Waterschapswetten

Verordening rekenkamer Waterschap Drentse Overijsselse Delta 2023

Waterschap Drents Overijsselse Delta · geldt sinds 1 januari 2024

Aanhef

Het algemeen bestuur van Waterschap Drents Overijsselse Delta;

Gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van 19 juni 2023;

Gelet op hoofdstuk VI0A van de Waterschapswet;

BESLUIT:

Vast te stellen de Verordening rekenkamer Waterschap Drentse Overijsselse Delta 2023.

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

a.wet: de Waterschapswet;

b.algemeen bestuur: het algemeen bestuur van Waterschap Drentse Overijsselse Delta;

c.dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van Waterschap Drentse Overijsselse Delta;

d.rekenkamer: de rekenkamer van Waterschap Drentse Overijsselse Delta;

e.voorzitter: voorzitter van de rekenkamer Waterschap Drentse Overijsselse Delta of diens vervanger;

f.lid: een lid van de rekenkamer van Waterschap Drentse Overijsselse Delta;

g.secretaris: secretaris van de rekenkamer Waterschap Drentse Overijsselse Delta;

h.auditcommissie: de commissie als bedoeld in de Verordening auditcommissie 2023 Waterschap Drentse Overijsselse Delta.

Artikel 2 De rekenkamer, benoeming en vervanging

1Er is een rekenkamer.

2De rekenkamer bestaat uit drie leden, waaronder de voorzitter.

3De leden van de rekenkamer kiezen uit hun midden een plaatsvervangend voorzitter.

4De leden van de rekenkamer, waaronder de voorzitter, kunnen maximaal één keer worden herbenoemd.

5Indien het lidmaatschap van een lid eindigt vóór het einde van zijn benoemingstermijn, wordt de werving van een nieuw lid ter stond gestart; met inachtneming van de continuïteit van de bezetting van de rekenkamer.

Artikel 3 Werving- en Selectie

1De leden van de rekenkamer – met inbegrip van de voorzitter - worden op voordracht van een werving- en selectiecommissie benoemd.

2De werving- en selectiecommissie voor de leden van de rekenkamer bestaat uit de dijkgraaf en drie leden van het algemeen bestuur dan wel fractievolgers van een in het algemeen bestuur vertegenwoordigde groepering, waarbij minimaal 1 lid zitting heeft in de auditcommissie en dat maximaal 1 lid in de wervings- en selectiecommissie fractievolger is.

a.De dijkgraaf is voorzitter van de werving- en selectiecommissie.

b.De overige leden van de werving- en selectiecommissie kunnen geen lid van het dagelijkse bestuur zijn.

c.In de situatie van een bestaande rekenkamer is een lid van de rekenkamer adviseur van de werving en selectiecommissie.

d.De werving en selectiecommissie wordt ondersteund door de concerncontroller.

Artikel 4. Communicatie tussen rekenkamer en organisatie

1De auditcommissie is eerste aanspreekpunt voor rekenkamer namens het algemeen bestuur. Dit behelst dat:

a.de auditcommissie jaarlijks het onderzoeksplan informerend bespreekt.

b.de auditcommissie jaarlijks dient als klankbord voor het functioneren van de rekenkamer

c.de rekenkamer de auditcommissie om advies kan vragen.

2De dijkgraaf is het eerste aanspreekpunt voor de rekenkamer namens het dagelijkse bestuur.

3De concerncontroller is het eerste ambtelijke aanspreekpunt voor de rekenkamer bij het verrichten van onderzoekswerkzaamheden.

Artikel 5 Werkwijze rekenkamer

1De rekenkamer stuurt uiterlijk op 1 maart een onderzoeksplan voor het desbetreffende boekjaar aan het algemeen bestuur. Dit plan bevat de onderwerpselectie en activiteiten van de rekenkamer voor het desbetreffende en eventueel navolgende boekjaren.

2De rekenkamer stelt voor ieder te onderzoeken onderwerp een onderzoeksopzet vast en formuleert daarbij onderzoeksvragen. De onderzoeksopzet wordt ter kennis gebracht van de auditcommissie.

Art 6 Reglement van orde

1De rekenkamer kent een reglement van orde.

2De rekenkamer besteedt in het reglement van orde bij voorkeur aandacht aan:

a.Het betrekken van fracties uit het algemeen bestuur bij de onderwerpselectie

b.De werkwijze van het ontwerpen en uitvoeren van onderzoek

c.De volgorde waarin ambtenaren en bestuurslagen worden geconsulteerd

d.Reactietermijnen bij consultatie van ambtenaren en bestuurslagen

e.De wijze waarop doorwerking van onderzoek door de rekenkamer wordt gemonitord

f.Informatieveiligheid en daartoe benodigde middelen

g.Privacy (in de zin van de AVG) en daartoe benodigde middelen.

h.Procedure voor publicatie van onderzoeks(gegevens).

i.Procedure voor het inkopen van onderzoeksdiensten.

j.Een actueel overzicht van nevenfuncties van de leden van de rekenkamer.

k.De wijze van afstemming met de organisatie over gevraagde ambtelijke inzet om mee te werken aan onderzoeken.

Artikel 7 Ondersteuning

1De rekenkamer wordt bij de werkzaamheden ondersteund door een ambtelijk secretaris.

2De ambtelijk secretaris wordt – op voordracht van de rekenkamer - benoemd of ingehuurd door de secretaris-directeur, ten laste van het budget van de rekenkamer.

3De rekenkamer heeft geen eigen onderzoekers in dienst.

Artikel 8 Budget

1De rekenkamer is bevoegd binnen het bij de begroting door het algemeen bestuur beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taak.

2De concerncontroller is technisch budgethouder voor het budget van de rekenkamer en verzorgt uit dient hoofde opdrachtverlening aan derden.

3Aan de rekenkamer zal bij de start van de rekenkamer een budget beschikbaar worden gesteld op basis van het kengetal van € 0,10 per inwoner, gebaseerd op het prijspeil 2024.

4Jaarlijks wordt het budget geïndexeerd met een procentuele verhoging, gebaseerd op de bruto lastenomvang exclusief kapitaallasten zoals opgenomen in de begroting van het waterschap, ten opzicht van de bruto lastenomvang exclusief kapitaallasten in het voorgaand boekjaar. Deze verhoging bedraagt ten minste 0%.

5Ten laste van het in eerste lid bedoelde budget worden de kosten gebracht van:

a.de onderzoekskosten;

b.de vergoedingen van de leden;

c.de secretaris;

d.overige uitgaven die de rekenkamernodig nodig acht voor de uitoefening van haar taak;

6De rekenkamer is voor de besteding van het budget uitsluitend verantwoording verschuldigd aan het algemeen bestuur, middels tussenkomst van de technisch budgethouder.

Artikel 9 Vergoeding en middelen

1De voorzitter en de leden ontvangen een vergoeding voor de werkzaamheden die zij in het kader van het lidmaatschap van de rekenkamer verrichten.

2De voorzitter ontvangt een maandelijkse vergoeding ter hoogte van €400,-. De leden ontvangen een maandelijkse vergoeding ter hoogte van €300,-.

3De voorzitter en leden ontvangen naast de vergoeding voor hun werkzaamheden ook een vaste maandelijkse reis- en onkostenvergoeding van €50,-.

4De vergoeding en onkostenvergoeding worden overeenkomstig het budget van de rekenkamer geïndexeerd, zoals geduid in het 4e lid van artikel 8.

5De rekenkamer maakt kosteloos gebruik van vergaderfaciliteiten binnen openstellingsuren en digitale faciliteiten van het waterschap.

6Indien leden van de rekenkamer zelf onderzoek verrichten, ontvangen zij hiertoe een vergoeding op basis van het aantal bestede uren, indien de vereiste ureninzet niet redelijkerwijs past binnen de benoeming van de leden. De hoogte van de vergoeding per uur is ten hoogste marktconform.

7De vergoeding zoals benoemd in het zesde lid vindt uitsluitend plaats:

a.Binnen voorafgaand aan het onderzoek vastgelegde kaders;

b.Indien het algemeen bestuur op basis van het onderzoeksplan instemt met de voorgestelde ureninzet en hoogte van de vergoeding.

Artikel 10 Agendering, besluitvorming en monitoring

1De rekenkamer biedt tot stand gebrachte documenten - ter agendering in het algemeen bestuur - aan de secretaris-directeur aan. De secretaris directeur overlegt in het fractievoorzittersoverleg over agendering ervan.

2Het algemeen bestuur neemt een besluit over door de rekenkamer gedane adviezen of voorstellen.

3De secretaris directeur verstrekt het algemeen bestuur jaarlijks - via het jaarverslag - een overzicht van de door het algemeen bestuur overgenomen voorstellen/adviezen van de rekenkamer, die door het algemeen bestuur zelf moeten worden uitgevoerd. Via dit overzicht wordt opgave gedaan van de wijze waarop aan de voorstellen/adviezen vervolg is gegeven.

Artikel 11 Evaluatie

1Deze verordening wordt geëvalueerd onder gezamenlijke verantwoordelijkheid van de rekenkamer en de auditcommissie. Deze evaluatie vindt ten minste één keer per bestuursperiode plaats.

2Deze evaluatie strekt zich tevens uit tot de werking van de rekenkamer. De wetgeving, de vastgestelde visie en het reglement van orde vormen hierbij het toetsingskader.

3Het resultaat van de evaluatie wordt ter kennisneming aan het algemeen bestuur gezonden. Het algemeen bestuur kan besluiten deze verordening naar aanleiding van de evaluatie te wijzigen.

Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel

1Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2024.

2Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rekenkamer Waterschap Drents Overijsselse Delta 2023.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.