0,0061
0,0010
0,0010
0,0013
0,0050
0,0050
Endrin
0,0057
0,0005
0,0008
0,0010
0,0050
0,0050
Isodrin
0,0057
0,0005
0,0005
0,0006
0,0050
0,0050
Telodrin
0,0057
0,0005
0,0005
0,0008
0,0050
0,0050
Chloordaan
0,3156
0,0070
0,0160
0,0168
0,0197
3,1360
DDT/DDE/DDD
0,0573
0,0110
0,0360
0,0402
0,0548
0,1040
PCB 101
0,0297
0,0019
0,0050
0,0050
0,0086
0,0130
PCB 118
0,0129
0,0008
0,0028
0,0046
0,0050
0,0056
PCB 138
0,0305
0,0015
0,0050
0,0050
0,0074
0,0130
PCB 153
0,0302
0,0017
0,0050
0,0050
0,0085
0,0153
PCB 180
0,0233
0,0010
0,0038
0,0050
0,0050
0,0080
PCB 28
0,0136
0,0005
0,0016
0,0023
0,0050
0,0050
PCB 52
0,0141
0,0007
0,0027
0,0048
0,0050
0,0064
a -HCH
0,0053
0,0005
0,0009
0,0010
0,0050
0,0050
ß-HCH
0,0240
0,0050
0,0050
0,0050
0,0050
0,0072
y-HCH (lindaan)
0,0304
0,0050
0,0050
0,0050
0,0050
0,0120
d-HCH
0,0320
0,0050
0,0050
0,0050
0,0050
0,0104
Heptachloor
0,0055
0,0002
0,0003
0,0006
0,0050
0,0050
Heptachloorepoxide(som)
0,0075
0,0005
0,0005
0,0005
0,0050
0,0050
Hexachloorbenzeen
0,0063
0,0002
0,0010
0,0020
0,0050
0,0050
Hexachloorbutadieen
0,0272
0,0050
0,0050
0,0050
0,0050
0,0050
Pentachloorbenzenen
0,0005
0,0002
0,0002
0,0002
0,0005
0,0010
a-endosulfan
0,0080
0,0005
0,0005
0,0007
0,0050
0,0050
CN
3,88
3,00
4,50
5,40
8,10
11,00
Sulfaat
979
620
1200
1500
2140
3
Bijlage 4 Gecorrigeerde waarden in het bebouwde- en in het landelijke gebied.
Resultaten onderzoek waterbodems in het bebouwde gebied in mg/kg droge stof omgerekend naar standaardbodem (10 % organische stof en 25 % lutum).
parameter
gemiddelde
Mediaan
75p
80p
90p
95p
antimoon
2
1
3
3
4
7
arseen
12
11
14
15
18
20
barium
240
168
305
340
458
517
cadmium
1
1
1
1
1
1
chroom
41
31
46
48
65
95
kobalt
10
8
10
11
13
15
koper
44
24
51
60
91
124
kwik
0,9
0,1
0,4
0,5
0,9
1,7
lood
114
45
89
102
178
277
molybdeen
1
1
1
2
3
4
nikkel
20
16
20
22
30
38
tin
37
14
22
26
73
123
vanadium
53
47
54
56
64
70
zink
223
150
252
287
477
66
PAK
9,5
3
9,3
13
23
36
minerale olie
452
250
558
650
1192
1400
aldrin
0,0279
0,0031
0,0085
0,0107
0,0166
0,0217
dieldrin
0,0341
0,0033
0,0091
0,0107
0,0166
0,0217
endrin
0,0279
0,0030
0,0091
0,0107
0,0166
0,0217
isodrin
0,0277
0,0027
0,0084
0,0106
0,0161
0,0217
telodrin
0,0388
0,0027
0,0084
0,0106
0,0161
0,0217
som drins
0,1563
0,0149
0,0435
0,0532
0,0821
0,1086
chloordaan
0,4080
0,0145
0,0272
0,0295
1,2382
2,4767
DDT/DDE/DDD
0,0506
0,0099
0,0159
0,0263
0,0982
0,2324
PCB 101
0,1651
0,0053
0,0109
0,0131
0,0188
0,0259
PCB 118
0,0462
0,0040
0,0093
0,0111
0,0179
0,0250
PCB 138
0,0952
0,0058
0,0112
0,0135
0,0203
0,0250
PCB 153
0,1031
0,0060
0,0112
0,0140
0,0226
0,0286
PCB 180
0,0759
0,0047
0,0098
0,0111
0,0175
0,0250
PCB 28
0,0468
0,0036
0,0090
0,0111
0,0179
0,0250
PCB 52
0,0349
0,0039
0,0094
0,0109
0,0175
0,0250
som PCB's
0,5672
0,0333
0,0708
0,0848
0,1326
0,1795
a -HCH
0,0515
0,0029
0,0084
0,0106
0,0161
0,0217
ß-HCH
0,0480
0,0058
0,0111
0,0132
0,0196
0,0250
y -HCH (lindaan)
0,0640
0,0058
0,0121
0,0137
0,0200
0,0250
d-HCH
0,0377
0,0067
0,0125
0,0138
0,0200
0,0250
som HCH's
0,2012
0,0211
0,0441
0,0513
0,0757
0,0967
heptachloor
0,0275
0,0027
0,0083
0,0106
0,0161
0,0217
heptachloorepoxide (som)
0,0323
0,0026
0,0091
0,0111
0,0180
0,0250
hexachloorbenzeen
0,0293
0,0032
0,0090
0,0109
0,0179
0,0250
hexachloorbutadieen
0,0406
0,0064
0,0123
0,0137
0,0200
0,0250
pentachloorbenzenen
0,0060
0,0003
0,0010
0,0011
0,0017
0,0022
a -endosulfan
0,0277
0,0027
0,0085
0,0107
0,0161
0,0217
Cl
3824
949
2577
3082
14628
21023
CN
4,6
3,4
5,0
5,5
8,7
12,9
sulfaat
1709
1958
2116
2131
2233
2692
Resultaten onderzoek waterbodems in het landelijke gebied in mg/kg droge stof omgerekend naar standaardbodem (10 % organische stof en 25 % lutum).
parameter
gemiddelde
Mediaan
75p
80p
90p
95p
antimoon
2
2
2
2
3
4
arseen
12
11
14
15
17
21
barium
170
90
230
276
399
549
cadmium
1
0
1
1
1
2
chroom
60
36
46
49
66
110
kobalt
8
7
9
10
14
16
koper
35
22
40
47
73
109
kwik
0,3
0,1
0,3
0,4
0,8
1,3
lood
74
36
73
92
147
241
molybdeen
1
1
1
1
2
3
nikkel
27
18
24
26
35
51
tin
23
5
15
20
35
70
vanadium
52
51
56
57
62
67
zink
208
119
230
276
455
658
PAK
4
2
4
6
10
16
minerale olie
224
114
254
318
539
852
aldrin
0,0114
0,0004
0,0009
0,0013
0,0066
0,0098
dieldrin
0,0101
0,0007
0,0017
0,0021
0,0066
0,0101
endrin
0,0081
0,0004
0,0009
0,0015
0,0063
0,0097
isodrin
0,0082
0,0003
0,0007
0,0011
0,0065
0,0097
telodrin
0,0081
0,0004
0,0008
0,0011
0,0063
0,0094
som drins
0,0459
0,0021
0,0049
0,0071
0,0322
0,0488
chloordaan
0,2315
0,0163
0,0238
0,0256
0,3852
1,8611
DDT/DDE/DDD
0,0519
0,0316
0,0501
0,0557
0,0678
0,0804
PCB 101
0,0200
0,0017
0,0051
0,0067
0,0100
0,0140
PCB 118
0,0081
0,0008
0,0023
0,0033
0,0069
0,0103
PCB 138
0,0214
0,0014
0,0043
0,0056
0,0094
0,0148
PCB 153
0,0228
0,0016
0,0049
0,0064
0,0096
0,0167
PCB 180
0,0161
0,0009
0,0029
0,0039
0,0079
0,0116
PCB 28
0,0097
0,0006
0,0016
0,0021
0,0065
0,0091
PCB 52
0,0100
0,0007
0,0022
0,0033
0,0070
0,0111
som PCB’s
0,1080
0,0078
0,0232
0,0312
0,0573
0,0876
a-HCH
0,0063
0,0004
0,0009
0,0013
0,0063
0,0097
ß-HCH
0,0270
0,0054
0,0091
0,0106
0,0149
0,0199
y-HCH (lindaan)
0,0585
0,0054
0,0093
0,0110
0,0150
0,0237
d-HCH
0,0418
0,0067
0,0100
0,0114
0,0150
0,0210
som HCH’s
0,1336
0,0178
0,0293
0,0343
0,0512
0,0743
heptachloor
0,0070
0,0001
0,0004
0,0006
0,0051
0,0091
heptachloorepoxide (som)
0,0054
0,0002
0,0006
0,0008
0,0053
0,0089
hexachloorbenzeen
0,0133
0,0003
0,0011
0,0018
0,0066
0,0096
hexachloorbutadieen
0,0210
0,0066
0,0091
0,0101
0,0128
0,0177
pentachloorbenzenen
0,0029
0,0002
0,0003
0,0003
0,0006
0,001
a -endosulfan
0,0182
0,0002
0,0007
0,0009
0,0054
0,0091
Cl
823
236
488
604
1235
2382
CN
5,5
2,7
3,8
4,3
5,6
6,9
sulfaat
947
692
1228
1480
1982
2309
Bijlage 5 Lokale maximale waarden voor het opvullen van aangewezen zandwinplassen met baggerslib en grond uit het beheergebied van Wetterskip Fryslân.
Parameter
lokale maximale waarden in mg/kg droge stof, omgerekend naar standaardbodem*
Antimoon
7
Arseen
29
Barium
458
Cadmium
4
Chroom
120
Kobalt
25
Koper
124
Kwik
1,7
Lood
277
Molybdeen
5
Nikkel
51
Tin
123
Vanadium
80
Zink
663
Som 10 PAK
23
minerale olie
1400
Som drins
0,11
Chloordaan
2,5
DDT/DDE/DDD
0,3
Som 7 PCB’s
0,18
Som HCH’s
0,1
Heptachloor
0,022
heptachloorepoxide (som)
0,025
Hexachloorbenzeen
0,044
Hexachloorbutadieen
0,025
Pentachloorbenzenen
0,007
a -endosulfan
0,022
CN
13
* De lokale maximale waarden gelden voor de naar standaard bodem omgerekende waarden. Voor niet in deze bijlage weergegeven parameters geldt de maximale waarde voor de kwaliteitsklasse A als bovengrens. Voor grond en voor baggerslib afkomstig uit andere gebieden dan het beheergebied van Wetterskip Fryslân geldt, conform de regelgeving uit het Besluit bodemkwaliteit, de Achtergrondwaarde uit bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit als bovengrens.