Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
a.Algemeen Bestuur: het algemeen bestuur van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht.
b.Commissie: vaste commissie voor advies als bedoeld in artikel 1.1 sub c van het Reglement van orde voor de vergaderingen van het AB en de commissie voor advies van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht 2020.
c.Dagelijks Bestuur: het dagelijks bestuur van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht.
d.Commissielid: lid van de Commissie, niet zijnde lid van het Algemeen bestuur, dat op voordracht van een fractie door het Algemeen bestuur als zodanig wordt benoemd en ontslagen.
e.Fractie: fractie als bedoeld in artikel 1.1 sub g van het Reglement van orde voor de vergaderingen van het AB en de commissie voor advies van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht 2020.
f.Onderzoekscommissie: commissie die door het Algemeen Bestuur bij Verordening is ingesteld en is belast met een onderzoek dat op voorstel van een of meer van de leden wordt ingesteld naar het door het dagelijks bestuur of de voorzitter gevoerde bestuur.
g.Voorzitter: de voorzitter van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht.
Artikel 1.2 Reikwijdte
Deze verordening is niet van toepassing op de Voorzitter en de leden van het Dagelijks bestuur.
Artikel 2.1 Vergoeding
1De leden van het Algemeen bestuur ontvangen eenmaal per jaar een vergoeding ter hoogte van het maandbedrag als bedoeld in artikel 4.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
2De vergoeding wordt uitgekeerd in de maand januari.
3Een lid van het algemeen bestuur dat in de loop van een jaar is beëdigd of in de loop van een jaar is afgetreden of overleden, ontvangt de vergoeding, bedoeld in het eerste lid, naar evenredigheid van de periode van uitoefening van het lidmaatschap in het bedoelde jaar.
Artikel 3.1 Reikwijdte en begrip
1Een onderzoekscommissie wordt ingesteld bij AB-besluit op voorstel van een of meer AB-leden. De opdracht van de commissie, de activiteiten, de werkwijze, de samenstelling en de wijze van ondersteuning is onderdeel van het besluit.
Artikel 3.2 Toelage
1Aan een lid van het Algemeen bestuur dat lid is van een onderzoekscommissie wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van het waterschap een toelage toegekend.
2De hoogte van de toelage is conform Rechtspositie besluit decentrale politieke ambtsdrager per jaar maximaal 3 maal de maandelijkse vergoeding voor AB –leden.
3De voorzitter stelt de duur van de onderzoeksactiviteiten vast.
Artikel 4.1 Reikwijdte en begrip
1Een bijzondere commissie wordt ingesteld bij AB-besluit. De opdracht van de commissie, de activiteiten, de werkwijze, de samenstelling en de wijze van ondersteuning is onderdeel van het besluit. Tevens wordt in het besluit beargumenteerd dat het werk niet redelijkerwijs tot het reguliere werk van een lid van het Algemeen bestuur geacht kan worden te behoren.
Artikel 4.2 Toelage
1Aan een lid van het Algemeen bestuur dat lid is van een bijzondere commissie wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van het waterschap een toelage toegekend.
2De hoogte van de toelage is conform Rechtspositie besluit decentrale politieke ambtsdrager maximaal 137,84 per maand (peildatum 1-1-2023) voor de duur van de activiteiten per maand.
3De voorzitter van de bijzondere commissie stelt de duur van de onderzoeksactiviteiten vast.
Artikel 5.1 Reikwijdte en begrip
1In het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers is bepaald dat een commissielid een vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van de commissie ontvangt. Indien meerdere commissievergaderingen op een zelfde avond worden georganiseerd, wordt dit voor wat betreft de vergoeding beschouwd als zijnde één vergadering.
Artikel 5.2 Toekenning
1Het bijwonen van een Commissievergadering wordt geadministreerd door het plaatsen van een handtekening op de presentielijst.
2Uitkering van de vergoedingen vindt plaats na het AB volgend op de bijgewoonde Commissievergaderingen.
Artikel 6.1. Reikwijdte en begrip
1De bepalingen van dit hoofdstuk zijn van toepassing op leden van het Algemeen Bestuur en op commissieleden.
2Onder scholingskosten wordt verstaan cursus- en lesgelden, kosten van studiemateriaal, examen- en diplomakosten en aanschafkosten van verplicht studiemateriaal, alsmede reis- en verblijfkosten die in het kader van een opleiding worden gemaakt.
Artikel 6.2. Voorwaarden en aanvraagprocedure
1Scholingskosten worden alleen vergoed indien de opleiding niet partijpolitiek gebonden is en deze het functioneren als lid van het Algemeen Bestuur of commissielid bevordert.
2De vergoeding die een lid van het Algemeen Bestuur per kalenderjaar ten behoeve van scholing ontvangt, bedraagt maximaal €500,-.
3Een lid van het Algemeen Bestuur of een commissielid dat een opleiding wil volgen, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de secretaris-directeur, die vergezeld gaat van inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.
4De secretaris-directeur legt de aanvraag voor aan het fractievoorzittersoverleg dat daarover beslist.
5Kosten worden achteraf vergoed op basis van facturen of andere betalingsbewijzen. Desgewenst kan een voorschot worden verstrekt ter grootte van ten hoogste 50% van de verwachte kosten.
6Eventuele geschillen die naar aanleiding van de toepassing van dit artikel ontstaan, worden ter beslissing voorgelegd aan het Algemeen Bestuur.
7In gevallen waarin dit artikel niet voorziet beslist het Algemeen Bestuur.
Artikel 7.1 Tegemoetkoming
1De fracties ontvangen jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten van het functioneren van de fractie.
2Deze bijdrage bestaat uit een vast deel van € 1500,- voor elke fractie. Daarnaast ontvangt elke fractie een bedrag van € 500,- per zetel in het Algemeen Bestuur.
3De fractievoorzitter laat schriftelijk aan de secretaris van het Algemeen Bestuur weten naar welk bankrekeningnummer de tegemoetkoming dient te worden overgemaakt.
Artikel 7.2 Besteding
1Fracties besteden de bijdrage om hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol te versterken. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan uitgaven ten behoeve van onderzoek of advies of ten behoeve van communicatie met burgers, zoals uitgaven voor een website, een folder of advertenties e.d.
2De bijdrage mag onder meer niet gebruikt worden voor de bekostiging van:
a.uitgaven die in strijd zijn met wettelijke bepalingen en overige regelingen;
b.betalingen aan politieke partijen of aan belangengroeperingen als bedoeld in artikel 19 waterschapswet, alsmede betalingen aan met politieke partijen of belangengroeperingen verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan als vergoeding voor geleverde diensten of goederen ten behoeve van de fractie op basis van een gespecificeerde reële declaratie;
c.giften en leningen;
d.verkiezingscampagnes;
e.betalingen aan bedrijven waarover leden middellijk of onmiddellijk zeggenschap hebben en betalingen aan partners en familieleden tot en met de derde graad van bloed- of aanverwantschap;
f.kosten en uitgaven welke bestreden dienen te worden uit de vergoedingen die de leden ingevolge het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de aangepast verordening vergoedingen AB-leden, DB-leden en commissieleden AGV 2023 toekomen;
3De fracties voeren een doelmatige en inzichtelijke administratie.
Artikel 7.3 Betaling voorschotten
1De bijdrage voor fractieondersteuning wordt, steeds uiterlijk op 31 januari van een kalenderjaar, als voorschot op dat kalenderjaar verstrekt.
2In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden wordt het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin de zitting eindigt. Met ingang van de maand waarin de eerste vergadering van het nieuw gekozen Algemeen Bestuur plaatsvindt, wordt aan de nieuw gekozen fracties het voorschot verstrekt voor de overige maanden van dat jaar.
3Het voorschot wordt verrekend met teveel ontvangen voorschotten in eerdere jaren van de lopende zittingstermijn van het algemeen bestuur, waarvoor het dagelijks bestuur de bedragen, bedoeld in artikel 7, vierde lid van deze verordening, heeft vastgesteld.
Artikel 7.4 Gewijzigd zeteltal na verkiezingen
Indien het zeteltal van een fractie ten gevolge van verkiezingen wijzigt, wordt de bijdrage - zowel in het geval van vermindering als in het geval van vermeerdering van het zeteltal - aan dat nieuwe zeteltal aangepast met ingang van de eerste dag van de maand ná de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen verenigde vergadering plaatsvindt.
Artikel 7.5 Splitsing en samenvoeging van fracties
1Bij splitsing van een fractie wordt geen enkel budget toegekend aan de nieuw gevormde fractie, wat als consequentie heeft dat de fractie die één of meer leden afgesplitst heeft gekregen, het budget behoudt.
2Bij splitsing van een fractie wordt het aan de oorspronkelijke fractie verstrekte voorschot verrekend overeenkomstig de verdeling die volgt uit het eerste lid.
3Bij samenvoeging van fracties wordt de tegemoetkoming voor de nieuwe fractie herberekend volgens het bepaalde in artikel 2.
4De verdeling en herberekening, als bedoel in dit artikel, vinden plaats met ingang van de eerste dag van de maand volgend op de datum waarop de voorzitter schriftelijk van de splitsing of samenvoeging in kennis is gesteld.
Artikel 7.6 Reservering
1Het Algemeen Bestuur reserveert het in enig jaar niet gebruikte gedeelte van de bijdrage, toekomend aan een fractie, ter besteding door die fractie in de volgende jaren van de lopende zittingstermijn van het algemeen bestuur.
2De reserve is niet groter dan 30% van de bijdrage die de fractie in het voorgaande kalenderjaar toekwam ingevolge artikel 2.
3Het beroep in enig jaar op de opgebouwde reserve, komt tot uitdrukking in de afrekening als bedoeld in artikel 8 over dat jaar.
4De reserve vervalt op het moment dat de zittingstermijn van het algemeen bestuur eindigt.
5Bij splitsing van een fractie, wordt de reserve verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden, voor zover deze reserve niet meer bedraagt dan 30% van de bijdrage die de oorspronkelijke fractie in het voorgaande kalenderjaar ontving.
Artikel 7.7 Verantwoording en verslag
1Elke fractie informeert uiterlijk op 1 februari van een kalenderjaar de andere fracties van het Algemeen bestuur over de besteding van de bijdrage voor fractieondersteuning in het voorafgaande kalenderjaar onder overlegging van een verslag.
2Het verslag voldoet aan het stelsel van baten en lasten en wordt afgelegd met inachtneming van het volgende format en onder overlegging van de nodige bescheiden (bonnen):
•reservering voorafgaand boekjaar: ……………
•fractievergoeding huidig boekjaar: …………..
•totale beschikbare middelen huidig boekjaar: ………….
•totale bestedingen huidig boekjaar: ……….
•overschot 31 december huidig boekjaar: …… ….
•maximale reserve huidig boekjaar:……………
•Terug te betalen: ………………
3Controle van de getrouwheid van de uitgaven - dat wil zeggen controle op de correcte
weergave en berekening daarvan - vindt plaats onder toezicht en verantwoordelijkheid van de
secretaris-directeur, dat daarover advies uitbrengt aan het Algemeen bestuur.
4Controle van de rechtmatigheid van de uitgaven – dat wil zeggen controle of de uitgaven
voldoen aan het gestelde bij artikel van deze verordening – vindt plaats door het fractievoorzittersoverleg, die daarover advies uitbrengt aan het Algemeen bestuur.
5Het Algemeen bestuur stelt na ontvangst van de in lid 3 en lid 4 van dit artikel bedoelde adviezen de bedragen vast van:
a.de uitgaven van een fractie die in het vorige kalenderjaar uit de bijdrage bekostigd zijn;
b.de wijziging van de reserve;
c.de resterende reserve;
d.de verrekening tussen de in onderdeel a. genoemde uitgaven en het ontvangen voorschot en, voor zover nodig, de hoogte van de terugvordering van ontvangen voorschotten.
Artikel 7.8 Terugbetaling
Indien een fractie na verkiezingen niet meer terugkeert in het Algemeen Bestuur wordt het batig saldo van de uitbetaalde voorschotten zo spoedig mogelijk teruggestort op de bankrekening van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht.
Artikel 7.9 Fiscale aspecten
Elke fractie is zelf verantwoordelijk voor de fiscale aspecten die samenhangen met de betaling en besteding van de fractievergoeding en vrijwaart het waterschap ter zake.
Artikel 7.10 Onvoorziene gevallen
In gevallen waarin deze verordening niet voorziet is de voorzitter bevoegd een beslissing te nemen na overleg met het dagelijks bestuur.
Artikel 8.1 Onvoorziene gevallen
In gevallen waarin deze verordening niet voorziet is de Voorzitter bevoegd een beslissing te nemen na overleg met het Dagelijks Bestuur.
Artikel 8.2 Citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Aangepaste verordening vergoedingen leden Algemeen bestuur AGV 2023’.
Artikel 8.3 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de dag na de bekendmaking. De bepalingen van artikel 2.1 werken terug tot 1 april 2019.
De Regeling vergoeding scholingskosten AB-leden 2015 wordt ingetrokken.
De Verordening fractievergoeding AGV uit 2009 en gewijzigd 2011 en in 2015 wordt ingetrokken.
Aldus vastgesteld door het Algemeen bestuur van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht in zijn vergadering van 19 april 2023.
Dr. J.J. Sylvester
Dijkgraaf
G. Nottelman
Secretaris-directeur