Aanhef
Het dagelijks bestuur van Wetterskip Fryslân;
Overwegende dat het waterschap in het kader van zijn taak rioolwaterpersleidingen aanlegt en onderhoudt;
Overwegende dat het waterschap vergoedingen toekent in verband met schade en kosten in verband met de aanleg van persleidingen en de vestiging van zakelijke rechten;
Overwegende dat het gewenst is om duidelijkheid te geven over de vergoedingen die het waterschap toekent.
Besluit:
Tekst
1De volgende vergoedingen te hanteren (gewijzigd 1/1/2026):
Activiteit
Kostensoort
Vergoeding
Rechthebbende
Aanleg, wijziging/vervanging en onderhoud van rioolwaterpersleidingen
Gewasschade
Bedrag per m2
conform
tarieven teeltjaar van LTO en Netbeheer Nederland en Vewin
Gebruiker
Aanleg en wijziging/vervanging van rioolwaterpersleidingen
Structuurschade
€ 0,10 per m2
Gebruiker of eigenaar
Aanleg en wijziging/vervanging van rioolwaterpersleidingen
Mestschade
€ 0,0095 per m2
per maand
Gebruiker
Aanleg van rioolwaterpersleidingen
Entreegeld
€ 0,25 per m2
Gebruiker
Vestiging zakelijk recht
Medewerkingsvergoeding
bij vestiging (speelt enkel bij aanleg)
€ 1.200,-
Gebruiker en eigenaar elk
50%
Recht van opstal (speelt enkel bij aanleg)
Bedrag per m2
conform
LTO-Gasunietabel
Eigenaar
2Dit besluit kan worden aangehaald als “Leidraad vergoedingen persleidingen”.
3Het besluit treedt in werking op de dag na vaststelling.
Toelichting leidraad vergoedingen persleidingen
A. Inleiding
Tot de taken van het waterschap behoort de zuivering van afvalwater. In dat kader exploiteert en onderhoudt het waterschap rioolwaterzuiveringsinstallaties. Rioolwaterpersleidingen worden aangelegd om het afvalwater naar de zuiveringsinstallatie te transporteren. De persleidingen liggen op een bepaalde diepte en verbinden de rioolgemalen in bebouwd gebied met de rioolwaterzuiveringsinstallaties op diverse plaatsen in het beheergebied. Ten behoeve van het leggen van persleidingen vestigt het waterschap een recht van opstal. Het waterschap voert daartoe onderhandelingen met de eigenaren en gebruikers van gronden. Indien het niet mogelijk is om overeenstemming te bereiken kan een gedoogverplichting worden opgelegd ingevolge artikel 10.13 van de Omgevingswet mits de belangen van rechthebbenden onteigening redelijkerwijs niet vorderen en in het gebruik van de onroerende zaak niet meer belemmering wordt gebracht dan redelijkerwijs voor de aanleg en instandhouding van het werk nodig is. Op basis van artikel 15.14 Omgevingswet wordt de schadevergoeding bepaald. Indien een rechthebbende het daarmee oneens is, kan schadevergoeding worden gevorderd bij de civiele rechter.
De functie van deze leidraad is het geven van duidelijkheid over de vergoedingen die het waterschap toekent. Het waterschap onderscheidt de volgende vergoedingen:
1Vergoeding voor schade, veroorzaakt bij de aanleg of wijziging van persleidingen.
Het gaat hierbij om gewasschade, structuurschade aan gronden en mestschade.
2Vergoeding voor het afsluiten van overeenkomsten tot het vestigen van zakelijk recht, het recht om de persleiding in gronden van derden te hebben en entreegeld om het werk uit te kunnen voeren.
In het navolgende worden de verschillende vergoedingen nader toegelicht.
B. Vergoedingen
1Vergoeding voor schade en kosten veroorzaakt bij de aanleg of wijziging (inclusief vervanging) van persleidingen
De schade kan bestaan uit gewasschade, structuurschade en mestschade. Het gaat om schade die ontstaat tijdens de werkzaamheden. De hoogte van de vergoedingen voor gewasschade staat vermeld in de Schadevergoedingsregeling Waterstaatswerken Wetterskip Fryslân en die is weer gebaseerd op de tarieven teeltjaar van LTO, Netbeheer Nederland en Vewin. De hoogte van mestschade sluit aan bij de berekeningswijze vermeld in de schadevergoedingsregeling (zie hieronder). De hoogte van het entreegeld en de structuurschade stelt het waterschap zelf vast.
Periodieke herziening van tarieven en bedragen
De bedragen uit deze leidraad (behalve de gewasschade en mestschade) worden jaarlijks per 1 januari op basis van het consumentenprijsindexcijfer (CPI) aangepast. De gewasschade volgt als gezegd uit de lijst van LTO, Netbeheer Nederland en Vewin, die ieder jaar rond juni bekendgemaakt wordt. De mestschade kan worden gewijzigd als het derogatie-beleid weer verandert of de afvoerprijzen van mest.
Gewasschade
Een vergoeding voor gewasschade wordt toegekend indien opbrengstschade wordt geleden. De schadevergoeding wordt toegekend aan de gebruikers van gronden. De eigenaren lijden geen gewasschade, zodat er geen reden is om hen gewasschade toe te kennen.
Structuurschade
De vergoeding voor structuurschade wordt toegekend indien door het leggen van leidingen schade ontstaat aan gronden. De schadevergoeding wordt toegekend aan de gebruikers, echter alleen als zij na de start van de werkzaamheden de gronden nog tenminste een jaar in gebruik hebben. Als dat niet het geval is ontvangt de eigenaar de vergoeding. De reden hiervoor is dat – anders dan bij gewasschade – de schade zich over een langere periode manifesteert.
Mestschade
Mestschade ontstaat doordat gronden die tijdelijk niet in gebruik zijn en derhalve niet mogen worden opgegeven in het kader van de mestwetgeving. Het verlies van een oppervlakte grond leidt tot mestschade wanneer een agrariër zelf geen plaatsingsruimte meer heeft en gedwongen wordt om mest af te voeren. Ook als er voldoende ruimte is, is er schade omdat de agrariër de ruimte die over is niet kan gebruiken voor het plaatsen van mest die van elders wordt aangevoerd. De schadevergoeding in verband met de mestwetgeving wordt berekend volgens de volgende formule: de door de Europese commissie toegestane hoeveelheid stikstof per hectare gedeeld door de hoeveelheid stikstof per m3 mest maal de afvoerkosten per m3. De mestschade kan dan als volgt worden berekend:
•170 kg stikstof per hectare;
•circa 4,5 kg stikstof per m3 mest;
•afvoer mest kost circa € 30,- per m3;
De mestplaatsingsruimte is 170 kg N/4,5 kg N is 38 m3 mest per hectare. De mestschade die optreedt als gevolg van het verlies van grond is 38 m3 maal € 30,- is circa € 114,- per hectare per jaar. Dit is € 0,0095 (afgerond) per m2 per maand.
Deze regeling wordt ook gebruikt bij schade door onderhoud of aanleg van waterstaats- werken, zie de Schadevergoedingsregeling waterstaatswerken. De schadevergoeding wordt toegekend aan de gebruikers van gronden. De eigenaren lijden geen schade zodat er geen reden is om hen mestschade toe te kennen.
Entreevergoeding
De vergoeding wordt toegekend in verband met de overlast wegens het gebruik van de gronden bij de aanleg van de leiding.
Het waterschap kent deze vergoeding toe aan gebruikers voor de medewerking die zij verlenen aan het aanleggen van de persleiding.
2Vergoeding voor het afsluiten van overeenkomsten tot het vestigen van zakelijk recht en het recht om persleidingen te hebben in gronden van derden
Meewerkvergoeding
De vergoeding wordt toegekend voor het meewerken aan het afsluiten van de overeenkomst tot vestiging van het zakelijk recht. Het betreft een éénmalige vergoeding. De vergoeding voor het sluiten van de overeenkomst wordt toegekend aan zowel de eigenaar als de gebruiker. Zij ontvangen elk 50% van de vergoeding. Indien de eigenaar tevens gebruiker is ontvangt deze 100%.
Recht van opstal
Voor het vestigen van een recht van opstal op het eigendom van derden wordt aan deze derden een vergoeding toegekend. Het betreft een bedrag per m2 belemmerende strook. Het waterschap baseert zich voor wat betreft de hoogte van de vergoeding op de LTO-Gasunie tabel. De vergoeding voor het hebben van een persleiding wordt toegekend aan de eigenaar van gronden. Is er een zakelijk gerechtigde in de vorm van een recht van erfpacht, wordt deze vergoeding verdeeld in een verhouding van 70-30 voor eigenaar-erfpachter.