Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Raad van State, 9 december 2021

ECLI:NL:RVS:2021:2776Zaaknummer 202106630/2/V1

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
9 december 2021
Publicatiedatum
16 december 2021
Zaaknummer
202106630/2/V1
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Voorlopige voorziening
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bij besluit van 13 september 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, in het kader van een asielprocedure, geweigerd de vreemdeling ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verklaart het verzoek niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. A.W.M. Bijloos, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. T. van Goeverden-Clarenbeek, griffier.

De voorzieningenrechter is verhinderd de uitspraak te ondertekenen.

w.g. Van Goeverden-Clarenbeek

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 9 december 2021

282-988

Volledige tekst

202106630/2/V1.

Datum uitspraak: 9 december 2021

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, van:

[de vreemdeling],

verzoeker.

Procesverloop

Bij besluit van 13 september 2021 heeft de staatssecretaris, in het kader van een asielprocedure, geweigerd de vreemdeling ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

Bij uitspraak van 13 oktober 2021 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van 26 november 2021 heeft de Afdeling op het hoger beroep van de vreemdeling beslist. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening niet in behandeling genomen.

2. Het verzoek is niet-ontvankelijk. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verklaart het verzoek niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. A.W.M. Bijloos, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. T. van Goeverden-Clarenbeek, griffier.

De voorzieningenrechter is verhinderd de uitspraak te ondertekenen.

w.g. Van Goeverden-Clarenbeek

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 9 december 2021

282-988

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.