Waterschapswetten

Projectplan Domeinweg (omgeving ten noordwesten van Hoogeveen)

Waterschap Drents Overijsselse Delta · geldt sinds 7 mei 2024

Aanhef

Het dagelijks bestuur van het Waterschap Drents Overijssel Delta maakt bekend dat het algemeen bestuur het Projectplan Domeinweg heeft vastgesteld op 16 april 2024, op grond van artikel 5.4, eerste lid, van de Waterwet.

Toelichting

Het watersysteem in het gebied rondom de Domeinweg is verouderd en voldoet niet meer aan de normen. We willen het daarom robuuster en toekomstbestendiger maken, voor onder andere de landbouw. Dit betekent dat we water kunnen vasthouden en afvoeren op de momenten dat dit nodig is. Zo zijn we beter voorbereid tegen wateroverlast of droogte.

Het projectgebied Domeinweg ligt ten noordwesten van Hoogeveen. In het westen vormt het Echtenerveld de grens en in het noordoosten de Boerenveensche Plassen. De A28, met afslag Fluitenberg, doorkruist het projectgebied in verticale richting.

Het projectplan beschrijft de maatregelen voor de Domeinweg. De opgaven bestaan uit het creëren van waterbergingen, het verbreden van watergangen en het plaatsen en aanpassen van een aantal stuwen. Daarnaast worden laaggelegen percelen opgehoogd om wateroverlast te voorkomen. Verder worden beheer- en onderhoudsknelpunten opgelost zodat watergangen beter onderhouden kunnen worden.

Het ontwerpprojectplan lag vanaf 21 december 2023 gedurende zes weken ter inzage. In die periode is er één zienswijze ingediend. Die heeft niet geleid tot wijzigingen ten opzichte van het ontwerpprojectplan.

Projectplan

Het projectplan ligt met ingang van dinsdag 7 mei 2024 digitaal ter inzage, totdat de beroepstermijn is verstreken. Het projectplan, de overzichtskaart-maatregelenkaart en de dwarsprofielen zijn in deze bekendmaking opgenomen. U kunt de stukken digitaal bekijken via het publicatieblad op www.officielebekenmakingen.nl. Andere documenten hangen als “Externe bijlagen” aan deze publicatie (zie linker kolom).

Instellen van beroep

Gedurende zes weken (met ingang van de dag na die van deze bekendmaking) kunnen belanghebbenden en degenen die een zienswijze hebben ingediend beroep instellen bij de Rechtbank Noord-Nederland, Afdeling bestuursrecht (Postbus 150, 9700 AD, Groningen).

Het is mogelijk digitaal beroep in te stellen bij genoemde rechtbank via www.loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor moet de indiener wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Op de genoemde website staan de precieze voorwaarden.

Het beroepschrift moet voorzien zijn van:

1naam en adres van de indiener;

2de dagtekening;

3omschrijving van het besluit waartegen beroep is ingesteld en zo mogelijk een afschrift van het besluit;

4de gronden van het beroep.

Verder dient het beroepschrift door de indiener te zijn ondertekend. Bij het beroepschrift wordt zo mogelijk een afschrift van het projectplan overgelegd.

Het projectplan treedt met deze bekendmaking in werking, ongeacht of er een beroepschrift wordt ingediend. Dit betekent dat het projectplan uitgevoerd kan worden. Om dit te voorkomen kan degene die beroep instelt gelijktijdig, of na het indienen daarvan, een verzoek om een voorlopige voorziening doen bij de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Nederland, Afdeling bestuursrecht (Postbus 150, 9700 AD, Groningen). Daarbij moet een kopie van het beroepschrift worden overgelegd. Zie voor het digitaal indienen van zo’n verzoek hetgeen hiervoor is opgemerkt over het digitaal instellen van beroep.

Voor het indienen van beroep en voor het doen van een verzoek om voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.

Het algemeen bestuur van Waterschap Drents Overijsselse Delta besluit, gelet op artikel 5.4, eerste lid, van de Waterwet en de Inspraak- en participatieverordening Waterschap Drents Overijsselse Delta 2016 het onderhavige projectplan vast te stellen.

Leeswijzer

Het projectplan Domeinweg bestaat uit vier delen. In deel I wordt beschreven wat het waterschap gaat doen en hoe het werk wordt uitgevoerd. Deel II licht toe waarom dit werk wordt uitgevoerd: de onderbouwing van het plan. Deel III geeft informatie over de rechtsbescherming en de procedures, en deel IV bevat rapporten en onderzoeken die voor het plan van belang zijn.

DEEL I – PROJECTBESCHRIJVING

1. Aanleiding en doel

1.1 Aanleiding

Waterschap Drents Overijsselse Delta gaat het projectgebied Domeinweg herinrichten. Het ontwerp voor het projectgebied is opgesteld vanuit een integraal gebiedsproces waarbij het Dagelijks bestuur een voorkeursalternatief heeft vastgesteld. Hierbij is uitgegaan van de volgende beleidsdoelen (Tabel 1).

Tabel 1: Beleidsdoelen Domeinweg

NBW

Het oplossen van NBW-knelpunten (extreme neerslagsituaties) door aanpassingen van watergangen en kunstwerken.

GGOR

Aanpakken van droogleggingsknelpunten in “normale” situaties.

Beheer en onderhoud

Oplossen van knelpunten beheer en onderhoud (knelpunten, achterstallig onderhoud, IBOOM).

Waterschapszorg

Het uniform indelen van watergangen verdeeld over drie statussen (A-, B-, of C-watergang).

Om tot een voorkeursalternatief te komen, is naast de bovenstaande beleidsdoelen ook beoordeeld welke bijdrage geleverd kan worden aan het behalen van nevendoelen van het waterschap. Voor nevendoelen geldt geen specifieke opgave binnen het project gebied. Het gaat om de volgende nevendoelen:

•Verbeteren ecologie en waterkwaliteit

•Een klimaatrobuuste inrichting

•Vergroten duurzaamheid

•Ruimtelijke kwaliteit en erfgoed

Ecologie

Er zijn voor ecologie geen opgaven op het projectgebied geprojecteerd, de “overige wateren” binnen het plangebied zijn niet aangewezen als KRW-Waterlichaam. Wat betreft waterkwaliteit zal deze in zijn algemeenheid in elk geval niet achteruitgaan.

Klimaatrobuuste inrichting/Hydrologie

Het waterschap streeft naar watersystemen die extreme weersomstandigheden (zowel nat als droog) beter op kunnen vangen. Te denken valt aan oplossingen die meer ruimte in het systeem creëren waardoor het systeem beter reageert op extreme situaties, en oplossingen om water sneller te verplaatsen.

Duurzaamheid

Middels het waterbeheerplan en het klimaatakkoord heeft het waterschap zich uitgesproken om bij te dragen aan duurzaamheid. De kansen voor duurzaamheid zijn geïnventariseerd d.m.v. het invullen van de Omgevingswijzer.

Ruimtelijke Kwaliteit en erfgoed

In het stroomgebied zijn geen water gerelateerde gebouwde monumenten, geen beschermd stads- of dorpsgezicht en geen watererfgoed van WDODelta aanwezig. Er vindt géén aantasting van het landschap plaats door de herinrichting van de watergangen in het projectgebied. Andere effecten op ruimtelijke kwaliteit zijn niet te verwachten, dit valt overigens buiten het aandachtsveld van dit project. Hiervoor zijn geen opgaven geformuleerd.

1.2 Opgaven

In Tabel 2 is voor de beleidsdoelen, zoals genoemd in 1.1, beschreven wat de concrete opgave voor dit project inhoudt.

Tabel 2: Opgave voor elk beleidsdoel

NBW

Om de regionale wateroverlast voor concrete locaties aan te pakken hebben de waterschappen in het Nationaal Bestuursakkoord Water (2009) afgesproken hun gebieden te beoordelen op risico's op wateroverlast. In 2017 en 2018 heeft Waterschap Drents Overijsselse Delta een hydrologische studie uitgevoerd, waarbij de NBW-opgave is bepaald. Uit het onderzoek kwam naar voren dat de hydrologisch opgave, het niet voldoen aan de NBW-norm, 93 hectare (ha) betreft.

GGOR

In de knelpuntennotitie van dit project is vastgesteld dat in 11 van de 17 peilgebieden sprake is van een te kleine drooglegging.

Beheer en onderhoud

Bij inventarisatie zijn 37 knelpunten voor beheer en onderhoud geconstateerd. Daarnaast zijn er een aantal plekken waar er smal- en/of breedspoorpaden gerealiseerd kunnen worden. De beheer en onderhoudsopgave kan worden opgedeeld in knelpunten, achterstallig onderhoud en IBOOM (integraal beheer en onderhoud op maat).

Waterschapszorg

Het waterschap streeft naar het uniformiseren van het beheer. De implementatie van waterschapszorg wordt meegenomen in het project. Het gaat om 1 watergang waarbij de status verandert van A naar B (ca. 300m) en 1 watergang waarbij de status wijzigt van A naar C (ca. 200 m).

3. Gewenste situatie

3.1 Maatregelen

Er is gekeken hoe het landbouwkundige watersysteem kan worden ontlast om overstromingen en tijdelijke wateroverlast (NBW) te voorkomen. In hoofdlijn heeft dit geleid tot een planuitwerking met 2 hoofdonderdelen.

Er worden in totaal twee waterbergingen gerealiseerd en er worden twee watergangen verbreed. Er wordt één knijpstuw en twee geautomatiseerde stuwen gerealiseerd om de waterbergingen optimaal te laten functioneren.

Daar waar mogelijk worden watergangen zoveel mogelijk teruggebracht op leggerprofiel en worden een 2-tal knijpstuwen geplaatst. Plaatselijk worden stuwen voorzien van beweegbare kleppen.

In Tabel 3 worden de belangrijkste maatregelen beschreven die in het gebied worden uitgevoerd. Naast deze belangrijke maatregelen zijn er ook een aantal kleinere maatregelen, deze zijn weergegeven in Tabel 4. De uitwerkingen van deze maatregelen zijn te vinden op de overzichtskaart in bijlage A.

Naast de hydrologische maatregelen die beschreven worden, zijn er ook maatregelen met betrekking tot beheer en onderhoud (B&O). Ook deze zijn opgenomen op de ontwerptekeningen. In deze fase zijn een aantal vormtekeningen uitgewerkt, in de UO-fase worden deze uitgewerkt tot bestekstekeningen.

Tabel 3: Belangrijkste maatregelen in het projectgebied

Naam

Huidige situatie

Ontwerpsituatie

MV140-146: Knijpstuw en renovatie 2 stuwen en profielverruiming

Een hoofdwatergang met veldkeistuwen.

Een deel van de watergang kan op eigendom van WDODelta verbreed worden. Benedenstrooms hiervan wordt een knijpstuw geplaatst.

7WB: Aanleg waterberging in de berm van de A28

De berm bestaat uit gras.

Afgraven van de berm van de A28 tot 10,85 m+NAP.

MV118: Waterberging aanleggen

Op dit moment is er grasland.

Het door WDODelta verworven perceel (0,85 ha) wordt afgegraven en met duikers verbonden aan het hoofdwatersysteem.

01MV134

nvt

Nieuwe knijpstuw WB21

MV136S1

overlaat

Nieuwe kantelstuw, breedte 1.00 meter

OD4-20_D_10 = MV122

Handbediende klepstuw

Nieuwe geautomatiseerde kantelstuw

OD4-20_B_4 = MV118

Handbediende klepstuw

Nieuwe geautomatiseerde kantelstuw

Tabel 4: Overige maatregelen in het projectgebied

Naam

Beschrijving maatregel

MV171

In de hoofdwatergang naast de Fluitenbergsewegweg moet de bestaande stuw verwijderd worden en vervangen worden MV171 ligt langs de Flbweg en bestaat uit een veldkeienstuw.

MV118

Onder de Fluitenbergseweg liggen ter hoogte van de aansluiting met de Domeinweg twee duikers onder de weg door. Deze moeten beide vervangen worden voor grotere duikers.

MV112 (2)

In het zuidwesten van het plangebied moet er een bestaande stuw vervangen worden voor een automatische stuw (=MV118). De hier benedenstrooms gelegen duiker wordt vervangen worden voor een grotere duiker (MV112).

BO204

Watergang weer op leggerprofiel brengen

BO19

Watergang weer op leggerprofiel brengen

3.1 Effecten

NBW en GOR

Door de geplande maatregelen ontstaat een robuuster watersysteem dat pieken in de afvoer beter kan verwerken. We kunnen echter niet voorkomen dat toch her en der wateroverlast blijft optreden. Dit is in het gebied besproken met de eigenaren, de wateroverlast bij hevige neerslag wordt wel herkend maar niet als overlast ervaren. Meestal is de overstroming met een dag weer verdwenen door het hellende karakter van het gebied.

Wijzigingen peilen per peilvak

Op basis van de algemene hoogtekaart Nederland (AHN) zijn de huidige MIN/MAX peilen voor het dagelijkse peilbeheer na 25 jaar opnieuw geanalyseerd. De nieuwe bandbreedte van de MIN/MAX-peil instellingen wordt door de beheerder gebruikt om afhankelijk van neerslag, verdamping en bodemvochtvoorraad de juiste waterpeilen per peilvak aan te bieden behorende bij de gebruiksfunctie van het gebied. De volgende peilvakherzieningen zijn gepland, de peilen staan ook vermeld op de overzichtskaart in bijlage A .

Domeinweg: wijzigingen peilen per peilvak 2023

Peilgebied

Oppervlakte peilgebied

Huidig max/min peil (m NAP)

Nieuw max/min peil (m NAP)

Extreem peil bij de stuw, dmv stuw telemetrie-knijpstuw

(m NAP)

Maatregelen

MV118

121

8.00/7.75

8.15/7.75

8.40

Berging – ophoging lage delen en NBW-telemetrie sturing

MV122

130

8.35/8.10

8.55/8.25

8.80

Berging – ophoging lage delen en NBW-telemetrie sturing

MV126

150

9.23/9.23

9.20/8.80

NVT

Nieuwe stuw

MV128

62

8.70/8.70

9.20/8.80

NVT

Nieuwe stuw

MV132

58

9.24/9.24

9.80/9.50

NVT

Nieuwe stuw

MV134a

69

9.90/9.90

10.25/10.25

11.45

Knijpstuw sturing berging RWS en watergang

MV140

51

11.40/11.40

11.70/11.70

NVT

Simpele knijpstuw- verticale drempelverhoging

MV142

108

10.00/9.80

10.00/9.90

NVT

Stuw-renovatie

MV146

In watergang

1

9.97/9.97

10.30/10.30

NVT

Simpele knijpstuw- verticale drempelverhoging

MV146a

Deelgeb1

10

9.97/9.97

10.95/10.95

11.65

Knijpstuw sturing berging wijk landgoed en watergang

** Overige peilvakken MV130 / MV134 / MV136 / MV120 / MV124 / MV171 en MV112 (telemetrie) geen max/min peil wijzigingen

Normaanpassing

Vanuit het landelijke gebied wordt de T10 neerslag-afvoergolf gedeeltelijk opgevangen in de berging langs de Domeinweg. Een deel van die T10 afvoergolf blijft boven normatief achter in diverse peilvakken. In die specifieke gevallen voorziet het plan in normaanpassing (aanpassing maaiveldcriterium) van deze T10 situatie.

De hydrologische modellering geeft per peilvak de volgende resultaten:

NBW-opgave (allen T=10)*

(ha)

Peilgebied

Oppervlakte peilgebied

Oppervlakte natuur in peilgebied**

Oppervlakte T10 in peilgebied**

NBW-norm: Max inundatie 5% van T10**

Inundatie ontwerp Projectplan (aanvullend VKA)

Ha

Ha

Ha

Ha

Ha

Inundatie %

MV082

75

5

70

3,50

0,5

1%

MV112

54

4

50

2,52

0,4

1%

MV118

121

4

117

5,83

11,1

9%

MV120

47

7

40

2,00

15,0

38%

MV122

130

3

127

6,34

15,0

16%

MV124

21

0

21

1,07

10,0

47%

MV126

150

3

148

7,38

24,9

17%

MV128

62

2

60

2,98

9,1

15%

MV130

35

1

34

1,69

1,7

5%

MV132

58

4

54

2,71

1,1

2%

MV134 (a)

69

20

50

2,48

3,1

6%

MV136

74

19

55

2,76

3,9

7%

MV140

51

10

41

2,05

0,2

0%

MV142

108

39

69

3,46

17,4

25%

MV146

10

8

3

0,13

1,3

49%

MV171

1

0

1

0,05

0,5

50%

WA225

11

10

1

0,07

0,0

0%

TOTAAL

1079

139

941

47,03

115,2

13%

Van de in totaal 17 peilvakken voldoen er in de nieuwe situatie 11 niet aan de NBW-norm (max. 5% inundatie bij grasland). Bij de provincie Drenthe wordt hiervoor een normaanpassing aangevraagd.

Afwenteling

We wentelen in de T100 situatie tijdelijk water af naar lagergelegen gebieden, met name richting het stedelijke gebied Hoogeveen. Met het Projectplan Domeinweg wentelen we tijdelijk extra water af naar lagergelegen gebieden. Bestuurlijke partners hebben eerder aangegeven dat het niet de voorkeur geniet om water af te wentelen. Dat gaan we nu tijdelijk wel doen. Het lagergelegen gebied biedt ruimte om deze afwenteling op te vangen, waardoor de afwenteling teniet wordt gedaan. Over enkele jaren, gepland kunnen we deze afwenteling compenseren binnen geprogrammeerde projecten rondom het Oude Diep waarin we samenwerken met de provincie Drenthe (onder andere de projecten KRW-stadsrand Hoogeveen, Roode Brand en Zuidmaten). In totaal wordt met project Domeinweg circa 10.000m3 in de piek afgewenteld.

Beheer en onderhoud

In het plangebied vindt onderhoud rijdend plaats. Het gebied is volgens de modellering gevoelig voor veel begroeiing. Op tijd maaien is dus belangrijk in deze systemen. Dit gebeurt via de aanwezige onderhoudsroutes door het land en via de onderhoudspaden. Onderhoud vindt van weg naar weg plaats waarbij in het land wordt gekeerd. Om de onderhoudsroutes te kunnen gebruiken zijn hekwerken, poortgrepen en dammen met duikers aanwezig. Bij inventarisatie zijn 37 knelpunten voor beheer en onderhoud geconstateerd. Dit zijn veelal kleine knelpunten waarbij onder andere de toegankelijkheid niet op orde is en bijvoorbeeld een dam en duiker moet worden verbreed. Waar mogelijk is het onderhoud conform IBOOM aangepast van smal- naar breedspoor. Zie voor een uitgebreide beschrijving het onderhoudsplan in bijlage E.

Waterschapszorg

Het waterschap streeft naar het uniformiseren van het beheer. De implementatie van Waterschapszorg wordt meegenomen in het project. Er worden twee statuswijziging doorgevoerd:

-300 m van A naar B (noorden plangebied)

-200 m van A naar C (Fluitenberg)

Door de geplande aanpassingen is het beheer en onderhoud geoptimaliseerd.

5. Effecten van het plan

5.1 Positieve effecten

-Optimaliseren van het waterbeheer door meer ruimte te creëren voor waterberging.

-Herinrichten van onderhoudsroutes zodat beheer en onderhoud efficiënt uitgevoerd kan worden.

5.2 Negatieve effecten

-Ondanks de geplande maatregelen, wordt niet overal voldaan aan de norm. Er wordt een normaanpassing aangevraagd bij de Provincie. Perceeleigenaren blijven dus (net als in de huidige situatie) bij hevige neerslag tijdelijk water op hun land houden. Dit wordt in het gebied niet als overlast ervaren.

7. Nadelige gevolgen

7.1 Nadelige gevolgen van het plan

Vanuit het landelijke gebied wordt de T10 afvoergolf gedeeltelijk opgevangen in de berging langs de Fluitenbergseweg. Een deel van die T10 afvoergolf blijft boven normatief achter in diverse peilvakken. In die specifieke gevallen voorziet het plan in normaanpassing van deze T10 situatie. Deze normaanpassing wordt aangevraagd bij de Provincie Drenthe.

Een deel van de T10-T100 NBW-opgave wordt benedenstrooms afgewenteld. Deze hoeveelheid moet elders in andere Oude Diep projecten weer worden gecompenseerd. Er blijft dus een restopgave liggen door deze afwenteling.

7.2 Nadelige gevolgen van de uitvoering

Gedurende de uitvoering van het werk wordt de overlast voor derden zoveel mogelijk beperkt. Eventuele schade aan rij- en werkstroken wordt hersteld. Uitvoeringsschade is nu niet voorzien, maar mocht die toch optreden, dan wordt die vergoed. Ook gewasderving en/of inkomstenschade als gevolg van de uitvoering van dit projectplan wordt vergoed. Voorafgaand aan de uitvoering wordt met alle relevante aanliggende eigenaren contact opgenomen, zodat zij rekening kunnen houden met de werkzaamheden.

De Wet Natuurbescherming eist dat schade aan de natuur zoveel mogelijk wordt beperkt. Hieraan wordt voldaan doordat het waterschap werkt volgens de vigerende natuurbeschermingswetgeving, de Gedragscode Wet Natuurbescherming voor Waterschappen en een maximale inspanning levert om de bestaande natuur te beschermen. De uitvoering staat gepland in 2025. In deze periode worden de werkzaamheden zodanig gepland dat nadelige gevolgen op de flora- en fauna tot een minimum worden beperkt.

7.3 Financieel nadeel

Als gevolg van dit projectplan is geen financiële schade voorzien die aan de uitvoering van het project in de weg staat. Indien een belanghebbende ten gevolge van dit besluit toch schade lijdt of zal lijden, die redelijkerwijs niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven en ten aanzien waarvan de vergoeding niet of niet voldoende anderszins is verzekerd, kan op grond van artikel 7.14 van de Waterwet een verzoek om schadevergoeding worden ingediend. Voor de wijze van indiening van een dergelijk verzoek en voor de procedure wordt verwezen naar de Procedureverordening nadeelcompensatie Waterschap Drents Overijsselse Delta 2019.

8. Legger, beheer en onderhoud

8.1 Legger

Na realisatie wordt de nieuwe situatie opgenomen in de legger van oppervlaktewaterlichamen.

8.2 Beheer en onderhoud

Er is een onderhoudsplan opgesteld waarmee de instandhouding van de maatregelen wordt gewaarborgd. Dit onderhoudsplan is opgenomen in bijlage E van dit projectplan.

In het gebied zijn relatief veel knel- en verbeterpunten voor het beheer en onderhoud geconstateerd. De beheer en onderhoudsopgave kan worden opgedeeld in knelpunten, achterstallig onderhoud en IBOOM (integraal beheer en onderhoud op maat). In de afgelopen periode is deze B&O opgave besproken met het gebied. Door het uitvoeren van de opgave wordt het onderhoud sterk geoptimaliseerd. Hierdoor wordt ook de impact van het onderhoud beter verdeeld.

Naast de uitwerking van de IBOOM-maatregelen worden ook het beheer en onderhoud van de waterbergingen beschreven. Verder zal het onderdeel peilbeheer volledig worden uitgewerkt zodat bij de verschillende scenario’s duidelijk is wat er van de peilbeheerder gevraagd wordt.

DEEL II - VERANTWOORDING

1. Wet- en regelgeving

1.1 Waterwet

Als een waterschap een waterstaatswerk wil aanleggen of wijzigen, dient op grond artikel 5.4 Waterwet een projectplan te worden vastgesteld, met daarin een beschrijving van het werk en de wijze waarop dat zal worden uitgevoerd én een beschrijving van de voorzieningen om nadelige gevolgen van de uitvoering van het werk ongedaan te maken of te beperken. Het werk dient bij te dragen aan de doelstellingen van de Waterwet waaronder:

•voorkoming en waar nodig beperking van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste, in samenhang met

•bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen en

•vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen (artikel 2.1).

1.2 Milieueffectrapportage (m.e.r.)

In de bijlage van het Besluit milieueffectrapportage zijn categorieën van activiteiten aangewezen waarvoor een m.e.r.-plicht (C-lijst) of m.e.r.-beoordelingsplicht (D-lijst) geldt. In deze C- en D-lijst zijn geen activiteiten opgenomen, die van toepassing zijn op dit project. Er is o.a. geen sprake van:

•De aanleg, wijziging of uitbreiding van werken inzake kanalisering of ter beperking van overstromingen, met inbegrip van primaire waterkeringen en rivierdijken (categorie D3.2);

•De aanleg, wijziging of uitbreiding van een waterbeheersingsproject voor landbouwdoeleinden, met inbegrip van irrigatie- en droogleggingsprojecten (categorie D13);

•De aanleg, wijziging of uitbreiding van werken voor de overbrenging van water tussen stroomgebieden (categorie C19 of D19).

Voor dit project geldt derhalve geen m.e.r.-(beoordelings)plicht. Het opstellen en indienen van een aanmeldingsnotitie is niet benodigd.

2. Beleid

2.1 Toets beleid waterschap

NBW

Ons waterbeheer is in natte omstandigheden gericht op het zoveel mogelijk voorkomen of beperken van schade en/of inkomstenderving als gevolg van wateroverlast. Dit bereiken we met onze doelstellingen door te zorgen dat onze infrastructuur voldoet aan de normen uit het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW). Om de regionale wateroverlast aan te pakken hebben de waterschappen in het NBW (2009) afgesproken hun gebieden te beoordelen op risico’s op wateroverlast. Landelijk zijn hiervoor richtinggevende waarden vastgesteld. Voor de verschillende gebieden zijn normen vastgelegd in de provinciale waterverordeningen/ omgevingsvisies. Deze normen zeggen iets over de mate waarin overstromingen toelaatbaar zijn doordat oppervlaktewateren buiten de oevers treden. We zien de normen als basisbeschermingsniveau en zorgen ervoor dat het watersysteem ten minste voldoet aan deze normen.

GGOR

Onder normale weersomstandigheden werken wij aan een waterbeheer dat optimaal de functies en het huidige gebruik ondersteunt. We streven naar de juiste hoeveelheid water voor menselijke activiteiten, landbouw en natuur. Dit bereiken we door te zorgen dat onze infrastructuur voldoet aan de kaders van het Gewogen Grond- en Oppervlaktewater Regime (GGOR). GGOR is een hulpmiddel dat voor elke functie in landelijk en stedelijk gebied de gewenste toestand van het grondwater en het oppervlaktewater aangeeft. In ons huidige beleid is bepaald dat de actuele situatie ook de gewogen situatie is. Dit betekent dat we het huidige voorzieningenniveau handhaven en werken aan het in stand houden van de bestaande natte infrastructuur als de peilregulerende kunstwerken. De infrastructuur passen we alleen aan wanneer sprake is van een knelpunt in het watersysteem of bij het beheer ervan.

Inrichting, Beheer en Onderhoud op Maat (IBOOM)

Na de realisatie van de plannen wordt het gebied conform het beleid “Inrichting, Beheer en Onderhoud Op Maat” (IBOOM) uitgevoerd. Hieronder wordt verstaan dat het beheer en onderhoud aan de watergang wordt afgestemd op de functies in het gebied en de opgaven, hierbij rekening houdend met de gebiedskenmerken en wensen en ideeën van de inwoners en omgeving.

Waterschapszorg

Waterschapszorg gaat over de zorg voor beheer en onderhoud van de watergang; wie welke watergang beheert en wie de onderhoudsplichtige is. WDODelta wil het water in de wetering zo goed mogelijk aan- en afvoeren. Op deze manier kan het waterschap de functies in een gebied (zoals landbouw en natuur) zo optimaal mogelijk bedienen. Daarom wil WDODelta de grote, regionaal belangrijke watergangen zelf onderhouden. De kleinere watergangen en de individuele perceelsloten worden onderhouden door de aanliggende perceeleigenaren.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.