Provinciale wetgeving

Directiestatuut provincie Limburg

Provincie Limburg · geldt sinds 27 juli 2019

Aanhef

DIRECTIESTATUUT PROVINCIE LIMBURG

1 BEGRIPPEN

De directie is het hoogste ambtelijke orgaan. De term secretaris wordt gebruikt als het in het bijzonder gaat om de functionaris "secretaris / algemeen directeur" in relatie tot het College van Gedeputeerde Staten. De term algemeen directeur duidt op de algehele en algemene verantwoordelijkheid van de "secretaris / algemeen directeur" als hoofd van de provinciale organisatie en als verantwoordelijke voor de in artikel 7 geregelde taakonderdelen. De directeur is lid van het directieteam en is verantwoordelijk voor de in artikel 7 geregelde taakonderdelen.

2 CONTEXT

Dit Directiestatuut is een uitwerking van de "Instructie secretaris provincie Limburg 2003".

3 SAMENSTELLING

De directie bestaat uit een algemeen directeur en drie directeuren. De secretaris is tevens algemeen directeur en daarmee hoogste functionaris. De directie staat onder leiding van de algemeen directeur.

4 BENOEMING

De secretaris / algemeen directeur en de directeuren worden benoemd door Gedeputeerde Staten.

5 VERVANGING

1De algemeen directeur wijst een eerste, tweede en derde plaatsvervangend algemeen directeur aan. Deze aanwijzing is in persoon identiek aan de benoeming door Gedeputeerde Staten van de eerste, tweede en derde plaatsvervangend secretaris.

2Bij afwezigheid van een van de directeuren worden diens taken - in overleg - uitgeoefend door de algemeen directeur of een andere directeur.

3Bij afwezigheid van de drie directeuren worden hun taken uitgeoefend door de algemeen directeur. De vervangingsregeling wordt algemeen bekend gemaakt.

6 WERKWIJZE VAN DE DIRECTIE

6.1 Externe vertegenwoordiging

De directie opereert naar buiten als één entiteit. Zowel de algemeen directeur als de directeuren worden geacht te handelen namens de directie.

6.2 Interne werkwijze

Binnen de directie is de stem van de algemeen directeur beslissend. Besluitvorming binnen de directie is vertrouwelijk. Het is aan de directie om te bepalen of, en zo ja aan wie en in welke vorm, over besluiten mededelingen worden gedaan.

7 TAAKVERDELING

De taken van de directie worden verdeeld over de leden van de directie. De portefeuilleverdeling wordt algemeen bekend gemaakt. De directieleden geven sturing aan de binnen hun portefeuille vallende onderwerpen.

8 OVERDRACHT VAN BEVOEGDHEDEN

De directie kan taken en bevoegdheden overdragen aan nader te bepalen medewerkers.

9 DIRECTIESECRETARIS

De directie wordt ondersteund door een directiesecretaris. Hij bereidt de vergaderingen voor, maakt in overleg met de algemeen directeur de agenda, zorgt voor besluitrijpe (discussie)stukken, verzorgt de verslagen en bewaakt relevante termijnen. Voor operationele en logistieke zaken is hij de verbindende schakel tussen de directie en ambtelijke organisatie.

10 OVERIGE GEVALLEN

In gevallen waarin dit statuut niet voorziet beslist de secretaris / algemeen directeur.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.