Uitspraak · Bestuursrecht

Raad van State, 24 december 2025

ECLI:NL:RVS:2025:6275Zaaknummer 202505275/2/A2

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
24 december 2025
Publicatiedatum
31 december 2025
Zaaknummer
202505275/2/A2
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Voorlopige voorziening
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

[verzoekster] heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen hangende het beroep tegen de mondelinge beslissing van het CBE van 20 augustus 2025. Het CBE heeft een verweerschrift ingediend.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Aldus vastgesteld door mr. J.Th. Drop, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. P.A. de Vink, griffier.

w.g. Drop

voorzieningenrechter

w.g. De Vink

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 24 december 2025

154-1177

Volledige tekst

202505275/2/A2.

Datum uitspraak: 24 december 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)) in het geding tussen:

[verzoekster], wonend in [woonplaats],

verzoekster,

en

het college van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden (hierna: het CBE),

verweerder.

Procesverloop

[verzoekster] heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen hangende het beroep tegen de mondelinge beslissing van het CBE van 20 augustus 2025.

Het CBE heeft een verweerschrift ingediend.

De voorzieningenrechter heeft de zaak ter zitting behandeld op 14 oktober 2025, waar [verzoekster], bijgestaan door mr. M. den Hertog, advocaat in Utrecht, en het CBE, vertegenwoordigd door mr. E.M.A. van der Linden, vergezeld door mr C.G. Breedveld-de Voogd, zijn verschenen.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag in zaak nr. 202505275/1/A2, ECLI:NL:RVS:2025:6196, heeft de Afdeling op het beroep beslist. Gelet op die uitspraak dient het verzoek als kennelijk ongegrond te worden afgewezen.

2. Het CBE hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Aldus vastgesteld door mr. J.Th. Drop, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. P.A. de Vink, griffier.

w.g. Drop

voorzieningenrechter

w.g. De Vink

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 24 december 2025

154-1177

Wetsartikelen in deze uitspraak

Deze uitspraak verwijst naar

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.