Provinciale wetgeving

Beleidsnota; Resultaat met subsidie; Subsidiebeleid provincie Zeeland

Provincie Zeeland · geldt sinds 1 januari 2013

Aanhef

Provinciale staten van Zeeland

-Gelezen het voorstel van gedeputeerde staten van 10 juli 2012, nr. 12016145 dg;

-Overwegende dat het gewenst is vast te leggen op welke wijze wordt omgegaan met het subsidie-instrumentarium;

-Gelet op artikel 4:23 en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluiten vast te stellen de navolgende beleidsnota "Resultaat met subsidie" Subsidiebeleid provincie Zeeland

De werking van de arrangementen

Arrangement 1

Met dit arrangement verstrekken we subsidies tot en met € 10.000. Bij de subsidieverlening wordt het subsidiebedrag in één keer als voorschot uitbetaald. Er is in de subsidieregels geen verplichting opgenomen tot het indienen van een tussentijdse rapportage. Wel is de subsidieontvanger gebonden aan een meldplicht. Indien er fundamentele afwijkingen ten opzichte van de afspraken uit de beschikking tot subsidieverlening zijn, dan dient de subsidieontvanger dit te melden aan de provincie. Het niet voldoen aan deze verplichting heeft consequenties voor de subsidieverstrekking. Na realisatie van de gesubsidieerde activiteiten wordt op basis van een steekproef bepaald of een prestatieverantwoording wordt opgevraagd. Indien de subsidie buiten de steekproef valt wordt de subsidie ambtshalve vastgesteld. De subsidieontvanger hoeft hiervoor geen aanvraag tot vaststelling in te dienen. De subsidie wordt in dat geval vastgesteld op het maximaal toegezegde subsidiebedrag. Indien de subsidie wel in de steekproef valt wordt de subsidieontvanger om de prestatieverantwoording gevraagd en geschiedt de vaststelling gelijk aan de vaststelling van een subsidie onder arrangement 2. Het type steekproef en de omvang van de steekproef worden door Gedeputeerde Staten vastgesteld.

Op hoofdlijnen ziet het subsidieproces van arrangement 1 er als volgt uit.

Aanvraag >

Verlening >

Uitvoering >

Verantwoording >

Vaststelling

Subsidieontvanger

Subsidieverlener

Subsidieontvanger

Subsidieontvanger

Subsidieverlener

1subsidie aanvraag opstellen

1beoordelen van de aanvraag

1meldplicht

1prestatie-bewijzen indien in de steekproef

1beoordelen verantwoording en opstellen beschikking tot vaststelling indien in de steekproef

2begroting opstellen

2opstellen van de beschikking tot verlening

-

-

2ambtshalve beschikking tot vaststelling indien buiten de steekproef

Arrangement 2

Met dit arrangement verstrekken we subsidies hoger dan € 10.000 tot en met € 50.000. In de beschikking tot subsidieverlening nemen we de prestatieafspraken op. De definitieve subsidie wordt bepaald aan de hand van de gerealiseerde prestatieafspraken. Op de subsidie verstrekken we een voorschot van maximaal 75 procent van het subsidiebedrag. Er is in de subsidieregels geen verplichting opgenomen tot het indienen van tussentijdse rapportages. Het is wel mogelijk dat we een dergelijke verplichting opnemen in de beschikking tot subsidieverlening. De subsidieontvanger heeft een meldplicht indien er bij de uitvoering sprake is van fundamentele afwijkingen ten opzichte van de afspraken uit de beschikking tot subsidieverlening. Het niet voldoen aan deze verplichting heeft consequenties voor de subsidieverstrekking.

De subsidieontvanger moet een verantwoording indienen over de realisatie van de prestatieafspraken. Dit dient te gebeuren met behulp van prestatiebewijzen zoals geformuleerd in de beschikking tot subsidieverlening. Op basis van de ingediende verantwoording zullen we een beschikking tot subsidievaststelling afgeven waarmee het uiteindelijke subsidiebedrag wordt vastgesteld.

Op hoofdlijnen ziet het subsidieproces van arrangement 2 er als volgt uit.

Aanvraag >

Verlening >

Uitvoering >

Verantwoording >

Vaststelling

Subsidieontvanger

Subsidieverlener

Subsidieontvanger

Subsidieontvanger

Subsidieverlener

1subsidie aanvraag opstellen

1beoordelen van de aanvraag

1meldplicht

1prestatie-bewijzen

1beoordelen verant-woording

2begroting opstellen

2opstellen van de beschikking tot verlening

-

-

2opstellen van de beschikking tot vaststelling

Arrangement 3

Met dit arrangement verstrekken we subsidies hoger dan € 50.000. Arrangement 3 verschilt op één punt van arrangement 2. Dit betreft de wijze van verantwoording door de subsidieontvanger. Naast een inhoudelijke verantwoording over de gerealiseerde prestatieafspraken, vragen we van de subsidieontvanger ook een financiële verantwoording over de werkelijk gerealiseerde kosten. De financiële verantwoording zal in beginsel voorzien moeten zijn van een controleverklaring van een accountant.

Op hoofdlijnen ziet het subsidieproces van arrangement 3 er als volgt uit.

Aanvraag >

Verlening >

Uitvoering >

Verantwoording >

Vaststelling

Subsidieontvanger

Subsidieverlener

Subsidieontvanger

Subsidieontvanger

Subsidieverlener

1subsidie aanvraag opstellen

1beoordelen van de aanvraag

1meldplicht

1prestatie-bewijzen

1beoordelen verant-woording

2begroting opstellen

2opstellen van de beschikking tot verlening

-

2financiële verant-woording met verklaring van de accountant

2opstellen van de beschikking tot vaststelling

Naast de arrangementen zijn er een aantal voorwaarden en verplichtingen die op alle subsidies van toepassing zijn. Dit betreft onder andere het niet toestaan van achteraf subsidiëren, de termijnen van de aanvraag tot subsidieverstrekking, de provinciale norm voor topinkomens, de publiciteitsverplichting, de regeling voor loonkosten en de mogelijkheid aan te sluiten bij subsidievoorwaarden van andere overheden.

De integrale kosten subsidie

Uitvoering van een wettelijke taak

Een aantal instellingen geeft met behulp van subsidie uitvoering aan een wettelijke taak van de provincie. De provincie zal deze taak hoe dan ook op een bepaalde manier moeten uitvoeren. Voor bepaalde wettelijke taken kan het zijn dat de keuze is gemaakt om deze niet zelf uit te voeren. De redenen hiervoor zijn divers. De instelling is doorgaans gespecialiseerd in de uitvoering, of er wordt bewust een scheiding aangebracht tussen beleidvorming en de uitvoering. We vinden het verantwoord om een integrale kosten subsidie te kunnen verstrekken voor de activiteiten van een instelling die zijn gericht op de uitvoering van een wettelijke taak van de provincie.

Instandhouding van een voorziening

Deze maatstaf is gericht op activiteiten van een instelling gericht op het instandhouden van een voorziening. Een voorziening is een collectief goed. Door een overheidssubsidie kan iedereen bijvoorbeeld gratis of onder de werkelijke kostprijs gebruik maken van een voorziening. Het bestaan van een bepaalde voorziening is daarmee vaak een bestuurlijke keuze. Het beheer van een voorziening wordt doorgaans door een zelfstandige instelling gedaan. Meestal zijn alle activiteiten van de instelling ook gericht op de instandhouding van de voorziening. We vinden het nodig om voorzieningen (deels) te kunnen subsidiëren en ook verantwoord om een integrale kosten subsidie te kunnen verstrekken voor de activiteiten van een instelling die zijn gericht op de instandhouding van een voorziening.

Uitvoering van provinciale taken

Er zijn instellingen die beleidsinhoudelijke of –uitvoerende taken uitvoeren voor de provincie. Dit zijn geen wettelijke taken. De instellingen dragen hoofdzakelijk zorg voor bijvoorbeeld beleidsuitvoering, beleidsplanning, beleidsevaluatie en advisering. De uitvoering van deze taken is relatief gezien van aanzienlijk belang voor het realiseren van de provinciale taken. Hierdoor worden deze instellingen ook wel aangeduid als dragende instellingen voor het realiseren van provinciale beleidsdoelstellingen. Er kan hierbij ook sprake zijn van (een bepaalde mate van) wederzijdse afhankelijkheid. Dit zorgt voor een sterkere sturing vanuit de provincie op een dergelijke instelling dan in andere gevallen. Veelal zijn de meeste activiteiten van een dragende instelling gericht op de uitvoering van de provinciale taken. We vinden het verantwoord om een integrale kosten subsidie te kunnen verstrekken voor de activiteiten van een instelling die volledig of grotendeels zijn gericht op de uitvoering van provinciale taken.

Hoofdzakelijk bijdragen aan provinciale beleidsdoelstellingen

Naast dragende instellingen zijn er ook instellingen die hoofdzakelijk activiteiten uitvoeren die bijdragen aan provinciale beleidsdoelen. Deze instellingen vormen daarmee een belangrijke schakel in de ondersteunende structuur voor het realiseren van onze beleidsdoelstellingen. Ten opzichte van de dragende instellingen is er bij deze instellingen in mindere mate sprake van wederzijdse afhankelijkheid en vindt sturing door de provincie meer op afstand plaats. We vinden het verantwoord om een integrale kosten subsidie te kunnen verstrekken voor de activiteiten van dergelijke instellingen, omdat de instelling zich relatief gezien voor een groot deel richt op activiteiten die bijdragen aan provinciale beleidsdoelstellingen.

Looptijd van de subsidie

De subsidies op basis van integrale kosten worden voor één boekjaar verstrekt. Het verstrekken van een subsidie voor één boekjaar zou in principe niet tot knelpunten moeten leiden als het gaat om de continuïteit van activiteiten. De continuïteit van activiteiten hangt primair af van de beleidsdoelstellingen, zoals deze zijn opgenomen in de door Provinciale Staten vastgestelde beleidsnota's.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.