Aanhef
Gedeputeerde staten van Utrecht;
Gelet op artikel 1.2 van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer provincie Utrecht 2016 (SVNL2016), artikel 2 van de Subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap provincie Utrecht (SKNL), artikel 2.1 van de Subsidieregeling Leefomgeving Landelijk Gebied en artikel 1.4, eerste lid van de Algemene subsidieverordening provincie Utrecht 2022 (ASV);
besluiten:
Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen
Artikel 1 (begripsbepalingen)
In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
a.Natuurbeheerplan 2026: Natuurbeheerplan provincie Utrecht 2026;
b.SKNL: Subsidieregeling kwaliteitsimpuls natuur en landschap provincie Utrecht;
c.SVNL2016: Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer provincie Utrecht 2016;
d.SLLG: Subsidieregeling Leefomgeving Landelijk Gebied provincie Utrecht.
Hoofdstuk 2 Natuur- en landschapsbeheer binnen natuurterreinen (SVNL2016)
Artikel 2 Nieuwe aanvragen natuurbeheer SVNL2016 voor continuering en nieuw areaal
1Aan aanvragers als bedoeld in artikel 2.1 van de SVNL2016 die voor het jaar 2026 niet beschikken over een lopende subsidie op grond van paragraaf 2 van de SVNL2016, kan subsidie worden verstrekt voor de continuering van het beheer van natuur- en landschapsbeheertypen binnen een natuurterrein,
a.waarvoor door of namens Gedeputeerde Staten subsidie is verstrekt op grond van de SVNL2016 of de Subsidieverordening Natuur- en Landschapsbeheer provincie Utrecht (SVNL) waarvan de looptijd eindigt op 31 december 2025;
b.waarvoor door of namens de provincie na 1 januari 2017 een subsidie of vergoeding is verstrekt voor inrichting, verwerving of functieverandering; of
c.dat na 1 januari 2016 van de provincie Utrecht als ingericht natuurterrein is verworven.
2Aan aanvragers als bedoeld in artikel 2.1 van de SVNL2016, die voor het jaar 2026 niet beschikken over een lopende subsidie op grond van paragraaf 2 van de SVNL2016, kan voor natuur- en landschapstypen binnen een natuurterrein, dat niet valt onder één van de omschrijvingen van lid 1, sub a, b en c, subsidie voor nieuw areaal worden verstrekt.
Artikel 3 Uitbreidingsaanvragen natuurbeheer SVNL2016 voor continuering en nieuw areaal
Aan beheerders, die voor het jaar 2026 beschikken over een lopende subsidie op grond van paragraaf 2 van de SVNL2016, kan subsidie worden verstrekt voor de uitbreiding van de lopende subsidie voor de continuering van het beheer natuur- en landschapsbeheertypen, zoals bedoeld in artikel 2, lid 1, en voor nieuw areaal, zoals bedoeld in artikel 2, lid 2.
Artikel 3a Subsidie voor gronden overgedragen door gemeenten en waterschappen
Voor natuurterreinen die in eigendom of erfpacht zijn overgedragen door een gemeente of een waterschap kan op grond van artikel 2 en 3 subsidie worden verstrekt.
Artikel 4 Subsidiabele activiteiten natuurbeheer SVNL2016
Uitsluitend de volgende activiteiten komen voor subsidie als bedoeld in artikel 2 en 3 in aanmerking:
a.beheren van een natuurterrein ten behoeve van de natuurbeheertypen met de aanduiding N02.01 tot en met N17.06 in het Natuurbeheerplan 2026;
b.beheren van een natuurterrein ten behoeve van de landschapsbeheertypen met de aanduiding L01.01 tot en met L01.16, L02.01 in het Natuurbeheerplan 2026;
c.inzetten van een gescheperde schaapskudde op een natuurterrein (schapenbijdrage);
d.monitoren (monitoringsbijdrage);
e.recreatief toegankelijk maken en houden van een natuurterrein (voorzieningenbijdrage);
f.toezicht houden op een natuurterrein (toezicht bijdrage);
g.transporteren in verband met het beheer van natuur- en landschapsbeheertypen op een natuurterrein dat alleen varend kan worden bereikt (vaarbijdrage).
Artikel 5 Subsidieplafond
Het subsidieplafond voor aanvragen als bedoeld in artikel 2 en 3 bedraagt € 5.500.000, - per jaar.
Artikel 6 Verdeelcriteria
1Bij de verdeling van het in artikel 5 vermelde beschikbare subsidiebedrag hebben (de onderdelen van) aanvragen en uitbreidingsaanvragen die betrekking hebben op de continuering van het beheer van natuur- en landschapsbeheertypen binnen een natuurterrein, zoals bedoeld in artikel 2, lid 1, voorrang boven (de onderdelen van) aanvragen en uitbreidingsaanvragen die betrekking hebben op nieuw areaal, zoals bedoeld in artikel 2, lid 2.
2Het beschikbare bedrag wordt vervolgens verdeeld op volgorde van binnenkomst.
3Indien een aanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de volgorde van binnenkomst de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is, als datum van binnenkomst.
4Indien het subsidieplafond op enige dag wordt bereikt, vindt de rangschikking van de op die dag binnengekomen subsidieaanvragen plaats door middel van loting.
Artikel 7 Aanvraagperiode en wijze van aanvragen
Aanvragen voor subsidies als bedoeld in de artikelen 2 en 3 kunnen in de periode van 15 november 2025 tot en met 31 december 2025 worden ingediend. Het aanvraagformulier voor het indienen van de subsidies is te vinden op de website van BIJ12 op de pagina “Subsidie aanvragen -subsidiestelsel natuur- en landschap (SNL)”. Gebruik kan worden gemaakt van een e-formulier of van een te downloaden aanvraagformulier. Bij gebruikmaking van een gedownload aanvraagformulier dient dit volledig ingevuld per email te worden gezonden naar het emailadres ‘subsidies@provincie-utrecht.nl’ onder vermelding van ‘Subsidieaanvraag natuurbeheer 2026’.
Hoofdstuk 3 Kwaliteitsimpuls natuur en landschap (SKNL) en Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht (SLLG) t.b.v.aankoop en ontpachting NNN-gronden
Paragraaf 1 Investeringssubsidie (SKNL)
Artikel 8 Subsidiabele kosten artikel 8 SKNL
1Voor subsidie als bedoeld in artikel 8 van de SKNL komen de volgende kosten in aanmerking:
a.kosten voor het realiseren van een natuurbeheertype op grond die functieverandering heeft ondergaan, voor zover het de realisatie van de natuurbeheertypen N02.01 tot en met N17.06 betreft;
b.kosten voor het realiseren en bescherming van een landschapsbeheertype op grond die functieverandering heeft ondergaan;
c.kosten voor het verhogen van de natuurkwaliteit van het bestaande natuurbeheertype;
d.kosten voor het omzetten van een bestaand natuurbeheertype naar een ander natuurbeheertype, voor zover het een verhoging van een natuurbeheertype is conform tabel 1 en kaart 4 van het Natuurbeheerplan 2026;
e.kosten voor het verhogen van de natuurkwaliteit van een habitattype.
2De kosten als bedoeld in het vorige lid sub a. en sub b. komen voor subsidie in aanmerking, indien de percelen, waarop de subsidiabele activiteiten betrekking hebben, aansluiten op het Natuurnetwerk Nederland of aaneengesloten in omvang in totaal minimaal 5 hectare beslaan, met uitzondering van de percelen voor het realiseren van bos buiten NNN, als bedoeld in artikel 9 lid 1 onder II, die, ongeacht de ligging, aaneengesloten een omvang van tenminste 1,5 hectare beslaan.
Artikel 9 Subsidieplafonds
1Het subsidieplafond voor subsidies als bedoeld in:
a.artikel 8, eerste lid, sub a (realiseren van een natuurbeheertype op grond die functieverandering heeft ondergaan); en
b.artikel 8, eerste lid, sub b (realiseren van een landschapsbeheertype op grond die functieverandering heeft ondergaan);
bedraagt voor:
l.het binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN) realiseren van (nieuwe) natuur, zijnde terreinen die op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2026 zijn aangeduid als ‘te ontwikkelen natuur’, en het realiseren van (nieuwe) natuur binnen zoekgebied(en) te ontwikkelen natuur, zijnde terreinen die op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2026 zijn aangeduid als ‘Te ontwikkelen natuur zoekgebied (Groene contour)’ en ‘Te ontwikkelen natuur zoekgebied (NNN)’, € 5.000.000,-;
ll.Het realiseren van bos buiten het NNN op terreinen die op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2025 zijn aangeduid als ‘zoekgebied bos buiten NNN’, € 300.000,-.
2Gelet op de eventuele beperkingen die kunnen gelden ten aanzien van percelen die onderdeel vormen van het zoekgebied bos buiten NNN op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2026, kan een aanvraag voor subsidie als bedoeld in lid 1, sub II, pas worden ingediend als die aanvraag vergezeld gaat van een positieve prétoets, uitgevoerd door de provincie Utrecht, omtrent de wenselijkheid, alsmede de efficiëntie en effectiviteit van de functieverandering.
3Het subsidieplafond voor subsidies als bedoeld in:
a.artikel 8, eerste lid, sub c (het verhogen van de natuurkwaliteit van het bestaand natuurbeheertype);
b.artikel 8, eerste lid, sub d (het omzetten van een bestaand natuurbeheertype naar een ander natuurbeheertype); en
c.artikel 8, eerste lid, sub e (het verhogen van de natuurkwaliteit van een habitattype);
bedraagt voor:
l.investeringen die:
-uitvoering geven aan het actief soortenbeleid, zoals beschreven in de provinciale Natuurvisie en het daarbij behorende Supplement biodiversiteit; of
-overige investeringen die de natuurkwaliteit van een bestaand natuurtype verhogen en/of die leiden tot omzetting van bestaand natuurbeheertype naar een ander natuurbeheertype, voor zover het een verhoging is van een natuurbeheertype conform het Natuurbeheerplan 2026 of conform het Supplement Realisatiestrategie natuurvisie, € 600.000, -;
-voor revitalisering bossen op de Utrechtse Heuvelrug en het Kromme Rijngebied zoals afgebakend op kaart 6 van het Natuurbeheerplan 2026 voor de natuurbeheertypen vallend onder de natuurtypen N14 Vochtig bossen, N15 Droge bossen, N16 Bossen met productiefunctie en N17 Cultuurhistorische bossen, € 1.300.000,-;
ll.investeringen gericht op de uitvoering van herstelmaatregelen, als onderdeel van een Natura 2000 beheerplan, € 300.000, -;
lll.hydrologische maatregelen ten behoeve van kwaliteitsverbetering van natuurterreinen met grondwaterafhankelijke natuurbeheertypen, genoemd in bijlage 2, in gebieden die negatief beïnvloed worden door grondwateronttrekkingen, € 100.000, -.
lV. investeringen die uitvoering geven aan de Specifieke Uitkering Programma Natuur 2e fase, voor zover in overeenstemming met de subsidievoorwaarden van de SKNL:
i.voor het N2000-gebied Oostelijke Vechtplassen € 4.631.000,-;
ii.voor het N2000-gebied Botshol € 1.775.000,-;
iii.voor het N2000-gebied Rijntakken € 615.000,-;
iv.voor het N2000-gebied Kolland & Overlangbroek € 250.000,- ;
v.voor het N2000-gebied Zouweboezem € 3.540.000,-;
vi.voor het N2000-gebied Uiterwaarden Lek wordt € 1.314.000,-;
vii.voor het N2000-gebied Binnenveld € 1.466.000,-;
viii.voor het N2000-gebied Lingegebied en Diefdijk Zuid wordt € 1.170.000,-;
ix.voor revitalisering bossen op de Utrechtse Heuvelrug zoals afgebakend op kaart 6 van het Natuurbeheerplan 2026 voor de natuurbeheertypen vallend onder de natuurtypen N14 Vochtig bossen, N15 Droge bossen, N16 Bossen met productiefunctie en N17 Cultuurhistorische bossen, € 616.000,-
4Onder investeringen die uitvoering geven aan de activiteiten genoemd onder lid 3, onder I., vallen niet investeringen die in hoofdzaak tot doel hebben de bestrijding van invasieve exoten en het uitvoeren van baggerwerk dat tot de taak van waterschappen dient te worden gerekend.
Artikel 10 Maximum subsidiepercentages
De subsidie op grond van artikel 8 voor de activiteiten, investeringen en maatregelen, genoemd in artikel 9, bedraagt maximaal 100% van de subsidiabele kosten, genoemd in artikel 13 van de SKNL.
Artikel 11 Verdeelcriteria
1De beschikbare subsidiebedragen die zijn opgenomen in artikel 9 worden verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen.
2Indien een aanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de volgorde van binnenkomst de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is, als datum van binnenkomst.
3Indien het subsidieplafond op enige dag wordt bereikt, dan vindt de rangschikking van de op die dag binnengekomen subsidieaanvragen plaats door middel van loting.
Paragraaf 2 Subsidie functieverandering (SKNL) en Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht (SLLG)
Artikel 12 Subsidiabele activiteiten
a.Subsidie als bedoeld in artikel 15, lid 1, van de SKNL (functieverandering) en artikel 2.1.1 van de Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht (Aankoop en ontpachting NNN-gronden) kan worden verstrekt voor:
l.het binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN) realiseren van (nieuwe) natuur, zijnde terreinen die op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2026 zijn aangeduid als ‘te ontwikkelen natuur’;
ll.het binnen zoekgebied(en) te ontwikkelen natuur realiseren van (nieuwe) natuur, zijnde terreinen die op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2026 zijn aangeduid als ‘Te ontwikkelen natuur zoekgebied (Groene contour)’ en ‘Te ontwikkelen natuur zoekgebied (NNN);’
III. het realiseren van (nieuwe) natuur binnen zoekgebied(en) te ontwikkelen natuur, zijnde terreinen die op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2026 zijn aangeduid als 'Te ontwikkelen natuur zoekgebied (Groene contour)'.
b.Subsidie als bedoeld in artikel 15, lid 1, van de SKNL (functieverandering) kan worden verstrekt voor:
lV. het realiseren van bos buiten het NNN, zijnde terreinen die op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2026 zijn aangeduid als ‘zoekgebied bos buiten NNN’.
2Subsidie als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder b, van de Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied (het beëindigen van (erf)pachtovereenkomsten) kan ook worden verstrekt voor terreinen die op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2026 zijn aangeduid als ‘reeds aanwezige natuur’ en ‘reeds aanwezige natuur (water)’.
3Als voorwaarde voor het in aanmerking komen voor een subsidie, als bedoeld in lid 1 en 2, geldt dat de betreffende landbouwgrond volledig wordt omgevormd tot natuur.
4Gelet op de eventuele beperkingen die kunnen gelden ten aanzien van percelen die onderdeel vormen van het zoekgebied bos buiten NNN op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2026, kan een aanvraag voor subsidie als bedoeld in lid 1, sub b, onderdeel III, pas worden ingediend als die aanvraag vergezeld gaat van een positieve prétoets, uitgevoerd door de provincie Utrecht, omtrent de wenselijkheid, alsmede de efficiëntie en effectiviteit van de functieverandering.
5De activiteiten als bedoeld in het eerste lid, sub a, onderdeel II, komen voor subsidie in aanmerking, indien de percelen, waarop de subsidiabele activiteiten betrekking hebben, aansluiten op het Natuurnetwerk Nederland of aaneengesloten in omvang in totaal minimaal 5 hectare beslaan.
6De activiteiten als bedoeld in het eerste lid, sub b, onderdeel III, komen voor subsidie in aanmerking, indien de percelen, waarop de subsidiabele activiteiten betrekking hebben, aaneengesloten in omvang in totaal minimaal 1,5 hectare beslaan.
Artikel 13 Hoogte subsidie
1De subsidie voor functieverandering op grond van artikel 15, lid 1, van de SKNL voor de activiteiten, genoemd onder artikel 12, lid 1, sub a, onderdeel I, II en III en artikel 12, lid 1, sub b, onderdeel IV, bedraagt het verschil in de marktwaarde van de landbouwgrond en de marktwaarde van de grond na functieverandering.
2De subsidie voor verwerving op grond van artikel 2.1., lid 1, onder a, van de Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied voor de activiteiten, genoemd in artikel 12, lid 1, onder a, sub I en II, bedraagt het verschil in de marktwaarde van de grond bij verwerving en de marktwaarde van de grond na omzetting in natuurterrein en 100% van de overige subsidiabele kosten, genoemd in artikel 2.8, lid 1, van de Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied.
Artikel 14 Subsidieplafonds
1Het subsidieplafond voor subsidies als bedoeld in:
a.artikel 12, lid 1, sub a, onderdeel I en II en artikel 12 lid 2, bedraagt € 11.600.000,-;
b.artikel 12, lid 1, sub a, onderdeel III. bedraagt € 1.600.000,-.
c.artikel 12, lid 1, sub b, onderdeel IV, bedraagt € 800.000,-.
Artikel 15 Verdeelcriteria
1De beschikbare subsidiebedragen die zijn opgenomen in artikel 14 worden verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen.
2Indien een aanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de volgorde van binnenkomst de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is, als datum van binnenkomst.
3Indien het subsidieplafond op enige dag wordt bereikt, dan vindt de rangschikking van de op die dag binnengekomen subsidieaanvragen plaats door middel van loting.
Paragraaf 3 Subsidie functieverandering en inrichting (SKNL) voor uitvoering natuur- en boscompensatieverplichtingen
Artikel 16 Subsidie voor uitvoering compensatieverplichtingen provincie
1Subsidie als bedoeld artikel 15, lid 1, onder a en b, van de SKNL en artikel 8, lid 1, onder a en b, van de SKNL kan worden verstrekt voor de uitvoering van natuur- en boscompensatie-verplichtingen, inclusief degene die door de provincie bij overeenkomst zijn overgenomen van derden.
2Subsidie als bedoeld in lid 1 kan worden verstrekt voor het uitvoeren van compensatieverplichtingen op terreinen die op kaart 1 van het Natuurbeheerplan 2026 zijn aangeduid als ‘Te ontwikkelen natuur zoekgebied (Groene contour)’, ‘Te ontwikkelen natuur zoekgebied (NNN) en ‘zoekgebied bos buiten NNN’.
3Subsidie op grond van lid 1 is alleen mogelijk, voor zover de uitvoering een duidelijk meerwaarde oplevert vanuit het oogpunt van natuur- en landschap, met de uitvoering wordt voldaan aan de voorwaarden die zijn verbonden aan de verplichting(en), en vooraf met de provincie afspraken zijn gemaakt dat de betreffende gronden in aanmerking komen voor de uitvoering van de desbetreffende verplichting(en).
4De activiteiten als bedoeld in lid 1 komen voor subsidie in aanmerking indien de percelen, waarop de subsidiabele activiteiten betrekking hebben, aaneengesloten in omvang in totaal minimaal 1,5 hectare beslaan.
5Het subsidieplafond voor de subsidies als bedoeld in lid 1 bedraagt € 0,-.
Artikel 17 Maximum subsidiepercentages
1De subsidie voor functieverandering op grond van artikel 15, lid 1, van de SKNL voor de activiteiten, genoemd onder artikel 16, lid 1, bedraagt het verschil in de marktwaarde van de landbouwgrond en de marktwaarde van de grond na functieverandering.
2De subsidie op grond van artikel 8, lid 1, onder a en b, van de SKNL, voor de realisatie van natuur-en landschapsbeheertypen op grond die functieverandering heeft ondergaan, bedraagt voor de activiteiten genoemd onder artikel 16, lid 1, maximaal 100% van de subsidiabele kosten.
Paragraaf 4 Aanvraagperiode en loket voor indiening
Artikel 18 Aanvraagperiode
1Aanvragen voor subsidies als bedoeld in de artikelen 8 tot en met 17 kunnen in de periode vanaf 15 oktober 2025 tot en met 1 oktober 2026 worden ingediend.
2Het aanvraagformulier voor het indienen van de subsidies is te vinden op de website van de provincie Utrecht.
Hoofdstuk 5 Tarieven
Artikel 19 Tarieven begrotingsjaar 2026
1De tarieven voor de landschapsbeheertypen, natuurbeheertypen en bijdragen als bedoeld in de SVNL2016 voor het begrotingsjaar 2026 zijn opgenomen in bijlage 1 behorend bij dit besluit.
2Het percentage voor het begrotingsjaar 2026 als bedoeld in artikel 44, vierde lid, van de Subsidieregeling natuurbeheer 2000, zoals die luidde tot 1 oktober 2004, waarmee de subsidie functieverandering voor de subsidies die zijn verleend op grond van aanvragen voor de begrotingsjaren 2000 tot en met 2006 wordt verhoogd, bedraagt 3,35%.
Hoofdstuk 6 Voorbehouden
Artikel 20 Subsidiabel volgens Natuurbeheerplan
De subsidies als opgenomen in de hoofdstukken 2 en 3 van dit besluit worden uitsluitend verstrekt voor zover het perceel/terrein als subsidiabel is aangemerkt in het Natuurbeheerplan 2026, met uitzondering van de subsidies voor activiteiten die op grond van artikel 7, lid 2 van de SKNL mogelijk zijn.
Artikel 21 Voorbehoud goedkeuring Europese Commissie
De subsidies als opgenomen in dit besluit worden uitsluitend verleend voor die onderdelen die ook door de Europese Commissie zijn of worden goedgekeurd.
Artikel 22 Voorbehoud beschikbaarstelling middelen in Programmabegroting 2026
De subsidies als opgenomen in dit besluit worden uitsluitend verleend voor zover door Provinciale Staten Utrecht daarvoor in de Programmabegroting provincie Utrecht 2026 de middelen beschikbaar worden gesteld.
Hoofdstuk 7 Slotbepalingen
Artikel 23 Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin dit besluit wordt geplaatst.
Artikel 24 Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit subsidies natuur provincie Utrecht 2026.
Bijlage 1 behorende bij artikel 21 van het Openstellingsbesluit subsidies natuur provincie Utrecht 2026
Tarieven 2026 (alleen van toepassing indien sprake is van nieuwe 6-jarige beschikkingen met ingangsdatum 2026)
Natuur- en landschapsbeheertypen
Landschapsbeheertypen
Landschap-type nr.
Beheertype nr.
Omschrijving
Subsidietarief 2026 op grond van 84% SKP, t/m 2030 (incl. Index. 10,48%)
Subsidietarief 2026 op grond van 75% SKP, vanaf 2031 (incl. Index. 10,48%)
L01
01
Poel en klein historisch water (per stuk)
€ 205,94
€ 183,87
L01
02
Houtwal en houtsingel (per ha)
€ 5.008,42
€ 4.471,81
L01
03
Elzensingel (per 100 m)
€ 156,15
€ 139,42
L01
05
Knip- en scheerheg (per 100 m)
€ 354,13
€ 316,19
L01
06
Struweelhaag (per 100 m)
€ 445,10
€ 397,41
L01
07
Laan (met aan weerszijden van de weg tenminste één rij bomen, per 100 m)
€ 427,88
€ 382,03
L01
08
Knotboom (per stuk)
€ 18,66
€ 16,66
L01
09
Hoogstamboomgaard (per ha)
€ 2.732,03
€ 2.439,32
L01
16
Bossingel (per ha)
€ 2.530,33
€ 2.259,22
L02
01
Fortterrein (per ha)
€ 1.229,45
€ 1.097,72
L02
02
Historisch bouwwerk en erf (prijs per ha)
€ 55,13
€ 49,23
L02
03
Historische tuin (per ha)
€ 7.380,87
€ 6.590,06
L03
01
Aardwerk en groeve (per ha)
€ 1.329,98
€ 1.187,48
Natuurbeheertypen
Natuurtype nr.
Beheertype nr.
Omschrijving
Subsidietarief 2026 op grond van 84% SKP, t/m 2030 (incl. index.) per ha
Subsidietarief 2026 op grond van 75% SKP, vanaf 2031 (incl. index.) per ha
N01
01
Zee en wad
€ 0,58
€ 0,52
N01
02
Duin- en kwelderlandschap
€ 98,95
€ 88,35
N01
03
Rivier- en moeraslandschap
€ 163,22
€ 145,73
N01
04
Zand- en kalklandschap
€ 119,49
€ 106,69
N02
01
Rivier
€ 6,23
€ 5,56
N03
01
Beek en bron
€ 129,10
€ 115,27
N04
01
Kranswierwater
€ 70,33
€ 62,79
N04
02
Zoete plas
€ 70,83
€ 63,24
N04
03
Brak water
€ 88,28
€ 78,82
N04
04
Afgesloten zeearm
€ 0,58
€ 0,52
N05
02
Gemaaid rietland (met ingebruikgeving)
€ 785,06
€ 700,95
N05
03
Veenmoeras [NIEUW]
€ 777,26
€ 693,99
N05
04
Dynamisch moeras [NIEUW]
€ 567,34
€ 506,56
N06
01
Veenmosrietland en moerasheide
€ 1.585,74
€ 1.415,84
N06
02
Trilveen
€ 3.189,38
€ 2.847,66
N06
03
Hoogveen
€ 241,74
€ 215,84
N06
04
Vochtige heide
€ 376,20
€ 335,89
N06
05
Zwakgebufferd ven
€ 91,00
€ 81,25
N06
06
Zuur ven of hoogveenven
€ 121,45
€ 108,44
N07
01
Droge heide
€ 251,44
€ 224,50
N07
02
Zandverstuiving
€ 152,40
€ 136,07
N08
01
Strand en embryonaal duin
€ 14,03
€ 12,53
N08
02
Open duin
€ 385,40
€ 344,11
N08
03
Vochtige duinvallei
€ 1.681,65
€ 1.501,47
N08
04
Duinheide
€ 293,83
€ 262,35
N09
01
Schor of kwelder
€ 180,72
€ 161,36
N10
01
Nat schraalland
€ 2.761,62
€ 2.465,73
N10
02
Vochtig hooiland
€ 1.650,82
€ 1.473,95
N11
01
Droog schraalland
€ 1.002,86
€ 895,41
N12
01
Bloemdijk
€ 2.844,72
€ 2.539,92
N12
02
Kruiden- en faunarijk grasland (met IGG)
€ 311,02
€ 277,70
N12
03
Glanshaverhooiland
€ 654,72
€ 584,57
N12
04
Zilt- en overstromingsgrasland
€ 728,18
€ 650,16
N12
05
Kruiden- en faunarijke akker [met IGG]
€ 1.041,05
€ 929,51
N12
06
Ruigteveld
€ 142,60
€ 127,32
N13
01
Vochtig weidevogelgrasland (met IGG)
€ 928,94
€ 829,41
N13
02
Wintergastenweide (met IGG)
€ 45,25
€ 40,40
N14
01
Rivier- en beekbegeleidend bos
€ 55,55
€ 49,60
N14
02
Hoog- en laagveenbos
€ 28,18
€ 25,16
N14
03
Haagbeuken- en essenbos
€ 87,77
€ 78,37
N15
01
Duinbos
€ 94,26
€ 84,16
N15
02
Dennen-, eiken- en beukenbos
€ 153,26
€ 136,84
N16
03
Droog bos met productie (nieuw)
€ 47,03
€ 41,99
N16
04
Vochtig bos met productie (nieuw)
€ 83,62
€ 74,67
N17
02
Droog hakhout
€ 653,71
€ 583,67
N17
03
Park- en stinzenbos
€ 430,44
€ 384,32
N17
04
Eendenkooi
€ 3.570,21
€ 3.187,69
N17
05
Wilgengriend
€ 5.248,37
€ 4.686,05
N17
06
Vochtig en hellinghakhout
€ 916,13
€ 817,98
Bijdragen
Openstelling
Subsidietarief 2026 op grond van 84% SKP, t/m 2030 (incl. Index. 10,48%) per ha
Subsidietarief 2026 op grond van 75% SKP, vanaf 2031 (incl. Index. 10,48%) per ha
Voorzieningenbijdrage
€ 60,41
€ 53,93
Toezichtbijdrage
€ 27,29
€ 24,37
Gescheperde schaapskuddes
Subsidietarief 2026 op grond van 84% SKP, t/m 2030 (incl. Index. 10,48%) per ha
Subsidietarief 2026 op grond van 75% SKP, vanaf 2031 (incl. Index. 10,48%) per ha
Bijdrage hoog: N06.03 (Hoogveen), N09.01 (Schor of kwelder), N11.01 (Droog schraalland) of N12.01 (Bloemdijk)
€ 614,17
€ 548,37
Bijdrage laag: N06.04 (Vochtige heide), N07.01 (Droge heide), N07.02 (Zandverstuiving), N08.02 (Open duin) of N08.04 (Duinheide)
€ 380,70
€ 339,91
Vaarland
Subsidietarief 2026 op grond van 84% SKP, t/m 2030 (incl. Index. 10,48%) per ha
Subsidietarief 2026 op grond van 75% SKP, vanaf 2031 (incl. Index. 10,48%) per ha
Vaarbijdrage
€ 793,74
€ 708,69
Monitoring
Natuurbeheertype
Nr.
Omschrijving
Subsidietarief 2026 op grond van 84% SKP, t/m 2030 (incl. Index. 10,48%) per ha
Subsidietarief 2026 op grond van 75% SKP, vanaf 2031 (incl. Index. 10,48%) per ha
N01
2
Duin- en kwelderlandschap
€ 28,45
€ 25,40
N01
3
Rivier- en moeraslandschap
€ 25,18
€ 22,48
N01
4
Zand- en kalklandschap
€ 22,46
€ 20,05
N05
2
Gemaaid rietland
€ 30,80
€ 27,50
N05
3
Veenmoeras [NIEUW per 1-1-2021]
€ 47,17
€ 42,12
N05
4
Dynamich moeras [NIEUW per 1-1-2021]
€ 37,21
€ 33,23
N06
1
Veenmosrietland en moerasheide
€ 46,38
€ 41,41
N06
2
Trilveen
€ 38,96
€ 34,78
N06
3
Hoogveen
€ 57,39
€ 51,24
N06
4
Vochtige heide
€ 30,10
€ 26,87
N06
5
Zwakgebufferd ven
€ 34,04
€ 30,39
N06
6
Zuur ven of hoogveenven
€ 44,27
€ 39,52
N07
1
Droge heide
€ 28,07
€ 25,07
N07
2
Zandverstuiving
€ 28,07
€ 25,07
N08
1
Strand en embryonaal duin
€ 20,90
€ 18,66
N08
2
Open duin
€ 40,11
€ 35,81
N08
3
Vochtige duinvallei
€ 44,71
€ 39,92
N08
4
Duinheide
€ 28,07
€ 25,07
N09
1
Schor of kwelder
€ 28,45
€ 25,40
N10
1
Nat schraalland
€ 54,86
€ 48,98
N10
2
Vochtig hooiland
€ 35,88
€ 32,03
N11
1
Droog schraalland
€ 46,38
€ 41,41
N12
1
Bloemdijk
€ 30,63
€ 27,35
N12
2
Kruiden- en faunarijk grasland
€ 15,96
€ 14,25
N12
3
Glanshaverhooiland
€ 28,30
€ 25,27
N12
4
Zilt- en overstromingsgrasland
€ 28,45
€ 25,40
N12
5
Kruiden- en faunarijke akker
€ 18,12
€ 16,18
N12
6
Ruigteveld
€ 11,57
€ 10,33
N13
1
Vochtig weidevogelgrasland
€ 20,05
€ 17,90
N14
1
Rivier- en beekbegeleidend bos
€ 50,07
€ 44,70
N14
2
Hoog- en laagveenbos
€ 27,20
€ 24,29
N14
3
Haagbeuken- en essenbos
€ 39,85
€ 35,58
N15
1
Duinbos
€ 23,48
€ 20,96
N15
2
Dennen-, eiken- en beukenbos
€ 17,84
€ 15,93
N16
3
Droog bos met productie [NIEUW per 1-1-2018]
€ 14,21
€ 12,69
N16
4
Vochtig bos met productie [NIEUW per 1-1-2018]
€ 14,21
€ 12,69
N17
2
Droog hakhout
€ 11,57
€ 10,33
N17
3
Park- en stinzenbos
€ 11,57
€ 10,33
N17
5
Wilgengriend [NIEUW per 1-1-2017)
€ 26,89
€ 24,01
N17
6
Vochtig en hellinghakhout [NIEUW per 1-1-2017]
€ 26,89
€ 24,01
Bijlage 2 behorend bij artikel 9, lid 3, onder III., van het Openstellingsbesluit subsidies natuur provincie Utrecht 2026
Grondwaterafhankelijke natuurbeheertypen
BEHEERTYPE
-N03.01
-N04.01
-N05.02
-N05.03
-N05.04
-N06.01
-N06.02
-N06.04
-N06.05
-N06.06
-N10.01
-N10.02
-N12.02 excl. de gebieden op de Utrechtse Heuvelrug
-N13.01
-N14.01
-N14.02
-N14.03
-N16.04
-N17.04
-N17.05
-N17.06
Toelichting
Grondwaterafhankelijke beheertypen betreffen vegetatietypen die verdrogingsgevoelig zijn. Wanneer de waterkwaliteit of waterkwantiteit in een gebied voor één of meer van deze beheertypen niet voldoet, zijn hydrologische maatregelen nodig om de natuurkwaliteit in het gebied te verbeteren. De aanpak van verdroging richt zich daarom op gebieden met grondwaterafhankelijke beheertypen.
Toelichting bij Openstellingsbesluit subsidies natuur provincie Utrecht 2026
Het Openstellingsbesluit subsidies natuur 2026 maakt het mogelijk op grond van een drietal provinciale subsidieverordeningen subsidie aan te vragen. Het betreft de volgende subsidieverordeningen:
-Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer provincie Utrecht 2016 (SVNL2016),
-Subsidieregeling kwaliteitsimpuls natuur en landschap provincie Utrecht (SKNL), en
-Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht hoofdstuk 2
Het Openstellingsbesluit subsidies natuur 2026 bepaalt waarvoor op grond van de regelingen subsidie kan worden aangevraagd ten laste van het boekjaar 2026, hoeveel geld daarvoor beschikbaar is, in welke periode en hoe de subsidie kan worden aangevraagd
Het Openstellingsbesluit biedt de mogelijkheid subsidie aan te vragen
-op grond van de SVNL2016 (zie hoofdstuk 2, artikel 2 t/m 7, uit het Openstellingsbesluit) voor het beheer van natuurterreinen
-op grond van de SKNL (zie hoofdstuk 3, artikel 8 t/m 18, uit het Openstellingsbesluit) voor:
○ de functieverandering van landbouwgrond naar natuur ten behoeve van de realisatie van het Natuurnetwerk Nederland (NNN), bos buiten NNN en compensatieverplichtingen
○ de aanleg van natuur(terreinen) door het treffen van inrichtingsmaatregelen op gronden die functieverandering hebben ondergaan ten behoeve van de realisatie van het NNN, bos buiten NNN en compensatieverplichtingen
○ het verbeteren van de kwaliteit van bestaande natuurterreinen door het treffen van inrichtingsmaatregelen
○ het verhogen van de natuurkwaliteit van (een habitattype in) N2000-gebieden door uitvoering van de herstelmaatregelen
○ het treffen van hydrologische maatregelen ten behoeve van kwaliteitsverbetering van natuurterreinen die negatief beïnvloed worden door grondwateronttrekkingen
-op grond van de Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht (Aankoop en ontpachting NNN-gronden) (zie hoofdstuk 3, artikel 12 t/m 18, uit het Openstellingsbesluit) voor:
○ de aankoop van landbouwgrond voor functieverandering van landbouw naar natuur ten behoeve van de realisatie van het NNN;
○ de beëindiging van (erf)pacht ten behoeve van de realisatie van het NNN
Tarieven beheertypen
In het openstellingsbesluit 2026 zijn de tarieven voor de subsidie natuurbeheer opgenomen inclusief de indexering van 10,48%. De subsidieaanvraag voor natuurbeheer wordt aangevraagd volgens het Gegevens Levering Protocol (GLP) waarin de afspraken zijn opgenomen over de gegevenslevering tussen provincie en subsidieaanvragers.