Uitspraak · Bestuursrecht
Raad van State, 17 september 2026
ECLI:NL:RVS:2026:5691Zaaknummer 202602805/1/A2
- Instantie
- Raad van State
- Datum uitspraak
- 17 september 2026
- Publicatiedatum
- 30 september 2026
- Zaaknummer
- 202602805/1/A2
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Mondelinge uitspraak
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Het beroep richt zich tegen de beslissing van het college van bestuur van Gilde Opleidingen van 28 augustus 2026, waarin het bezwaar van [appellante] tegen de brief van 28 juli 2026 niet-ontvankelijk is verklaard. De brief gaat over de deelname aan een toelatingsonderzoek voor de MBO niveau 4-opleiding Verpleegkundige ziekenhuis, als bedoeld in artikel 8.2.1., zesde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs (Web).
Beslissing
De Afdeling verklaart het beroep ongegrond.
Gronden:
- In de beslissing van 28 augustus 2026 heeft het CvB het bezwaar van [appellante] tegen de beslissing van 28 juli 2026 niet-ontvankelijk verklaard, omdat zij volgens het CvB geen procesbelang meer heeft.
- Voordat wordt toegekomen aan de beoordeling of [appellante] nog procesbelang had, moet de Afdeling ambtshalve beoordelen of de brief van 28 juli 2026 een besluit is, als bedoeld in artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht. Dat is deze brief niet. De brief is namelijk informerend van aard. Daarin staat dat op basis van de tot dan toe door [appellante] verstrekte informatie nog geen aanleiding bestaat om af te wijken van de vooropleidingseis, als bedoeld in artikel 8.2.1., zesde lid, van de Web. Zij wordt daarom verzocht enkele ontbrekende documenten over te leggen en uitgenodigd voor een intakegesprek, waarin de aanmelding voor de MBO niveau 4-opleiding Verpleegkundige ziekenhuis en haar verzoek om een toelatingsonderzoek worden besproken.
- Omdat de brief van 28 juli 2026 geen besluit is, is het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk.
- Het beroep is ongegrond.
- Het CvB hoeft geen proceskosten te vergoeden.
w.g. Daalder
lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Van de Voort
griffier
1062
Volledige tekst
202602805/1/A2.
Datum uitspraak: 17 september 2026
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[appellante], wonend in [woonplaats],
appellante,
en
het college van bestuur van Gilde Opleidingen (CvB),
verweerder.
Openbare zitting gehouden op 17 september 2026 om 15:15 uur.
Tegenwoordig:
staatsraad: mr. E.J. Daalder, voorzitter
griffier: mr. D.T.J. van de Voort
Verschenen:
[appellante], bijgestaan door N. Matula, rechtsbijstandverlener in Sittard;
het CvB, vertegenwoordigd door J.M.A. Hegeman en mr. L. Popara.
Het beroep richt zich tegen de beslissing van het CvB van 28 augustus 2026, waarin het bezwaar van [appellante] tegen de brief van 28 juli 2026 niet-ontvankelijk is verklaard. De brief gaat over de deelname aan een toelatingsonderzoek voor de MBO niveau 4-opleiding Verpleegkundige ziekenhuis, als bedoeld in artikel 8.2.1., zesde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs (Web).
Beslissing
De Afdeling verklaart het beroep ongegrond.
Gronden:
- In de beslissing van 28 augustus 2026 heeft het CvB het bezwaar van [appellante] tegen de beslissing van 28 juli 2026 niet-ontvankelijk verklaard, omdat zij volgens het CvB geen procesbelang meer heeft.
- Voordat wordt toegekomen aan de beoordeling of [appellante] nog procesbelang had, moet de Afdeling ambtshalve beoordelen of de brief van 28 juli 2026 een besluit is, als bedoeld in artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht. Dat is deze brief niet. De brief is namelijk informerend van aard. Daarin staat dat op basis van de tot dan toe door [appellante] verstrekte informatie nog geen aanleiding bestaat om af te wijken van de vooropleidingseis, als bedoeld in artikel 8.2.1., zesde lid, van de Web. Zij wordt daarom verzocht enkele ontbrekende documenten over te leggen en uitgenodigd voor een intakegesprek, waarin de aanmelding voor de MBO niveau 4-opleiding Verpleegkundige ziekenhuis en haar verzoek om een toelatingsonderzoek worden besproken.
- Omdat de brief van 28 juli 2026 geen besluit is, is het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk.
- Het beroep is ongegrond.
- Het CvB hoeft geen proceskosten te vergoeden.
w.g. Daalder
lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Van de Voort
griffier
1062
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.