Waterschapswetten

Projectplan Waterwet Steenwetering (Hasselt)

Waterschap Drents Overijsselse Delta · geldt sinds 15 maart 2024

Aanhef

BEKENDMAKING

Projectplan Waterwet Steenwetering (Hasselt)

Het algemeen bestuur van het Waterschap Drents Overijssel Delta heeft op 5 december 2023 het Projectplan Waterwet Steenwetering vastgesteld, op grond van artikel 5.4, eerste lid, van de Waterwet.

Toelichting

Het waterschap wil de Steenwetering in Hasselt opnieuw inrichten. Dit doen we zodat het watersysteem daar beter wordt. We streven naar een duurzame en klimaatbestendige inrichting voor de landbouw en natuur. Dit betekent dat we water kunnen vasthouden en afvoeren op de momenten dat dit nodig is. Zo zijn we beter voorbereid op wateroverlast of droogte en krijgen we de waterkwaliteit weer op orde.

Samen met inwoners en andere partijen hebben wij een ontwerpprojectplan gemaakt voor het gebied. Het gaat onder andere over de aanleg van natuurvriendelijke oevers en het plaatsen en aanpassen van duikers. Ook willen we een aantal bruggen en dammen vervangen om de doorstroming van water te verbeteren. Verder willen we beheer- en onderhoudsknelpunten oplossen, zodat we de Steenwetering beter kunnen onderhouden.

Het ontwerpprojectplan lag vanaf 7 april 2023 gedurende zes weken ter inzage. Tijdens de ter inzage periode is er één zienswijze ingediend. Die heeft niet geleid tot wijzigingen ten opzichte van het ontwerpprojectplan.

Projectplan

Het projectplan ligt met ingang van donderdag 14 maart 2024 digitaal ter inzage, totdat de beroepstermijn is verstreken. Het projectplan en de bijbehorende stukken kunt u digitaal bekijken via het publicatieblad op www.officielebekenmakingen.nl. De documenten hangen als “Bekijk documenten” aan deze publicatie (zie linker kolom).

Instellen van beroep

Gedurende zes weken (met ingang van de dag na die van deze bekendmaking) kunnen belanghebbenden en degenen die een zienswijze hebben ingediend beroep instellen bij de Rechtbank Noord-Nederland, Afdeling bestuursrecht (Postbus 150, 9700 AD, Groningen).

Het is mogelijk digitaal beroep in te stellen bij genoemde rechtbank via www.loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor moet de indiener wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Op de genoemde website staan de precieze voorwaarden.

Het beroepschrift moet voorzien zijn van:

1naam en adres van de indiener;

2de dagtekening;

3omschrijving van het besluit waartegen beroep is ingesteld en zo mogelijk een afschrift van het besluit;

4de gronden van het beroep.

Verder dient het beroepschrift door de indiener te zijn ondertekend. Bij het beroepschrift wordt zo mogelijk een afschrift van het projectplan overgelegd.

Het projectplan treedt met deze bekendmaking in werking, ongeacht of er een beroepschrift wordt ingediend. Dit betekent dat het projectplan uitgevoerd kan worden. Om dit te voorkomen kan degene die beroep instelt gelijktijdig, of na het indienen daarvan, een verzoek om een voorlopige voorziening doen bij de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Nederland, Afdeling bestuursrecht (Postbus 150, 9700 AD, Groningen). Daarbij moet een kopie van het beroepschrift worden overgelegd. Zie voor het digitaal indienen van zo’n verzoek hetgeen hiervoor is opgemerkt over het digitaal instellen van beroep.

Voor het indienen van beroep en voor het doen van een verzoek om voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.

Het algemeen bestuur van Waterschap Drents Overijsselse Delta besluit, gelet op artikel 5.4, eerste lid, van de Waterwet en de Inspraak- en participatieverordening Waterschap Drents Overijsselse Delta 2016 het onderhavige projectplan definitief vast te stellen.

Leeswijzer

Het projectplan Steenwetering bestaat uit vier delen. In deel I wordt beschreven wat het waterschap gaat doen en hoe het werk wordt uitgevoerd. Deel II geeft een toelichting op waarom dit werk wordt uitgevoerd. Dit deel is, met andere woorden, de onderbouwing van het plan. Deel III geeft informatie over de rechtsbescherming en de procedures, en deel IV bevat rapporten en onderzoeken die voor het plan van belang zijn.

DEEL I – PROJECTBESCHRIJVING

1. Aanleiding

1.1 Opgaven

Kaderrichtlijn Water (KRW)

De Steenwetering zodanig inrichten dat deze gaat voldoen aan de opgaves uit de KRW- factsheet watertype Laagveen vaart en kanaal (M10). De inrichtingsopgave is het realiseren van 4 km eenzijdige natuurvriendelijke oever met een variabele breedte.

Iboom (onderhoud)

Inrichting van 6 km aangepast onderhoudsplan maaien & baggeren conform basisspecificatie met expliciete keuzes, verwachtingen, overdrachtsdocument en onderhoudskosten.

Er zijn algemene afspraken met beheer over oevervegetatie laten staan bij baggeren. Voor de inrichting van het aangepast onderhoudsplan wordt beoordeeld waar de oevervegetatie kan blijven staan, wat in dit waterlichaam passend is.

De Steenwetering ligt binnen het veengebied Haerst -Genne. Bij de invulling van de KRW-opgave houden we rekening met de ontwikkelscenario’s Interbestuurlijk Programma ‘Vitaal platteland NWO’ (doorgaan en remmen). In het ontwikkelscenario doorgaan wordt het huidige waterbeheer doorgezet, ofwel volgt het waterpeil de bodemdaling in het veengebied Haerst/Genne.

In het ontwikkelscenario remmen blijft het huidige waterpeil gehandhaafd (zie het volgende kader), ofwel wordt het waterpeil niet aangepast op basis van de bodemdaling. De draagkracht van de onderhoudsroute neemt af door bodemdaling in het veenweidegebied. Bij machinaal onderhoud is minimaal 0,5 m drooglegging benodigd (vanwege draagkracht, zie knelpuntennotitie Steenwetering). Lokaal is de drooglegging 0,45-0,60 m wat leidt tot een slechte draagkracht van de bodem . =geredeneerd vanuit 1 cm bodemdaling per jaar is machinaal onderhoud nog 15-20 jaar houdbaar. Om op alle plekken voldoende drooglegging/draagkracht te hebben in de komende 15/20 jaar worden een aantal maatregelen/aanpassingen in het onderhoud meegenomen in het IWP project Steenwetering. Er wordt hierbij aangesloten bij de water en bodem sturende - opgave en de PPLG van Overijssel

Beheer & Onderhoud

Baggeren

-Het baggeren van de Steenwetering wordt uitgevoerd;

-De inrichting van het aangepaste onderhoudsplan wordt beoordeeld op basis van aanwezigheid van oevervegetatie en passend is in dit waterlichaam.

Het oplossen van de huidige knelpunten ten behoeve van het beheer en onderhoud van de Steenwetering.

De draagkracht van de onderhoudsroute neemt af door bodemdaling in het veenweidegebied, kader ontwikkelscenario’s Interbestuurlijk Programma ‘Vitaal platteland NWO’). Om de Steenwetering en de natuurvriendelijke oever te kunnen onderhouden zijn aanpassing in de beheer ondersteunende infrastructuur benodigd.

Hydrologie

Hydrologie - natte profiel

-Het natte profiel in de Steenwetering wordt ontworpen op een maximaal gemiddeld verhang in het KRW-waterlichaam van gemiddeld 4 cm per kilometer bij een maatgevende afvoer (dit is een afvoer die 1 á 2 maal per jaar wordt verwacht). Het verhang is inclusief de opstuwing van bruggen en duikers.

Hydrologie - kunstwerken

-Bij de start van de verkenning heeft een landmeetkundige inmeting van de Steenwetering en kunstwerken plaatsgevonden. De ingemeten profielen en kunstwerken zijn verwerkt in een hydrologisch model, waarmee het functioneren van het watersysteem is getoetst aan de norm voor het hydrologisch verhang bij verschillende situaties. In het ontwikkelscenario Interbestuurlijk Programma ‘Vitaal platteland NWO’ is doorgaan het maatgevende scenario voor dit gebied. Hierbij is het overschrijd het berekende verhang doordat de bodem van de Steenwetering, welke is gelegen in een zandpakket, niet de bodemdaling van het veengebied volgt (afname waterdiepte). Het berekende verhang overschrijdt de norm van 4,0 cm/km. Dit betekent dat er vanuit hydrologie een noodzaak is om de Steenwetering lokaal te verdiepen tot leggerdiepte en enkele duikers en bruggen te vervangen. Daarnaast geldt voor de realisatie van de natuurvriendelijke oevers dat deze alleen/vooral buiten het natte profiel (“blauwe bakje”) gerealiseerd mogen worden. In het project worden 2 duikers en 2 bruggen vervangen. Het gehele tracé wordt gebaggerd en op juiste leggerprofiel gebracht.

Duurzaamheid

‘Wij dragen bij aan een duurzame toekomst’ dit is verankerd in het IWP-werkproces middels een Duurzaamheidssessie en de hieruit volgende klant – en systeemeisen worden meegenomen in de planuitwerking- en realisatiefase. Er wordt gewerkt met een gesloten grondbalans en een zo laag mogelijk energiebelasting voor de uitvoering. Voor de bruggen wordt een duurzame oplossing aangedragen van bruggen die licht zijn, hergebruikt kunnen worden en een minimale levensduur van 100 jaar hebben. In de vervolgfase wordt dit verder uitgewerkt en geconcretiseerd.

Ruimtelijke kwaliteit en erfgoed

Er is geen specifieke opgave op het gebied van ruimtelijke kwaliteit en erfgoed.

3. Gewenste situatie

3.1 Maatregelen

Op basis van de waarden, kansen, knelpunten en eisen die worden gesteld aan een natuurvriendelijke oever zijn mogelijke maatregelen verkend. Zoals beschreven in paragraaf 1.1 (opgaven hydrologie) gelden voor de invulling van de natuurvriendelijke oever eisen ten aanzien van het maximaal verhang. Dit betekent een ruimteclaim.

Hieronder de KRW- maatregelen

1Aankoop van stroken langs de Steenwetering en daar realiseren van natuurlijke oevers volgens de KRW-opgave (4 en 10 meter breed);

2Inrichting natuurlijke oever volgens KRW-richtlijn (4-10 meter breed) op grond van aanliggende eigenaar middels een kadastraal zakelijk recht;

3Omzetten van de huidige oevers naar natuurvriendelijke oevers van minimaal 1,5 meter breed door aangepast beheer als aanvulling op de natuurlijke oevers KRW.

In de bijlagen A en B zijn de maatregelen uitgewerkt en weergeven in overzichtstekeningen en dwarsprofielen. In totaal gaat het om 3,3 km natuurvriendelijke oever langs de Steenwetering en Bouwmansleiding.

Er worden aantal duikers en bruggen vervangen in de Steenwetering omdat de doorstromingsbreedte onvoldoende is in de huidige situatie het gaat daarbij om de volgende 4 locaties:

•brug SZ.25-B17 vervangen;

•brug SZ.25-B13 vervangen;

•duiker SZ.25-D761 vervangen door brug;

•duiker SZ.25-D705 vervangen door duiker.

Onderhoud – oplossen van de huidige knelpunten

Het oplossen van de huidige knelpunten aan de beheer ondersteunende voorzieningen wordt meegenomen in het IWP-project Steenwetering. De kansrijke maatregelen betreffen grootschalig onderhoud:

•Het vervangen van de beschoeiing bij de uitstroom van de Groote Grift. Deze locatie is ook bekend als uitstroom Kanaal Broek;

•Het vervangen van de beschoeiing bij de uitstroom Bouwmansleiding;

•Het aanleggen van twee bootinlaatplaatsen;

•Optimaliseren van een onderhoudspad aan de noordzijde van de Bouwmansleiding ter hoogte van de huiskavel Steenwetering nr. 10;

•Rasters aanbrengen waar beweiding is met vee (bedoeld om intrappen van de oever tegen te gaan).

•De Steenwetering tussen het traject gemaal Streukelerzijl tot aan de weg de Steenwetering en het gemaal wordt varend onderhouden. In dit traject wordt de droge oever één keer per jaar gemaaid en de natte oever eens per twee jaar.

•Langs de weg Steenwetering wordt de watergang rijdend onderhouden (over de weg heen). Aan de overzijde (landzijde) wordt de watergang, behalve de NVO, rijdend onderhouden extensief (eens per 2 jaar rijdend). Dit is de laatste jaren niet uitgevoerd. Het uitvoeren van het rijdend onderhoud is een knelpunt vanwege de draagkracht van de bodem en toegankelijkheid van de watergang.

•Regulier baggerwerk wordt meegenomen. Dit is bewust uitgesteld en meegenomen i.v.m. de samenhang met KRW opgaven.

Raakvlak met het gemalenproject Streukelerzijl/Galgenrak: Het vervangen van beschoeiing bij het gemaal Streukelerzijl wordt uitgevoerd door het team Gemalen & Stuwen. Het gaat om de beschoeiing tussen gemaal en stuw Fissele én de beschoeiing tussen gemaal en eerste woning. De bekostiging vindt plaats vanuit het project gemaal Streukelerzijl door het team gemalen en stuwen (geen onderdeel van het IWP-project Steenwetering).

Nabij Steenwetering nr 15 (bij de bocht in de Steenwetering) verspringt de onderhoudsroute. Om zoveel als mogelijk een aaneengesloten route te realiseren wordt de brug vervangen in het IWP-project Steenwetering. Vervanging van de brug is ook noodzakelijk vanwege de opstuwende werking (maatregel hydrologie).

Ter plaatse van het bosje aan de Grindweg wordt de onderhoudsroute om het bosje gerealiseerd. Dit is afgestemd met de eigenaren. De werkzaamheden worden uitgevoerd in het IWP-project Steenwetering.

Onderhoud – bodemdaling

De draagkracht van de onderhoudsroute ten noorden van de Steenwetering neemt af door bodemdaling in het veenweidegebied. Er is voor gekozen om de onderhoudsroute te bezanden om een hogere draagkracht te verkrijgen om zodoende onderhoud te kunnen blijven uitvoeren.

3.2 Effecten

Beschrijving van de effecten van de maatregelen op hoofdlijnen i.r.t. tot doelen van het project.

Hydrologie

Bij de start van de verkenning heeft als eerste een landmeetkundige inmeting van de Steenwetering en kunstwerken plaatsgevonden. De ingemeten profielen en kunstwerken zijn verwerkt in een hydrologisch model, waarmee het functioneren van het watersysteem is getoetst aan de norm voor het hydrologisch verhang bij verschillende situaties. Hierbij is rekening gehouden met de twee scenario’s uit Interbestuurlijk Programma ‘Vitaal platteland NWO’, waarbij in de toekomst mogelijk wordt geanticipeerd op bodemdaling; te weten scenario doorgaan en scenario remmen. In het scenario “remmen” voldoet het verhang.

Het scenario doorgaan is het meeste kritische scenario doordat het waterpeil wordt verlaagd. In dit scenario neemt het verhang toe doordat de bodem van de Steenwetering, welke is gelegen in een zandpakket, niet de bodemdaling van het veengebied volgt (afname waterdiepte). Het berekende verhang overschrijdt de norm van 4,0 cm/km. Dit betekent dat er vanuit hydrologie een noodzaak is om de Steenwetering lokaal te verdiepen tot leggerdiepte en 4-tal kunstwerken te vervangen.

Ecologie

Voor het plangebied van de Steenwetering is een volledige ecologische analyse uitgevoerd. Het tracé van de Steenwetering is aangewezen als KRW-waterlichaam en getypeerd als M10: Laagveen vaart en kanaal. De aanwezige vegetatie, macrofauna en vis voldoen in de huidige situatie niet aan de KRW-normen. Met de realisatie van de natuurvriendelijke oevers wordt voldaan aan de KRW-normen. Aanvullend wordt er een ijsvogelwand gerealiseerd. Het realiseren van een ecologische verbinding ter plaatse van de Oude Weede zorgt ervoor dat het weidevogelgebied Haerst Genne met natuurgebied Stadsgaten en Olde maten via het IWP-project Dedemsvaart verbonden wordt.

Duurzaamheid

Voor het project is de grootst impact qua uitstoot (CO2 en stikstof) het grond verzet. Het ontwerp is opgesteld dat er gewerkt wordt met een gesloten grondbalans. De vrijkomende grond wordt bij de omliggende eigenaren verwerkt of toegepast bij nevenprojecten welke in de buurt liggen. Hiermee zijn transportafstanden zeer beperkt. Door transportafstand kort te houden wordt de emissie tijdens uitvoering geminimaliseerd. In de vervolgfase zal nader gekeken worden hoe de uitstoot tijdens de uitvoering geminimaliseerd kan worden.

Er zijn een 4-tal kunstwerken (bruggen en duikers) die worden vervangen. Hier is gekeken naar diverse alternatieven. Doel is om de hoeveelheid beton te minimaliseren i.v.m. de CO2 belasting van beton. Voorkeur heeft nu om de bruggen van GVK (Glasvezelversterkte kunststoffen) te realiseren. Deze bruggen worden prefab gemaakt en gaan minimaal 100 jaar mee. Tevens zijn deze bruggen licht van gewicht waardoor een minder zware fundering noodzakelijk is. Daarnaast zijn de bruggen makkelijk te demonteren waardoor ze indien nodig eenvoudig elders her te gebruiken zijn (modulair en circulair). In afstemming met de eigenaren worden 2 bruggen in GVK (Glasvezelversterkte kunststoffen). De andere 2 locaties worden respectievelijk een betonbrug en betonduikers dit op basis van de wens van de perceelseigenaren, die eigenaar van de brug en duiker worden.

5. Effecten van het plan

5.1 Positieve effecten

-Vergroten van de ecologische kwaliteit en waarde van de watergang en oevers.

-Door het verruimen van het doorstroomprofiel van de Steenwetering (verruimen bruggen en duikers, baggeren en gedeeltelijk verruimen van de watergangen) kan het water beter afgevoerd worden naar het gemaal.

-Herinrichten van onderhoudsroutes zodat beheer en onderhoud efficiënt uitgevoerd kan worden.

5.2 Negatieve effecten

-Beeld en uiterlijk van de oevers is veel ruiger dan de omgeving gewend is.

7. Nadelige gevolgen

7.1 Nadelige gevolgen van het plan

Er zijn geen directe nadelige gevolgen van het huidige plan.

7.2 Nadelige gevolgen van de uitvoering

Gedurende de uitvoering van het werk wordt de overlast voor derden zoveel mogelijk beperkt. Eventuele schade aan rij- en werkstroken wordt hersteld. Uitvoeringsschade is nu niet voorzien, maar mocht die toch optreden, dan wordt die vergoed. Ook gewasderving en/of inkomstenschade als gevolg van de uitvoering van dit projectplan wordt vergoed. Voorafgaand aan de uitvoering wordt met alle relevante aanliggende eigenaren contact opgenomen, zodat zij rekening kunnen houden met de werkzaamheden.

Voor de brug en duikers vervangen zijn kavels en woningen tijdelijk niet bereikbaar. Tevens dienen huisaansluitingen omtrent nutsvoorzieningen aangepast te worden, hierdoor zal ook enige hinder door aanwonenden worden ondervonden. Daar waar nodig zullen er tijdelijke voorzieningen getroffen worden.

De Wet Natuurbescherming eist dat schade aan de natuur zoveel mogelijk wordt beperkt. Hieraan wordt voldaan doordat er op basis van onderzoek Natuurwetgeving een ontheffing wordt aangevraagd. Vervolgens wordt een werkprotocol opgesteld die de voorwaarden voor de uitvoering omschrijft.

7.3 Financieel nadeel

Als gevolg van dit projectplan is geen financiële schade voorzien die aan de uitvoering van het project in de weg staat. Indien een belanghebbende ten gevolge van dit besluit toch schade lijdt of zal lijden, die redelijkerwijs niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven en ten aanzien waarvan de vergoeding niet of niet voldoende anderszins is verzekerd, kan op grond van artikel 7.14 van de Waterwet een verzoek om schadevergoeding worden ingediend. Voor de wijze van indiening van een dergelijk verzoek en voor de procedure wordt verwezen naar de Procedureverordening nadeelcompensatie Waterschap Drents Overijsselse Delta.

8. Legger, beheer en onderhoud

8.1 Legger

Na realisatie wordt de nieuwe situatie opgenomen in de legger van oppervlaktewaterlichamen zie hiervoor bijlage B van dit projectplan.

8.2 Beheer en onderhoud

Er is een onderhoudsplan opgesteld waarmee de instandhouding van de maatregelen wordt gewaarborgd. Dit onderhoudsplan is opgenomen in bijlage G van dit projectplan.

Er vindt een relatief intensief beheer en onderhoud plaats van het doorstroomprofiel om peilen te handhaven en het water over het gebied te verdelen. Dit onderhoud wordt jaarlijks varend uitgevoerd voor het noordelijk tracé tot de brug in de bocht nabij de weg Steenwetering. Dit maaionderhoud van de natuurvriendelijke oevers vindt gefaseerd plaats, verspreid over meerdere jaren. Het maaisel wordt afgevoerd

Door de inrichting van de natuurvriendelijke oever wordt het huidige jaarlijkse onderhoud met breedspoor voor de noordelijke (natuurvriendelijke oever) en de Bouwmansleiding aangepast naar onderhoud van eenmaal per jaar, waarbij 50 procent van de NVO het natte talud wordt gemaaid en afgevoerd. Het droge talud wordt jaarlijks volledig gemaaid. Het maaisel wat hierbij vrij komt wordt op het aanliggende perceel gedeponeerd. Jaarlijks onderhoud dat wordt uitgevoerd aan de natuurvriendelijke oever bestaat uit het verwijderen van houtige opslag en muskusrattenbestrijding.

De natuurlijk te ontwikkelen locaties worden niet onderhouden, er wordt alleen ingegrepen als de begroeiing waterafvoer gaat belemmeren.

Indien nodig mag onderhoud afgedwongen worden door middel van Keur.

1. Wet- en regelgeving

1.1 Waterwet

Als een waterschap een waterstaatswerk wil aanleggen of wijzigen, dient op grond artikel 5.4 Waterwet een projectplan te worden vastgesteld, met daarin een beschrijving van het werk en de wijze waarop dat zal worden uitgevoerd én een beschrijving van de voorzieningen om nadelige gevolgen van de uitvoering van het werk ongedaan te maken of te beperken. Het werk dient bij te dragen aan de doelstellingen van de Waterwet waaronder:

•voorkoming en waar nodig beperking van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste, in samenhang met

•bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen en

•vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen (artikel 2.1).

1.2 Kaderrichtlijn Water (KRW)

De doelstelling van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) is het bereiken en beschermen van een goede toestand van landoppervlaktewater, overgangswateren en kustwateren. Onder de goede toestand vallen zowel een goede ecologische als een goede chemische toestand. Daarnaast is de doelstelling van de KRW het beschermen van een goede chemische en kwantitatieve toestand van het grondwater. Waterschappen hebben een belangrijke taak bij het behalen van de doelstellingen uit de KRW.

De KRW is in de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd in de Waterwet, de Wet milieubeheer en het Besluit kwaliteitseisen en monitoring water (BKMW). Op nationaal niveau worden de te treffen maatregelen opgenomen in stroomgebied beheerplannen en maatregelenprogramma’s en het nationale waterplan. Op provinciaal niveau worden de te treffen maatregelen opgenomen in het provinciale waterplan. In het provinciale waterplan worden de maatregelen verder uitgewerkt. Waterschappen nemen in hun waterbeheerplannen de KRW-maatregelen op die voor hun beheergebied verplicht zijn.

1.3 Milieueffectrapportage (m.e.r.)

De milieueffectrapportage (m.e.r.) is een hulpmiddel bij het nemen van besluiten. Met een m.e.r. krijgt het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming. In het Besluit m.e.r. bestaat een belangrijk onderscheid tussen onderdeel C en onderdeel D. voor activiteiten die voldoen aan de diverse criteria uit onderdeel C geldt een m.e.r.-plicht. In onderdeel D staan de activiteiten benoemd waarvoor een m.e.r.-beoordelingsplicht geldt. Voor deze activiteiten moet beoordeeld worden of sprake is van (mogelijke) belangrijke nadelige milieugevolgen. De activiteiten die binnen dit project worden uitgevoerd vallen allen binnen categorie D, te weten onder onderdeel D.9 van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage.

Onderdeel D.9 van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage betreft een landinrichtingsproject dan wel een wijziging of uitbreiding daarvan, in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op:

•Een functiewijziging met een oppervlakte van 125 hectare of meer van water, natuur, recreatie of landbouw;

•Vestiging van een glastuinbouwgebied of bloembollenteeltgebied van 50 hectare of meer.

De voorgenomen activiteiten betreffen niet de vestiging van een glastuinbouwgebied of bloembollenteeltgebied, dit punt is dan ook niet van toepassing voor de voorgenomen activiteiten. De drempelwaarde voor een functiewijziging van water, natuur, recreatie of landbouw van de betreffende categorie wordt niet overschreden.

2. Beleid

2.1 Toets beleid waterschap

Kaderrichtlijn Water (KRW)

De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) heeft als doel de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater in een goede toestand te brengen en te houden, en bevordert het duurzaam gebruik van water. De richtlijn geldt voor al het oppervlaktewater maar alleen voor de zogenoemde waterlichamen geldt een rapportage- en resultaatsverplichting naar de EU.

De invoering van de KRW heeft ertoe geleid dat het water administratief ingedeeld is in KRW waterlichamen en de overige wateren. De opgaven en begrenzingen van alle KRW-waterlichamen zijn vastgelegd in de provinciale omgevingsvisie. Het waterschap is verantwoordelijk voor het uitwerken van de opgaven en de maatregelen in het oppervlaktewater, de provincie voor de uitwerking van het diepe grondwater. Voor de waterlichamen heeft het waterschap een resultaatsverplichting om de maatregelen die nodig zijn om in 2027 de vastgestelde waterkwaliteitsopgaven te behalen.

In de huidige situatie de Steenwetering nog niet aan de in de KRW gestelde opgaven. De voorgenomen maatregelen die binnen dit project worden uitgevoerd, moeten ervoor zorgen dat beide waterlopen wel aan de KRW-normen voldoen.

Inrichting, Beheer en Onderhoud op Maat (IBOOM)

Na de realisatie van de plannen wordt het gebied conform het beleid “Inrichting, Beheer en Onderhoud Op Maat” (IBOOM) uitgevoerd.

Waterschapszorg

Waterschapszorg gaat over de zorg voor beheer en onderhoud van de watergang; wie welke watergang beheert en wie de onderhoudsplichtige is. WDOD wil het water in de wetering zo goed mogelijk aan- en afvoeren. Op deze manier kan het Waterschap de functies in een gebied (zoals landbouw en natuur) zo optimaal mogelijk bedienen. Daarom wil WDOD de grote, regionaal belangrijke watergangen zelf onderhouden. De kleinere watergangen en de individuele perceelsloten worden onderhouden door de aanliggende perceeleigenaren.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.