Provinciale wetgeving

Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland houdende de verlening van mandaat en machtiging aan de directeur van de N.V. Westerscheldetunnel

Provincie Zeeland · geldt sinds 26 augustus 2026

Aanhef

Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland van 18 augustus 2026, houdende verlening van mandaat en machtiging aan de directeur van de N.V. Westerscheldetunnel voor het nemen van besluiten op aanvragen voor een RVV-ontheffing.

Gedeputeerde staten van Zeeland,

Gelet op:

•de kaders voor mandaatverlening in afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb);

•artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990);

•artikel 149, lid 1 onder d, en artikel 150 van de Wegenverkeerswet 1994;

•het Verkeersbesluit voor de tijdelijke afsluiting van de Westerscheldetunnel en toeleidende wegen;

•de Beleidsregels voor het verlenen van artikel 87 RVV-ontheffingen van de tijdelijke geslotenverklaring van de Westerscheldetunnel en toeleidende wegen.

overwegende dat:

•Gedeputeerde staten voor de geslotenverklaring van de Westerscheldetunnel een verkeersbesluit hebben vastgesteld;

•op grond van bovengenoemde beleidsregels onder voorwaarden ontheffing van de geslotenverklaring kan worden verleend;

•de N.V. Westerscheldetunnel (hierna: WST) zorg draagt voor de operationele uitvoering bij de Westerscheldetunnel;

•het ingevolge artikel 10.4 lid 1 van de Awb is toegestaan om mandaat te verlenen aan niet-ondergeschikten;

•het voor een doelmatige en samenhangende uitvoering wenselijk is de behandeling van aanvragen om ontheffing, de primaire besluitvorming en de feitelijke uitvoering daarvan in het Digitale Portaal bij de WST te beleggen;

•de WST tevens zorg draagt voor de feitelijke controle op de naleving van de ontheffingen en de operationele uitvoering daarvan;

•voor het aanvragen en afhandelen van ontheffingen door de WST een ontheffingensysteem in het Digitaal Portaal wordt ontwikkeld en beheerd;

•de directeur van de WST instemt met het aan hem verlenen van mandaat als bedoeld in dit besluit.

besluiten:

Artikel 1 Mandaat en ondermandaat

1Aan de directeur van de WST wordt mandaat verleend om namens gedeputeerde staten besluiten te nemen over het verlenen, weigeren, wijzigen en intrekken van ontheffingen op grond van de Beleidsregels voor het verlenen van ontheffingen ingevolge artikel 87 RVV 1990 van de in het Verkeersbesluit voor de tijdelijke afsluiting van de Westerscheldetunnel en toeleidende wegen opgenomen geslotenverklaring.

2De directeur van de WST kan de bevoegdheden genoemd in lid 1, in ondermandaat opdragen aan personen die onder zijn verantwoordelijkheid werkzaam zijn.

3In geval van afwezigheid of ontstentenis van de directeur worden zijn bevoegdheden door zijn plaatsvervanger uitgeoefend.

4De bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, behelzen niet de bevoegdheid te beslissen op bezwaarschriften, bedoeld in artikel 6:4, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

5De bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, behelzen niet de bevoegdheid te beslissen op verzoeken om nadeelcompensatie of het behandelen van (Hoger-)beroepen.

Artikel 2 Controle en handhaving

1Aan de directeur van de WST wordt machtiging verleend om de feitelijke en administratieve controle op de naleving van ontheffingen en de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen uit te voeren en de daarvoor noodzakelijke feitelijke handelingen te verrichten.

2De in het eerste lid bedoelde machtiging omvat mede:

a.het raadplegen van het ontheffingensysteem en het controleren of voor een voertuig een geldige ontheffing is geregistreerd;

b.het vaststellen en controleren van het kenteken van een voertuig en het vergelijken daarvan met de in het ontheffingensysteem geregistreerde kentekengegevens;

c.het registreren en doorgeven van geconstateerde overtredingen of onregelmatigheden aan de daartoe bevoegde toezichthouders of opsporingsambtenaren.

4Voor de in het tweede lid bedoelde controle kan WST, voor zover daarvoor een toereikende wettelijke grondslag bestaat, gebruikmaken van technische voorzieningen, waaronder camera’s en systemen voor automatische kentekenherkenning. De daarbij verkregen persoonsgegevens worden uitsluitend verwerkt voor zover dit noodzakelijk is voor het doel van de controle en met inachtneming van de toepasselijke wet- en regelgeving inzake de bescherming van persoonsgegevens.

5Indien niet wordt voldaan aan de voorwaarden of voorschriften van een ontheffing, kan de directeur van WST binnen het in artikel 1 verleende mandaat namens Gedeputeerde staten besluiten de ontheffing te wijzigen of in te trekken.

6De machtiging op grond van dit artikel omvat geen bevoegdheden die bij of krachtens de wet uitsluitend toekomen aan aangewezen toezichthouders, buitengewoon opsporingsambtenaren, politieambtenaren of andere daartoe bevoegde functionarissen.

7Strafrechtelijke handhaving en opsporing in verband met het Verkeersbesluit en het gebruik van ontheffingen worden uitsluitend uitgevoerd door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren, voor zover de betreffende feiten binnen hun opsporingsbevoegdheid en taakopdracht vallen.

8Dit besluit strekt niet tot het verlenen of uitbreiden van toezichts- of opsporingsbevoegdheden.

Artikel 3 Kaders uitoefening bevoegdheden

1Een ieder aan wie bij of krachtens dit besluit mandaat of ondermandaat is verleend houdt bij de uitoefening van de aan hen opgedragen bevoegdheden rekening met de relevante door de provinciale staten vastgestelde kaders alsmede het door het college vastgestelde beleid.

2Een ieder aan wie bij of krachtens dit besluit mandaat of ondermandaat is verleend past de algemene dan wel specifieke instructies als bedoeld in artikel 10:6 Algemene wet bestuursrecht van het college betreffende de gemandateerde bevoegdheden toe.

3Het college zorgt ervoor dat de directeur over alle benodigde informatie noodzakelijk voor de uitvoering van het in het eerste lid bepaalde kan beschikken. De directeur zorgt ervoor dat de door hem/haar gemandateerden tevens kunnen beschikken over deze informatie.

4Het college treedt bij voorgenomen nieuw beleid of beleidswijzigingen in overleg met de directeur over uitvoeringsaspecten indien dat beleid raakt aan de taken en bevoegdheden die de Westerscheldetunnel N.V. uitvoert.

5De directeur treedt in overleg met het college indien hij/zij het noodzakelijk acht af te wijken van de in het eerste lid bedoelde kaders of beleid.

6De directeur van de N.V. Westerscheldetunnel maakt geen gebruik van het mandaat als bij de uitoefening daarvan sprake is of kan zijn van politiek-bestuurlijke en/of maatschappelijke gevoeligheden.

Artikel 4 Informatieplicht

1De directeur informeert het college over de ingediende aanvragen en ontheffingen die betrekking hebben op de overeenkomstig artikel 2 gemandateerde bevoegdheden.

2Onverminderd het eerste lid informeert een ieder aan wie bij of krachtens dit besluit mandaat of ondermandaat is verleend het college schriftelijk bij de toepassing van de procedures bedoeld in afdeling 3.4, artikel 4:7 en 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht.

3Onverminderd het eerste en derde lid heeft een ieder aan wie bij of krachtens dit besluit mandaat of ondermandaat is verleend een voorafgaande informatieplicht en een signaleringsplicht jegens het college indien de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheid voor het college gelet op de inhoud van het besluit, de geadresseerde of de politieke gevoelens in de provinciale staten of de samenleving naar verwachting politieke en maatschappelijke gevolgen zal hebben of indien een besluit tot consequentie kan hebben dat de provincie aansprakelijk zal worden gesteld of anderszins in rechte zal worden aangesproken. In de gevallen bedoeld in de vorige volzin verschaft de directeur alle benodigde informatie en voert overleg met het college alvorens de bevoegdheden als bedoeld in artikel 2 uit te oefenen.

4De directeur en het college overleggen regelmatig over de planning, de aantallen en de kwaliteit van de bij of krachtens dit besluit in mandaat te nemen en reeds genomen besluiten.

Artikel 5 Digitaal Portaal en elektronische verzending

1De WST draagt onder eigen verantwoordelijkheid zorg voor de inrichting, instandhouding, het functionele en technische beheer en de beveiliging van het Digitale Portaal. Deze taken en verantwoordelijkheden maken geen onderdeel uit van het bij dit besluit verleende mandaat.

2Aan de directeur van de N.V. WST wordt mandaat verleend om namens Gedeputeerde Staten de besluiten te nemen die noodzakelijk zijn voor het elektronische verkeer via het Digitale Portaal, voor zover de bevoegdheid tot het nemen van die besluiten bij Gedeputeerde Staten berust. Hieronder vallen in iedergeval:

a.het aanwijzen van een voldoende betrouwbare en vertrouwelijke wijze van elektronische verzending voor ieder type bericht als bedoeld in artikel 2.13, eerste lid, van de Algemene wet Bestuursrecht.

b.Het stellen van nadere eisen aan de wijze van elektronische verzending als bedoeld in artikel 2.13, derde lid van de algemene wet bestuursrecht.

3Gedeputeerde staten verlenen desgevraagd voor de voorbereiding en uitwerking van de in het tweede lid bedoelde besluiten de benodigde ondersteuning.

Artikel 6 – Ondertekening

1een besluit in mandaat dan wel ondermandaat overeenkomstig artikel 2, wordt als volgt ondertekend.

gedeputeerde staten vannamens dezen,

gevolgd door:

•de handtekening;

•de naam van de (onder)gemandateerde, en

•de functieaanduiding.

2Indien er gebruik wordt gemaakt van machtiging overeenkomstig artikel 2, luidt de ondertekening:

De provincie Zeeland

namens dezen,

gevolgd door:

•de handtekening;

•de naam van de (onder)gemandateerde, en

•de functieaanduiding.

Artikel 7 – Inwerkingtreding

1Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking.

2De machtiging voor het Digitaal Portaal en het ontheffingensysteem kunnen vanaf de inwerkingtreding van dit besluit worden uitgeoefend.

3Het mandaat voor het nemen van besluiten over ontheffingen en de daarmee samenhangende controle kan en mag pas worden uitgeoefend vanaf het moment waarop het verkeersbesluit en de beleidsregels in werking zijn getreden.

Artikel 8 – Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als:

“ Besluit mandaat en machtiging voor het verlenen van ontheffingen door de directeur van de N.V. Westerscheldetunnel.”

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.