Aanhef
DE VERENIGDE VERGADERING VAN WATERSCHAP HOLLANDSE DELTA,
op voordracht van dijkgraaf en heemraden van waterschap Hollandse Delta van 22-8-2023;
gehoord het advies van de Commissie Middelen, Bestuurlijke Zaken en Handhaving (MBH) van 8-9-2023;
overwegende dat:
-de verordeningen dienen te worden aangepast aan de huidige inzichten en wet- en regelgeving;
-de VV op 20 september een amendement op dit voorstel heeft aangenomen.
gelet op:
-artikel 77 Waterschapswet;
BESLUIT:
REGLEMENT VAN ORDE COMMISSIES 2023
Artikel 1 Definities en algemene bepalingen
In dit reglement van orde wordt verstaan onder:
a.reglement: het Reglement van orde commissies 2023 voor waterschap Hollandse Delta;
b.Verenigde Vergadering: de Verenigde Vergadering van waterschap Hollandse Delta;
c.voorzitter: de technisch voorzitter van een vaste commissie van advies;
d.college: dijkgraaf en heemraden van waterschap Hollandse Delta;
e.lid: een lid van een van de vaste commissies van waterschap Hollandse Delta;
f.secretaris: de secretaris van (één van de) vaste commissies van waterschap Hollandse Delta;
g.fractie het lid c.q. de leden van de Verenigde Vergadering die door het stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, alsmede het lid c.q. de leden van de Verenigde Vergadering die zijn benoemd overeenkomstig artikel 14 van de Waterschapswet;
h.steunfractielid een door de Verenigde Vergadering op voordracht van een fractie beëdigd persoon, zoals bedoeld in het Reglement van orde Verenigde Vergadering en de Verordening op de fractieondersteuning.
l.ordevoorstel: voorstel betreffende de orde van de vergadering.
Artikel 2 Instelling
De Verenigde Vergadering kent de volgende vaste commissies:
a.Commissie Waterhuishouding en Waterzuivering (Water)
belast met het adviseren over beleid op het gebied van waterhuishouding en zuiveren van afvalwater en slibverwerking en afzet, duurzaamheid, innovatie en klimaatadaptatie.
b.Commissie Waterkering, (Vaar)Wegen en Vergunningverlening (WWV)
belast met het adviseren over algemeen beleid inzake het beheer van de waterkeringen en wegen en de daarbij behorende kunstwerken, alsmede over de uitvoering van beheersplannen, groen, waterveiligheid en vergunningverlening.
c.Commissie Middelen, Bestuurlijke Zaken en Handhaving (MBH)
belast met het adviseren over aangelegenheden die betrekking hebben op onder andere algemene bestuurlijke en juridische zaken, verkiezingen, externe oriëntatie, alsmede over algemene beleidszaken op financieel gebied (inclusief begroting en jaarrekening), handhaving, erfgoed en digitale transformatie.
Artikel 3 Ongevraagd advies
De in artikel 2 bedoelde commissies kunnen ook ongevraagd aan het college en aan de Verenigde Vergadering adviezen uitbrengen en suggesties doen over aangelegenheden, die tot het werkterrein van de betreffende commissie behoren.
Artikel 4 Samenstelling
1De respectieve commissies bestaan uit zoveel leden als de Verenigde Vergadering fracties kent.
2Iedere fractie vaardigt één lid van de Verenigde Vergadering dan wel steunfractielid af naar een commissie.
3De fractie geeft na de toelating van de (steunfractie) leden in de Verenigde Vergadering na de verkiezingen aan welk (steunfractie) lid naar welke commissie wordt afgevaardigd.
4Bij wijziging in de samenstelling van de fractie geeft de fractie aan welk gevolg dit heeft in de wijziging van de afvaardiging van de fractie in de commissies.
5Bij afwezigheid van een aangewezen lid, als bedoeld in lid 3, kan deze zich laten vervangen door een ander lid van de Verenigde Vergadering, dan wel steunfractielid, van dezelfde fractie.
6In afwijking van lid 1 en 2 kan een fractie die meer leden in de Verenigde Vergadering heeft dan dat er vaste commissies zijn, na afvaardiging van leden naar alle vaste commissies, de overige leden ook afvaardigen naar de vaste commissies, zodanig dat deze over de vaste commissies worden verspreid Per agendapunt kan per partij maximaal 1 persoon woordvoerder zijn.
7De afvaardiging van de leden van de fractie als bedoeld in lid 6 geschiedt conform het bepaalde in lid 3.
Artikel 5 Zittingsperiode
1Het lidmaatschap van de leden van de commissie eindigt tegelijk met hun tussentijds of periodiek aftreden uit de Verenigde Vergadering dan wel beëindiging van het steunfractielidmaatschap. Het lidmaatschap van de commissie kan tussentijds worden beëindigd bij besluit van de Verenigde Vergadering, nadat een daartoe strekkend voorstel aan het college is gedaan.
2De voorzitter en de leden kunnen tussentijds ontslag nemen. De door ontslagneming of overlijden ontstane vacature wordt binnen twee maanden vervuld.
3De leden van de commissies blijven bij het nemen van ontslag in functie, totdat hun opvolgers hun benoeming hebben aanvaard.
Artikel 6 Voorzitter
1De Verenigde Vergadering benoemt uit hun midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter van de commissie.
2Degene die in de vergadering van de commissie optreedt als voorzitter maakt geen deel uit van de betreffende commissie en is derhalve geen lid van de betreffende commissie.
Artikel 7 Secretariaat
1Aan elke commissie wijst de secretaris-directeur een ambtenaar van het waterschap als commissie-secretaris aan een commissie toe. In voorkomende gevallen wordt verdere ambtelijke bijstand geregeld op aanwijzing van de secretaris van de commissie.
Artikel 8 Plaats en tijdstip van vergaderen
1De commissies vergaderen voorafgaand aan iedere vergadering van de Verenigde Vergadering volgens een vooraf vastgesteld rooster.
2Voorts vergadert de commissie zo dikwijls als haar voorzitter dit nodig oordeelt of tenminste een derde van de zitting hebbende leden de wens daartoe te kennen heeft gegeven. In het laatstbedoelde geval wordt binnen twee weken na de kennisgeving een vergadering gehouden.3.In vergaderingen als bedoeld in het tweede lid bepaalt de voorzitter tijd en plaats van de vergadering, zo mogelijk in overleg met de leden.
Artikel 9 Voorstellen
1Het college bepaalt welke voorstellen aan één of meer commissies worden voorgelegd.
2Indien het voorstel wordt ondersteund door tenminste drie leden van de commissie, kan de commissie het college verzoeken een door de commissie aangedragen onderwerp voor te bereiden voor bespreking in een volgende commissie.
Artikel 10 Agenda
1De agenda wordt opgesteld door het college.
2De agenda vermeldt de onderwerpen die in de commissievergadering behandeld worden, in de volgorde waarin deze aan de orde worden gesteld.
3Bij aanvang van de commissievergadering stelt de commissie de agenda vast.
4De commissie kan staande de vergadering besluiten de volgorde van behandeling van de onderwerpen te wijzigen.
Artikel 11 Toezending stukken
De secretaris van de commissie stelt de agenda en de stukken tenminste vijf dagen voor de vergadering beschikbaar voor de leden van de commissie.
Artikel 12 Presentielijst
De leden die ter vergadering komen, ondertekenen de presentielijst die na afloop van de vergadering door de secretaris voor afsluiting wordt ondertekend.
Artikel 13 Quorum
1De commissie kan slechts beraadslagen indien meer dan de helft van het aantal zittinghebbende leden tegenwoordig is.
2Indien op het tijdstip van de vergadering niet het vereiste aantal leden aanwezig is, wordt de opening tenminste een half uur uitgesteld.
3Indien na het in het vorige lid bedoelde uitstel het vereiste aantal leden niet aanwezig is, stelt de voorzitter vast of de vergadering al dan geen doorgang kan vinden. Zo nodig, belegt de voorzitter zo spoedig mogelijk, maar met een tussentijd van tenminste vierentwintig uur, een nieuwe vergadering.
4De in lid 3 bedoelde vergadering wordt gehouden, ongeacht het aantal leden dat is opgekomen. De commissie kan echter over andere aangelegenheden dan die waarvoor de ingevolge het derde lid niet geopende vergadering was belegd alleen beraadslagen, indien meer dan de helft van het aantal zittinghebbende leden aanwezig is.
5Een commissielid kan zich ter vergadering laten vervangen door een lid van een andere commissie, doch die dezelfde categorie vertegenwoordigt.
Artikel 13 Bevindingen
1De commissies leggen hun bevindingen over een voorstel voor aan de Verenigde Vergadering.
2In vergaderingen van commissies worden geen besluiten genomen en wordt niet gestemd.
Artikel 14 Ordevoorstel
1De voorzitter en ieder lid kunnen mondeling een ordevoorstel doen dat kort kan worden toegelicht.
2Een ordevoorstel kan uitsluitend de orde van de vergadering betreffen.
3Over een ordevoorstel beslist de commissie terstond, eventueel na korte beraadslaging.
4Mocht er gestemd moeten worden over ordevoorstellen in de commissie, dan geschiedt dit via handopsteken. de stemming is ongewogen, elk commissielid heeft één stem.
Artikel 15 Verslaglegging
1De voorzitter formuleert na de discussie over het voorstel mondeling de bevindingen over het voorstel aan de Verenigde Vergadering en de eventuele afwijkende meningen van de commissieleden.
2De secretaris draagt zorg voor het maken van een verslag.
3Verslaglegging gebeurt voor openbare vergaderingen via videoverslaglegging.
4Voor de vergadering wordt een overzicht van resultaten opgesteld.
5Hetgeen in een vergadering met gesloten deuren is besproken, wordt in een digitaal bestand bewaard. Indien en zolang ten aanzien van het in die vergadering verhandelde geheimhouding is opgelegd, worden deze bestanden uitsluitend ten gehore gebracht van degenen die krachtens artikel 37 van de Waterschapswet tot geheimhouding verplicht zijn.
Artikel 16 Aanwezigheid college
De leden van het college kunnen in de vergadering aanwezig zijn ter toelichting van de voorstellen en maken geen deel uit van de commissie.
Artikel 17 Openbaarheid
1De vergaderingen van de commissies als bedoeld in artikel 1, zijn openbaar.
2De deuren van de vergadering worden gesloten wanneer tenminste twee aanwezige leden dit verlangen of de voorzitter dit nodig oordeelt.
3De commissie beslist vervolgens of met gesloten deuren zal worden beraadslaagd.
4Over punten, in besloten vergadering behandeld, kan ook een advies worden afgegeven.
5De commissie kan omtrent het in besloten vergadering behandelde en omtrent de inhoud van de stukken geheimhouding opleggen.
6De geheimhouding wordt door alle commissieleden, ook door hen die niet bij de behandeling aanwezig waren en door alle andere aanwezige leden van de Verenigde Vergadering of steunfractieleden, in acht genomen, totdat de commissie haar opheft.
7De voorzitter van een commissie kan omtrent de inhoud van de stukken, als bedoeld in het vijfde lid, voorlopige geheimhouding opleggen.
8De voorlopige geheimhouding vervalt indien zij niet aan de eerstvolgende vergadering van de commissie ter bekrachtiging wordt voorgelegd.
9In geval van niet bekrachtiging vervalt de voorlopige geheimhouding.
10Het is beëdigde leden van de VV en beëdigde steunfractieleden toegestaan, het besloten deel van de commissievergadering bij te wonen.
Artikel 18 Toehoorders en inspraak
1De voorzitter stelt toehoorders bij een openbare vergadering, op hun verzoek, in de gelegenheid het woord te voeren over in de commissie geagendeerde onderwerpen.
2Het in het eerste lid bedoelde verzoek dient tenminste 48? uur voor het begin van de vergadering, bij voorkeur schriftelijk, bij de voorzitter te worden ingediend, onder vermelding van de naam van degene die het woord wil voeren en het agendapunt of de agendapunten waarover men wil spreken.
3De voorzitter stelt degenen die een verzoek hebben ingediend als bedoeld in lid 1 van dit artikel in de gelegenheid direct na de opening van de vergadering het woord te voeren. De spreektijd bedraagt maximaal vijf minuten per spreker. De spreektijd van alle insprekers gezamenlijk bedraagt niet meer dan 30 minuten. De leden van de commissie krijgen gelegenheid vragen te stellen aan de spreker. Hiervoor is per spreker maximaal vijf minuten beschikbaar, waarbij het vragenstellen aan meerdere sprekers niet meer dan 30 minuten bedraagt.
4Per belanghebbende kan één persoon het woord voeren.
5Er kan niet worden ingesproken over:
•een besluit van het bestuur waartegen een (bestuurs)rechtelijke procedure open staat of heeft opengestaan;
•benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen;
•een onderwerp waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend.
Artikel 19 Uitleg reglement
In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of ingeval enig artikel voor verschillende uitleg vatbaar blijkt te zijn, beslist de voorzitter.
Artikel 20 Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op de dag volgend op die waarop het is vastgesteld.
Artikel 21 Citeertitel
Dit reglement kan worden aangehaald als Reglement van orde commissies.