Tekst
Samenvatting
Dit Actieplan Geluid provinciale wegen 2024-2029 (Actieplan Geluid) richt zich op bovenwettelijke akoestische maatregelen voor de wegen waarvoor de provincie Zuid-Holland wegbeheerder is. Met die maatregelen kan de gezondheid en hinderbeleving van omwonenden naar een meer acceptabel niveau worden gebracht. Voor de uitvoering van het Actieplan Geluid provinciale wegen 2024-2029 zijn momenteel slechts beperkte middelen beschikbaar. De uitvoering zal zich deels richten op onderhoud van stil asfalt op provinciale wegen; deels op het aanbrengen van geluidsschermen langs provinciale wegen; deels op het meten van geluid langs provinciale wegen; en deels op het verminderen van geluidklachten van omwonenden.
Het Actieplan Geluid bevat een uitgebreide beleidstheorie over de aanpak van geluidhinder langs provinciale wegen. In de beleidstheorie staan slaapverstoring en geluidhinder centraal als te verminderen negatieve effecten van het gebruik van provinciale wegen. Ook wordt een relatie gelegd met onder de nieuwe Omgevingswet in te stellen geluidproductieplafonds voor provinciale wegen.
Het Actieplan Geluid richt zich niet alleen op berekende geluidknelpunten, maar ook op ervaren geluidhinder. Om ervaren geluidhinder in beeld te brengen wordt een meetprogramma opgezet, dat zich richt op objectieve geluidmetingen en meer subjectieve ervaren hinder. Het Actieplan Geluid werkt met een lage plandrempel; die is niet zozeer bedoeld om met het Actieplan Geluid te behalen, maar wel om ook in beeld te krijgen waar grote groepen mensen een beperkte hoeveelheid geluidhinder zullen ervaren.
Het Actieplan Geluid bevat geen uitvoeringsvoorstellen: de uitvoering is sterk afhankelijk van de onderhoudsplanning van wegen, die flexibel is, en binnenkomende geluidklachten. Daarnaast is het zicht op beschikbare middelen voor de uitvoering zeer beperkt.
1Het Actieplan Geluid provinciale wegen
1.1 Inleiding
Voor u ligt het Actieplan Geluid provinciale wegen 2024-2029, verder genoemd: Actieplan Geluid. Met dit Actieplan Geluid vervalt het Actieplan Geluid provinciale wegen 2018-2023. In het stuk wordt benoemd waarom het is opgesteld, hoe het zich verhoudt tot andere verplichtingen uit de Omgevingswet ten aanzien van geluid langs provinciale wegen en op welke manier het uitgevoerd kan worden.
Gedeputeerde Staten Zuid-Holland stellen het Actieplan Geluid vast voor provinciale wegen met meer dan 3 miljoen passerende voertuigen met uitzondering van wegen in beheer bij het Rijk en wegen in het beheer van een agglomeratiegemeente
[1]
Dit zijn voor Zuid-Holland:
● Agglomeratie DEN HAAG/LEIDEN: Delft, Den Haag, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Oegstgeest, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Voorschoten, Wassenaar, Westland, Zoetermeer
● agglomeratie ROTTERDAM/DORDRECHT: Albrandswaard, Barendrecht, Capelle ad IJssel, Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Maassluis, Nissewaard, Papendrecht, Ridderkerk, Rotterdam, Schiedam, Sliedrecht, Vlaardingen, Zwijndrecht
. Het Actieplan Geluid van de provincie Zuid-Holland gaat vrijwel geheel over provinciale wegen. Er zijn veel andere bronnen van geluidhinder, zoals vliegtuigen, buren, industrie en het verkeer op andere wegen. Voor die andere bronnen heeft de provincie Zuid-Holland geen of een zeer beperkte verantwoordelijkheid. Op die bronnen wordt wel kort beleidsmatig ingegaan.
1.2 Waarom een Actieplan Geluid?
Het simpelste antwoord op het waarom van dit stuk, is dat het maken van een Actieplan Geluid een wettelijke verplichting is. Het moet uiterlijk 18 juli 2024 zijn vastgesteld. Dat is geregeld via de Verordening (EU) 2019/1010 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019, vertaald in artikel 2.26 van de Omgevingswet.
Daarnaast zorgt uitvoering van het Actieplan Geluid ook voor een belangrijke verbetering van de leefomgeving. Tegelijkertijd: uitvoering van het Actieplan Geluid is, anders dan het opstellen ervan, niet verplicht.
Het is een Actieplan Geluid. In het vaststellingsbesluit van het Actieplan Geluid moet op basis van de Omgevingswet staan hoe burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere bestuursorganen bij de voorbereiding betrokken zijn. En ook, wat de resultaten hiervan zijn. Het Actieplan Geluid wordt dus in inspraak gebracht.
1.3 Geluidproductieplafonds en het Actieplan Geluid
Het laatste Actieplan Geluid van de provincie Zuid-Holland was het Actieplan Geluid provinciale wegen 2018-2023. Het nieuwe plan gaat vallen onder de Omgevingswet; het is ook het eerste Actieplan van de provincie dat ingaat op geluidproductieplafonds.
In 2024 wordt beoogd geluidproductieplafonds voor de provinciale wegen voor te leggen aan Provinciale Staten. Deze geluidproductieplafonds zijn wettelijk verplichte omgevingswaarden die een maximum bepalen voor de geluidproductie van provinciale wegen. In dit Actieplan wordt er van uitgegaan dat de geluidproductieplafonds de eerste maal op het wettelijk maximale niveau worden vastgesteld. Dat is de huidige hoeveelheid geluid plus 1,5 dB (te vergelijken met 40% verkeersgroei).
Dit maximale niveau voor geluidproductieplafonds kan maatschappelijk gezien tot problemen leiden. Het is immers niet een waarde die bepaald wordt op basis van een gezonde geluidomgeving, maar op basis van bestaand geluid. Dat bestaande geluid is lang niet op alle plekken langs provinciale wegen op een gezond of door de omgeving acceptabel geacht niveau. Tot de invoering van de Omgevingswet kon geluid door verkeer op provinciale wegen onbeheerst groeien, zolang er geen sprake was van een relevante aanpassing van de weg. De bestaande berekende hoeveelheid geluid betekent daarom dat er een veelheid aan plekken is waar verkeerslawaai omwonenden hindert. De groei van het geluid wordt door het instellen van geluidproductieplafonds begrensd, maar de bestaande hinder wordt bij het maximaal vaststellen niet ingeperkt (laat staan weggenomen).
Het Actieplan Geluid is er op gericht de problemen die ontstaan binnen die geluidproductieplafonds zoveel mogelijk op te lossen. De bedoeling is op die plekken waar geluid binnen de geluidproductieplafonds gezondheidsschade of hinder veroorzaakt, die schade weer te beperken tot een aanvaardbaardbaar niveau.
Op die manier creëert de provincie Zuid-Holland voor zichzelf de maximale beleidsruimte: het voldoen aan de geluidproductieplafonds is verplicht, het uitvoeren van het Actieplan Geluid is dat niet. Met andere woorden: de provincie verplicht zich niet bestaande geluidproblemen op te lossen, maar maakt dat wel mogelijk met het Actieplan Geluid. De reden voor die maximale beleidsruimte is de veelheid aan maatschappelijke problemen waarmee de provincie zich geconfronteerd ziet en het beperkte budget om die problemen te tackelen. De provincie wil steeds de afweging kunnen maken welke maatschappelijke problemen het belangrijkst worden gevonden.
1.4 Het beleidsdoel van het Actieplan Geluid
Helder mag zijn dat, hoewel de uitvoering van het Actieplan Geluid geen verplichting kent, de maatschappelijke noodzaak van die uitvoering wel groot is. Het jarenlang groeien van de hoeveelheid verkeer heeft ook de geluidhinder als gevolg van die groei toe laten nemen. Het beleidsdoel van het Actieplan Geluid is daarom: het omgevingslawaai van provinciale wegen waar mogelijk te voorkomen en te beperken waar het hinderlijk is en/of schadelijke effecten heeft voor de gezondheid van de mens.
2Evaluatie uitvoering, resultaten en leerpunten vorige Actieplan
2.1 Uitgaven Actieplan Geluid provinciale wegen 2018-2023
uitgaven/reserveringen
x € 1.000.000,-
status
Stil asfalt
7,5
gerealiseerd
Oplossingen voor klachten
0,5
gerealiseerd
Geluidschermen Lansingerland (N209 Kruisweg)
2,40
gerealiseerd
Geluidscherm en geluidsmaatregelen N210 Krimpen ad IJssel (klachten gerelateerd)
0,41
uitvoeringsfase
N219 Geluidsmaatregelen Nieuwerkerk a/d IJssel en Zevenhuizen
2,00
verkenningsfase
Geluidscherm N207 Passage Leimuiden fase 1
0,21
gerealiseerd
Geluidscherm N207 Passage Leimuiden fase 2
0,07
initiatieffase
Geluidscherm N451 Waddinxveen
0,14
gerealiseerd
Geluidscherm N209 Bergschenhoek en Bleiswijk
1,20
uitvoeringsfase
Geluidscherm HOV Leiden CS N206 - Katwijk – Noordwijk (klachten gerelateerd)
0,50
uitvoeringsfase
totaal
14,93
In totaal is voor het Actieplan Geluid provinciale wegen 2018-2023 €14,93 mln uitgegeven. In het daaraan vorige Actieplan Geluid (2013-2018) zijn vrijwel alle middelen uitgegeven aan de meerkosten van het onderhoud voor stil asfalt. Ook in het Actieplan Geluid provinciale wegen 2018-2023 is een groot deel van de middelen besteed aan de meerkosten voor onderhoud voor stil asfalt (ruim de helft van alle bestede middelen). Daarnaast zijn de middelen gegaan naar geluidschermen en voor een deel naar oplossingen voor klachten. Enkele geluidschermen komen voort uit bestuurlijke afspraken, twee schermen komen voort uit klachten.
De uitgaven binnen het Actieplan Geluid provinciale wegen 2018-2023 overstijgen het beschikbare budget met €4,93 mln. De dekking hiervoor is gevonden in de vrije ruimte van het Programma Zuid-Hollandse Infrastructuur (PZI).
2.2 Twee lijnen
Het Actieplan Geluid provinciale wegen 2018-2023 had twee lijnen:
● de traditionele aanpak om waar mogelijk bij onderhoud geluidmaatregelen toe te passen (met name stil asfalt)
● en als experiment de klachten gerelateerde aanpak.
In het kader van het Actieplan Geluid is ook onderzocht hoe groot de feitelijke demping van stil asfalt zich in de tijd ontwikkelt. We zien daarbij twee dingen: het geluiddempend effect van stil asfalt neemt in de loop der jaren vrij snel af en blijft daarna lang constant (Monitoring stille wegdekken, M+P Raadgevende Ingenieurs). De geluidbeleving van het stil asfalt sluit niet altijd aan bij de gemeten akoestische demping: sommige bewoners zijn zich bewust van de afnemende geluiddemping in de loop van de tijd, anderen niet.
De klachten gerelateerde aanpak is vooral geïntroduceerd omdat door de soort geluidklachten die bij de provincie binnenkwamen zichtbaar werd dat de meer traditionele aanpak lang niet altijd het antwoord was waarop klagers zaten te wachten. Het beeld was dat mensen niet zozeer last hadden van een te hoge gemiddelde geluidbelasting, maar van piekgeluiden en een akoestisch matige buitenruimte. Daarin speelde ook nadrukkelijk mee hoe serieus klagers zich genomen voelden in de behandeling van de klacht.
De standaardaanpak bij een klacht is in de loop van de tijd als volgt ontwikkeld.
A. Een klager wordt altijd serieus genomen: als iemand geluidhinder ervaart, dan ís er ook sprake van geluidhinder. Of de provincie daarbij kan helpen hangt af van een aantal factoren:
○ is het een collectieve klacht (zijn er meer klagers te vinden)?
○ Zijn er oplossingen denkbaar?
○ Is er zicht op cofinanciering (in de praktijk: wil de gemeente meedenken en meebetalen aan de maatregelen, ook wanneer tijdens groot onderhoud worden uitgevoerd)?
B. In een eerste gesprek wordt verkend hoe de precieze klacht eruitziet en welk pad naar oplossingen kan worden bewandeld. Meestal wordt hiertoe een kleinschalig onderzoek uitgevoerd naar mogelijke interventies inzake infrastructuur en gedrag.
C. Vervolgens wordt onderzocht welke oplossingsrichtingen door de klagers, de provincie en de gemeente haalbaar worden geacht. Hierbij hoort ook een verkenning van de financiële mogelijkheden.
D. Tenslotte worden de gekozen en financieel haalbare maatregelen uitgevoerd.
Regelmatig is onderzocht of de klacht zich beperkte tot geluid. Dat was lang niet altijd het geval; wantrouwen richting de overheid (niet perse de provincie), beleving van de algehele woonomgeving, luchtkwaliteit en gezondheidsperceptie waren factoren die in wisselende samenstelling eveneens meespeelden. In bijlage B staat een overzicht van binnengekomen klachten en daaraan gekoppelde acties van de provincie Zuid-Holland.
In bijlage B staat een overzicht van ontvangen en geregistreerde geluidklachten.
Voor de provincie Zuid-Holland is de klachten gerelateerde aanpak ook reden geweest zich meer te verdiepen in de aard van geluidhinder. Die blijkt veel complexer dan de regelgeving – vooral gericht op het verminderen van de gemiddelde aantal decibellen – doet vermoeden. Geluidsproblemen gaan in heel veel gevallen niet om de berekende hoeveelheid geluid, maar om de beleefde omgevingskwaliteit. Geluid maakt daar een belangrijk deel van uit, maar in de praktijk bleek dat ook elementen als luchtkwaliteit, verkeersveiligheid en vertrouwen in de overheid belangrijke elementen zijn hoe de omgeving werd beleefd.
2.3 Hogere waarden op gevels
In het vorige actieplan is aangegeven dat data over verleende hogere waarden moeizaam terug te vinden zijn; het merendeel van de verleende hogere waarden wordt vastgesteld naar aanleiding van ruimtelijke ontwikkelingen, waarvoor de gemeente het bevoegd gezag is en aldaar wordt geregistreerd. De gedachte uit het Actieplan Geluid 2018-2023 was een betere registratie van hogere waarden op te zetten. Dat is in de praktijk zeer moeizaam gebleken en van deze gedachte is dan ook afgestapt.
Wel is een eerste stap gemaakt een gevelregister op te zetten. Dat kan bruikbaar zijn bij het saneren van zogenaamde saneringswoningen
[2]
In de jaren negentig en in 2008 zijn de woningen, die op 1 maart 1986 een geluidbelasting hoger dan 60 dB(A) op de gevel hadden, geïnventariseerd. Deze woningen zijn vervolgens op basis van hun geluidbelasting geprioriteerd en op een saneringslijst geplaatst. Na 1 maart 1986 vielen nieuwe woningen onder de Wet geluidhinder, en zijn gebouwd met voldoende bescherming tegen een hoge geluidbelasting door wegverkeerslawaai.
,een taak die de provincie voor provinciale wegen verplicht van de gemeenten overneemt op basis van de invoering van de Omgevingswet. Met het gevelregister ontstaat een bestand van woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen met informatie over de geldende grenswaarden op de gevels en een eventueel bekende isolatiewaarde van de gevel. In het verleden is er onvoldoende aandacht geweest voor het vastleggen van deze gegevens. Met het opstellen van het register kan een inhaalslag worden gemaakt om vervolgens de gegevens ook actueel te houden.
2.4 Leerpunten
Waar het Actieplan Geluid in eerste instantie zich op geluid richtte, werd in de uitvoering helder dat problemen niet alleen uit geluid bestaan, maar een bredere aanpak vragen. Die verbreding zal ook in de uitvoering van het nieuwe actieplan moeten worden gezocht. Daarbij is een meer integrale blik op de leefomgeving langs de weg noodzakelijk.
De doorwerking van het Actieplan Geluid in de uitvoeringspraktijk blijkt niet altijd goed. Dat betekent dat het niet genoeg is om een beleidskader en een uitvoeringplan op te stellen, maar dat er ook een toelichting op het Actieplan Geluid voor de Dienst Beheer Infrastructuur (DBI) en Afdeling Programma’s en Projecten (APP) nodig is én gezocht moet worden naar een duidelijke koppeling tussen geconstateerde knelpunten en groot onderhoud DBI en infraprojecten door APP. Onderdeel daarvan is ook duidelijkheid welke activiteiten vanuit het Actieplan Geluid worden gefinancierd en welke activiteiten worden geacht integraal onderdeel te zijn van de scope van onderhouds- en infraprojecten.
De klachten gerelateerde benadering was als experimentele aanpak succesvol. Er konden veel Zuid-Hollanders bediend worden met antwoorden of maatregelen die hun klacht (gedeeltelijk) op hebben gelost. Tegelijkertijd zijn er ook veel klachten. Omdat bewust terughoudend is gecommuniceerd over het vorige Actieplan Geluid en de Provincie de lat voor het gebruik van deze benadering redelijk hoog heeft gelegd is het de vraag of er een breed beeld is ontstaan van geluidklachten of meer sprake is van het topje van de ijsberg.
Ook vraagt de klachten gerelateerde regeling bij een structureel inzetten van het instrument om een scherper en juridisch hard kader wanneer een door burgers gewenst project al dan niet voor (co)financiering door de provincie in aanmerking komt. De grotere discretionaire afwegingsmogelijkheden uit het vorige Actieplan Geluid kunnen leiden tot juridisch ongewenste situaties.
3Geluid: hinder, slaapverstoring en gezondheid
3.1 Geluid en gezondheid
Geluid kan leiden tot hinder, slaapverstoring, verstoring van de dagelijkse activiteiten en stress. Deze effecten kunnen op hun beurt weer aanleiding geven tot een hogere bloeddruk en verhoogde niveaus van het stresshormoon cortisol, waardoor het risico op hart- en vaatziekten en psychische aandoeningen wordt verhoogd (RIVM - effecten van geluid). Een half miljoen Nederlanders heeft slaapproblemen door geluid van wegen. Daarnaast veroorzaakt dit geluid elk jaar bij zo’n 750 mensen hart- en vaatziekten, waar ongeveer 65 mensen aan overlijden. Dit zijn schattingen uit onderzoek van het RIVM. Lawaai van wegverkeer is veruit de grootste geluidshinderbron in Nederland. Specifieke cijfers voor Zuid-Holland zijn er niet, maar gezien de bevolkings- en wegendichtheid in Zuid-Holland mag verwacht worden dat een groot deel van de gezondheidseffecten in deze provincie ontstaat.
Naar schatting 3,7 miljoen Nederlanders van 16 jaar en ouder (29%) zijn ernstig gehinderd door het geluid van wegverkeer RIVM/TNO, afbeelding European Environment Agency
Mensen zijn zich vaak niet bewust van het feit dat geluidsoverlast een ernstig probleem is dat gevolgen heeft voor de volksgezondheid én hun eigen gezondheid. Weliswaar zijn er veel meer vroegtijdige sterfgevallen als gevolg van luchtvervuiling dan als gevolg van lawaai. Toch lijkt het volgens het European Environment Agency erop dat geluidshinder een groter effect heeft op indicatoren voor levenskwaliteit en de geestelijke gezondheid. Tegelijkertijd zien we dat op het gebied van luchtkwaliteit flinke stappen worden genomen waarmee de gezondheidseffecten in 2030 vrijwel opgelost zouden moeten zijn; voor geluid ontbreekt een dergelijke aanpak en is er hooguit sprake van een beperking van de groei van de hoeveelheid geluid. Daarom mag verwacht worden dat geluid in de komende jaren luchtkwaliteit gaat inhalen als belangrijkste milieu gerelateerde oorzaak van gezondheidsproblemen.
3.2 Slaapverstoring en hinder
Geluid werkt op twee manieren door op je gezondheid: slaapverstoring en hinder.
Bij slaapverstoring gaat het om voldoende en diepe slaap. Onze slaapcyclus bestaat uit REM-slaap
[3]
REM: Rapid Eye Movement. De hersenen zijn tijdens de REM-slaap even actief als in wakkere fase. Tijdens de REM-slaap bewegen de ogen snel heen en weer, vandaar de naam.
en diepe slaap. De REM-slaap zorgt voor het verwerken en opruimen van je gedachten, emoties en prikkels en de diepe slaap zorgt ervoor dat je lichaam kan ontspannen, herstellen en dat de accu van je lichaam wordt opgeladen. Te weinig diepe slaap beperkt het herstel in het lichaam en de aanvulling van de energievoorraad. Dat leidt weer tot veranderde glucose tolerantie en eetlust regulatie, verminderde immuunrespons, geheugenfunctie hart- en vaatziekten, suikerziekte, overgewicht, hoge bloeddruk en mogelijk dementie (WHO richtlijn over lawaai 2017).
Waar slaapverstoring grotendeels onbewust is, speelt hinder op een meer bewust niveau. In dat geval gaat het om meer dan het aantal decibellen. Factoren als geluidgevoeligheid, angst voor de bron/geluid, houding ten opzichte van de bron, verwachting/onzekerheid over toekomstig geluid en aantrekkelijkheid van de omgeving spelen allemaal een rol. En hoewel hinder iets is waar je je meestal bewust van bent, wordt het voor een groot deel door je onderbewuste bepaald.
3.3 Geluid en het reptielenbrein
Wetenschappers onderscheiden drie hersendelen, die elk op een ander moment in de evolutie verschenen zijn: het reptielenbrein (reguleert primaire instincten), het limbisch systeem (ook bekend als het zoogdierenbrein, zorgt voor de verwerking van gevoelens en emoties) en de neocortex (ook bekend als het mensen- of bewuste brein). Het onderbewuste systeem gebruikt niet alleen veel minder energie, maar werkt ook een miljoen keer sneller dan het bewuste systeem. Daartegenover staat dat het onderbewuste systeem niet intelligent is en dus ook niet intelligent beslissingen kan nemen. Het bepaalt echter 95% van de beslissingen die een mens dagelijks neemt. Dat lijkt in de praktijk anders, maar dat komt omdat het bewuste brein vrijwel altijd beslissingen achteraf rationaliseert.
Bij geluidhinder ontstaat een onveiligheidsgevoel. Het reptielenbrein constateert een gevaar (een hard geluid) of een gebrek aan veiligheid (een niet goed te definiëren geluidsomgeving). De reactie daarop is lichamelijk: het in staat van paraatheid brengen van het lichaam om te vluchten of te vechten door het aanmaken van stresshormonen. Daarvan “slijt” het lichaam (met name hart en bloedvaten). Het bewuste brein rationaliseert deze onbewuste reactie op geluid als hinder door de betreffende geluidsbron.
3.4 Geluid en regelgeving
De gemiddelde burger heeft de verwachting dat de overheid beschermt tegen gezondheidsschade door milieufactoren. In de praktijk zijn milieunormen echter een compromis tussen economische groei en gezondheid. En in sommige gevallen ontbreken normen. De wet kent maar een beperkte bescherming tegen een teveel aan geluid. De normen in de wet zijn gebaseerd op 10% gehinderden. Daarnaast houdt de wet maar beperkt rekening met feitelijk (in plaats van berekend) geluid en geluidbeleving. Tenslotte is de buitenruimte (tuinen, parken, openbare ruimte) feitelijk onbeschermd en is er geen bescherming tegen geluid als gevolg van verkeersgroei (al brengen de eerder genoemde geluidproductieplafonds hier wel verbetering). Om de gezondheid van onze inwoners te beschermen moet er meer gebeuren dan wat in de wet is geregeld.
De vraag kan gesteld worden of de wettelijke bescherming tegen een teveel aan geluid niet aangepast zou moeten worden. Uiteraard kan dat een optie zijn. Tegelijkertijd is de wet een generiek middel. De geluidproblemen die onder de aandacht van de provincie worden gebracht, hebben vrijwel altijd een situationeel of zelfs persoonlijk karakter, dat vraagt om een specifieke oplossing.
Eigenlijk zijn er drie “soorten geluid”:
● een planologische hoeveelheid geluid, gericht op een jaargemiddelde hoeveelheid geluid op een specifieke locatie;
● een feitelijke hoeveelheid geluid, gericht op de feitelijke gemeten hoeveelheid geluid op een specifiek moment op een specifieke locatie;
● een beleefde hoeveelheid geluid op een specifiek moment door een specifiek persoon op een specifieke plaats.
De eerste soort geluid is de manier waarop geluidshinder in de wetgeving is verankerd. Dat sluit maar deels aan op de werkelijkheid: mensen hebben geen hinder van een gemiddelde hoeveelheid geluid, maar van feitelijk geluid, inclusief pieken (de tweede soort geluid). Daarnaast is de beleving van geluid (derde soort) voor iedereen verschillend, afhankelijk van een groot aantal factoren als geluidgevoeligheid, associaties en gemoedstoestand.
Feitelijk geluid en beleefd geluid wordt op dit moment maar beperkt gemeten; er valt geen goede uitspraak te doen over de ontwikkeling vanuit die aspecten. Vrijwel alle hinderklachten die de provincie bereiken zijn echter terug te voeren op feitelijk geluid en beleefd geluid. Het systeem van verplichte Actieplannen Geluid heeft als uitgangspunt dat op basis van berekende geluidknelpunten acties worden ondernomen. Dit Actieplan Geluid voegt daaraan toe dat ook gemeten en beleefd geluid de basis kunnen zijn voor acties.
3.5 Probleem en oplossingen
De bestaande hoeveelheid geluid levert gezondheidsschade op. Die schade is afhankelijk van de persoon en de situatie. De bescherming tegen die gezondheidsschade door de wet is slechts gedeeltelijk; in sommige gevallen voldoende, in andere gevallen onvoldoende. Het Actieplan Geluid richt zich op die gevallen waar de wet geen soelaas biedt. De wetssystematiek is gebaseerd op de Europese geluidkaart die in beeld brengt waar het meeste verkeerslawaai is berekend. Standaardoplossingen zijn dan stil asfalt en geluidschermen op de meest geluid belaste plekken. Dit Actieplan wil verdergaan dan alleen die standaardoplossingen. Door meer aan te sluiten bij de laatste wetenschappelijke inzichten over aan geluid gerelateerde gezondheidsproblemen komen ook andersoortige oplossingen in beeld.
Die andersoortige oplossingen hangen samen met de belevingskant van geluid. Daar zien we dat geluidhinder, naast de hoeveelheid berekend geluid, ook samenhangt met:
● Feitelijk geluid – dit vraagt om het meten van geluid. Hierbij wordt gedacht aan piekgeluiden als versleten wegvoegen, de brommer die om 5 uur langsrijdt of juist andere bronnen dan wegverkeer;
● Onzekerheid – dit vraagt om meer “grip” en voorspelbaarheid van geluid. Zelf meten (bijvoorbeeld via citizen science) kan hier helpen. Maar ook simpelweg duidelijkheid over de regels omtrent geluid (wat is de formele rol van de overheid en waar beschermt deze wel/niet tegen) helpt;
● Beleving van het geluid – zicht op welk geluid tot welke hinder leidt levert kennis op voor zinvolle ingrepen (bijvoorbeeld door enquêtering of apps als MoSART
[4]
De MoSART app maakt korte opnames van het geluid in de omgeving in combinatie met een waardering door de gebruiker. Op die manier registreert MoSART een subjectieve, persoonlijke beleving van het geluidslandschap.
);
● Geluidomgeving (soundscape) – het in beeld brengen van soundscapes laat zien waar in het spectrum “kalm en herkenbaar – druk maar veilig – druk maar onherkenbaar – kakofonisch” de omgeving zich bevindt en wat op basis daarvan zinvolle ingrepen zijn;
● Andere leefomgevingsvariabelen – factoren als de beschikbaarheid van stilteoases, groen, verkeersveiligheid, zichtbaarheid van geluidsbronnen kunnen de hinder van geluidsbronnen verminderen;
● Associaties met geluidbronnen – emoties bepalen voor een belangrijk deel wat hinderlijk is. Niet de ratio, niet het bewustzijn. Dat betekent ook dat positieve associaties hinder kunnen verminderen. Het geluid van een onbekend bedrijf is hinderlijker dan van een bedrijf dat veel energie steekt in een goede relatie met de omgeving;
● Gedrag van de ontvanger – te denken valt aan het wandelen in een stiltegebied, het slapen met gesloten ramen of het leren omgaan met specifieke geluiden.
4Beleidsuitgangspunten
Het onderhavige Actieplan Geluid bouwt voort op de notitie Uitgangspunten Actieplan Geluid 2018-2023 (op 21 november 2017 door Gedeputeerde Staten vastgesteld). Deze uitgangspunten zijn als volgt.
4.1 Plandrempels
Een actieplan geluid dient een plandrempel te bevatten, zijnde een geluidbelasting Lden en geluidbelasting Lnight
[5]
Lden staat voor Level day, evening, night, ofwel het tijdgewogen jaargemiddelde geluidniveau in de dag, de avond en de nachtperiode. 's Avonds geldt er een correctie van +5 dB en 's nachts van +10 dB, omdat dan geluid sneller de slaap verstoort. De nachtelijke geluidbelasting wordt uitgedrukt in Lnight, de maat voor de gemiddelde geluidbelasting van 23 uur tot 7 uur.
op geluidgevoelige gebouwen (artikel 4.22, lid 1 Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl)).De provincie Zuid-Holland gaat uit van de plandrempels 55 dB Lden en 50 dB Lnight. Woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen die ten minste een geluidbelasting boven een van deze waarden hebben, worden beschouwd als locaties die in aanmerking kunnen komen voor maatregelen die de geluidbelasting en/of de ervaren geluidhinder reduceren.
De keuze voor twee plandrempels is bewust gemaakt omdat niet voor elke locatie geldt dat beide plandrempels worden overschreden. Er zijn locaties waar alleen de plandrempel voor 55 dB Lden (het gewogen gemiddelde geluid overdag, avond en nacht) wordt overschreden en er zijn locaties waar beide plandrempels worden overschreden. Een overschrijding van alleen 50 dB Lnight (het geluid ’s nachts) komt niet voor.
Deze plandrempels zijn identiek aan de plandrempels uit het Actieplan 2013-2018 en 2018-2023. Ze zijn scherp gekozen, wanneer ze met plandrempels van andere provincies worden vergeleken. Ze liggen echter hoger dan de gezondheidkundige advieswaarden van de World Health Organisation die 53 Lden en 45 Lnight adviseert voor geluid langs wegen. Beide plandrempels zijn een jaargemiddelde berekening.
De plandrempel is in Zuid-Holland niet zozeer gekozen omdat alles boven die plandrempel een acuut probleem zou zijn, maar vooral omdat daarmee een relatief groot “vangnet van potentiële problemen” wordt gecreëerd: er komen veel meer hindersituaties in beeld waar tussen een afweging kan worden gemaakt waar de middelen op in te zetten. Maatschappelijk gezien is een grote hoeveelheid woningen met een beperkte overschrijding van de plandrempel urgenter dan één woning met een hogere overschrijding. Bij een hogere plandrempel zou die eerste grote hoeveelheid woningen niet in beeld zijn gekomen.
Tegelijkertijd betekent de plandrempel niet dat alles boven de plandrempel zo snel mogelijk aangepakt moet worden, maar dat ónder die plandrempel problemen niet door de provincie op voorhand in kaart worden gebracht. Ook betekent het niet dat wanneer langs de weg meer gelid wordt gemeten dan de plandrempel, dat die locatie een geluidsknelpunt zou zijn; incidentele geluidmetingen zeggen maar beperkt iets over een jaargemiddelde berekening. Wel kan in deze gevallen een beroep worden gedaan op de klachten gerelateerde benadering. Als iemand last heeft van geluid, is de plandrempel geen criterium om die klacht al dan niet gegrond te verklaren.
4.2 Werk met werk maken
Wanneer maatregelen worden toegepast langs provinciale wegen is dit het eenvoudigst wanneer er toch al onderhoud plaatsvindt. Dit “werk met werk maken” betekent dat zo kostenefficiënt mogelijk wordt omgegaan met de beschikbare middelen binnen het Actieplan én het instandhoudingsbudget. Omdat de programmering van onderhoud afhankelijk is van de staat van het wegdek en daarmee variabel is, kan ook het moment van realisatie geluidmaatregelen aan wijzigingen onderhevig zijn.
4.3 Nog niet uitgevoerde maatregelen
Het Actieplan Geluid 2018-2023 is niet volledig uitgevoerd, met name vanwege fluctuaties in het schema van het wegonderhoud (niet alle knelpunten zijn in de planperiode in beeld geweest) en de uitputting van de financiële middelen (alle beschikbare middelen zijn besteed aan geluidmaatregelen, de middelen voor het vorige Actieplan Geluid zijn dus op.
Het uitgangspunt is om de niet uitgevoerde wegvakken uit het Actieplan Geluid 2018-2023 (voor zover nog steeds knelpunt en onderhoudswerkzaamheden zijn gepland) prioritair mee te nemen in het nieuwe Actieplan.
4.4 Aanpak van ervaren geluidhinder
Het Actieplan Geluid is in de regel gebaseerd op berekend geluid op basis van een gemiddelde geluidsbelasting. Deze berekende geluidbelasting ziet er soms anders uit dan wanneer geluid wordt gemeten en is niet altijd representatief voor de ervaren geluidhinder. Voorbeelden zijn geluiden die zich beperken tot de spits, gedrag van een sommige motorrijders en geluid bij de voegovergang van een brug: in dergelijke gevallen komen de storende geluiden minder zichtbaar terug in een gemiddelde geluidsbelasting.
Zowel berekende geluidsbelasting als ervaren geluidhinder zijn indicatoren voor effecten als slaapverstoring en hindergevoelens, die beide kunnen resulteren in gezondheidsschade. Het uitgangspunt is het Actieplan Geluid enerzijds te baseren op de berekende geluidbelasting maar daarnaast ook rekening te houden met gemeten en ervaren geluid.
4.5 Stiltegebieden
Voor stiltegebieden zijn geen ambities vastgesteld, anders dan een streefwaarde van 40 dB. Aan de ene kant is dit een zeer beperkte ambitie, die in de praktijk weinig bescherming tegen een overmaat aan geluid biedt. Aan de andere kant is het areaal aan stiltegebieden zodanig groot dat een steviger ambitie tot een forse beleidsinzet zou leiden, die gegeven de beperkte bijdrage aan het verminderen van geluidhinder disproportioneel wordt geacht.
4.6 Andere bronnen
Dit Actieplan beperkt zich tot geluid van provinciale wegen. Voor andere geluidbronnen heeft de provincie geen of hooguit een afgeleide verantwoordelijkheid: ze is geen beheerder van spoorwegen, heeft geen industrieterreinen van provinciaal en regionaal belang aangewezen en is geen bevoegd gezag voor de nationale luchthavens Schiphol en Rotterdam The Hague Airport. Wel is zij bevoegd gezag voor overige luchtvaart (vanaf andere luchtvaartterreinen); die verantwoordelijkheid wordt echter niet in dit Actieplan behandeld.
5Uitvoering Actieplan Geluid
5.1 Geen uitvoeringsvoorstellen
In tegenstelling tot voorgaande Actieplannen Geluid van de provincie bevat dit plan geen specifieke uitvoeringsvoorstellen. Dat heeft een aantal redenen:
● Allereerst is de uitvoering van het Actieplan Geluid sterk afhankelijk van de planning van onderhoud: om werk met werk te kunnen maken worden geluidmaatregelen zoveel mogelijk gekoppeld aan onderhoud. Het onderhoud is gekoppeld aan de actuele staat van de weg, die op basis van daadwerkelijke monitoring wordt bepaald en niet vooraf wordt gepland (zgn. Toestandsafhankelijk onderhoud).
● Daarnaast is de uitvoering van het Actieplan Geluid afhankelijk van de beschikbare middelen. Die zijn een gevolg van politieke prioriteitstelling tussen verschillende provinciale doelen. De uitvoering van het Actieplan Geluid vraagt om beschikbaarstelling van nieuwe middelen nu de bestaande middelen zijn uitgeput.
● Vervolgens wordt voor de berekening van geluidproductieplafonds langs provinciale wegen verkeersgegevens uit 2023 gebruikt, die pas in mei 2024 beschikbaar zijn. Op dat moment zijn ook de eigenschappen van weg en omgeving geactualiseerd. Op dat moment is een goede doorrekening van akoestische knelpunten te maken.
● Ook is zichtbaar dat de rekenmodellen voor geluidbelasting langs provinciale wegen niet geheel aansluiten op de daadwerkelijke geluidhinder. Het in beeld brengen van de daadwerkelijke hinder, de hinderbeleving, is onderdeel van de uitvoering van dit Actieplan Geluid en medebepalend voor de prioritering van de geluidmaatregelen die we gaan uitvoeren.
5.2 Karakter van het Actieplan Geluid
Het Actieplan Geluid is een doorlopend plan. Dat wil zeggen dat de beleidsdoelstelling waarschijnlijk niet in de planperiode kan worden bereikt en het op voorhand niet zeker is welke maatregelen op welk moment kunnen worden uitgevoerd. Dat wordt veroorzaakt door de keuzes “werk met werk te maken”, meer te meten en klachten gerelateerd te werken (zie ook de vorige paragraaf).
In algemene zin blijft bij de uitwerking van maatregelen de volgende voorkeursvolgorde van kracht:
● Bronmaatregelen;
● Overdrachtsmaatregelen (tussen de bron en woning);
● Gevelmaatregelen aan de woningen zelf
● Niet-akoestische, leefomgevingskwaliteit gerichte maatregelen (zoals groen, bereikbaarheid voorzieningen, beweging bevorderende maatregelen).
Waar mogelijk zullen te nemen maatregelen de problematiek integraal benaderen. Zo kunnen geluidmaatregelen ook, indien goed gedimensioneerd, positieve effecten hebben op verkeersveiligheid, luchtkwaliteit of energiegebruik.
Het Actieplan werkt met een uitvoeringsplan dat jaarlijks wordt geactualiseerd.
5.3 Aanpak van situaties met een geluidbelasting boven de plandrempels
In de geluidbelastingskaarten is aangegeven hoe groot de berekende geluidbelasting is voor de omwonenden van provinciale wegen en wat dit betekent in termen van hinder, slaapverstoring en dergelijke. In het kader van dit Actieplan is bekeken voor welke wegdelen geluidreducerende maatregelen door ons in overweging zullen worden genomen. Helaas is het praktisch en financieel niet haalbaar de geluidbelasting voor alle wegdelen met een relatief hoge geluidbelasting tot een aanvaardbaar niveau terug te brengen. Daarom is een nadere selectie en prioriteitstelling nodig.
De aanpak van berekende geluidsknelpunten (situaties waarvan de geluidbelasting boven de plandrempel ligt) is gebaseerd op het volgende selectieproces:
1Is er sprake van een overschrijding van de plandrempel? Via het opstellen van de geluidsbelastingkaarten is de geluidbelasting op elk geluidgevoelig gebouw binnen 250 meter van een provinciale weg berekend. Als de berekende geluidbelasting hoger is dan 55 dB Lden en/of 50 dB Lnight dan kan op die plek worden gekeken naar een mogelijk project.
2Is er sprake van provinciale verantwoordelijkheid? De Provincie Zuid-Holland heeft bij de eerste tranche van de EU geluidkartering het geluid van wegverkeer op provinciale wegen in 2006 bepaald. In 2007 zijn deze resultaten gepubliceerd en daarmee openbaar geworden. Vanaf dat moment is daarmee de geluidssituatie rond het wegennet bekend. Woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen die sindsdien zijn gerealiseerd, zijn daarmee weloverwogen op een hoog geluidbelaste locatie gerealiseerd. De Provincie Zuid‑Holland richt zich daarom primair op het oplossen van de maatschappelijke opgave voor bebouwing van voor 2006. De provincie staat open voor het gesprek over overige geluidhinder, maar laat het initiatief daarvoor bij andere partijen. Een uitzondering hierop vormen eerder in Actieplannen benoemde knelpunten, omdat de Provincie Zuid-Holland daarvoor de verantwoordelijkheid al naar zich toegetrokken heeft.
3Is er sprake van een doelmatige aanpak? Om deze vraag te beantwoorden heeft het IPO het doelmatigheidscriterium benoemd en uitgewerkt. Doelmatig betekent dat de kosten in verhouding tot de baten, een voldoende effect op het aantal geluidgehinderde personen, voldoen aan een minimale eis (doelmatigheidscriterium). De baten worden in dit Actieplan berekend op grond van de geluidbelasting op geluidgevoelige bestemmingen met een bouwjaar van voor 2006. De systematiek van de doelmatigheidsafweging en de aangehouden kosten van maatregelen zijn in bijlage C opgenomen. Als het effect van het geluidreducerend asfalt onvoldoende is of als het niet gerealiseerd kan worden, dan worden geluidschermen en eventueel gevelisolatiemaatregelen beschouwd.
4Is er sprake van werk met werk maken? Gegeven de hoeveelheid beschikbare middelen kiest de provincie Zuid-Holland ervoor om werk met werk te maken. Dat betekent dat een aanpak van een knelpunt met name ter hand wordt genomen wanneer de betreffende weg ook onderhouden wordt. Ook de realisatie van nieuwe infrastructuur kan aanleiding geven om een knelpunt aan te pakken. Het onderhoudsschema en de realisatie van nieuwe infrastructuur ligt niet vast, maar wordt jaarlijks geactualiseerd op basis van onder andere de conditie van de weg. Het Actieplan Geluid is daarom een groslijst van knelpunten die met ingang van deze planperiode zullen worden aangepakt, maar mogelijk ook buiten deze planperiode een eerste moment van oplossing krijgen. In het jaarlijks te publiceren Uitvoeringsplan Geluid wordt de uitvoering van maatregelen voor het betreffende jaar geconcretiseerd.
5Zijn de middelen beschikbaar? Gegeven de hoeveelheid beschikbare middelen kunnen niet alle in dit Actieplan Geluid benoemde knelpunten worden aangepakt. Zolang het budget echter niet is uitgeput kunnen maatregelen worden gerealiseerd.
6Is er sprake van een prioritair wegvak? Voor elk wegvak waarvoor geldt dat een maatregel doelmatig is, is bepaald welk effect de maatregel heeft op het aantal gehinderden. De verhouding tussen de kosten van de maatregel en de reductie van het aantal gehinderden bepaalt vervolgens de prioriteit van een wegvak: het wegvak met de hoogste reductie van het aantal gehinderden per uitgegeven euro krijgt de hoogste prioriteit gevolgd door de opvolgende wegvakken.
7Zijn er andere aspecten die de keuze voor een aanpak van een knelpunt bepalen? Het is denkbaar dat in het selectieproces nieuwe criteria opduiken die medebepalend zijn in de bepaling welke knelpunten worden uitgevoerd. Een meetprogramma van daadwerkelijke geluidbelasting en ervaren geluidhinder kan een aanvullende prioritering in deze geluidbelasting opleveren. Ook kan de waarschijnlijk geachte toekomstige groei van het wegverkeer mee worden genomen in de selectie. In zijn algemeenheid zullen in de uiteindelijke keuze welke knelpunten worden aangepakt, de laatste inzichten worden gehanteerd op het gebied van omvang wegverkeer, geconstateerde verkeershinder, mogelijke maatregelen, etc. In het jaarlijkse Uitvoeringsplan zal worden aangegeven op welke wijze de keuze tot stand is gekomen.
5.4 Aanpak van klachten gerelateerde situaties
De keuze om geluidklachten nadrukkelijk een plek te geven in het Actieplan Geluid is een doorontwikkeling van de aanpak uit het vorige Actieplan Geluid. Die aanpak bleek succesvol, gemeten naar de feedback. Een objectieve beoordeling van de aanpak is lastiger, juist omdat het hier om subjectieve hinder gaat.
Het is niet de ambitie van de Provincie om in de aanpak van geluidsklachten het voortouw te nemen. Het initiatief ligt in principe altijd bij de klager. Voor de klachten gerelateerde benadering is een afzonderlijke subsidieregeling opgezet. De huidige klachten worden daarin meegenomen. De gemeente is aangewezen als enige potentiële subsidieontvanger. Dat heeft een aantal redenen. Allereerst zijn de klachten een gedeelde verantwoordelijkheid tussen provincie en gemeente: de provincie als verantwoordelijk voor de bron, de gemeente als primair verantwoordelijk voor de leefomgevingservaring van haar burgers. Daarnaast heeft de gemeente inzicht in de verdeling van de leefomgevingskwaliteit in haar gebied en kan – beter dan de provincie – zich een beeld vormen van de redelijkheid van de klacht. Tenslotte is de gemeente in de praktijk de meest logische partij voor cofinanciering van eventuele oplossingen.
De stappen voor de klachten gerelateerde benadering zijn:
1De klagende partij wordt gevraagd te zoeken naar medeklagers; de systematiek van de geluidwetgeving wordt uitgelegd; en de klachten gerelateerde benadering wordt onder de aandacht gebracht.
Omdat hinder een grote belevingscomponent kent wordt vroeg in het proces verkend in hoeverre er sprake is van een individuele klacht of een collectief gevoel van hinder. In de praktijk blijkt regelmatig dat de nationale regelgeving maar beperkt aansluit op wat men van de overheid verwacht. Het uitleggen van de systematiek van de geluidwetgeving zorgt regelmatig voor meer begrip voor de wijze waarop de provincie met de situatie omgaat en betekent ook dat in sommige gevallen de klacht niet wordt doorgezet. De uitleg over de klachten gerelateerde benadering vindt altijd plaats.
2De gemeente wordt betrokken.
Omdat er voor is gekozen de gemeente als enige ontvangende partij voor een nog op te stellen subsidieregeling te kiezen is vroege betrokkenheid noodzakelijk.
3Hoe omschrijft de klagende partij de ervaren hinder?
Belangrijk is altijd in gesprek te gaan met de klagende partij. Door middel van doorvragen is veel helderder te krijgen hoe de hinder wordt ervaren, wat de mogelijke oorzaken zijn en hoe de klagende partij de verantwoordelijkheden ziet. In sommige gevallen vraagt beantwoording van deze vragen om nader onderzoek, dat in principe ten laste kan komen van het budget voor de klachten gerelateerde benadering.
4Is er sprake van een geluidsklacht op basis van geluid van provinciale wegen of is het een andersoortige klacht?
Een klacht naar aanleiding van geluid van provinciale wegen kan onder het Actieplan Geluid vallen. Het is mogelijk dat een gemelde geluidklacht een volledig andersoortige reden heeft (denk ook aan burenlawaai, geluid van niet-provinciale wegen of vlieghinder). In dat geval zal de klacht worden afgewezen als geluidklacht in het kader van het Actieplan Geluid. In veel gevallen zien we dat een geluidklacht een breder scala aan problematiek betreft: ook luchtkwaliteit, verkeersveiligheid en vertrouwen in de overheid komen geregeld naar voren. Wanneer geluid van provinciale wegen een belangrijke component van de klacht is, blijft de klachten gerelateerde benadering aan de orde.
5Wat zijn voor de hand liggende oplossingen?
Omdat gezondheid het overkoepelende doel is van de benadering én omdat de leefomgevingskwaliteit nadrukkelijk samenhangt met de akoestische beleving wordt breed gekeken naar mogelijke oplossingen. De gewenste of wenselijke oplossing voor de geluidklacht kan sterk variëren. Op basis van gesprekken met de klager of andere partijen ontstaat meestal een beeld van wenselijke oplossingen; in sommige gevallen zal nader onderzoek moeten aangeven wat een (vanuit kosteneffectiviteit) gewenste oplossing is.
Wanneer bijvoorbeeld onderhoud de belangrijkste reden is voor geluidsklachten, dan kan dit mogelijk binnen het reguliere onderhoudsprogramma van provinciale wegen worden opgevangen. In andere gevallen is er wellicht sprake van een gebrek aan handhaving of een inrichting van de weg die zich niet verhoudt tot de eisen die gesteld zijn (bijvoorbeeld snelheidsbeperkingen op een weg die ingericht is voor een hogere snelheid en daartoe uitnodigt). Overleg met Openbaar Ministerie en politie is dan noodzakelijk, naast eventuele aanpassing van de inrichting van de weg. Ook kan in sommige gevallen het toevoegen van geluid (bijvoorbeeld een waterval), groen (bijvoorbeeld als visuele afscherming) of andere leefomgevingskwaliteit gerichte maatregelen voor een andere geluidsperceptie zorgen. Kostbare oplossingen als geluidschermen zijn soms effectieve, maar niet altijd kosteneffectieve oplossingen.
In alle gevallen is betrokkenheid van de klager(s) bij de te kiezen oplossing(en) belangrijk. Uiteraard moet een oplossing objectief gezien passen bij het probleem. Omdat het probleem een ervaren probleem is, is draagvlak voor de oplossing mede bepalend in de effectiviteit van de oplossing.
6Zijn er (nog) middelen beschikbaar?
De provinciale inzet blijft in principe beperkt tot de mate waarin er (nog) budget voor de klachten gerelateerde benadering beschikbaar is, tenzij de conclusie wordt getrokken dat de Provincie Zuid-Holland een formele verantwoordelijkheid voor de geconstateerde geluidhinder heeft. Zijn de middelen uitgeput én zijn er geen mogelijkheden voor aanvullende middelen, dan blijft het probleem onopgelost.
7Kan er een gedragen financierbaar uitvoeringsplan voor maatregelen worden bepaald?
Overeenstemming over de kostenverdeling (waarschijnlijk op basis van de inschatting van de Provincie Zuid-Holland over de verantwoordelijkheidsverdeling) en beschikbaarheid van budget zijn bepalende factoren voor een uitvoeringsplan. Het uitgangspunt is dat de Provincie Zuid-Holland de bereidheid heeft oplossingen voor geluidhinder voor 50% te financieren.
5.5 Een regeling
Om de klachten gerelateerde regeling mogelijk te maken moet een subsidieregeling worden gemaakt. Die regeling is nog niet vormgegeven, mede omdat op dit moment nog geen zicht is op beschikbare middelen. Een subsidieregeling is niet de enige manier waarop het Actieplan Geluid kan bijdragen aan geluidmaatregelen. Naast de subsidieregeling zijn in het Actieplan Geluid middelen gedacht voor een meetprogramma (zie volgend hoofdstuk) en voor maatregelen die de provincie vanuit een akoestische verbetering van haar eigen wegennet kan nemen.
5.6 Risico’s bij de geschetste aanpak
Bij de geschetste oplossingsrichtingen van geluidproblemen kunnen verschillende risico’s bestaan. De volgende zouden kunnen spelen:
a.Objectiviteit: het meten en berekenen van geluid zijn objectieve manieren om een beeld te vormen van de hoeveelheid geluid. Met name geluidhinder is echter hoe dan ook subjectief. Dat valt maar ten dele te objectiveren (bijvoorbeeld door te correleren met gemeten of berekend geluid of te kijken of er een grotere groep is die zich gehinderd voelt). Uitgangspunt van dit Actieplan Geluid is dat iemand die aangeeft zich gehinderd te voelen, ook daadwerkelijk gehinderd is.
b.Assertiviteit: de vraag is of bij een klachten gerelateerde aanpak niet met name de meest assertieve inwoners van Zuid-Holland in beeld komen. Tot op zekere hoogte kan gesteld worden dat een groter hindergevoel leidt tot een actievere houding. Daarnaast zal de provincie proberen de mogelijkheid een beroep te doen op de klachten gerelateerde regeling goed onder de aandacht te brengen.
c.Noodzaak van een oplossing: op het moment dat een actieplan werkt als “u vraagt, wij draaien”, is het de vraag of niet te vaak marginale problemen in beeld komen. Omdat de provincie in vrijwel alle gevallen slechts een deel van de kosten voor haar rekening neemt, de gemeente verantwoordelijk is voor aanvullende middelen en omdat van de klager een actieve houding wordt gevraagd is het beeld dat marginale problemen niet vaak zullen voorkomen.
d.Precedentwerking: op basis van eerdere bijdragen aan oplossingen kan – op basis van gelijkheid – een zekere vorm van trekkingsrecht voor gelijke gevallen ontstaan. Hierbij moet bedacht worden dat er zelden sprake zal zijn van een gelijke situatie (ieder hindergeval is uniek). Tegelijkertijd zal een uitgewerkte regeling leiden tot het voorkomen van willekeur in de afweging bij te dragen aan de oplossing voor geluidshinderproblemen.
e.Verwachtingenmanagement: in het gesprek over het probleem dat bewoners ervaren kan het gebeuren dat er verwachtingen worden gewekt die in de praktijk niet waargemaakt kunnen worden. Dat kan worden voorkomen door vooraf (in een regeling en in de eerste gesprekken) helder te communiceren over wat verwacht mag worden en dit ook goed vast te leggen.
6Geluidbelastingkaart en monitoring
6.1 Europese geluidbelastingkaart en provinciale wegen
Voor dit Actieplan Geluid zijn Geluidbelastingkaarten opgesteld. De berekeningen voor de geluidbelastingkaarten zijn in opdracht van de provincie Zuid-Holland uitgevoerd door de DCMR milieudienst Rijnmond en terug te vinden op de website van de provincie. De geluidbelastingkaarten 2022 geven de feitelijke situatie over 2021 weer waarbij voor het verkeer de intensiteiten van het jaar 2019 zijn gebruikt (omdat de verkeerscijfers in 2020 en 2021 door Corona een vertekend beeld geven). Door de wijzigingen in zowel de rekenmethode als de methode voor het bepalen van het aantal gehinderden
[6]
Voor de vorige geluidbelastingkaart is gebruik gemaakt van de Nederlandse Standaard Rekenmethode 2 (SRM2). Voor de geluidbelastingkaart 2022 is gebruik gemaakt van voor de geluidkaart verplichte Common Noise Assesment Methods in the EU gecombineerd met Nederlandse emissiekentallen (CNOSSOS-NL). De berekening van het aantal bewoners van woningen is recentelijk door het CBS aangepast.
, zijn de resultaten in de geluidbelastingkaart van 2022 maar beperkt vergelijkbaar met eerdere resultaten. Op aangewezen provinciale wegen (die zijn gesitueerd buiten de aangewezen agglomeratiegemeenten) met een geluidbelasting van 55 dB Lden (de plandrempel overdag) en hoger zijn:
● 5.500 geluidsgevoelige objecten (woningen, overige geluidgevoelige gebouwen en terreinen),
● 11.700 bewoners.
Met een geluidbelasting van 50 dB Lnight (de plandrempel ’s nachts) en hoger zijn er:
● 3.700 geluidsgevoelige objecten (woningen, overige geluidgevoelige gebouwen en terreinen),
● 7.700 bewoners.
Hoewel het door de nieuwe rekensystematieken niet zuiver te vergelijken is, valt wel globaal iets te zeggen over de hinderbeleving. Die lijkt in berekende waarden min of meer gestabiliseerd (Lden 11.700 in 2021, 12.500 in 2016; Lnight 7700 in 2021, 6900 in 2016).
De geluidbelastingkaarten 2022 zijn terug te vinden op https://www.zuid-holland.nl/politiek-bestuur/bestuur-zh/gedeputeerde-staten/besluiten/besluit/geluidbelastingkaart-2022.
6.2 Monitoring
Geluid langs provinciale wegen en de uitvoering van het Actieplan Geluid zal op verschillende manieren worden gemonitord. De verplichting tot het maken van geluidbelastingkaarten blijft bestaan. Daarnaast gaat met de Omgevingswet een nieuwe verplichting voor de provincie ontstaan inzake omgevingswaarden geluid langs provinciale wegen: de geluidproductieplafonds. Deze geluidproductieplafonds worden continue gemonitord, waarbij maatregelen verplicht zijn op het moment dat normoverschrijding dreigt.
Geluidproductieplafonds zijn punten aan weerszijde van de provinciale weg, waar het geluid van de weg niet boven een vastgestelde waarde mag komen
De monitoring door middel van geluidbelastingkaarten en op geluidproductieplafonds gebeurt op basis van berekende waarden. Verkeersmodellen geven data over het verkeer, op basis waarvan een gemiddelde geluidbelasting wordt berekend. Als eerder aangegeven, is dit een redelijke indicator voor slaapverstoring en hinder. Meten van geluid is met name voor geluidhinder een betere manier om in beeld te krijgen wat er daadwerkelijk langs de weg aan geluid is waar te nemen. Tegelijkertijd is de hindercomponent vooral in beeld te krijgen door gehinderden actief te bevragen; het in beeld brengen van soundscapes (zie ook hoofdstuk 3) kan indicaties geven voor die hindercomponent.
6.3 Meten van geluid en meten van geluidhinder
Dit Actieplan Geluid wil een eerste aanzet geven voor het meten van geluid en het meten van geluidhinder. Geluid langs wegen wordt in Nederland op dit moment niet structureel gemeten. Er worden daarom drie pilots voorgesteld:
1Een pilot om meetapparatuur langs provinciale wegen te plaatsen;
2Een pilot om omwonenden zelf te laten meten (citizen science);
3En een pilot om hinderbeleving in beeld te brengen.
De eerste pilot brengt beter in kaart of en hoe we vanuit het wegbeheer geluid kunnen monitoren.
De tweede pilot geeft een beeld of de ervaringen met citizen science luchtkwaliteit vertaald kunnen worden naar het geluidsdossier. Luchtkwaliteit wordt op veel plekken binnen Zuid-Holland door burgers gemeten. Met behulp van het RIVM (www.samenmeten.nl) en aanvullende hulpmiddelen kunnen luchtkwaliteitsdata worden verzameld en geanalyseerd. Dezelfde structuur is beschikbaar voor geluidmetingen. Voor geluid is citizen science misschien wel nog geschikter als instrument dan voor luchtkwaliteit. Geluid is immers veel lokaler bepaald (geluidbronnen dragen veel minder ver dan luchtkwaliteitsbronnen) en kent een veel grotere belevingscomponent (geluid is veel beter waarneembaar dan luchtkwaliteit). Juist vanwege die belevingscomponent is meer grip voor burgers op de geluidssituatie een potentieel belangrijke oplossing voor gevoelde geluidhinder. Daarnaast betekent een eigen database met geluidgegevens voor burgers dat het gesprek met de overheid over oplossingen veel eenvoudiger wordt: met geluidgegevens ontstaat een gezamenlijk gespreksonderwerp in plaats van twee duidelijk verschillende (beleving door burgers en normen voor de overheid). Het eerste burgermeetnet geluid wordt opgezet rond Rotterdam The Hague Airport; de kennis die daar wordt opgedaan kan worden meegenomen in een pilot rond het provinciale wegennet.
De derde pilot kan voortbouwen op eerdere onderzoeken in het kader van “GeluidsLandschap Instant Monitoring Infrastructuur” (GLIMI
[7]
Zie www.glimi.nl
). GLIMI is gefinancierd vanuit de subsidieregeling MKB Innovatiestimulering Topsectoren (MIT) van Provincie Zuid Holland. Dit programma beoogt het faciliteren van burgerparticipatie door geluidsomgeving meetbaar, begrijpelijk en hanteerbaar te maken en daarmee de kwaliteit van de leefomgeving te behouden en verbeteren. Het is als het ware de vertaling van burgermetingen naar beleving van geluid.
6.4 Aanpassing indicatoren monitor leefomgeving
In 2022 is de eerste versie van de Monitor Leefomgeving Zuid-Holland formeel door Provinciale Staten vastgesteld. De Monitor Leefomgeving Zuid-Holland is een weergave van de staat van de leefomgeving ‘buiten’ in de Provincie Zuid-Holland. De monitor beschrijft deze staat van de leefomgeving aan de hand van indicatoren, gegroepeerd volgens de thema’s van het Rad van de leefomgeving. Jaarlijks wordt een geactualiseerde versie van de Monitor Leefomgeving aangeboden aan Provinciale Staten, zodat (beleidsrelevante) trends en ontwikkelingen in de leefomgeving zichtbaar worden gemaakt.
Binnen de Monitor Leefomgeving is een indicator opgenomen over geluid. Blootstelling aan geluid dat als hinderlijk wordt ervaren, kan leiden tot slaapgebrek en stress, wat op lange termijn schadelijk is voor de gezondheid. Ook kan geluid negatieve gevolgen hebben voor sommige diersoorten. De wettelijke eisen met betrekking tot geluid zijn opgenomen in diverse wet- en regelgeving, waaronder de wet geluidhinder. Voor de indicator wordt momenteel uitgegaan van berekend geluid langs provinciale wegen. De indicator hanteert daarbij het volgende beoordelingscriterium (scoremethodiek):
Geen knelpunten
De geluidssituatie voldoet aan de wettelijke normen voor de toelaatbare geluidbelasting op geluidgevoelige objecten.
Wisselend knelpunten
Niet gedefinieerd.
Knelpunten
De geluidssituatie voldoet niet aan de wettelijke normen voor de toelaatbare geluidbelasting op geluidgevoelige objecten.
De berekende hoeveelheid geluid is tot dusverre de enige goed beschikbare indicatie van geluidhinder. Idealiter worden daarbij de data van provinciale wegen gecombineerd met data van andere wegen en andere geluidbronnen, zoals railverkeer, vliegverkeer en industrie. Deze aanvullende gegevens zijn echter nog beperkt beschikbaar of lastig te combineren. Daarom wordt op dit moment voor deze indicator alleen uitgegaan van geluid van provinciale wegen. Betere indicatoren vragen naast aanvullende data van berekend geluid ook om aanvullende monitoring. Onder de Omgevingswet gelden nieuwe indicatoren, namelijk de Geluid Productie Plafonds (GPP) zoals die nog door Provinciale Staten moeten worden vastgesteld. Op basis van het aangepaste beleid is het voorstel om het beoordelingscriterium te wijzigen naar:
Geen knelpunten
De geluidssituatie voldoet aan de wettelijke normen voor de toelaatbare geluidbelasting op geluidgevoelige objecten (waaronder geluidproductieplafonds) en er zijn geen geluidklachten over de provinciale wegen.
Wisselend knelpunten
De geluidssituatie voldoet aan de wettelijke normen voor de toelaatbare geluidbelasting op geluidgevoelige objecten (waaronder geluidproductieplafonds), maar er is wel sprake van geluidklachten over de provinciale wegen.
Knelpunten
De geluidssituatie voldoet niet aan de wettelijke normen voor de toelaatbare geluidbelasting op geluidgevoelige objecten (waaronder geluidproductieplafonds).
7Stiltegebieden
7.1 Algemeen
Op basis van de Wet Milieubeheer/Omgevingswet moet de provincie Stiltegebieden aanwijzen. Welke en met welke regelgeving is zij vrij in. De regels in Zuid-Holland richten zich op het verbieden van niet gebiedseigen geluid (geen versterkte muziek of georganiseerde tochten, wel de tractor op de boerderij). Er is geen juridisch relevante norm; wel een streefwaarde van 40 dB. In de praktijk wordt die streefwaarde gemiddeld mogelijk gehaald; er zijn – zo blijkt uit metingen – echter veel momenten dat de streefwaarde wordt overschreden. Dat komt onder meer omdat activiteiten direct grenzend aan stiltegebieden niet door het beleid worden geraakt, evenmin als vliegverkeer of doorsnijdende infrastructuur. Er is geen sprake van actieve handhaving (gegeven het grote areaal is dit erg kostbaar); in de praktijk worden overtreders achteraf (indien vindbaar) aangesproken op hun gedrag.
De oorspronkelijke keuze (in 1987) van de Zuid-Hollandse stiltegebieden is vrij simpel: daar waar geen grotere wegen, bedrijventerreinen en dergelijke liggen is het relatief stil, dus die plekken werden stiltegebied. Stiltegebieden zijn in 2011 voor het laatst aangepast, waarbij één stiltegebied afviel.
Stiltegebieden en nabijgelegen provinciale wegen
7.2 Kwaliteit
De bestaande stiltegebieden variëren in kwaliteit: sommige zijn redelijk stil en natuurrijk (ca. 70% van alle stiltegebieden overlapt met Natura2000 gebieden), andere maken de status van stiltegebied maar beperkt waar (bijvoorbeeld omdat ze onder aanvliegroutes liggen, omdat er een crossterrein in ligt). De stiltegebieden worden desalniettemin gewaardeerd, door bewoners, uitbaters, bezoekers en gemeenten. In sommige gevallen wordt het imago van het gebied ondersteund door het predicaat stiltegebied (Midden-Delfland, Nieuwkoopse Plassen). Generiek geldt dat hoe meer de stilte onder druk staat, hoe belangrijker de stiltegebiedstatus wordt gevonden. Dat betekent dat voor de minst stille stiltegebieden de status het meest belangrijk wordt gevonden en voor de stilste stiltegebieden die status minder belangrijk wordt geacht.
Er worden relatief weinig ontheffingen aangevraagd en relatief weinig overtredingen gemeld. Wel wordt de status “stiltegebied” met enige regelmaat aangegrepen om ruimtelijke ontwikkelingen tegen te gaan. Bij navraag blijkt dat stiltegebieden over het algemeen ook als stil worden ervaren.
7.3 Relatie met weggeluid
De Zuid-Hollandse regels voor stiltegebieden verbieden een aantal geluidsbronnen in het gebied, maar hebben geen werking buiten het gebied. Openbare wegen door of vlak naast een stiltegebied beïnvloeden in veel gevallen de stilte in het gebied. In het overzicht hieronder staat waar geluidbelasting van (grotendeels provinciale) wegen een stiltegebied overlapt.
Nr
Naam stiltegebied
Geluidbelasting > 55 dB Lden [j/n]
1
Stiltegebied Den Haag - Katwijk (Meijendel)
ja
2
Stiltegebied Dordrecht en omstreken (Hollandse Biesbosch)
nee
3
Stiltegebied Grevelingen - Dirksland
nee
4
Stiltegebied Haringvliet - Overflakkee
nee
5
Stiltegebied Hoeksche Waard (Oude Land van Strijen e.o.)
ja
6
Stiltegebied Kop van Goeree (Kwade Hoek)
nee
7
Stiltegebied Vijfheerenlanden
nee
8
Stiltegebied Krimpenerwaard - Alblasserwaard
ja
9
Stiltegebied Leiden - Zoetermeer - Alphen aan den Rijn
nee
10
Stiltegebied Midden-Delfland
ja
11
Stiltegebied Monster (Solleveld)
nee
12
Stiltegebied Nieuwkoop en omstreken
ja
13
Stiltegebied Noordwijk - De Zilk
ja
14
Stiltegebied Reeuwijk (Reeuwijkse plassen e.o)
nee
15
Stiltegebied Rhoon (Albrandswaard)
nee
16
Stiltegebied Voorne's Duin
nee
8Andere geluidbronnen
8.1 Bronnen
Dit Actieplan Geluid richt zich uitsluitend op geluid langs provinciale wegen, met verkeer als bron. In dit hoofdstuk benoemen we voor de volledigheid kort hoe met andere geluidbronnen wordt omgegaan.
Geluid van wegverkeer, en dan met name binnen de bebouwde kom, is in Nederland de belangrijkste bron van geluidhinder in de woonomgeving. Ruim 9% van de volwassenen ondervindt ernstige hinder door geluid van wegverkeer. Geluid van buren staat met ruim 8% op een tweede plaats. Railverkeer en vliegverkeer veroorzaken respectievelijk 2,2 en 4,6% ernstige hinder onder volwassenen in Nederland. 1,9% volwassen Nederlanders zijn ernstig gehinderd door fabrieken en bedrijven.
Lokaal kan de hinder van bepaalde bronnen erg afwijken van het landelijk gemiddelde. In Noord-Holland is het aandeel van de bevolking dat ernstige hinder ondervindt door vliegverkeer vrijwel gelijk aan het aandeel van wegverkeer. Ook in Zuid-Holland zal – met het vliegverkeer van Schiphol en Rotterdam The Hague Airport – vliegverkeer zwaarder scoren dan gemiddeld in Nederland. Voor geluid van fabrieken en bedrijven zal de gemiddelde hinder in Zuid-Holland – en dan met name rond de grotere industrieterreinen – ook hoger liggen dan voor het gemiddelde in Nederland.
Geluid van buren is te lokaal voor een provinciale taak. Voor industrie, waar de provincie voor de bedrijven uit de hogere milieucategorie de vergunning verleent, en voor vliegverkeer, waar de provincie een kleine, maar niet onbelangrijke rol heeft, ligt dat anders.
8.2 Industrie
De provincie Zuid-Holland kent geen industrieterreinen die zij benoemd heeft tot industrieterrein van provinciaal belang. Dat betekent dat haar verantwoordelijkheden – naast een generieke verantwoordelijkheid voor een goede ruimtelijke ordening – vooral samenhangen met haar rol als vergunningverlener, toezichthouder en handhaver.
Rond de Rotterdamse en Dordtse haven participeert de provincie in I-kwadraat, het geluidmodel voor industrielawaai. Daarnaast is zij medeondertekenaar van het Regionaal Afsprakenkader Geluid en Ruimtelijke Ontwikkeling (RAK), waarin geluidverdelingsafspraken tussen industrie en woningbouw staan opgenomen. Tenslotte neemt de provincie deel aan geluidoverleggen in de Rotterdamse haven met als doel evenwicht te creëren tussen leefomgeving, industrie en woningbouw. Nestgeluid – het geluid van afgemeerde schepen – is een vorm van geluid die in deze overleggen de aandacht heeft.
8.3 Luchtvaart
De provincie heeft de verantwoordelijkheid voor de “kleine luchtvaart”: luchthavens niet zijnde de nationale luchthavens Schiphol en Rotterdam The Hague Airport. De hinder van de kleine luchtvaart valt in het niet bij het verkeer van de nationale luchthavens. Met de nationale luchthavens bemoeit de provincie zich met name als vertegenwoordiger van haar bevolking in de overleggen op welke wijze wordt gevlogen: aantallen, routes en tijden. Uitgangspunt is daar hinderbeperking, gegeven de economische functie van de luchthavens.
Voor Rotterdam The Hague Airport verzorgt de provincie ook een burgermeetnetwerk. Daarmee kunnen burgers in kaart brengen waar zij vliegtuiglawaai waarnemen en hinder ervaren.
8.4 Windturbines
In het kader van energiebeleid richt de provincie zich mede op het realiseren van windenergie. De provincie is bevoegd gezag als het gaat om de locatie van grotere windparken. Sommige mensen maken zich zorgen over de gevolgen van deze turbines als deze in de buurt van hun woonomgeving komen te staan. Zij maken zich zorgen over de grootte, horizonvervuiling, slagschaduw en geluidhinder. De zorgen hebben vaak ook betrekking op de effecten van windturbines op de gezondheid van omwonenden. Provincies, gemeenten, Rijk, GGD en het RIVM werken samen aan meer onderzoek naar gezondheid bij windparken en het beter toegankelijk maken van informatie hierover. Het is goed denkbaar dat kennis over geluidbeleving zoals die in het kader van het Actieplan Geluid provinciale wegen ontstaat, bruikbaar is in dossiers als windenergie.
9Financiën
Voor het Actieplan Geluid moet budget worden opgenomen in de begroting waaronder het PZI (infrastructurele maatregelen). Het PZI bevat een overzicht van de onderzoeken en projecten voor nieuwbouw, verbetering en onderhoud van infrastructuur, inclusief de daarbij horende budgetten en reserveringen. De provincie kan niet alle behoeften en wensen ten aanzien van infrastructuur aanpakken. Investeringsbudget en menskracht zijn beperkt en maken prioritering nodig. Deze prioritering is uiteindelijk een bestuurlijke keuze.
Voor de uitvoering van het Actieplan Geluid 2024-2029 zijn middelen nodig voor:
● Financiering van de meerkosten van nieuw aangelegd stil asfalt ten opzichte van regulier asfalt8;
● De kosten van geluidschermen;
● De kosten van andere geluidbeperkende maatregelen9;
● Een meetprogramma van feitelijk geluid en beleefd geluid langs provinciale wegen;
● De kosten van akoestisch en leefomgevingsonderzoek naar aanleiding van geluidklachten van burgers die naast een provinciale weg wonen;
● De kosten van leefomgeving verbeterende maatregelen voor zover deze een directe oplossende relatie hebben met ervaren geluidoverlast.
Geluidonderzoek voor door de provincie Zuid-Holland zelf geïnitieerde nieuwbouw, verbetering en onderhoud van infrastructuur behoort nadrukkelijk tot de scope van de desbetreffende projecten, ook wanneer deze een in het Actieplan Geluid genoemd knelpunt betreffen (en dus maatregelen vragen die verder gaan dan wettelijk is vereist). Daarmee wordt dit geluidonderzoek niet gefinancierd vanuit het Actieplan Geluid.
Op dit moment zijn de middelen voor het Actieplan Geluid beperkt. Voor structurele kosten (met name stil asfalt) zijn de middelen niet beschikbaar. Voor dat deel van de maatregelen die investeringskosten vragen (met name geluidsschermen) kunnen middelen worden ingezet die gereserveerd staan voor toekomstige overschrijdingen van geluidproductieplafonds. Die overschrijdingen worden niet eerder verwacht dan in 2030; het echter nu al investeren in geluidmaatregelen betekent dat ook nu al de positieve effecten van die geluidmaatregelen kunnen worden geïncasseerd. Daarbij vraagt deze investering om het koppelen van bestaande geluidsklachten, fysieke mogelijkheden langs provinciale wegen (niet overal passen geluidsschermen) en verwachte overschrijdingen. Voor experimenten met een meetprogramma wordt vooral gekeken naar bestaande beleidsmiddelen voor geluid. Voor een klachten gerelateerde regeling zal gezocht worden naar herprioriteringsmogelijkheden in het programma mobiliteit. Een laatste mogelijkheid betreft de inzet van de zogenaamde coalitieakkoordmiddelen, waarover nog besluitvorming moet plaatsvinden.
10Het vervolgproces
10.1 Van Ontwerp Actieplan Geluid naar Actieplan Geluid
Dit Actieplan moet door Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland worden vastgesteld. Op de voorbereiding van het Actieplan past de Provincie afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht toe. In verband daarmee wordt het Actieplan Geluid ter inzage gelegd bij het provinciehuis. Daaraan voorafgaand is het Actieplan Geluid gepubliceerd in het provinciaal blad, op de provinciale website in “het loket” onder bekendmakingen en is een groot aantal inwoners die eerder hadden aangegeven last te hebben van verkeerslawaai door middel van een email op het Actieplan gewezen.
Vervolgens is er, na de openbaarmaking, een termijn van zes weken gehanteerd waarbij iedereen zijn mening kan geven (zienswijze indienen). De nota van beantwoording op de zienswijzen is toegevoegd aan het Actieplan; daarbij is gekozen voor de volgende systematiek:
● De zienswijzen worden kort samengevat. De volledige zienswijze komt in een bijlage;
● Op elk onderdeel van de zienswijze wordt een reactie gegeven. Daarbij wordt aangegeven of de zienswijze tot een wijziging van het Actieplan heeft geleid;
Het Actieplan, inclusief wijzigingen en beantwoording van zienswijzen (samengevat in een Nota van Beantwoording) vormt vervolgens het Actieplan Geluid 2024-2029. Dit wordt vastgesteld door Gedeputeerde Staten en via dezelfde media als het Actieplan Geluid kenbaar gemaakt en gepubliceerd. Ook zullen degenen die in het kader van de inspraak hebben gereageerd op het Actieplan Geluid een exemplaar van deze nota van beantwoording en van het Actieplan Geluid 2024-2029 ontvangen. Tot slot ontvangt de minister van Infrastructuur en Waterstaat een digitaal exemplaar.
10.2 Van Actieplan Geluid naar Uitvoeringsplan
In het Actieplan Geluid is het beleid opgenomen hoe maatregelen om geluidhinder te beperken worden bepaald. In het Uitvoeringsplan Geluid worden deze beleidsuitgangspunten op basis van berekeningen en metingen in maatregelen uitgewerkt.
De volgorde van te onderzoeken locaties is bepaald door de prioriteit van een locatie. Een aanpassing van de programmering van Beheer en Onderhoud van het wegennet kan leiden tot een herprioritering. Mogelijkheden om werk met werk te maken kunnen daardoor namelijk naar voren komen of juist vervallen. Het Uitvoeringsplan Geluid wordt daarom bij elke wijziging van het onderhoudsprogramma geactualiseerd.
10.3 Van Uitvoeringsplan naar uitvoering
Vanaf het moment dat een locatie nader wordt onderzocht, worden Burgemeester en Wethouders van de desbetreffende gemeente(n) en eventueel Waterschappen geïnformeerd over het onderzoek. Dit is tegelijkertijd een geschikt moment om na te gaan of er synergievoordelen te behalen zijn bij een gezamenlijke aanpak. Provinciale, waterschaps- en gemeentelijke wegen sluiten immers op elkaar aan, hetgeen de mogelijkheid geeft maatregelen op de wegennetten op elkaar af te stemmen.
Zodra de uitwerking meer concreet is, wordt steeds aandacht aan communicatie met de omgeving besteed. Tijdens voorlichtingsavonden voor bewoners worden de plannen besproken. Alle aspecten van de weg komen aan de orde, zoals verkeersveiligheid, fietspaden, verlichting en de aanpak van de geluidsoverlast van het wegverkeer op de betreffende weg.
10.4 Van uitvoering naar monitoring
dere twee jaar wordt een monitoring uitgevoerd om de resultaten van het Actieplan Geluid 2023-2028 in beeld te brengen. De bedoeling is dat deze activiteiten in 2023 een aanvang nemen. Monitoring van het Actieplan dient drie doelen:
1Ten eerste om het effect van geluidreducerende maatregelen op de geluidbelasting in beeld te brengen. In het bijzonder wordt onderzocht wat de invloed is van de maatregelen op het aantal blootgestelde woningen;
2Ten tweede om de effecten van de getroffen geluidmaatregelen op de kosten van planmatig beheer en onderhoud inzichtelijk te maken;
3Ten derde om de gekozen systematiek met klachten gerelateerde knelpunten nauwlettend te volgen.
Bijlage A
Beschrijving van het concept doelmatigheidscriterium
Het doelmatigheidscriterium is nog slechts in conceptvorm beschikbaar. Dat komt omdat er nog een afstemming plaatsvindt met de door gemeenten in Zuid-Holland gehanteerde doelmatigheidscriteria. Het doelmatigheidscriterium bestaat uit een baten- en een kostencomponent. Zodra de baten groter of gelijk zijn aan de kosten is een maatregel doelmatig.
De bepaling van de baten gebeurt op basis van de geluidbelasting op een geluidgevoelige bestemming zonder geluidmaatregelen. Afhankelijk van de geluidbelasting wordt een normbedrag voor geluidmaatregelen bepaald. Hoe hoger de geluidbelasting, hoe hoger het bedrag.
In tabel C1 zijn de normbedragen per waarde van de geluidbelasting opgenomen. De normbedragen gelden voor woningen. Voor andere geluidgevoelige bestemmingen wordt eerst een equivalent aantal woningen berekend. Dit gebeurt door de lengte van de projectie van de geluidbelaste gevel op de weg te bepalen en dit getal te delen door 15 meter.
De normbedragen zijn per cluster opgeteld. Een cluster is daarbij tot stand gekomen door per geluidgevoelige bestemming met budget, dit budget te verdelen over een 2D zichthoek op de weg. Overlappende budgetten zijn samengevoegd tot één budget c.q. cluster.
De bepaling van de kosten gebeurt aan de hand van een kostentabel waarin standaardkosten voor geluidmaatregelen zoals een stiller wegdek zijn opgenomen. Deze kosten zijn opgenomen in tabel C2, C3 en C4.
Tabel C1 Bepaling budget
Geluidsbelasting [dB]
Budget per woning
56
€ 18,000.00
57
€ 19,800.00
58
€ 21,600.00
59
€ 23,400.00
60
€ 24,600.00
61
€ 26,400.00
62
€ 28,200.00
63
€ 30,000.00
64
€ 46,800.00
65
€ 48,600.00
66
€ 50,400.00
67
€ 51,600.00
68
€ 53,400.00
69
€ 55,200.00
70
€ 57,000.00
71
€ 58,800.00
72
€ 60,600.00
73
€ 62,400.00
74
€ 63,600.00
75
€ 65,400.00
76
€ 67,200.00
77
€ 69,000.00
78
€ 70,800.00
79
€ 72,600.00
80
€ 74,400.00
81
€ 75,600.00
82
€ 77,400.00
83
€ 79,200.00
Tabel C2 Bronmaatregelen, de randvoorwaarden en de kosten
Omschrijving bronmaatregel
Randvoorwaarden
Kosten
SMA
geen
€ 0.00 per m2 t.o.v. DAB
Dunne deklagen A
-geen wringend of remmend verkeer
-minimaal 500 meter
-snelheid niet boven 80 km per uur
€ 105.00 per m2 t.o.v. DAB
Dunne deklagen B
-geen wringend of remmend verkeer
-minimaal 500 meter
-snelheid niet boven 80 km per uur
€ 105.00 per m2 t.o.v. DAB
1L ZOAB
-geen wringend of remmend verkeer
-minimaal 500 meter
-snelheid meer dan 70 km per uur
€ 120.00 per m2 t.o.v. DAB
2L ZOAB
-geen wringend of remmend verkeer
-minimaal 500 meter
-snelheid meer dan 70 km per uur
€ 150.00 per m2 t.o.v. DAB
Tabel C3 Overdrachtsmaatregelen en de kosten
Overdrachtsmaatregel
Kosten per strekkende meter
Geluidsscherm 1 m hoog
€ 500.00
Geluidsscherm 2 m hoog
€ 1,000.00
Geluidsscherm 3 m hoog
€ 1,500.00
Geluidsscherm 4 m hoog
€ 2,000.00
Geluidsscherm 5 m hoog
€ 2,500.00
Geluidsscherm 6 m hoog
€ 3,000.00
Geluidsscherm 7 m hoog
€ 3,500.00
Geluidsscherm 8 m hoog
€ 4,000.00
Geluidsscherm 9 m hoog
€ 4,500.00
Geluidsscherm 10 m hoog
€ 5,000.00
Tabel C4 Gevelisolatie, kosten per woning
Te behalen reductie (dB)
Kosten per woning
18
€ 1,240.00
19
€ 1,240.00
20
€ 1,240.00
21
€ 1,240.00
22
€ 1,240.00
23
€ 7,957.00
24
€ 7,957.00
25
€ 12,420.00
26
€ 12,420.00
27
€ 12,787.00
28
€ 12,787.00
29
€ 12,940.00
30
€ 12,940.00
31
€ 15,307.00
32
€ 15,307.00
33
€ 15,307.00
34
€ 15,307.00
35
€ 15,307.00
36
€ 15,307.00
37
€ 15,307.00
38
€ 15,307.00
39
€ 15,307.00
40
€ 15,307.00
Bijlage B
klachtenoverzicht
Klachtenoverzicht provinciale wegen vanaf 2018
Geanonimiseerde versie tot 21-11-2023
Weg(N)
toevoeging
Hm/locatie
N206a
geluidscherm
Hm 4,2
Meerlaan Leidschendam
N206b
Zorgen over verbreding ivm Rijnlandroute
Vrouwenweg te Leiden
Hm 9,2-10,0
N206b
Geluidoverlast van verkeer. Men wil stil asfalt en/of verhoging scherm
Zoeterwoude
Hm 7,0-8,6
N206b
Geluidoverlast van geparkeerde vrachtauto’s
Zoeterwoude
Hm 7,7
N206b
Geluid verkeer
Zoeterwoude
Hm 7,0-8,6
N206c
Snelheid verkeer
Katwijk
Hm 20,9
N206d
Noordwijkerhout
Vlashoven Hm27,2
N206d
geluidscherm
Noordwijkerhout Beltmolen
Hm 27,98
N206
Raadsvragen
Katwijk van uitwatering tot Noordwijk
N206d
Petitie wegens overlast geluid ondertekend door 302 bewoners en fractie CDA. Men wil geluidschermen met behoud van groen en toepassing zonnepanelen
Bewoond gebied door Noordwijkerhout
Hm 27,5-29,5
N206d
Overlast binnen klaslokaal bij open ramen vanwege ventilatie
Ambachtsweg Noordwijkerhout
Hm 27,9
N206d
Overlast geluid verkeer. Vraagt om een geluidwal
Nieuwe Duinstraat Noordwijkerhout
Hm 28,7
N206d
Geen klacht. Melder wil investeren in zonnepanelen op een eventueel scherm
Havenstraat Noordwijkerhout
Hm 28,7
N206c
Degeneratie stil asfalt, Asfalt slecht, te hoge snelheid, te veel verkeer en scherm te laag. Steeds meer herrie van de brug
Vloedstroom Katwijk
Thv hm 20,9 afslag
N206 Nieuwe Roversbrug
Geluidoverlast van de brug
Mallebrugge
Katwijk
N206c
Overlast verkeer,
Waarom is 100km/uur nodig
Zeester Katwijk
Thv hm 21,35
N206c
Overlast voornamelijk motoren. Waarom is 100km/uur nodig terwijl rest 80 km/uur is
Zeester
Hm 21,3
N206c
Overlast door verkeer. Bewoners willen geluidscherm
Wijk Cleijn Duin Katwijk
Hm 20,0-20,2
N206c
Bromgeluid en trilling
Katwijk
2224 GV
N206c
Hinder door verkeer graag geluidwal
Tweede melding
Hinder door verkeer. Graag snelheid naar 50 km/uur
Kerkstraat Katwijk Hm 19,7
Woning ligt ingebouwd tussen N206 en de Rijnstraat
N206c
Overlast door verkeer. Tijdelijke maatregel gewenst door gemeente Katwijk
Wijk Tranendal
Hm 19,0-19,6.
N206c
Bewoner wil graag geluidwal en in gesprek met PZH
Wijk Tranendal
Hm 19,0-19,6
N206c
Geen controle van politie op snelheid en lawaai
Baron van Wassenaerlaan Tranendal Katwijk
Hm 19,0-19,6
N206c
Overlast optrekkend verkeer bij kruispunt. Wil een scherm. Nieuwbouw
Wijk Watermunt Katwijk
Hm= 18,8
N206c
Geluidoverlast, co2 uitstoot, ventilatie, apv, geluidflitspaal
Aanwonende aan N206 te Katwijk
N206b
Vrees voor hinder bij verbreding weg
Delftse Jaagpad Leiden
Hm 10,3- 10,5 Torenflat en op afstand van de weg en is volledig ingebouwd
N207b
Overlast in de nacht/ochtend vrachtverkeer met open uitlaat. Wil meting voor aanpassingen
Texellaan Gouda
Hm 17,7 Nieuwbouw uit 2017
N207
Na vernieuwing N207 geluidhinder van wegmarkering
Gouderaksedijk Gouda
Hm = 15,0?
N207
Geluid verkeer meerdere meldingen
Hm 21,6-22,0 Nieuwe
Gouwe Oostzijde, Goudseweg
Hm 14,5 Westergouwe Gouda
N207b
Geluid verkeer
Biezen Boskoop
Hm 28,1-29,0
N207b
Ondanks 60km/uur rijdt verkeer veel harder. Wil terug naar 50km/uur
Tussen bebouwde kom Boskoop en rotonde halve raak Hm 28,3-29,1
N207b
Door flitspaal steeds afremmen en optrekken, te hoge snelheid, overlast verkeer. Wil scherm oid
Ridderbuurt Boskoop
Hm 28,7
N207b
Optrekken van 50 naar 80 geeft overlast
Gouwepark Sluiseiland
N207c
Vraag van klager welke maatregelen worden genomen tegen geluid
Noordkade Waddinxveen
Hm 25,4
N207d
Verzakte geluidwal
Koraalzwam/Ridderveld Alphen a/d Rijn
Hm 37,8-38,0
N207d
Geluiddemping weg van leeggelopen wal
Vanuit Kruisweg afslag richting Alphen aan den Rijn. Nabij Hm 39,35 over grote lengte mogelijk aan weerszijde van de weg
N207d
Geluidoverlast opnieuw gelegd asfalt en niet doorgetrokken geluidwal
Steekterweg Alphen aan den Rijn
Hmp 32,9
N207e
Geluidoverlast door verzakte geluidwal. Wens is de oorspronkelijke hoogte van wal
Elzekrulzoom Alpen aan den Rijn
Hm 38,3
N207f
Overlast verkeer. Wil maatregelen aan woning.
Inmiddels 22-10-2021 wil deze melder ook een scherm
Noordeinde Leimuiden
Hm 48,1
Einde grens PZH
N207f
Overlast van verkeer. Wil een scherm. Voorziene Geluidvangrail komt niet tot zijn huis
Noordeinde Leimuiden
Hm 48.1
N207f
Geluidoverlast en fijnstof
Leimuiden
Adres onbekend
N208a/N443a
Toenemende overlast verkeer
Sassenheim Gem. Teylingen
Thv N443 hm 4.4 N208 hm 7.25 bij rotonde)
N208a
Toenemende overlast verkeer, geluid en fijnstof
Wil rondweg
Pallandtlaan Sassenheim
Hm 7,2
N208a
Doortrekken geluidswal, Geluidoverlast door verkeer
W. Warnaarlaan Sassenheim
hm 6,8
N208b
Slecht wegdek daardoor overlast
Achterweg Lisse
Hm = 10,6
N208b
Overlast van verkeer ondanks scherm. Wil stil asfalt en absorberende scherm
Von Bonninghausenlaan te Lisse
Hm 11,4
N208b
Trillingen zwaar verkeer bij overgang inrit Shell
Leidsestraat Hillegom
Hm = 13,8
N209b
Overmatig overlast verkeerslawaai.
Willen zoals noordzijde (sanering?) ook een scherm.
Bewonersorganisatie Hoeksekade te Bergschenhoek Gemeente Lansingerland
Hm 7,6
N209b
Verzoek scherm zoals andere zijde
Hoeksekade Bergschenhoek
Hm 7,6
N209b
Te hard rijdend verkeer, toename verkeer vooral vrachtauto’s, wil laag scherm
Tussen Ankie Verbeek Ohrlaan en afslag Bergschenhoek Hm 5,3-6,5
N209b
Overlast verkeer, motoren, gevaarlijke situaties. Men wil snelheid verlagen en flitspalen en scherm
Jan Steenstraat Bleiswijk
Hm 10,9
N209b
Radiostilte over geluidwal in Bleiswijk?
Groenewegen Bleiswijk
Hm 11,9
N209b
Overlast zwaar verkeer wil graag geluidscherm
Bleiswijk Hoefweg
Hm 12,7
N209c
Verkeer hoorbaar/geen open raam
Hm= 15,4-17,0
Zoetermeer
N209c
Toename geluidhinder door te snel rijdende auto’s en vooral motoren. Wil controle, flitspalen
Wijk Oosterheem Zoetermeer
Hm = 15,4 17,0
N209d
Hinder door toenemend verkeer
Kromme Jaagpad Hazerswoude
Dorp. Hm 24,5
N209d
Toenemend verkeer, brug slecht, weg onverzorgd met onkruid wil 30km
Burg. Warnaarskade
Hm 23,3
N209d
Door trillingen vrachtverkeer schade aan huis
Gemeneweg Hazerswoude Dorp
Hm 23,2
N210a
Verkeer overlast
Wil stil asfalt en 50 km/uur
Fort Honswijk Krimpen a/d Ijssel
Hm = 1,8
N210a
Verkeer overlast
Krimpen ad Ijssel
Thv hm 0,3 -1,0
N210b
Verkeer overlast
Met name ook vracht
Schoonhoven
Robert Kochlaan Hm 18,7
N210b
Overlast van toename verkeer
Bergambacht/Gem. Krimperwaard
Kerksingel Hm 14,4
N210b
Overlast verkeer, snelheid is 80 km/uur moet lager, geluidwal, flitspaal
Bergambacht
Hm 14,4-15,3
N210b
Overlast (hobbel)brug ter hoogte Smits autohandel en Quawonen (was eerst weg maar nu steeds erger)
Appartementen Sleedoorn Bergambacht
Hm 14,4-15,3
N210b
Herrie en vervuiling is buiten de norm en snelheid is te hoog van motorvoertuigen
tussen twee rotondes in Bergambacht. Appartementen. Hm 14,4-14,5
N210b
Snelheidsverlaging ivm geluid en stikstof
Krimperwaard
Hm 14,4-15,3
N210b
Overlast motoren
Krimpenerwaard Lopikerweg Schoonhoven
Hm = 20,3
N211d
Overlast Wippolderlaan
Koningsspil Wateringen
Hm 19,5
N211b
Overlast bij rotonde van motoren en zwaar verkeer
Havenstraat Monster
Hm = 10,1
N211b
Overlast verkeer
Wil maatregelen aan huis zoals triple glas
Emmastraat Monster
Hm 10,4
N211b
Overlast door toename verkeer. Willen isolerende voorzieningen, scherm/bomen voor tuin en weghalen verkeersteller, vraagt subsidie
Emmastraat Monster
Hm 10,3
N211c
Overlast verkeer, scherm te laag
Wijk Suijderveld thv KMD
Hm 18,9
N211/A4
geluidoverlast
Laan van Wateringseveld
Hm 21,9
N213b
Geluidoverlast,
Wil scherm als bij karting n211 hm 14,7
Nieuweweg Honselersdijk
Hm 9,8
N213b
Geluidoverlast van hard rijdende en optrekkende voertuigen bij kruising
Naaldwijk Dreeslaan
Hm 8,1-8,2
N213b
Overlast te hard rijdende voertuigen, motoren met open uitlaat
Naaldwijk Dijkweg
Hm 8,3
N213b
Voornamelijk te hard rijdende motoren. Wil flitsers
Naaldwijk Dreeslaan
Hm 7,1 300 meter van weg!
N215b
Doortrekken geluidwal meerdere klachten
Hm 19,1-19,2 Pimpelmees Sommelsdijk
Kruising Sommelsdijk Hm 19,6
N215b
Wal is verzakt
geluidoverlast
Pimpelmees Sommelsdijk
Hm 19,3-19,4
N216b
belijning
Veersedijk Groot Ammers
Hm 14,5
N216b
Overlast verkeer, nieuwe belijning Dot (3d) en verwijderde flitspalen
Goudriaan
Hm 10,1-10,3
N217c
Overlast verkeer
Maasdam Locatie Fazant
Hm 23,0
N217c
Overlast verkeer ondanks lage geluidwal
Maasdam Vliet Hoekse Waard
Hm 22,6
N217a
Overlast nieuw stil wegdek (=modus)
Jordaensdreef Oud-Beijerland
Thv hm 9,2
N217a
Overlast verkeer
Groeneweg tussen rotondes Randweg en Langeweg, Frans Halslaan Oud Beijerland hm 8,6
N217a
Overlast verkeer
Spuidijk Nieuw Beijerland
Hm = 6,2
N217c
Turborotonde
Kruising Sportlaan Maasdam hm 22,4
N217c
verzakte geluidwal
Fazant te Maasdam hm 23,0
N217d
verzoek stil asfalt
Hm 25.7
Maasdamseweg Gravendeel
N217d
Overlast Maasdamseweg,
Wat zijn de max. geluidnormen
Narcisstraat ’s Gravendeel
Hm 26,3
N217d
Wal tussen H. Hamerstraat en rotonde is verzakt.
Wil ophoging of scherm, verkeeroverlast
Zonnebloemlaan S Gravendeel
Hm 26,7
N217e
Overlast verkeer. Vraagt om absorptie
s‘Gravendeel
Hm = 27,5
N218a
Overlast door verkeer in Hartelpark. Een geluidwal overwegen
Hartelpark Spijkenisse
Hm 1,7-2,1
N218b
Overlast toename vekeer, willen scherm of wal
Spuikade Geervliet
Hm 5,5
N218b
Geluidsoverlast door druk verkeer
Ossewei Zwartewaal
Hm 9,8
N218c
Overlast verkeer plaatsen haag (op eigen grond)
Kleidijk Oostvoorne
Hmp 17,9
N218c
Overlast van verkeer en met name vrachauto’s
Wil scherm met snelheidcontrole
Wijk Rugge in Brielle
Hm 14,4-15,1
N218c
Overlast verkeer,
Wil snelheid lager of wal/scherm
Schrijverdijk Brielle
Hm 15,5
N219a
Geluidwal
Maatregelen tot 7,3
Hm 7,5 Hertenkruid
Nieuwekerk a/d Ijssel 200m tot weg
N219a
Doortrekken geluidwal
Esse Zoom Hoog
Straat Donge
N219a
Hobbel in de weg
Vanuit Capelle naar Nieuwerkerk a/d ijssel nabij rotonde scheve overweg
N219b/
Onderweg
Doortrekken saneringsscherm
Ter hoogte Onderweg
Thv Hm 9,6/9,7
N219a/
Gravenweg
Geluidwal gewenst tegen overlast
Nieuwerkerk ad Ijssel
hm 4,3-7,2
N219a
Hard optrekkende motoren en knallende uitlaten
’s Gravenweg Nieuwerkerk a/d Ijssel
Hm 4,4-5,2
N219a
Slecht wegdek, geluidoverlast, enquête ingevuld verder niets gehoord, wil gesprek
’s Gravenweg Nieuwerkerk a/d Ijssel
Hm 3,5
N219a
Overlast motoren en zwaar verkeer na rotonde richting Capelle
Donge Nieuwerkerk a/d Ijssel
Hm 4,4
N219a
Geluidoverlast
Geluidwal verzakt door inklinken en gaten
Hm 5,8-6,2
Nieuwerkerk ad Ijssel/Veldewater
N219b
Geluidoverlast, gevaarlijke situatie, wil een geluidwal
Nieuwerkerk ad ijssel/ 1e Tochtweg
Hm 8,2-9,4
N219b
Toenemende hinder door verkeer
1eTochtweg
Nieuwerkerk a/d Ijssel hm 8,5
N219b
Geluidoverlast, gevaarlijke situatie.
Zie hierboven.
Nieuwerkerk ad Ijssel/1e Tochtweg
Hm 8,2-9,4
N219b
Ondanks grondwal overlast grote groepen motoren in weekend, Wenst bebording
’s Gravenwal Zevenhuizen
Hm 11,3
N219b
Extra overlast door scherm voor andere zijde.
Wil verhoging van scherm aan eigen zijde
Knibbelweg Zevenhuizen
Hm 11.9
N219c
Overlast van verkeer maar vooral vrachtauto’s
Nieuwbouw wil controle Lden
Gravensteen Zevenhuizen
Hm = 11,8
N222a
Overlast zwaar verkeer ondanks scherm
Honselersdijk Harteveldlaan
Hm 4.86
N223b
Overlast verkeer
Is gesaneerd, wil geen scherm er ligt ZSA
Hm 8,2-8,3
N223b
Overlast verkeer hoge pieken bij metingen
De Lier
Hm = 10,8-10,9
N223a
Overlast verkeer, optrekkende en hard rijdende motoren
Maasdijk Hoeksebaan
Hm 5,9
N228a
Overlast verkeer
Provincialeweg West Haastrecht
Hm 1,9-2,0
N228a
Overlast in de tuin van optrekkende voertuigen. Wil een scherm. Sanering is uitgevoerd. Binnen geen last
Marktveld Haastrecht
Hm 3,9
N228a
Overlast van nieuwe belijning
Tussen Haastrecht en Gouda langs N228a
N231b
Overlast verkeer
Wenst gevelisolatie
WP Speelmanweg Nieuwveen
Hm 11,2
N440a
Overlast door verkeer. Willen doortrekken geluidscherm
Zijdeweg Wassenaar
Hm 13,6
N442a
Geluidoverlast en te hard rijden
Hoogduinweg
De Zilk hm 2,2
N442a
Harder geluid sinds nieuw asfalt 2016
Beeklaan
De Zilk hm 1,6
N442a
Veel zwaar verkeer waardoor geluidoverlast
Hoogduinseweg/
Beeklaan
N443a
Doortrekken geluidwal meerdere klachten
Carolus Clusiuslaan Sassenheim
Plattanderlaan Hm 4,0
N443a
Trillingen en geluid worden steeds meer. Geen goede fundatie weg
s-Gravendamseweg Noorwijkerhout
hm 1,5-1,6
N444a
Overlast geluid
Wijk clinckenburgh Oegstgeest
Hm 0,5-0,8
N444a
Overlast van verkeer. Wil graag een scherm
Jan van Ruusbroeclaan
Hm 0,3-0,4
N446c
Wil van 80 naar 50 plus drempels
Hm 11,7 Kruisweg Woubrugge
N447b
Geluidoverlast verkeer
Appololaan Leiden
Hm 8,9-10,9
N447b
Voorstel beplanting middenberm
Appololaan Leiden
Hm 8,9-10,9
N447b
Geluidoverlast en fijnstof. Wil namens bewoners snelheid naar 50 km/uur en wegversmalling
Bewoners Appollolaan Leiden
Hm 8,8-9,1
N447b
Geluidoverlast verkeer
De Hooghkamer Voorschoten hm 8,1-8,0
N447b
Overlast verkeer, wil max 50 km/uur
Hooghkamer Voorschoten
Thv hm 8.3
N446c/
Overlast door verkeer en groepen motoren
Mogelijk een scherm. Wil meebetalen aan oplossing
Boddens Hossangweg Woubrugge
Thv hm 9.5
N454a
Overlast vrachtauto’s en voertuigen met sirene. Geluidwal gewenst
Waddinxveen ter hoogte van Kanaaldijk naar Kanaalstraat en st. Victorstraat
Hm 1,0-1,5
N455a
Steeds meer overlast van toename verkeer en met name vrachtauto’s en snelheid
Hoogeveenseweg Hazerswoude- dorp
Hm 1,3-1,4
N457
Overlast van nieuwe wegbelijning
Tweede Bloksweg Waddinxveen
Hm 5,0-5,1
N458a
Overlast van steeds drukker (vracht)verkeer
Wil stil asfalt
Burgemeester Kremerweg Bodegraven
Hm 39,9-43,2
N458a
Geluidoverlast en te hard rijden
Burgemeester Kremerweg Bodegraven
Hm 39,9-43,2
N460a
Trillingen in huis door kuil in de weg
Prinses Marijkestraat ter Aar
Hm 5,8
N461a
Geluidoverlast van de weg, te hard gereden, bij regen water voor de oprit
Westkanaalweg Ter Aar
hm 6,1-6,2
N463
Geluidsoverlast verkeer, diffractoren mogelijk
Adres onbekend
N464a
Overlast verkeer, optrekkende vrachtauto’s, afgebrokkelde druivenmuur (Rm)
Leifruit Wateringen
Thv hm. 4.3
N464a
Verzakt asfalt trillingen en scheuren in woning
Poeldijkseweg Wateringen
Hm 4,45
N464a
Geluidoverlast verkeer, wil geluidwal, drempels, flitsers
Wateringseweg Poeldijk
Thv hm 2,95
N464a
Geluidoverlast geparkeerde vrachtauto’s met koelmotor aan bij voormalige bushalte
Wateringseweg Poeldijk
Thv hm 3,65
N466a
Geluidoverlast vrachtverkeer
Middel Broekweg Honselersdijk
Hm 4,2
N467b
Volgens DBI ligt er DGD. Verkeer overlast in de tuin
Hm 2,3-2,4
Dijckerwaal Gravenzande
N468a
Stil asfalt
Hm 10,1-16,9
N470a
Overlast rotonde en fietspaden
Kloosterkade Delft
Hm 5.4
N470a
Overlast LFG, ODH heeft onderzoek gedaan maar bron niet gevonden
Tanthof Delft
N470a
Klacht over te hard rijdende en getunede motorvoertuigen
Wil handhaving en controle
Burgemeestersrand Delft. Er staat een geluidscherm en DGD
Hm 1,4-2,0
N470a
Na vervanging geluidsmuur overlast
Spiegelmakersstraat Delfgauw
Hm 5,7
N470c
Overlast motoren
Marineblauw Zoetermeer
Hm 16,5
N470b
Overlast motoren, suggestie klager: Pas de rotonde aan zodat deze niet uitnodigt om met motor in te halen over de rotonde
Rotonde Zijdeweg
Pijnacker
Hm 11,7
N471b
Wil grondwal laten aanleggen. Zou door RWS worden betaald?
Rodenrijseweg Berkel en Rodenrijs
Hm 2,7
N471b
Overlast toenemend verkeer en ook reflecties via gebouwen langs de weg
Laan van Koot Berkel en Rodenrijs
Hm = 3,4
N472
Klapwijkse Eilanden Berkel en rodenrijs
N474a/
Overlast verkeer, snelheid te hoog
Krimpenerbosweg Hoge Vijver
Hm 0,5
N474a/Krimpenerbosweg
Overlast door veel sluipverkeer en hoge snelheid. Melder wil SID
Hm 0,5
Hoge Vijver
N478a
Overlast verkeer en te snel rijdende voertuigen met name motoren
Veerweg Bergambacht
Hm 10,1-11,1
N478a
Overlast verkeer
Wil stil asfalt
Hoektoren Bergambacht
Hm = 10,4
N489a
Overlast verkeer
Hm 4,7
Maasweg Mijnsheerenland
N491a
Wil bord a la N210 met matig uw snelheid ivm overlast
De Heul Maasdam
Hm 6,0
N491a
De Heul Maasdam
Hm 6,0
N491a
Overlast verkeer met name vrachtauto’s van Technische Unie in de ochtend
Poelwijk Maasdam
Hm 6,0
N492a
Welke maatregelen om geluid te beperken
Groene Kruisweg
Hm 2,0-4,4
N492a
Overlast recent aangelegde detectielussen
Prins Bernhardstraat Poortugaal
Hmp 4,7
N492a
Te hard rijdende motoren en auto’s
Kerkstraat Poortugaal
hm 4,9
N492a
Vraagt naar normen vanwege geluid- en stank en vervuiling overlast
Groene Kruisweg thv Hoogvliet
Hm 6,4
N492a
Geluidwal afgewezen wegens ondoelm.
Achterdijk Rhoon
Hm 1,5
N492
Overlast van verkeer en te hard rijdend
Hostapad Spijkenisse
N493a
Overlast van motoren
Westersingel
Spijkenisse
N493 Groene Kruisweg
Geluidoverlast
Zijstraat Rozenlaan
N496a
Wil verkeersdrempel en politie handhaving
Rockanjesedijk Rockanje
Hm 5,4
N497a
Overlast van racende motoren
N497a en Haringvlietweg
Voorweg Hellevoetsluis
Hm 11,3 (rotonde)
N498b
Geluidoverlast
Oudelandsedijk Oude-Tonge
Thv hm 29.0
Wilhelminabrug
Hoge Rijndijk Leiden
Overlast door trillingen na onderhoud brug
Hoge Rijndijk en Hoge Rijndijk
Brug over de Oude Rijn A44
Geluidsoverlast
Katwijk
Vijfgatenbrug
Trillingen en geluidoverlast
Ter Aar
Ziendebrug
Overlast overgangen brug wegdek na renovatie november 2019
Zwammerdam
Lindehovenstraat
Hooghkamerbrug (N447 te Voorschoten/Leiden)
Overlast van brug
Wanneer wordt onderhoud gestart? Overlast van voegovergangen
Voorschoten
Hm 8,3
Meer treinen tussen Leiden-Utrecht
Overlast piepende treinen in de bochten
Leiden
Alle wegen
‘Te luid is uit’
Borden plaatsen
Motorrijdersactiegroep MAG
Bijlage C
knelpunten Actieplan Geluid 2018-2023
Wegnummer
Plaats
Van [hm]
Tot [hm]
Afname aantal
gehinderden [st]
N470
Delft
3,1
3,1
7
N489
Mijnsheerenland
3,8
3,8
1
N444
Oegstgeest
1,2
1,4
23
N207
Bergambacht
5,1
5,8
52
N489
Mijnsheerenland
2,6
2,9
14
N468
Schipluiden
14,8
15,2
23
N210
Krimpen aan den IJssel
0,4
1
50
N444
Voorhout
3,6
4,4
62
N492
Hoogvliet Rotterdam
6,4
6,5
8
N468
Schipluiden
15,6
16
10
N492
Poortugaal
4,9
5
3
N492
Hoogvliet Rotterdam
5,5
5,7
4
N444
Oegstgeest
0,1
0,8
26
N216
Schoonhoven
16
30
8
N492
Rotterdam
1
1
1
N210
Schoonhoven
17,4
30
84
N210
Bergambacht
14,1
15,4
16
N467
's-Gravenzande
1
2,6
34
N492
Poortugaal
2,9
4,3
25
N489
Westmaas
2,3
2,3
1
N496
Rockanje
6,1
6,1
1
N467
Naaldwijk
3
3,4
5
N445
Rijpwetering
6,3
6,4
1
N228
Haastrecht
3,2
4,1
15
N215
Sommelsdijk
20,4
20,5
2
N228
Haastrecht
0,4
0,5
1
N468
Maasland
10,1
10,2
2
N489
Mijnsheerenland
3
3,1
1
N492
Poortugaal
4,5
4,7
3
N468
Maasland
11,5
11,5
1
N468
Den Hoorn
15,6
15,6
1
N466
Naaldwijk
3,4
3,4
1
N228
Haastrecht
4,3
4,5
2
N484
Schoonrewoerd
4,6
5
4
N228
Haastrecht
7,6
7,7
1
N488
Klaaswaal
6,2
6,4
5
N488
Westmaas
6,6
6,7
2
N484
Leerdam
1,1
1,5
3
N228
Haastrecht
7,8
7,9
1
N484
Leerdam
1,6
2,3
3
N484
Schoonrewoerd
5,3
5,4
1
N228
Haastrecht
0,1
0,3
1
N489
Westmaas
1,6
1,7
1
N228
Haastrecht
2,7
2,9
1
N215
Middelharnis
26,3
26,3
1
N492
Rhoon
1,5
1,7
2
N468
Schipluiden
13,9
14
1
N468
Maasland
12,2
12,4
1
N496
Rockanje
3,4
3,4
1
N215
Melissant
12,6
13,1
2
N468
Maasland
12
12,1
1
N468
Schipluiden
16,8
17
2
N489
Heinenoord
5,5
5,7
1
N228
Haastrecht
1,8
2,1
1
N228
Haastrecht
9
9,1
1
N228
Haastrecht
1
1
1
N496
Rockanje
3
3,2
1
N210
Bergambacht
16,1
16,2
1
N468
Maasland
10,5
10,7
1
N228
Haastrecht
9,5
9,6
1
N228
Haastrecht
3
3,1
1
N468
Schipluiden
16,2
16,4
1
N228
Haastrecht
5,1
5,3
1
N228
Haastrecht
9,2
9,4
1
N228
Haastrecht
5,9
6,2
1
N228
Haastrecht
6,7
6,8
1
N468
Maasland
11,7
11,8
1
N496
Rockanje
7,9
8
1
N215
Middelharnis
23,5
23,6
1
N228
Haastrecht
4,8
4,9
1
N489
Heinenoord
5,3
5,4
1
N228
Haastrecht
6,3
6,5
1
N468
Schipluiden
14,4
14,5
1
N468
Maasland
12,5
12,7
1
N468
Schipluiden
13,7
13,8
1
N228
Haastrecht
0,6
0,7
1
N484
Schoonrewoerd
5,1
5,2
1
N228
Haastrecht
4,7
4,7
1
N496
Oostvoorne
10,1
10,1
1
N468
Schipluiden
12,9
13
1
N468
Schipluiden
13,2
13,2
1
N228
Haastrecht
1,3
1,3
1
N496
Rockanje
3,8
3,8
1
N489
Westmaas
0,1
6,6
1
N470
Delft
4,1
4,1
1
N228
Haastrecht
7,1
7,2
1
N468
Maasland
10,4
10,4
1
N467
's-Gravenzande
2,8
2,9
1
N215
Dirksland
13,9
13,9
1
N484
Schoonrewoerd
5,5
5,5
1
N470
Delft
1,7
1,8
1
N228
Haastrecht
8,1
8,1
1
N470
Delft
2,1
2,2
1
N480
Streefkerk
5,6
5,7
1
N447
Leiden
11
-1
35
N216
Gorinchem
0,5
0,8
209
N206
Leiden
9,3
9,4
19
N206
Leiden
10,7
11
116
N206
Noordwijk
25
25
2
N206
Valkenburg
15,7
15,7
1
N454
Waddinxveen
2,1
2,1
4
N464
Poeldijk
3,4
3,4
4
N206
Katwijk
18
18,2
25
N493
Spijkenisse
2,3
2,5
21
N447
Leidschendam
3
3
1
N220
Maasdijk
7,6
7,6
1
N471
Rotterdam
-1
-1
26
N228
Gouda
14,9
-1
6
N211
Wateringen
17,7
17,9
20
N206
Leiden
10,4
10,6
7
N217
Maasdam
22,4
22,4
2
N222
Honselersdijk
2,9
-1
1
N206
Zoeterwoude
8,1
8,7
33
N206
Leiden
9,5
9,8
15
N220
's-Gravenzande
1,5
1,6
2
N207
Alphen aan den Rijn
33
33,1
17
N215
Middelharnis
-1
-1
3
N220
's-Gravenzande
1,7
1,7
2
N206
Katwijk
18,5
21,6
134
N209
Bleiswijk
11,8
12
8
N209
Hazerswoude-Rijndijk
26,3
26,5
9
N448
Wassenaar
0,2
0,6
22
N206
Valkenburg
17,6
17,8
9
N217
's-Gravendeel
25,6
27,8
29
N206
De Zilk
36
36,1
3
N471
Berkel en Rodenrijs
2,9
2,9
1
N447
Leiden
8,9
9,1
7
N464
Poeldijk
1,5
10,9
8
N447
Leidschendam
3,1
3,3
6
N216
Groot-Ammers
13,3
13,4
4
N447
Leidschendam
3,4
3,5
4
N218
Zwartewaal
9,3
10
17
N207
Boskoop
26,7
29
167
N209
Bleiswijk
10,6
11
19
N462
Nieuwveen
2,3
2,4
4
N206
Valkenburg
17,2
17,4
6
N491
Maasdam
5,2
6,3
17
N454
Waddinxveen
1
1,6
21
N218
Vierpolders
13,7
13,7
1
N458
Bodegraven
39,9
43,2
70
N448
Voorschoten
1,9
-1
7
N473
Delfgauw
-1
-1
9
N476
Lekkerkerk
0,6
0,7
10
N447
Leidschendam
2,8
-1
7
N223
De Lier
8,2
8,3
1
N441
Wassenaar
1,5
1,7
3
N449
Rijnsburg
1,1
1,3
13
N206
Noordwijkerhout
27,4
30,7
163
N207
Gouda
14
14,8
26
N217
Maasdam
22,6
22,7
2
N470
Pijnacker
10,2
10,2
3
N223
Maasdijk
6,4
6,4
1
N207
Leimuiden
47,2
47,5
17
N207
Boskoop
30,2
30,2
1
N442
Hillegom
0,5
0,6
10
N447
Voorschoten
8
-1
8
N208
Hillegom
13,9
13,9
13
N442
De Zilk
1,5
34,1
21
N207
Waddinxveen
22,4
26,2
236
N209
Hazerswoude-Dorp
22,6
23,4
20
N206
Zoeterwoude
8,9
34,8
3
N447
Voorschoten
4,2
4,3
1
N207
Leimuiden
47,6
48,1
15
N440
Wassenaar
13,7
13,8
2
N218
Spijkenisse
1,9
2,1
4
N223
De Lier
10,2
11,6
93
N474
Krimpen aan den IJssel
0,6
0,6
1
N222
Honselersdijk
0,7
0,7
1
N463
Woerdense Verlaat
4,1
5,1
21
N206
De Zilk
2,4
2,4
1
N487
Numansdorp
13,4
13,5
1
N231
Nieuwveen
11,2
11,4
4
N470
Delfgauw
6
6
1
N207
Stolwijk
9,6
10,8
27
N211
Wateringen
21
21,2
2
N211
's-Gravenzande
5,5
10,5
106
N447
Voorschoten
4,5
4,6
1
N455
Waddinxveen
3,1
6,1
104
N209
Bleiswijk
11,1
11,7
15
N220
Maasdijk
5,5
7,4
47
N223
De Lier
8,1
8,1
1
N206
Zoeterwoude
7
7,4
4
N231
Aarlanderveen
2,4
3
11
N470
Pijnacker
11,1
11,1
1
N472
Berkel en Rodenrijs
4,2
4,4
4
N208
Lisse
4,4
9,3
63
N446
Woubrugge
8,8
9,6
19
N443
Voorhout
0,4
4
65
N477
Krimpen aan de Lek
3
3,2
5
N213
Honselersdijk
7,4
7,5
1
N448
Wassenaar
22,4
22,4
7
N473
Delft
10
-1
15
N220
's-Gravenzande
5
5
1
N472
Berkel en Rodenrijs
4,7
4,7
1
N208
Lisse
10
10,1
4
N472
Berkel en Rodenrijs
3,7
3,7
1
N442
Hillegom
1
1,4
10
N447
Voorschoten
4,7
4,8
15
N213
Honselersdijk
9,3
10,5
27
N211
Poeldijk
10,6
14,1
75
N217
Maasdam
22,9
23,2
3
N231
Nieuwkoop
5,6
7,5
39
N207
Gouda
21,9
22
1
N223
Maasdijk
5,4
7,3
5
N209
Bleiswijk
14,4
15
8
N213
Honselersdijk
7,9
8,5
11
N206
Zoetermeer
1,8
1,8
7
N209
Benthuizen
0,1
0,1
1
N216
Groot-Ammers
13,2
13,2
1
N206
Leidschendam
4
5,6
19
N460
Ter Aar
5,2
5,9
11
N209
Bergschenhoek
6,7
7,9
19
N220
's-Gravenzande
2
3,5
25
N209
Hazerswoude-Rijndijk
26,6
26,6
4
N231
Vrouwenakker
16,2
16,4
6
N211
Wateringen
18,7
18,8
2
N218
Geervliet
5,3
5,5
3
N219
Nieuwerkerk aan den IJssel
3,8
7,3
22
N441
Katwijk
2,4
2,5
1
N208
Lisse
9,6
9,6
1
N461
Ter Aar
0
8,3
39
N463
Woerdense Verlaat
5,9
6,1
2
N219
Zevenhuizen
10
10,3
3
N467
's-Gravenzande
0,4
1,7
3
N217
Oud-Beijerland
8,5
9,7
6
N211
Wateringen
18
18,1
1
N220
's-Gravenzande
3,6
3,7
1
N223
De Lier
8,5
8,6
1
N443
Sassenheim
4,4
4,4
1
N211
Poeldijk
14,4
15,2
10
N209
Bleiswijk
12,2
12,8
11
N458
Nieuwerbrug aan den Rijn
44,2
47,2
24
N209
Benthuizen
19
19,2
1
N494
Hellevoetsluis
6,5
6,6
1
N223
De Lier
9,9
10
1
N464
Poeldijk
2,2
3,1
13
N464
Poeldijk
3,5
4,1
5
N207
Alphen aan den Rijn
39,5
39,7
1
N231
Aarlanderveen
35,3
-1
1
N213
Naaldwijk
5
5,1
1
N447
Leiden
8,7
8,8
1
N217
Nieuw-Beijerland
5,9
6
1
N207
Leimuiden
45,8
45,8
1
N206
Noordwijkerhout
31,1
31,2
2
N209
Bleiswijk
8,9
10,3
13
N209
Hazerswoude-Dorp
24,5
24,6
1
N218
Brielle
14,2
14,3
1
N455
Benthuizen
0,9
1
1
N488
Klaaswaal
3,7
3,8
1
N488
Numansdorp
3,5
3,5
1
N455
Benthuizen
0,8
0,8
1
N472
Berkel en Rodenrijs
3,3
3,5
2
N488
Klaaswaal
4,2
4,2
1
N450
Voorhout
2,9
3
1
N207
Bergambacht
6,4
6,4
1
N219
Nieuwerkerk aan den IJssel
8,3
9,8
18
N446
Woubrugge
6,8
7,1
2
N214
Noordeloos
19,2
19,8
3
N211
Wateringen
19,9
19,9
1
N213
Naaldwijk
6,7
6,8
1
N209
Rotterdam
16,7
-1
1
N207
Stolwijk
8,4
8,4
1
N463
Woerdense Verlaat
6,8
6,9
1
N231
Nieuwveen
15
15,1
1
N207
Alphen aan den Rijn
31,9
32
1
N453
Waddinxveen
3,2
3,2
1
N463
Woerdense Verlaat
6,4
6,4
1
N220
's-Gravenzande
4,4
4,5
1
N466
Honselersdijk
2,8
4,5
14
N218
Heenvliet
7,6
7,6
1
N216
Gorinchem
2,5
2,6
1
N223
Schipluiden
15,2
15,6
2
N447
Voorschoten
8
8,3
1
N211
's-Gravenzande
5,1
5,1
1
N207
Boskoop
29,2
29,7
3
N206
Zoeterwoude
5,9
6
1
N219
Zevenhuizen
10,5
10,5
1
N209
Bergschenhoek
8,6
8,8
1
N481
Oud-Alblas
3,7
3,8
1
N231
Nieuwveen
16
16,1
1
N207
Waddinxveen
2,1
22,1
1
N209
Hazerswoude-Dorp
23,7
23,8
1
N498
Den Bommel
30,2
30,2
1
N217
Oud-Beijerland
11,2
11,3
1
N218
Vierpolders
13,4
13,5
1
N220
's-Gravenzande
0,1
5,3
1
N217
Oud-Beijerland
10,7
10,8
1
N455
Benthuizen
0,1
0,5
1
N231
Aarlanderveen
1,7
1,7
1
N448
Voorschoten
1,5
1,6
1
N218
Oostvoorne
17,1
17,2
1
N463
Noorden
2,2
2,6
3
N220
's-Gravenzande
1
1,1
1
N207
Stolwijk
11,4
11,5
1
N455
Hazerswoude-Dorp
1,4
1,5
1
N494
Hellevoetsluis
6,3
6,4
1
N209
Bleiswijk
13
13,2
1
N456
Moordrecht
1,7
2,2
2
N220
's-Gravenzande
1,2
1,4
1
N218
Vierpolders
11,9
11,9
1
N209
Bleiswijk
15,7
15,7
1
N494
Zwartewaal
2,2
2,2
1
N213
Naaldwijk
8,7
8,8
1
N446
Leiderdorp
0,6
0,8
1
N206
Zoeterwoude
6,8
6,8
1
N460
Ter Aar
4,5
4,6
1
N207
Bergambacht
7,1
7,1
1
N456
Zevenhuizen
0,2
0,9
3
N450
Voorhout
1,9
2
1
N458
Bodegraven
43,4
43,6
1
N450
Voorhout
2,3
2,6
1
N207
Aarlanderveen
35,2
36
3
N218
Vierpolders
12,6
12,7
1
N231
Zevenhoven
9,4
9,5
1
N456
Zevenhuizen
1,1
1,4
1
N460
Ter Aar
4,3
4,3
1
N463
Woerdense Verlaat
2,9
3,1
1
N231
Nieuwveen
14,3
14,5
1
N216
Groot-Ammers
14,4
14,6
1
N209
Bleiswijk
13,3
13,6
1
N456
Moordrecht
2,7
3,2
1
N494
Zwartewaal
4,5
4,6
1
N213
Naaldwijk
6,4
6,5
1
N462
Ter Aar
0
8,3
1
N456
Gouda
0,7
0,7
1
N231
Nieuwkoop
8
8,1
1
N209
Benthuizen
19,8
20,8
3
N231
Nieuwveen
14,1
14,2
1
N223
Schipluiden
14,1
14,2
1
N218
Vierpolders
13,2
13,3
1
N209
Bleiswijk
15,5
15,5
1
N463
Woerdense Verlaat
6,5
6,6
1
N455
Benthuizen
1,1
1,2
1
N209
Benthuizen
19,4
19,5
1
N217
Mijnsheerenland
20,7
20,8
1
N446
Leiderdorp
1,7
1,8
1
N446
Ter Aar
13,1
13,1
1
N488
Numansdorp
2,3
15,3
1
N206
Noordwijkerhout
31,7
31,9
1
N218
Vierpolders
12,4
12,5
1
N207
Gouda
18,1
18,3
1
N231
Nieuwkoop
8,3
8,5
1
N208
Lisse
12,3
13,1
1
N218
Heenvliet
6,4
6,4
1
N446
Woubrugge
6,5
6,7
1
N448
Wassenaar
1
1,1
1
N213
Naaldwijk
5,9
6
1
N213
Naaldwijk
5,5
5,8
1
N441
Katwijk
18,5
18,5
1
N472
Berkel en Rodenrijs
4
4
1
N472
Berkel en Rodenrijs
2,9
3
1
N213
Honselersdijk
9,1
9,2
1
N448
Voorschoten
1,7
1,8
1
N477
Krimpen aan de Lek
3,7
3,9
1
N209
Hazerswoude-Dorp
25
25,1
1
N223
De Lier
9,3
9,5
1
N207
Woubrugge
43,2
43,5
1
N446
Woubrugge
11,7
11,7
1
N218
Oostvoorne
17,8
17,9
1
N218
Oostvoorne
17,3
17,4
1
N216
Goudriaan
10
10
1
N216
Goudriaan
10,2
10,3
1
N449
Rijnsburg
1,4
1,6
1
N207
Leimuiden
46,9
46,9
1
N488
Numansdorp
2,9
3
1
N453
Waddinxveen
2,2
2,2
1
N206
Valkenburg
16
16
1
N213
Honselersdijk
10,6
10,7
1
N463
Woerdense Verlaat
3,6
3,8
1
N207
Boskoop
30,8
30,8
1
N460
Ter Aar
4,8
4,8
1
N494
Zwartewaal
4,8
4,8
1
N213
Naaldwijk
1,7
7,2
1
N458
Bodegraven
43,8
43,8
1
N220
's-Gravenzande
4,8
4,8
1
N217
Nieuw-Beijerland
6,5
6,6
1
N453
Waddinxveen
1,9
2
1
N207
Moordrecht
19,6
19,6
1
N207
Moordrecht
19,2
19,3
1
N231
Nieuwkoop
7,7
7,9
1
N220
's-Gravenzande
0,7
0,8
1
N207
Gouderak
16,5
16,6
1
N223
De Lier
13
13
1
N455
Hazerswoude-Dorp
1,7
1,8
1
N223
De Lier
13,2
13,2
1
N209
Benthuizen
19,6
19,7
1
N211
Wateringen
22
22,1
1
N218
Vierpolders
12
12,1
1
N209
Rotterdam
2,7
2,8
1
N217
Nieuw-Beijerland
5,6
5,7
1
N220
's-Gravenzande
1,8
1,8
1
N223
De Lier
9,1
9,2
1
N454
Waddinxveen
1,7
1,9
1
N223
De Lier
8,8
9
1
N491
Strijen
2,9
2,9
1
N222
Wateringen
5
5
1
N455
Benthuizen
0,6
0,6
1
N440
Wassenaar
13,6
13,6
1
N206
Leiden
10
10
1
N466
Honselersdijk
1,7
1,7
1
N456
Moordrecht
2,5
2,5
1
N218
Geervliet
5,1
5,1
1
N207
Moordrecht
20
20
1
N480
Nieuw-Lekkerland
2,6
-1
1
N218
Oostvoorne
16,9
17
1
N211
Wateringen
18,3
18,4
1
N450
Voorhout
2,1
2,1
1
N448
Wassenaar
1,2
1,3
1
N463
Woerdense Verlaat
6,2
6,3
1
N466
Honselersdijk
1,8
1,9
1
N216
Groot-Ammers
14,9
15
1
N459
Bodegraven
6,2
6,4
1
Bijlage geo-informatieobjecten
Gereserveerd
provinciale wegen
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_c9965b19f39e442a9a6ef13fd93b8568/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Den Haag - Katwijk
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_3252a8e8f11b43d28b653744939b7c8e/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Dordrecht en omstreken
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_b0b8f39143084ff0a77fccc9b3581b77/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Grevelingen - Dirksland
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_db7ebb09bf8f4fc19caf194685786b06/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Haringvliet - Overflakkee
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_e7980eb2566d46f29e71cb7091245bc1/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Hoeksche Waard
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_aa8e54792cad4e3e81066d00533e80ca/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Kop van Goeree
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_a087f5deb44e47a486e0b6dfb37c1778/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Krimpenerwaard - Alblasserwaard
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_9cb8083745d341429e0ec48cfe81716a/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Leiden - Zoetermeer - Alphen aan den Rijn
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_ba77870b03ea4ab3879e04c7038c1055/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Midden-Delfland
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_bb7d08ea218a4f9bbfd46b096da5bb08/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Monster
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_4b080446236b4c5889c77c27afb1a1dc/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Nieuwkoop en omstreken
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_eccbce21c76546b88e7188556f6f0a0a/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Noordwijk - De Zilk
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_2a4ea183e9e647db89aaf126aef5ee74/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Reeuwijk
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_47ef23f8c96c466fa4448405b63ecc03/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Rhoon
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_4c6679d93a284b6fa06bf174416c4e69/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Vijfheerenlanden
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_4e532792d86e45fe97526636dfe81b56/nld@2025-07-09;1
Stiltegebied Voorne's Duin
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_751fc5fea34f420fb122c214394f32a5/nld@2025-07-09;1
Stiltegebieden
/join/id/regdata/pv28/2025/gebiedsaanwijzing_5ab3de3af1fc4f5d99ff2d8af500a47e/nld@2025-07-09;1