Aanhef
Het algemeen bestuur van Waterschap Hunze en Aa’s
gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van 26 mei 2026
Besluit:
vast te stellen de Onderhoudsverordening Waterschap Hunze en Aa’s 2026
In deze onderhoudsverordening en de daarop gebaseerde regels wordt, tenzij anders aangegeven, het volgende bedoeld:
De onderhoudsplichtigen van waterkeringen zorgen ervoor dat de waterkeringen altijd in goede staat blijven door:
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen
a.aanliggend eigenaar: de eigenaar van het perceel dat grenst aan het oppervlaktewaterlichaam. Een eigenaar is aanliggend als er maximaal 1,5 meter tussen de boveninsteek van het talud en de perceelgrens zit;
b.bergingsgebied: een gebied dat volgens de Omgevingswet is bedoeld voor waterstaatkundige doeleinden en dat niet een oppervlaktewaterlichaam of onderdeel daarvan is. Het is bedoeld voor de uitbreiding van de bergingscapaciteit van één of meer watersystemen en is als bergingsgebied in de legger opgenomen;
c.beschermingszone: een zone langs een waterstaatswerk, met uitzondering van secundaire oppervlaktewaterlichamen (voorheen: schouwsloten) en tertiaire oppervlaktewaterlichamen (voorheen: overige oppervlaktewaterlichamen), waarin voorschriften en beperkingen kunnen gelden voor het beschermen van dat werk;
d.bestuur: het dagelijks bestuur van waterschap Hunze en Aa’s;
e.legger waterstaatswerken: de legger zoals bedoeld in artikel 2.39 van de Omgevingswet;
f.onderhoudslegger: de legger zoals bedoeld in artikel 78, tweede lid van de Waterschapswet;
g.omgevingsvergunning: omgevingsvergunning zoals bedoeld in afdeling 5.1 van de Omgevingswet;
h.ondersteunend kunstwerk: waterstaatkundig bouwwerk dat van belang is voor de taakuitoefening van het waterschap of voor het functioneren van het watersysteem;
i.oppervlaktewaterlichaam: een samenhangend geheel van vrij aan het aardoppervlak voorkomend water, met de daarin aanwezige stoffen inclusief de bijbehorende bodem, oevers, flora en fauna;
j.petsloot: een sloot langs de zeezijde van de primaire waterkering die tot doel heeft de waterkering te ontwateren;
k.schouw: jaarlijkse controle door het waterschap om te kijken of het onderhoud aan secundaire oppervlaktewaterlichamen (voorheen: schouwsloten) en regionale waterkeringen op de voorgeschreven wijze en binnen de voorgeschreven termijn is uitgevoerd.
l.waterhuishoudkundige functie: de functie die door de provincie of het waterschap aan het waterstaatswerk is toegekend;
m.waterkering: op de legger of onderhoudslegger aangegeven kunstmatige hoogte, (gedeelten van) natuurlijke hoogte of hoge gronden, met ondersteunende kunstwerken die een waterkerende of mede een waterkerende functie hebben;
n.waterstaatswerk: een oppervlaktewaterlichaam, bergingsgebied, waterkering of ondersteunend kunstwerk;
o.werken: alle constructies die door mensen zijn gemaakt of nog gemaakt moeten worden, inclusief toebehoren.
Artikel 1.2 Verplichtingen
1De eigenaar van de grond(en) is verantwoordelijk voor de verplichtingen uit deze Onderhoudsverordening.
2Als de grond belast is met een beperkt zakelijk recht of als iemand anders de grond in gebruik heeft op basis van een persoonlijk recht, dan gelden de verplichtingen uit deze Onderhoudsverordening ook voor die (rechts)personen.
3Voor de nakoming van de verplichtingen uit deze Onderhoudsverordening zijn zowel de eigenaar als de gerechtigden en gebruikers, zoals genoemd in het eerste en tweede lid van dit artikel, hoofdelijk aansprakelijk.
Hoofdstuk 2 Onderhoud aan waterstaatswerken Artikel 2.1 Onderhoudsplichtigen
1Onderhoudsplichtig zijn degenen die in de onderhoudslegger of onderhavige onderhoudsverordening tot het plegen van gewoon of buitengewoon onderhoud aan waterstaatswerken zijn aangewezen.
2Wanneer de onderhoudsplichten uit een overeenkomst of vergunning nog niet zijn verwerkt op de Onderhoudslegger, geldt hetgeen is bepaald in de overeenkomst of vergunning.
3Voor secundaire oppervlaktewaterlichamen (voorheen: schouwsloten) en tertiaire oppervlaktewaterlichamen (voorheen: overige oppervlaktewaterlichamen) geldt dat aanliggende eigenaren verantwoordelijk zijn voor het onderhoud van de halve breedte, inclusief ondersteunende kunstwerken.
Artikel 2.2 Gewoon onderhoud aan waterkeringen
a.de waterkering vrij te houden van afval, voorwerpen en materialen;
b.de grasmat vrij te houden;
c.beschadigingen te herstellen;
d.gras en ruigte te maaien;
e.schadelijk wild te (laten) bestrijden, met uitzondering van muskus- en beverratten;
f.begroeiingen en materialen in stand te houden, die van belang zijn voor de waterkering;
Artikel 2.3 Buitengewoon onderhoud aan waterkeringen
1Onderhoudsplichtigen van waterkeringen zijn verplicht de waterkeringen in stand te houden volgens de ligging, vorm, afmetingen en constructie zoals beschreven in de legger. Als dit niet in de legger staat, onderhouden zij de waterkeringen volgens hun functie.
2Buitengewoon onderhoud is alleen toegestaan met een vergunning van het bestuur.
Artikel 2.4 Onderhoud aan ondersteunende kunstwerken en werken
Onderhoudsplichtigen van ondersteunende kunstwerken of andere werken die in, op, aan of boven waterkeringen of beschermingszones zijn aangebracht en (mede) een waterkerende functie hebben, zorgen ervoor dat deze hun waterkerende functie behouden.
Artikel 2.5 Gewoon onderhoud aan oppervlaktewaterlichamen
a.De onderhoudsplichtigen van oppervlaktewaterlichamen zijn verplicht tot:
-Het verwijderen van begroeiingen en afval uit het oppervlaktewaterlichaam en de ondersteunende kunstwerken.
-Het in stand houden van het oppervlaktewaterlichaam en de ondersteunende kunstwerken.
-Het onderhouden van begroeiingen die van belang zijn voor de waterhuishoudkundige functies die aan het oppervlaktewaterlichaam zijn toegekend.
-Het bestrijden van schadelijk wild, behalve muskus- en beverratten.
b.Daarnaast geldt voor onderhoud vóór de door het bestuur vooraf aangekondigde schouwdatum:
-Het maaien en verwijderen van begroeiingen (behalve begroeiing die de taluds beschermt).
-Het verwijderen van specie, verondiepingen, taludinzakkingen en andere obstakels die de waterafvoer of -aanvoer belemmeren.
-Het schoonmaken van de duikers.
Artikel 2.6 Buitengewoon onderhoud aan oppervlaktewaterlichamen
1De onderhoudsplichtigen van oppervlaktewaterlichamen en de ondersteunende kunstwerken zijn verplicht om deze in stand te houden volgens de bepalingen in de legger over ligging, vorm, afmeting en constructie.
2Als in de legger hierover geen bepalingen staan, vindt instandhouding plaats op basis van de functie van het oppervlaktewaterlichaam of de kunstwerken.
Artikel 2.7 Snoeionderhoud
De eigenaren van beplanting langs de kernzone van primaire oppervlaktewaterlichamen (voorheen: hoofdwatergangen) en primaire, regionale en overige keringen zijn verplicht de kernzone, onderhoudspad en beschermingszone vrij te houden van overhangende beplanting tot een hoogte van 5 meter.
Artikel 2.8 Afrasteringen
1Eigenaren van gronden die gebruikt worden voor het houden van dieren en grenzen aan waterstaatswerken, zijn verplicht daarlangs een voldoende kerende afrastering te plaatsen.
2De afrastering moet op een manier en op een plek worden geplaatst, zodat het onderhoud van de waterstaatswerken niet wordt belemmerd.
3Wanneer de afrastering binnen een zone van 5 meter wordt geplaatst vanaf de boven-insteek, dan mag de afrastering niet hoger zijn dan 1 meter.
4Het bestuur kan nadere regels stellen over de constructie en de plaatsing van de afrastering.
5Deze bepaling geldt niet voor gronden langs secundaire oppervlaktewaterlichamen (voorheen: schouwsloten) en tertiaire oppervlaktewaterlichamen (voorheen: overige oppervlaktewaterlichamen).
Artikel 2.9 Ontwatering buitenbermen
De eigenaren van buitendijkse gronden aan zee zijn verplicht om, bij aanwezigheid van een petsloot, dwars op de petsloot sloten te graven en in stand te houden ten behoeve van de afwatering van de petsloot op zee. Het bestuur bepaalt waar en met welke afmetingen dit moet gebeuren.
Artikel 2.10 Schadelijke beplanting
Eigenaren van gronden in beschermingszones, bebouwingszones en profielen van vrije ruimte zijn verplicht deze gronden vrij te houden van beplanting die schadelijk is voor de grasmat van de waterkering.
Hoofdstuk 3 Schouw
Artikel 3.1 Schouw
1Het bestuur voert of laat schouw uitvoeren over de secundaire sloten (voorheen: schouwsloten) en regionale waterkeringen.
2Het bestuur stelt de criteria vast voor de aanwijzing van secundaire sloten (voorheen: schouwsloten) en regionale waterkeringen die onder de schouw vallen.
3Het bestuur stelt de data van de schouw vast en maakt deze minimaal twee weken van tevoren bekend, bijvoorbeeld via www.hunzeenaas.nl, via www.officielebekendmakingen.nl of op een andere geschikte manier.
4Het bestuur kan een extra schouw uitvoeren als dat nodig is. In spoedeisende gevallen kan de bekendmaking worden vervangen door een persoonlijke mededeling, eventueel met een kortere termijn.
Artikel 3.2 Snoeischouw
Door of namens het bestuur wordt jaarlijks snoeischouw gevoerd. Hierbij wordt gecontroleerd of de kernzones, onderhoudspaden en beschermingszones van primaire watergangen (voorheen: hoofdwatergangen) en primaire, regionale en overige keringen tot 5 meter hoogte vanaf de grond vrij zijn van overhangende beplanting.
Hoofdstuk 4 Sanctie- en slotbepalingen
Artikel 4.1 Strafbepaling
1Overtreding van de bepalingen van deze verordening en de daarop gebaseerde regels kan worden bestraft met hechtenis van maximaal drie maanden of een geldboete van maximaal de tweede categorie, zoals genoemd in artikel 23 van het Wetboek van Strafrecht. De uitspraak kan ook openbaar worden gemaakt.
2Als de overtreding plaatsvond binnen een jaar na een eerdere veroordeling voor dezelfde overtreding, kan de hechtenis worden verdubbeld tot het dubbele van de maximale strafmaat.
Artikel 4.2 Aanwijzing toezichthouders
Het bestuur wijst ambtenaren van het waterschap of andere personen aan om toezicht te houden op de naleving van deze verordening.
Artikel 4.3 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking een dag na bekendmaking onder gelijktijdige intrekking van de Onderhoudsverordening bij de onderhoudslegger Waterschapswet waterschap Hunze en Aa’s, vastgesteld op 25 mei 2022.
Artikel 4.4 Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: Onderhoudsverordening waterschap Hunze en Aa’s 2026.