Aanhef
Het algemeen bestuur van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden;
Gelezen het voorstel van dijkgraaf en hoogheemraden van 7 januari 2014 met DM nr.768514;
Gelet op:
-het besluit van het algemeen bestuur van september 2000, nr. 00.059, tot vaststelling van de peilbesluiten Nieuwegein West, Oudegein, en Plettenburg;
-het advies van de commissie SKK van 23 januari 2014;
Voorts gelet op artikel 77, Waterschapswet, artikel 5.2, Waterwet, en artikel 4.4 t/m 4.8, Waterverordening 2009;
B E S L U I T :
Onder intrekking van de peilbesluiten Nieuwegein West 2000, Plettenburg 2000 en Oudegein 2000, het peilbesluit Nieuwegein 2014 vast te stellen, omvattende peilbesluit Nieuwegein-West 2014, Plettenburg 2014 en Oudegein 2014 [zoals hierna vermeld].
Artikel 1 Gebied
Het gebied is aangegeven op de bij dit besluit behorende Peilbesluitkaart Oudegein d.d. 4-2-2019.
Artikel 2 Referentiepeil
Voor de toepassing van dit besluit geldt dat peilen zijn aangegeven ten opzichte van het Normaal Amsterdams Peil 2005 (NAP 2005).
Artikel 3 Peilen
De na te streven waterstanden in de afzonderlijke peilgebieden binnen de werkingssfeer van dit peilbesluit, worden weergegeven in tabel 1 en tabel 2.
Tabel 1 Overzicht vast te stellen peilen van peilgebieden met een vast peil.
Nummer
peilgebied
Peil
(m t.o.v. NAP)
Vast peil
ODG_001
-0,30
ODG_002
-0,25
ODG_003*
-0,35
ODG_004
0,00
ODG_005
-0,25
ODG_006*
0,05
ODG_007
-0,25
ODG_010
0,00
ODG_013
-1,11
ODG_014
-0,30
ODG_015
-1,40
ODG_016
-1,11
ODG_017
-0,30
ODG_018
-0,64
ODG_019
0,39
ODG_020
-0,05
ODG_022
0,40
*gewijzigde peilgebiedsgrens
Tabel 2. Overzicht vast te stellen peilen van peilgebieden met een flexibel peil.
Nummer peilgebied
Peil (m t.o.v. NAP)
ondergrens
bovengrens
ODG_008
-0,40
-0,25
ODG_009
-0,25
-0,14
ODG_011
-0,07
0,05
ODG_012
-0,10
0,02
ODG_021*
0,45
0,70
*gewijzigde peilgebiedsgrens
Artikel 4 Peilbeheer
1In de peilgebieden uit tabel 1 wordt vast peilbeheer gevoerd. De waterstand zal het hele jaar door op één en hetzelfde vaste niveau worden gehandhaafd.
2In de peilgebieden uit tabel 2 met een flexibel peilbeheer kan peilfluctuatie plaatsvinden tussen de aangegeven onder- en bovengrens. Dit zal hier zoveel mogelijk natuurlijk plaatsvinden. In de peilgebieden ODG_009 en ODG_010 is geen ondergrens vast gesteld. Het betreft geïsoleerde gebieden waar geen water wordt ingelaten i.v.m. de waterkwaliteit.
3Het waterschap is bevoegd een sturingsmarge toe te passen die, indien de weersomstandigheden dit naar zijn oordeel noodzakelijk maken, bovengenoemde peilen tijdelijk:
· In droge en zeer droge perioden met 0,10 meter te verhogen; en
· In natte en zeer natte perioden met 0,10 meter te verlagen.
4Het College van Dijkgraaf en Hoogheemraden is bevoegd om, onder afweging van de betrokken belangen, van het in artikel 3 vermelde peil af te wijken, indien daarvoor op grond van te verwachten of reeds optredende extreme - natte of droge - weersomstandigheden, dan wel in verband met dreigende of reeds optredende calamiteiten, aanleiding bestaat.
5Onder normale omstandigheden kan de waterstand door de aan- en afvoer van water en weersomstandigheden fluctueren. De beheermarge is de toegestane afwijking ten opzichte van de in het peilbesluit vastgestelde peilen om deze fluctuaties op te vangen. Zodra de waterstand buiten de beheermarges valt, heeft het waterschap een inspanningsverplichting om de waterstand binnen de beheermarge te krijgen. De beheermarge bedraagt 5 cm boven en 5 cm onder het vastgestelde peil.
Artikel 5 Inwerkingtreding
Het peilbesluit treedt in werking met ingang van de achtste dag na bekendmaking van de vaststelling van dit peilbesluit door het algemeen bestuur van het waterschap.
Artikel 6 Titel
Dit peilbesluit kan worden aangehaald als “Peilbesluit Oudegein 2014”.
Vastgesteld in de openbare vergadering van het algemeen bestuur van 12 februari 2014.
P.J.M. Poelmann, voorzitter.
J. Goedhart, secretaris.