Waterschapswetten

Ondermandaat teamleider Handhaving Hoogheemraadschap van Rijnland inzake waterschapsheffingen

Hoogheemraadschap van Rijnland · geldt sinds 28 juli 2026

Aanhef

De secretaris-algemeen directeur van het hoogheemraadschap van Rijnland;

Gelezen het Mandaat secretaris-algemeen directeur hoogheemraadschap van Rijnland inzake waterschapsheffingen (BSGR, 1 juli 2026) van de directeur van het Openbaar Lichaam Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR);

Gelet op afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht;

Overwegende dat de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheden technisch-inhoudelijke besluiten over de heffingsgrondslag vereist;

besluit:

Tekst

1Ondermandaat te verlenen aan de teamleider Handhaving van het Hoogheemraadschap van Rijnland om namens de heffingsambtenaar van de BSGR de bevoegdheden uit te oefenen genoemd in:

a.Artikel 7.5, tweede lid van de Waterwet.

b.Artikel 122g Waterschapswet.

c.De artikelen 5, vijfde tot en met het achtste lid, 6, 7, en artikel 8, derde tot en met zesde lid, Bijlage 1 paragraaf A.2.5 en Bijlage 1 paragraaf A.3 van de Verordening zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing Hoogheemraadschap van Rijnland (2026 en verder).

d.Hoofdstuk VIII afdeling 2 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en artikel 128a van de Waterschapswet.

2Van het ondermandaat zijn de bevoegdheden betreffende bezwaar en beroep uitgezonderd.

3Het Mandaat teamleider Handhaving Hoogheemraadschap van Rijnland inzake waterschapsheffingen d.d. 1 februari 2022, kenmerk 22.060407 wordt ingetrokken.

4Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2026.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.