Waterschapswetten

Toezicht- en Handhavingsstrategie

Hoogheemraadschap van Delfland · geldt sinds 9 februari 2022

Bijlage 1: Dimensies van naleving

Dimensies van spontane naleving

1Kennis van de regels

a.Bekendheid met de regels

b.Duidelijkheid van de regels

Slechte kennis van de regels kan leiden tot (onbewuste) overtreding. Echter goede kennis betekent niet automatisch ook naleving. Goede kennis kan ook leiden tot een betere kennis om de regels te ontduiken.

2Kosten/baten

a.Financieel/economische kosten en baten

b.Immateriële kosten en baten

Het gaat om alle kosten en baten uitgedrukt in geld tijd en/of moeite die kunnen voortvloeien uit naleving of overtreding.

Vier categorieën kunnen worden onderscheiden:

1) kosten van naleving, 2) kosten van overtreding,

3) baten van naleving en 4) baten van overtreding.

3Mate van acceptatie

a.Acceptatie beleidsdoel

b.Acceptatie uitwerking beleid

De mate waarin een doelgroep een regel redelijk vindt/accepteert (de uitvoering daarvan of de consequenties van die regels voor specifieke groepen) kan van invloed zijn op het naleefgedrag.

4Normgetrouwheid doelgroep

a.Overheidsgezag

b.Concurrerend gezag

Normgetrouwheid kan voortkomen uit respect voor de overheid (of het gezag van de uitvoerings-/ handhavingsinstanties) of uit gezag voor de eigen normen en waarden, die bijvoorbeeld kunnen voortvloeien uit geloof of gewoonte.

5Niet overheidscontrole / maatschappelijke controle

a.Sociale controle

b.Horizontaal toezicht

Vrienden, familie, collega’s, accountants, bedrijven in de buurt, concurrenten etc. kunnen sociale controle uitoefenen. Een vorm van formele sociale controle is horizontaal toezicht; door de doelgroep of beroepsgroep op haar eigen leden (bijvoorbeeld beroepscodes, certificering, keurmerken).

Handhavingsdimensies

6Meldingskans

Het gaat om de door de doelgroep ingeschatte kans dat een overtreding die is geconstateerd door anderen dan de overheid wordt gemeld aan overheidsinstanties (dit kan bijvoorbeeld via een ‘kliklijn’).

7Controlekans

a.Administratieve controle

b.Fysieke controle

De controlekans wordt bepaald door de controledichtheid. Er kan onderscheid worden gemaakt tussen de werkelijke ofwel objectieve controlekans en de vermeende ofwel subjectieve controlekans. Die laatste is van invloed op naleefgedrag.

8Detectiekans

a.Administratieve detectiekans

b.Fysieke detectiekans

Het gaat om de door de doelgroep ingeschatte kans dat bij een controle een overtreding wordt geconstateerd

9Selectiviteit

Het gaat om de vermeende (verhoogde) kans op controle en constatering van overtredingen, doordat overheden selectief controles uitvoeren (selectie op personen, doelgroepen, handelingen of gebieden).

10.Sanctiekans

De door de doelgroep ingeschatte kans om na een controle en constatering van een overtreding een sanctie opgelegd te krijgen.

11.Sanctie-ernst

De hoogte van de sanctie (en overige bijkomende nadelen) die samengaan met de geconstateerde overtreding.

Begrippenlijst

AbRvS:+A1:B18

Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State

Appellabel

Een appellabel besluit is een besluit waartegen belanghebbenden rechtsmiddelen kunnen aanwenden (bezwaar, beroep, verzoek om voorlopige voorziening)

Awb:

Algemene wet bestuursrecht

Boa:

Buitengewoon opsporingsambtenaar. Boa’s hebben strafrechtelijke handhavingsbevoegdheden, namelijk op grond van de Wet economische delicten (Wed) en het Wetboek van Strafvordering (WvS). Op grond van artikel 142 van het Wetboek van Strafvordering en het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar zijn de ambtenaren belast met de opsporing van bepaalde strafbare feiten.

Bor:

Besluit omgevingsrecht

CJIB:

Centraal Justitieel Incasso Bureau

Doelen:

Wat de organisatie wil bereiken Het is goed om doelen zo ‘SMART’ mogelijk te formuleren: Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden. Bij doelen wordt hier een onderscheid gemaakt tussen:

-Beleidsdoelen: het gaat om de uiteindelijke doelen van het beleid, oftewel om uitwerking van het beleid waarvoor de organisatie in het leven is geroepen. Het gaat om de resultaten die het beleid (bij de doelgroepen) teweeg moet brengen.

-Organisatiedoelen: deze volgen uit de missie en visie van de organisatie. Ze zeggen iets over de houding, inrichting en werkwijze van de organisatie bij de uitvoering van zijn taken.

-Operationele doelen: Deze doelen gaan over de concrete invulling van mensen en middelen bij de taakuitvoering (om de beleids- en organisatiedoelen te kunnen bereiken).

Handhaving:

“Repressieve handhandhaving”, kortweg “Handhaving”, gaat om het optreden tegen geconstateerde overtredingen. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar paragraaf 2.3.

Missie:

Omschrijving van wat de organisatie doet, de taken en het bestaansrecht.

OM:

Openbaar Ministerie.

Opportuniteitsbeginsel:

Uitgangspunt waaruit voortvloeit dat het Openbaar Ministerie niet alle strafbare feiten hoeft te vervolgen, maar een keuze kan maken op grond van het algemeen belang.

Schouw:

Schouw is de periodieke controle op de naleving van de onderhoudsverplichtingen ingevolge de keur, met betrekking tot het onderhoud van wateren en waterkeringen .

Strafuitsluitingsgronden:

Er bestaan twee soorten strafuitsluitingsgronden, namelijk rechtvaardigingsgronden en schulduitsluitingsgronden. Een rechtvaardigingsgrond neemt de wederrechtelijkheid weg en een schulduitsluitingsgrond de schuld.

Strategie:

Een strategie gaat over de wijze waarop de doelen die de organisatie zich heeft gesteld, zullen worden nagestreefd. Hoewel uitvoeringsprogramma’s benaderd kunnen worden als onderdeel van de strategie, wordt er ook vaak onderscheid gemaakt: De term strategie suggereert (keuzes tussen verschillende vormen van) aanpak op hoofdlijnen en is veelal gericht op langere termijn. De strategie is veelal een basis voor deel-/operationele beslissingen. Die deel-/operationele beslissingen worden veelal neergelegd en uitgewerkt in uitvoeringsprogramma’s.

Toezicht:

Het gaat om “Preventieve handhaving” oftewel; het gaat om het uitoefenen van actief toezicht, zonder dat er sprake is van een (verdenking van) een overtreding. Daarbij gaat het ook om allerlei acties die erop gericht zijn om te voorkomen dat overtredingen zich zullen voordoen. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar paragraaf 2.2.

Toezichthouder:

Toezichthoudende ambtenaren hebben voor de uitvoering van hun toezicht- en handhavingstaken alleen bestuurlijke handhavingsbevoegdheden, op grond van de Algemene wet bestuursrecht. Op grond van artikel 5:11 van deze wet zijn de ambtenaren belast met het toezicht op de naleving van regelgeving.

Visie:

Hoe een organisatie eruit wil zien/hoe de organisatie zijn rol ziet bij de uitvoering van zijn taken.

Wabo:

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.