Provinciale wetgeving

Beleidsregel toetsingscriteria begrotingssubsidies Noord-Holland 2026

Provincie Noord-Holland · geldt sinds 11 juni 2026

Aanhef

Gedeputeerde Staten van Noord-Holland;

Overwegende dat Gedeputeerde Staten de gedelegeerde bevoegdheid hebben om subsidies te verstrekken;

Overwegende dat het wenselijk is om objectieve, toetsbare en redelijke criteria vast te stellen met betrekking tot het verstrekken van begrotingssubsidies als schaarse middelen;

Gelet op artikel 1 van de Algemene subsidieverordening Noord-Holland 2011;

Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluiten vast te stellen:

Beleidsregel toetsingscriteria begrotingssubsidies Noord-Holland 2026

Artikel 1 Begripsbepaling

In deze beleidsregel wordt verstaan onder begrotingssubsidie: een subsidie als bedoeld in artikel 4:23, derde lid, aanhef en onder c, van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 2 Criteria

1Een begrotingssubsidie kan aan één aanvrager worden verstrekt als bij voorbaat vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat deze aanvrager de enige geschikte gegadigde is.

2Er is sprake van één geschikte gegadigde als aan ten minste één van de volgende criteria wordt voldaan:

a.de te subsidiëren activiteit behoort tot de wettelijke taak van de gegadigde;

b.uitvoering van de te subsidiëren activiteit is uitsluitend mogelijk met gebruik van een goed dat eigendom is van de gegadigde of waarover de gegadigde zeggenschap heeft;

c.het is aannemelijk dat de uitvoering van de te subsidiëren activiteit uitsluitend door de gegadigde kan plaatsvinden, omdat deze beschikt over:

i.specialistische kennis of een unieke methodiek;

ii.de vereiste certificaten, keurmerken of andere kwaliteitsverklaringen;

iii.de noodzakelijke vergunning;

iv.de noodzakelijke contractuele betrekkingen; of

v.de noodzakelijk governance-structuur;

d.uit een marktconsultatie is gebleken dat er maar één serieuze gegadigde is;

e.in het kader van een specifieke uitkering (SPUK) is al bepaald wie de subsidieontvanger is;

f.uitvoering van de te subsidiëren activiteit is in overwegende mate afhankelijk van:

i.de unieke geografische positie van de gegadigde;

ii.de bijzondere binding die de gegadigde heeft met de doelgroep of regio; en

iii.een bestaande samenwerkingsrelatie of een langdurig partnerschap;

g.de te subsidiëren activiteit kan binnen het voor het beleidsdoel gestelde tijdskader uitsluitend door de gegadigde worden uitgevoerd; of

h.bij een te subsidiëren activiteit die inmiddels is gestart, zou het opstarten van een open selectieprocedure leiden tot een onherstelbare vertraging in de planning, met ernstige bestuurlijke of economische gevolgen.

Artikel 3 Procedure bekendmaking voornemen

1Het voornemen tot het verstrekken van een begrotingssubsidie wordt ten minste acht weken voor het te nemen besluit kenbaar gemaakt.

2Het voornemen vermeldt:

a.de naam van de beoogde subsidieontvanger;

b.het subsidiebedrag;

c.de activiteit waarvoor subsidie wordt verstrekt; en

d.een onderbouwing aan de hand van de criteria, genoemd in artikel 2, tweede lid, waaruit blijkt waarom de beoogde subsidieontvanger de enige serieuze gegadigde is.

3Bij het kenbaar maken van het voornemen wordt de wijze vermeld waarop belanghebbenden een reactie naar voren kunnen brengen.

Artikel 4 Slotbepalingen

1Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst.

2Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel toetsingscriteria begrotingssubsidies Noord-Holland 2026.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.