Aanhef
Het algemeen bestuur van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden,
gelezen het voorstel van dijkgraaf en hoogheemraden van 20 januari 2009 met nr. 09.BO/12;
BESLUIT:
I. in te trekken artikel IV van het Besluit vergoedingen Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, vastgesteld bij besluit van 19 december 2001 en nadien gewijzigd bij besluit van 15 juni 2005;
II. vast te stellen de navolgende Regeling ondersteuning leden algemeen bestuur:
Inhoud
Hoofdstuk 1 Ambtelijke bijstand
Artikel 1
1Een bestuurslid wendt zich tot de secretaris of een ambtenaar met een verzoek om:
a.feitelijke informatie van geringe omvang;
b.inzage in of afschrift van documenten die openbaar zijn.
2Indien de ambtenaar twijfelt of het verzoek betrekking heeft op informatie als bedoeld in het eerste lid, onder a of b, stelt hij de secretaris daarvan in kennis. De secretaris beslist.
3Een bestuurslid wendt zich tot de secretaris met een verzoek om bijstand bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere bijstand.
4De bijstand, bedoeld in het derde lid, wordt verleend door de secretaris of een ambtenaar.
Artikel 2
1Een ambtenaar verleent op verzoek van de secretaris ambtelijke bijstand tenzij:
a.het bestuurslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bijstand betrekking heeft op de werkzaamheden van het algemeen bestuur;
b.dit het belang van het waterschap kan schaden.
2De secretaris beoordeelt of ambtelijke bijstand op grond van het eerste lid geweigerd wordt.
3Indien de bijstand op grond van het eerste lid wordt geweigerd, deelt de secretaris dit met redenen omkleed mee aan het bestuurslid dat het verzoek heeft ingediend.
Artikel 3
Indien het verzoek om bijstand van een ambtenaar door de secretaris wordt geweigerd, kan de secretaris of het betrokken bestuurslid het verzoek voorleggen aan de voorzitter. De voorzitter beslist binnen 2 weken over het verzoek.
Artikel 4
1Indien een bestuurslid niet tevreden is over de door een ambtenaar verleende bijstand, doet hij hiervan mededeling aan de secretaris.
2Indien overleg met de secretaris niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing leggen zij de zaak voor aan de voorzitter. De voorzitter beslist binnen 2 weken over de zaak.
Artikel 5
1De door een ambtenaar verstrekte bijstand wordt door of via de secretaris aan de leden van het college van dijkgraaf en hoogheemraden ter kennis gebracht.
2Indien een lid van dit college hierover nader geïnformeerd wil worden, neemt het betreffende lid rechtstreeks contact op met het bestuurslid.
Hoofdstuk 2 Vergoedingen
Artikel 6
1Naast de vergoedingen, tegemoetkomingen en toelagen welke rechtstreeks voortvloeien uit Hoofdstuk 4, Afdeling 4.1, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers (Stb. 2018 386), ontvangt een lid van het algemeen bestuur eveneens een toelage c.q. tegemoetkoming voor:
a.het lidmaatschap van een onderzoekscommissie, vermeld in artikel 4.1.3 van voormeld rechtspositiebesluit;
b.het lidmaatschap van een bijzondere commissie, als bedoeld in artikel 4.1.4 van voormeld rechtspositiebesluit;
c.het treffen van voorzieningen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden, zoals vermeld in artikel 4.1.9 van voormeld rechtspositiebesluit.
2De hoogte van de toelage voor het lidmaatschap van de commissies vermeld onder a. en b. in het vorige lid bedraagt € 100,- per maand, welk bedrag wordt gewijzigd overeenkomstig een wijziging in de bezoldiging van het personeel in de sector Rijk.
Artikel 7
Een commissielid als bedoeld in artikel 1, sub e, van het 'Reglement voor de vaste commissies van advies, zoals vastgesteld door het algemeen bestuur bij besluit van 28 januari 2009, ontvangt een maandelijkse vergoeding die 50% bedraagt van het bedrag zoals vastgelegd in artikel 4.1.1 van het 'Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers'.
Artikel 8
Een commissielid als bedoeld in artikel 1, sub e, van het Reglement voor de vaste commissies van advies, vastgesteld door het algemeen bestuur bij besluit van 28 januari 2009, ontvangt eveneens de vergoeding voor reis- en verblijfkosten, conform het bepaalde in artikel 4.1 van de 'Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers'.
Hoofdstuk 3 Overige ondersteuning
Artikel 9
1De fracties, zoals omschreven in artikel 1 van het reglement van orde voor het algemeen bestuur, ontvangen jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten voor het functioneren van de tot de fracties behorende leden van het algemeen bestuur.
2Deze bijdrage bestaat uit een vast deel van € 500,- voor elke fractie. Daarnaast ontvangt elke fractie een bedrag van € 125,- per bestuurszetel.
3De in het tweede lid genoemde bedragen worden jaarlijks bij het vaststellen van de begroting geïndexeerd.
Artikel 10
1Fracties besteden de bijdrage om hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol te versterken. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan uitgaven ten behoeve van onderzoek of advies of ten behoeve van communicatie met burgers, zoals uitgaven voor een website, een folder of advertenties e.d.
2De bijdrage mag onder meer niet gebruikt worden voor de bekostiging van de in de bij dit besluit behorende bijlage genoemde onderwerpen.
3De fracties voeren een doelmatige en inzichtelijke administratie
Artikel 11
1De bijdrage voor fractieondersteuning wordt per kalenderjaar opgenomen in de begroting.
2De fracties kunnen gebruik maken van hun bijdrage voor fractieondersteuning door op maandelijkse basis (aan het einde van de maand) declaraties in te dienen.
3In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden wordt de fractieondersteuning verdeeld voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen plaatsvinden. In de eerste maand na de maand waarin de eerste vergadering van het nieuw gekozen algemeen bestuur plaatsvindt wordt de fractieondersteuning verdeeld voor de overige maanden van dat jaar.
4De fractieondersteuning, berekend voor de eerste maanden van het kalenderjaar waarin verkiezingen worden gehouden, blijft na verkiezingen beschikbaar voor de fractie die onder dezelfde naam terugkeert, dan wel voor de fractie die naar het oordeel van het algemeen bestuur als rechtsopvolger daarvan kan worden beschouwd.
Artikel 12
1Indien het zeteltal van een fractie ten gevolge van verkiezingen verandert, wijzigt de bijdrage:
a.bij vermindering van het zeteltal: op de eerste dag van de maand na de maand waarin de eerste vergadering van het nieuw gekozen bestuur plaatsvindt;
b.bij vermeerdering van het zeteltal: op de eerste dag van de maand waarin de eerste vergadering van het nieuw gekozen bestuur plaatsvindt.
2Bij splitsing van een fractie wordt de op grond van artikel 8, tweede lid, vastgestelde bijdrage voor de oorspronkelijke fractie verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden.
Artikel 13
Controle van de besteding van de fractieondersteuning vindt plaats door de accountant, als onderdeel van de controle van de jaarrekening.
Hoofdstuk 4 Slotbepaling
Artikel 14
1Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling ondersteuning leden algemeen bestuur.
2Deze regeling treedt direct na vaststelling in werking.