Waterschapswetten

Peilbesluit De Keulevaart 2013

Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden · geldt sinds 20 januari 2024

Aanhef

Het algemeen bestuur van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden;

Op het voorstel van het College van 2 oktober 2012 met nummer 575147;

Overwegende dat een peilbesluit eens in de 10 jaar moet worden herzien en dat voor peilbesluit De Keulevaart nog niet is gebeurd.

Gelet op artikel 5.2 van de Waterwet en artikel 4.4 t/m 4.8 van de Waterverordening Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden 2009,

Besluit:

Onder intrekking van ‘Peilbesluit voor het bemalingsgebied De Keulevaart Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden’ d.d. 14 december 1994 (geconsolideerde versie, geldend vanaf 2-7-1995)

het peilbesluit De Keulevaart 2013 vast te stellen zoals hierna is aangegeven.

Peilbesluit De Keulevaart 2013

Artikel 1 Gebied

Het gebied is aangegeven op de bij dit besluit behorende kaart.

Artikel 2 Referentiepeil

Voor de toepassing van dit besluit geldt dat peilen zijn aangegeven ten opzichte van het Normaal Amsterdams Peil 2005 (NAP 2005).

Artikel 3 Peilen

1De na te streven waterstanden in de afzonderlijke peilgebieden binnen de werkingssfeer van dit peilbesluit, worden weergegeven in tabel 1 en 2;

Tabel 1 Overzicht vast te stellen peilen en te voeren peilbeheer in landbouw- en natuurgebieden.

Nummer

peilgebied

Peil 2013 - 2017

(m t.o.v. NAP)

Peil 2018 - 2022

(m t.o.v. NAP)

Peil 2023 - 2028 (bij

verlenging, m t.o.v. NAP)

Peilin-

dexatie

zomerpeil

winterpeil

zomerpeil

winterpeil

zomerpeil

winterpeil

PG0070

-1,60

-1,60

-1,60

-1,60

-1,60

-1,60

Nee

PG0115

-2,17

-2,27

-2,19

-2,29

-2,21

-2,31

Ja

PG0190

-2,00

-2,10

-2,02

-2,12

-2,04

-2,14

Ja

PG0203

-1,82

-1,92

-1,84

-1,94

-1,86

-1,96

Ja

PG0405

-1,48

-1,58

-1,50

-1,60

-1,52

-1,62

Ja

PG0406

-1,30

-1,10

-1,30

-1,10

-1,30

-1,10

Nee

PG0408*

-2,07

-1,87

-2,09

-1,89

-2,11

-1,91

Ja

PG0409*

-1,95

-1,60

-1,95

-1,60

-1,95

-1,60

Nee

PG0410

-2,13

-2,23

-2,15

-2,25

-2,17

-2,27

Ja

PG0413

-1,00

-1,00

-1,00

-1,00

-1,00

-1,00

Nee

PG0414

-1,10

-1,10

-1,10

-1,10

-1,10

-1,10

Nee

PG0415

-1,93

-2,03

-1,95

-2,05

-1,97

-2,07

Ja

PG0417

-1,80

-1,90

-1,82

-1,92

-1,84

-1,94

Ja

PG0551

-2,15

-2,25

-2,15

-2,25

-2,15

-2,25

Nee

PG0580

-2,22

-2,32

-2,22

-2,32

-2,20

-2,30

Ja*

PG0581

-2,05

-2,15

-2,07

-2,17

-2,09

-2,19

Ja

PG0655

-0,90

-0,90

-0,90

-0,90

-0,90

-0,90

Nee

PG0664

-2,13

-2,23

-2,13

-2,23

-2,13

-2,23

Nee

PG0684

-0,70

-0,70

-0,70

-0,70

-0,70

-0,70

Nee

PG1188*

-1,95

-1,65

-1,95

-1,65

-1,95

-1,65

Nee

PG1252*

-1,55

-1,30

-1,55

-1,30

-1,55

-1,30

Nee

* = in deze gebieden wordt flexibel peilbeheer gevoerd.

2Voor de bepaling van de maaiveldhoogte is uitgegaan van het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN2), waarin maaiveldhoogtegegevens beschikbaar zijn die met laseraltimetrie zijn verkregen.

3Voor de bepaling van de gemiddelde drooglegging per peilgebied in 2012 is de maaiveldhoogte van 2008 gecorrigeerd. Voor veen is een maaivelddaling van 2 cm in de periode 2008 – 2012 aangehouden (o.b.v. 4 cm/10 jaar). Voor klei-op-veen is uitgegaan van 1,5 cm sinds 2008 (3 cm/10 jaar). De gemiddelde maaiveldhoogten per peilgebied t.o.v. NAP zijn voor veen met 2 cm en voor klei-op-veen met 1,5 cm verlaagd.

Tabel 2 Overzicht vast te stellen peilen in bebouwd gebied.

Nummer

peilgebied

Peil 2013 - 2023

(m t.o.v. NAP)

zomerpeil

winterpeil

vastpeil

PG0089

-1,20

-1,20

PG0114

-2,05

-2,05

PG0116

-2,01

-2,01

PG0124a

0,20

0,20

PG0411

-0,80

-0,80

PG0416

-1,55

-1,55

PG0549

-2,00

-2,00

PG0550

-1,00

-1,00

PG0552

-1,95

-1,95

PG0634

-1,90

-1,90

PG0830

-1,90

-1,90

PG0860

-2,17

-2,17

PG0863a

-1,85

-1,85

PG0865

-1,95

-1,95

PG0866

-1,95

-1,95

PG0868

-1,35

-1,35

PG0901

-1,90

-1,90

PG0938

-1,55

-1,55

PG0942

-2,15

-2,15

PG0981

-2,00

-2,00

PG0982a

-1,95

-1,95

PG0983

-1,00

-1,00

PG0985

-1,90

PG0987a

-1,65

-1,65

PG0987b

-2,00

-2,00

PG0988

-0,85

-0,85

PG0989

-1,30

-1,30

PG0990

-2,05

-2,05

PG0991

-0,80

-0,80

PG1041a

-1,95

-1,95

PG1042a

-2,00

-2,00

PG1175

-1,80

-1,80

PG1176

-1,20

-1,20

KEU_101

-2,05

KEU_102

-1,75

KEU_103

-1,95

KEU_104

-1,75

KEU_105

-1,95

KEU_106

-2,10

KEU_107

-1,95

KEU_108

-2,15

KEU_109

-2,00

KEU_110

-2,15

KEU_111

-2,00

KEU_112

-1,80

KEU_113

-2,05

KEU_114

-2,10

KEU_115

-2,05

KEU_116

-1,95

KEU_117

-2,05

KEU_118

-1,95

KEU_119

-1,95

KEU_120

-1,95

KEU_121

-1,92

KEU_122

-1,95

KEU_123

-1,95

KEU_124

-1,95

KEU_125

-1,95

KEU_126

-1,65

KEU_127

-2,00

KEU_128

-2,15

KEU_129

-2,05

KEU_130

-1,90

KEU_131

-1,95

KEU_132

2,00

KEU_133

-1,85

KEU_134

-1,90

KEU_135

-1,90

KEU_136

-1,95

KEU_137

-1,80

KEU_138

-1,85

KEU_139

-1,95

KEU_140

-1,30

KEU_141

-0,45

KEU_142

-1,50

KEU_143

0,30

KEU_144

-0,95

KEU_145

-2,00

KEU_146

-1,40

KEU_147

-0,35

KEU_148

-0,65

KEU_149

-1,60

KEU_150

-1,75

KEU_151

-1,90

KEU_152

-1,30

KEU_153

-1,35

KEU_154

-1,30

KEU_155

-1,65

KEU_156

-1,95

KEU_157

-2,50

Artikel 4 Peilbeheer

1In peilgebieden uit tabel 1 met een zomer- en winterpeil zal de overgang van zomerpeil naar winterpeil, al naar gelang de weersomstandigheden en het geschatte grondwaterstandverloop, in het algemeen en naar oordeel van dijkgraaf en hoogheemraden, plaatsvinden in de loop van de maanden september tot en met november. De overgang van winterpeil naar zomerpeil zal, al naar gelang de weersomstandigheden en het geschatte grondwaterstandverloop, in het algemeen en naar oordeel van dijkgraaf en hoogheemraden, plaatsvinden in de loop van de maanden april tot en met juni;

2In peilgebieden uit tabel 1 met een flexibel peilbeheer (aangegeven met een *) kan peilfluctuatie plaatsvinden tussen de aangegeven onder- en bovengrens. Dit zal hier zoveel mogelijk natuurlijk plaatsvinden.

3In de peilgebieden uit tabel 2 wordt een vast peilbeheer gevoerd. De waterstand zal het hele jaar door op één en hetzelfde vaste niveau worden gehandhaafd.

4Dijkgraaf en hoogheemraden zijn bevoegd, indien de weersomstandigheden dit naar hun oordeel noodzakelijk maken, bovengenoemde peilen tijdelijk:

· In droge en zeer droge perioden met 0,10 meter te verhogen.

· In natte en zeer natte perioden met 0,10 meter te verlagen.

5Het College van Dijkgraaf en Hoogheemraden is bevoegd om, onder afweging van de betrokken belangen, van het in artikel 3 vermelde peil af te wijken, indien daarvoor op grond van te verwachten of reeds optredende extreme - natte of droge - weersomstandigheden, dan wel in verband met dreigende of reeds optredende calamiteiten, aanleiding bestaat.

Artikel 5 Peilfasering

1Voor peilgebieden waar het peil niet wordt aangepast, blijven de huidige praktijkpeilen gehandhaafd.

2Voor peilgebieden waar de peilen met minder dan 0,05 meter naar boven of beneden worden aangepast t.o.v. de huidige praktijkpeilen, zal deze aanpassing in één stap worden gerealiseerd.

3Voor peilgebieden waar de peilen met meer dan 0,05 meter naar beneden worden aangepast t.o.v. de huidige praktijkpeilen, zullen de peilen met 0,05 meter per jaar worden aangepast.

Artikel 6 Peilindexatie

1In de peilgebieden uit tabel 1 waar aangegeven wordt dat peilindexatie plaatsvindt, wordt de maaivelddaling gevolgd door de in tabel 1 weergegeven peilen in te stellen.

2De aanpassing vindt plaats bij de overgang van winter- naar zomerpeil.

Artikel 7 Inwerkingtreding

Het moment van het instellen van een nieuw peil wordt besloten door het college van dijkgraaf en hoogheemraden en gepubliceerd in dag- en/of weekbladen.

Artikel 8 Titel

Dit peilbesluit kan worden aangehaald als “Peilbesluit De Keulevaart 2013”.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.