Aanhef
Overwegende dat het gewenst is om ter advisering aan het Algemeen Bestuur adviescommissies in te stellen en voor de vergaderingen van de adviescommissies een reglement van orde vast te stellen;
gelet op artikel 56 en 59 van de Waterschapswet en artikel 1.6 van het Reglement van Orde voor het Algemeen Bestuur 2024;
BESLUIT:
vast te stellen het volgende reglement tot instelling van adviescommissies aan het College van Dijkgraaf en Heemraden waarbij taken, samenstelling en werkwijze van de adviescommissies nader worden aangegeven.
1. ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1.1 Begripsomschrijving
Dit reglement hanteert de begripsomschrijvingen uit het Reglement van Orde voor het Algemeen Bestuur 2024.
Artikel 1.2 In te stellen adviescommissies
Ter advisering van het college worden de volgende vaste adviescommissies ingesteld:
a.Commissie Waterveiligheid;
b.Commissie Watersysteem;
c.Commissie Waterketen;
d.Commissie Middelen.
Artikel 1.3 Taken en bevoegdheden adviescommissies
1De adviescommissies kunnen op eigen initiatief, danwel op verzoek van het college, advies uitbrengen over voorstellen die door het college aan het Algemeen Bestuur worden gedaan.
2De adviescommissies kunnen op eigen initiatief, danwel op verzoek van het college of van het Algemeen Bestuur, advies uitbrengen omtrent onderwerpen over het taakonderdeel van de adviescommissie.
3De taakverdeling van de vaste adviescommissies luidt als volgt:
a.Commissie Waterveiligheid: advisering over het beleid op het gebied van HWBP, zorgplicht, muskus- en beverrattenbeheer, bevers, Integraal Rivier Management en uitvoering schadebeleid en schadeafhandeling bij dijkversterkingen.
b.Commissie Watersysteem: advisering over beleid op het gebied van peilbesluiten en peilbeheer, watertekort en droogte, baggeren, klimaatadaptatie en wateroverlast, veenweide, grondwater, gebiedsprogramma A5H, regionale keringen, Water en Bodem Sturend, NPLG, waterkwaliteit, KRW, nieuwe stoffen en zwemwater.
c.Commissie Waterketen: advisering over beleid op het gebied van zuiveren, slibeindverwerking, energietransitie, circulariteit, richtlijn stedelijk afvalwater, stikstof en biodiversiteit.
d.Commissie Middelen: advisering over beleid op het gebied van financiën, schades, organisatie, innovatie, digitale transformatie, vergunningen, handhaving, participatie, communicatie, wegen, vaarwegen, cultureel erfgoed, internationale zaken en informatiebeveiliging.
Artikel 1.4 Samenstelling van de adviescommissies
1De adviescommissies bestaan minimaal uit hetzelfde aantal leden als het aantal fracties in het Algemeen Bestuur: iedere fractie is in iedere adviescommissie vertegenwoordigd. Fracties kunnen ervoor kiezen met twee leden in een adviescommissie zitting te nemen. Fracties kunnen zich door een andere fractie te laten vertegenwoordigen.
2Leden van de adviescommissie worden aangewezen door de fracties uit hun AB-leden en commissieleden. Iedere fractie wijst voor ieder lid van een adviescommissie tevens een plaatsvervanger aan.
3Heemraden kunnen niet aangewezen worden als (plaatsvervangend) lid van een adviescommissie.
4De commissievoorzitter is geen lid van de adviescommissie.
5In geval zowel het lid van een adviescommissie van een fractie als diens plaatsvervanger verhinderd is, kan een fractie zich laten vertegenwoordigen door een ander AB-lid of commissielid van diezelfde fractie of door een lid van de adviescommissie van een andere fractie.
6Een fractie meldt een wijziging in de vertegenwoordiging in de adviescommissies altijd in het Fractievoorzittersoverleg.
7De leden van een adviescommissie kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij dienen dit ontslag schriftelijk in bij het Fractievoorzittersoverleg. Zij blijven hun functie vervullen totdat in hun opvolging is voorzien.
8De leden van een adviescommissie treden af op de dag waarop de bestuursperiode van het Algemeen Bestuur van het waterschap eindigt.
Artikel 1.5 Secretariaat
1De adviescommissie wordt bijgestaan door een secretaris. De secretaris is lid van de directieraad. De secretaris-directeur kan desgewenst ambtenaren van het waterschap aanwijzen als plaatsvervanger.
2De secretaris wordt bij uitoefening van de werkzaamheden bijgestaan door een bestuursadviseur.
Artikel 1.6 Aanwezigheid leden van het college
1De leden van het college die belast zijn met de portefeuille waarover de adviescommissie adviezen uitbrengt wonen de vergadering bij en kunnen door de commissievoorzitter om een toelichting worden gevraagd.
2. VERGADERINGEN
Artikel 2.1 Vergaderfrequentie, tijdstip en plaats
1Vergaderingen van de adviescommissie vinden plaats overeenkomstig een jaarlijks op te stellen vergaderschema en worden gehouden in het kantoorgebouw van het waterschap in Tiel.
2De commissievoorzitter kan om dringende redenen afwijken van de in de Agendacommissie bepaalde dag en het aanvangstijdstip van de vergadering van de adviescommissie.
3Een adviescommissie vergadert in afwijking van het vergaderschema zoals vastgesteld in de Agendacommissie, indien minimaal drie leden daarom verzoeken. De reden daarvoor wordt vooraf kenbaar gemaakt.
Artikel 2.2 Oproeping, agenda, voorstellen
1De commissievoorzitter draagt er zorg voor dat de leden schriftelijk voor de vergadering worden opgeroepen.
2De oproeping geschiedt ten minste zeven dagen voor het houden van de vergadering. De agenda en de bij de agenda behorende vergaderstukken worden tegelijk met de oproeping verzonden. Indien stukken eerder beschikbaar zijn worden zij zo spoedig mogelijk digitaal beschikbaar gesteld.
3Bij de oproeping worden de te behandelen agendapunten vermeld. Tevens wordt de termijn benoemd waarbinnen technische vragen aangaande de agendapunten vragen gesteld kunnen worden. Het college draagt er zorg voor dat uiterlijk op de dag van de vergadering de antwoorden beschikbaar zijn en worden gepubliceerd.
4De commissievoorzitter kan in bijzondere gevallen met opgave van redenen een vergadering laten vervallen. De commissievoorzitter bericht de leden ten minste zeven dagen voor de dag waarop de vergadering zou worden gehouden.
5Ieder lid van de adviescommissie kan na een uur vergaderen verzoeken om de vergadering gedurende ten minste vijf minuten te schorsen.
Artikel 2.3 Verslaglegging
1Datgene wat tijdens de vergadering wordt besproken, wordt vastgelegd met digitale opnamen. Daarnaast wordt een integraal verslag gemaakt, dat geldt als het verslag van de vergadering.
2Van de vergaderingen wordt tevens een advies- en actielijst gemaakt. Deze advies- en actielijst bevat ten minste:
a.de namen van de leden die aanwezig, danwel met kennisgeving afwezig waren;
b.een beknopte vermelding van de mededelingen, voorstellen, overwegingen, toezeggingen, acties en adviezen
c.de aanduiding hamerstuk of bespreekstuk per voorstel dat doorgeleid wordt naar het Algemeen Bestuur
3Indien de vergadering plaatsvindt op een locatie waar hetzij geen bruikbare hetzij geen digitale opnamen gemaakt kunnen worden, worden uitsluitend het integrale verslag en de advies- en actielijst van de vergadering gemaakt.
4Het verslag en de advies- en actielijst worden in ontwerp aan de leden toegezonden en in de eerstvolgende vergadering vastgesteld.
Artikel 2.4 Opening van de vergadering en quorum
1De commissievoorzitter opent de vergadering niet, voordat meer dan de helft van het aantal zitting hebbende AB-leden en commissieleden aanwezig is.
2Indien 30 minuten na het tijdstip waarop de opening van de vergadering is vastgesteld, het vereiste quorum niet aanwezig is, wordt door de commissievoorzitter geconstateerd dat wegens te geringe opkomst de vergadering niet kan worden gehouden.
3Indien het vereiste aantal leden niet aanwezig is, bepaalt de commissievoorzitter, in overleg met de aanwezige leden, het tijdstip van de volgende vergadering. Tussen deze vergadering en de eerste liggen ten minste zeven dagen.
Artikel 2.5 Beraadslaging
1In de beraadslagingen treedt per onderwerp steeds één woordvoerder per fractie op.
2De adviescommissie kan op voorstel van de commissievoorzitter of een lid van de commissie beslissen om over één of meer onderdelen van een onderwerp of voorstel afzonderlijk te beraadslagen.
3Op verzoek van de commissievoorzitter of een lid van de commissie kan de adviescommissie besluiten de beraadslaging voor een door de commissie te bepalen tijd te schorsen teneinde de vertegenwoordiger van het college of de leden van de commissie de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode verstreken is.
Artikel 2.6 Spreektermijnen
1De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in twee termijnen, tenzij de adviescommissie anders beslist.
2Elke spreektermijn wordt door de commissievoorzitter afgesloten.
3Een lid van de commissie mag in een termijn niet meer dan éénmaal het woord voeren. Tenzij er sprake is van een voorstel van orde.
Artikel 2.7 Spreektijd
1Op voorstel van de commissievoorzitter of een lid van de adviescommissie kan de adviescommissie voor daarbij te bepalen onderwerpen de spreektijd per fractie vaststellen.
Artikel 2.8 Handhaving van de orde
1De commissievoorzitter is belast met het handhaven van de orde bij de beraadslagingen.
2De commissievoorzitter zorgt voor de handhaving van de orde in de vergadering en is bevoegd, wanneer die orde op enigerlei wijze wordt verstoord, de vergadering voor een door de commissievoorzitter te bepalen tijd te schorsen of te sluiten. Wanneer de orde op enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, is de commissievoorzitter bevoegd om deze en zo nodig andere toehoorders te doen vertrekken.
3Indien een spreker beledigende of ongepaste uitdrukkingen gebruikt, afwijkt van de zaak in behandeling of op andere wijze de orde verstoort, wordt de spreker door de commissievoorzitter tot de orde geroepen.
4Als de spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de commissievoorzitter de spreker het woord ontnemen. In de vergadering waarin een lid van de adviescommissie het woord is ontnomen, mag het lid niet meer aan de beraadslagingen over dat agendapunt deelnemen.
Artikel 2.9 Einde beraadslaging
1Wanneer de commissievoorzitter vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is besproken, sluit de commissievoorzitter de beraadslaging.
Artikel 2.10 Spreekrecht toehoorders
1De commissievoorzitter stelt toehoorders bij een openbare vergadering op hun verzoek in de gelegenheid in de vergadering het woord te voeren.
2Toehoorders kunnen over hetzelfde onderwerp in één commissie inspreken.
3Het verzoek dient uiterlijk voor het begin van de vergadering bij de secretaris te worden ingediend.
4De commissievoorzitter stelt degene die daartoe een verzoek heeft ingediend op een door de commissievoorzitter te bepalen moment in de gelegenheid het woord te voeren gedurende maximaal 5 minuten. De totale spreektijd voor toehoorders per onderwerp is beperkt tot 15 minuten. De commissievoorzitter kan in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.
5De commissievoorzitter geeft de sprekers het woord op volgorde van aanmelding. De commissievoorzitter kan van de volgorde afwijken als dit in het belang is van de orde van de vergadering.
Artikel 2.11 Openbaarheid
1De vergaderingen van de adviescommissies zijn openbaar, tenzij het openbaar belang zich daartegen verzet of bij de aangelegenheid betrokken personen of derden onevenredig in hun belangen zouden kunnen worden bevoordeeld of geschaad.
2Wanneer twee leden dat verzoeken, of de commissievoorzitter het nodig oordeelt kan de adviescommissie beslissen om een besloten vergadering te houden.
3Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van dit reglement van overeenkomstige toepassing voor zover deze bepalingen niet strijdig zijn met het besloten karakter van de vergadering.
4Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de adviescommissie of omtrent de inhoud van de stukken en het verhandelde de geheimhouding zal gelden.
5De geheimhouding wordt zowel door hen die bij de behandeling tegenwoordig waren, als door hen die op andere wijze van het behandelde of van de stukken kennisnemen, in acht genomen totdat de adviescommissie haar opheft.
6Zoals in de Wet open overheid is bepaald, kan de geheimhouding eveneens worden opgelegd door het Algemeen Bestuur, het college en de voorzitter van het waterschap, ieder ten aanzien van stukken die zij aan het Algemeen Bestuur of aan de leden van dit bestuur overleggen. Daarvan wordt op de stukken melding gemaakt.
7De geheimhouding op te heffen wordt als bedoeld in het zesde lid wordt in acht genomen totdat het orgaan dat de verplichting heeft opgelegd haar opheft.
Artikel 2.12 Adviseurs en derden
1De secretaris van de adviescommissie bepaalt in overleg met de commissievoorzitter of, en zo ja, wie als ambtelijke adviseurs bij de adviescommissies worden uitgenodigd.
3. ADVISERING
Artikel 3.1 Deelnamen aan de beraadslaging
1De leden van een adviescommissie nemen niet deel aan de behandeling van een aangelegenheid die de leden van de adviescommissie, rechtstreeks of middellijk, persoonlijk aangaat of het lid van de adviescommissie als gemachtigde op enigerlei wijze, direct of indirect, is betrokken.
Artikel 3.2 Het uitbrengen van adviezen
1Alle adviezen van de adviescommissie worden bij volstrekte meerderheid van stemmen uitgebracht. Per fractie wordt 1 stem uitgebracht.
2Wanneer over een gevraagd advies de stemmen staken, wordt geen advies uitgebracht, doch worden de verschillende meningen meegedeeld.
3De adviescommissies brengen hun adviezen en opmerkingen schriftelijk in bij het college. Indien een advies niet unaniem tot stand is gekomen, wordt het minderheidsstandpunt vermeld.
4De door de adviescommissies uitgebrachte adviezen worden opgenomen in de definitieve voorstellen van het college aan het Algemeen Bestuur.
5De adviescommissie geeft aan of het voorstel bij de behandeling in het Algemeen Bestuur een “hamerstuk" of "bespreekstuk" betreft.
Artikel 3.3 Schriftelijke rondgang
1De commissievoorzitter kan, als daartoe in bijzondere of spoedeisende gevallen aanleiding is, bij schriftelijke rondgang het oordeel van de leden inwinnen.
2De uitslag van de schriftelijke rondgang wordt in de eerstvolgende vergadering vastgelegd.
3Indien ten minste twee leden echter mondeling overleg wensen, roept de commissievoorzitter de adviescommissie alsnog in vergadering bijeen.
4. Slotbepalingen
Artikel 4.1 Uitleg reglement
Bij twijfel over de uitleg van dit reglement en in de gevallen waarin dit niet voorziet, beslist de vergadering op voorstel van de commissievoorzitter.
Artikel 4.2 Intrekking
Het Reglement van Orde voor adviescommissies 2023 wordt ingetrokken.
Artikel 4.3 Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking met ingang van de eerste dag na bekendmaking in het Waterschapsblad.
Artikel 4.4 Citeertitel
Dit reglement kan worden aangehaald als "Reglement van Orde voor de adviescommissies
2024".