Waterschapswetten

Beleidsregel van het algemeen bestuur van het waterschap Drents Overijsselse Delta houdende regels omtrent werving en eigendom van grond 2024

Waterschap Drents Overijsselse Delta · geldt sinds 25 oktober 2024

Aanhef

Het algemeen bestuur van waterschap Drents Overijsselse Delta heeft in haar vergadering van 24 september 2024 het Grondbeleid 2024 vastgesteld.

Het Grondbeleid 2024 vervangt het Grondbeleid 2020, die op 26 mei 2020 is vastgesteld. In het Grondbeleid 2024 zijn de beleidsuitgangspunten geformuleerd en uitgewerkt en wordt inzicht gegeven in de strategie bij grondverwerving, - bezit, - beheer en – verkoop.

Contact

Voor vragen over het Grondbeleid 2024 kunt u mailen naar ingovanlohuizen@wdodelta.nl of bellen, telefoonnummer 088-2331200.

Hieronder treft u het Grondbeleid 2024 integraal aan. Deze kunt u ook raadplegen via de website van het waterschap: www.wdodelta.nl.

Inleiding

In het Grondbeleid 2024 wordt inzicht gegeven in de wijze waarop het waterschap enerzijds met verwerving van grond en anderzijds met de eigendom van grond omgaat. Het geeft op heldere wijze inzicht in de strategie bij grondverwerving, -bezit, -beheer en -verkoop.

In het Grondbeleid zijn de beleidsuitgangspunten geformuleerd en uitgewerkt. In de door het dagelijks bestuur vastgestelde Handleiding Grondbeleid 2024 wordt de praktische uitwerking geregeld.

Tekst

Uitgangspunten

Verwerving

1Zowel publiekrechtelijke en privaatrechtelijke instrumenten kunnen worden ingezet, om in voldoende mate de beschikking te krijgen over grond.

2Bij aanleg van nieuwe werken wordt per werk afhankelijk van verschillende criteria, zoals aangegeven in het stappenplan in bijlage 1 punt 1, beoordeeld of de benodigde grond in eigendom verworven dient te worden door het waterschap.

3Bij het uitblijven van een tijdige minnelijke regeling, kan het instrument van de gedoogplicht worden ingezet.

4Het waterschap is pro-actief op de grondmarkt voor de eigen ingekaderde taak.

5Grondaankoop op vrijwillige basis vindt plaats op basis van marktconforme prijzen.

6Indien het eigendom noodzakelijk is voor waterkeringen en urgente, locatie gebonden werken vindt verwerving plaats op basis van volledige schadeloosstelling óf volledige schadevergoeding volgens de omgevingswet. Bij uitblijven van tijdige minnelijke overeenstemming wordt een gedoog- of onteigeningsprocedure doorlopen, zoals aangegeven in het stappenplan in bijlage 1 punt 2.

7Bij grondverwerving kan het instrument kavelruil uit de Omgevingswet worden toegepast.

8In concrete gevallen kan het algemeen bestuur besluiten al in het minnelijke traject schadeloosstellingen aan te bieden die op het Onteigeningsrecht zijn gebaseerd.

9De marktwaarde vormt de basis voor de transactie. Deze waarde wordt per transactie gemotiveerd en zo nodig op basis van een taxatie door een onafhankelijke deskundige onderbouwd.

10Op programma niveau kan een verwervingsstrategie worden geschreven. Per project wordt altijd een (strategisch) grondzakenplan geschreven.

11Gerichte aankoop van gronden vindt plaats als de opgave duidelijk is en het projectkrediet beschikbaar is.

12Voor zover de aankopen passen binnen het financiële- en beleidskader van het waterschap, kan grond anticiperend worden aangekocht. Boekhoudkundig zijn hier mogelijkheden voor gecreëerd en dit noemen we de grondbank.

13Strategische aankopen zijn verwervingen die niet zijn gebaseerd op een vast beleidskader en zijn voor latere doelenrealisatie mogelijk.

14Zowel bij gerichte aankopen voor projecten uit de meerjarenbegroting als bij anticiperende en strategische aankopen kan de grondbank worden ingezet.

15Strategische aankopen en transacties die een bepaalde bestuurlijke gevoeligheid met zich mee brengen worden aan het dagelijks bestuur voorgelegd.

16Waar mogelijk zal bij grondverwerving aansluiting gezocht of samen- gewerkt worden met andere overheden.

Beheer

17Voor een deel van de eigendommen van het waterschap bestaat er een mogelijkheid voor (mede)gebruik door derden.

18Het waterschap is, voor zover mogelijk, faciliterend bij medegebruik ten aanzien van agrarisch gebruik en vis- en jachtrechten.

19Ingebruikgeving aan derden is altijd gebaseerd op een schriftelijke overeenkomst, marktconforme prijzen en conform wet- en regelgeving.

20Indien grond door middel van pacht in gebruik gegeven wordt aan derden wordt gebruik gemaakt van geliberaliseerde pachtovereenkomsten. De nog bestaande reguliere pachtovereenkomsten worden uitgediend en daarna, indien mogelijk omgezet naar geliberaliseerde pachtovereenkomsten of beëindigd.

21Geliberaliseerde pacht van landbouwgronden, die deel uitmaken van de grondbank vindt in principe plaats voor de duur van één jaar.

22Geliberaliseerde pacht van waterkeringen en -bergingen vinden in eerste instantie plaats voor de duur van één jaar en daarna voor maximaal zes jaar. Indien er redenen zijn om af te wijken van de duur van zes jaar, dan is dit mogelijk.

23Bruikleen, huur en pacht van geringe oppervlakten, waarbij de erkenning van de eigendom van het waterschap door de gebruiker wordt verzekerd, vindt in beginsel plaats voor de duur van één jaar.

24Bij het einde van een lopende termijn zal het waterschap iedere potentiële gegadigde de kans bieden in aanmerking te kunnen komen voor medegebruik van grond conform ons beleid en wet- en regelgeving, waarbij gestreefd wordt naar duurzaam gebruik.

25Bij ingebruikgeving worden gronden altijd via de website officiële bekendmakingen gepubliceerd.

26Het pachtnormenbesluit van RVO wordt als basis genomen voor de pachtprijs van landbouwpercelen.

27Voor overige gevallen wordt een pachtprijs van 2% van de marktwaarde gehanteerd.

28Bij de bepaling van de pachtprijs wordt rekening gehouden met de eigenschappen van het perceel en de voorwaarden die door het waterschap aan het gebruik worden gesteld.

Verkoop

29Algemeen uitgangspunt bij verkoop is een openbare verkoopprocedure op basis van algemene verkeersopvattingen.

30Gronden, die in aanmerking komen voor verkoop, worden eerst aan mede overheden (Rijk, provincies en gemeenten) te koop aangeboden, onder voorwaarde dat daarmee een publiek of maatschappelijk belang wordt gediend.

31Eigendom van gronden met een waterschapsfunctie en noodzakelijk voor de taakuitoefening worden in beginsel niet verkocht.

32Eigendom kan onder voorwaarden worden verkocht, dit is afhankelijk van de toetsing aan waterschapsbelangen, eventuele nevendoelen en het beschikbare alternatief.

33Gronden in verpachte staat, ook zonder waterschapsfunctie, worden in beginsel niet verkocht.

34Voor ‘overtollige gronden’ geldt een ‘ja, mits…’ beleid. Verkoop uitsluitend indien het waterschap zijn taak onbelemmerd kan blijven uitvoeren.

35Afhankelijk van de situatie en gebruiksmogelijkheden wordt de verkoopmethodiek voor overige eigendommen bepaald. Voor het merendeel betreffen dit vervallen onderhoudspaden, (al dan niet gedempte) watergangen, keringen en/of overhoekjes. In afwijking op punt 30 worden deze gronden aan aanliggende eigenaar aangeboden, eventueel gevolgd door een openbare verkoopprocedure.

Vergoedingen en schade

36Bij transacties met overheden op grond van taakoverdracht is de marktwaarde niet bepalend voor de prijs.

37Voor (schadevergoeding bij het verkrijgen van een zakelijk recht voor leidingen wordt gedeeltelijk gebruik gemaakt van de jaarlijkse tarievenlijst door Platform leg- en ligrechten of een opvolger daarvan.

38Schade wordt zoveel mogelijk in de (verwervings)overeenkomst met de belanghebbende geregeld.

Bijlagen

1Stappenplan verwerving bij aanleg nieuwe werken

2Stappenplan verwerving bij waterkeringen en urgente, locatie gebonden werken

3Verkoop

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.