Uitspraak · Bestuursrecht
Raad van State, 11 februari 2026
ECLI:NL:RVS:2026:577Zaaknummer 202401456/3/R3
- Instantie
- Raad van State
- Datum uitspraak
- 11 februari 2026
- Publicatiedatum
- 18 februari 2026
- Zaaknummer
- 202401456/3/R3
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 19 december 2023 heeft de raad van de gemeente Alblasserdam het bestemmingsplan "Oost Kinderdijk nabij 9" (in de planregels aangeduid als: "Alblasserdam, nabij Oost Kinderdijk 9") vastgesteld.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst de verzoeken verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. P.H.A. Knol, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. J.N. Witsen, griffier.
w.g. Knol
voorzieningenrechter
w.g. Witsen
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 11 februari 2026
727
Volledige tekst
202401456/3/R3.
Datum uitspraak: 11 februari 2026
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
1. [verzoeker sub 1] en anderen, allen wonend in Alblasserdam,
2. [verzoeker sub 2], wonend in Alblasserdam,
verzoekers,
en
de raad van de gemeente Alblasserdam,
verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 19 december 2023 heeft de raad het bestemmingsplan "Oost Kinderdijk nabij 9" (in de planregels aangeduid als: "Alblasserdam, nabij Oost Kinderdijk 9") vastgesteld.
Tegen dit besluit hebben [verzoeker sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] beroep ingesteld.
[verzoeker sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] hebben de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
[partij] heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.
[verzoeker sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] en [partij] hebben nadere stukken ingediend.
De raad heeft een verweerschrift ingediend.
De Afdeling heeft de zaak samen met zaak nr. 202401456/1/R3 behandeld op een zitting op 13 januari 2026, waar voor [verzoeker sub 1] en anderen [verzoeker sub 1], [verzoeker sub 1A] en [verzoeker sub 1B], [verzoeker sub 2], vertegenwoordigd door mr. W. Koster, rechtsbijstandverlener in Apeldoorn, en de raad, vertegenwoordigd door mr. P.J. van Bruggen, vergezeld door R. Boot, zijn verschenen. Verder is [partij], vergezeld door [gemachtigden], op de zitting als partij gehoord.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van heden in zaak nr. 202301456/1/R3 (ECLI:NL:RVS:2026:561) heeft de Afdeling op de beroepen van [verzoeker sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] beslist. Dat betekent dat geen sprake meer is van een geding. De verzoeken worden daarom afgewezen.
2. Raad van de gemeente Alblasserdam hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst de verzoeken verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. P.H.A. Knol, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. J.N. Witsen, griffier.
w.g. Knol
voorzieningenrechter
w.g. Witsen
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 11 februari 2026
727
Wetsartikelen in deze uitspraak
Deze uitspraak verwijst naar
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.