Uitspraak · Bestuursrecht

Raad van State, 30 mei 2007

ECLI:NL:RVS:2007:BA6006Zaaknummer 200608650/1

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
30 mei 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
200608650/1
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bij besluit van 10 oktober 2006 heeft verweerder aan de stichting "Stichting Hippisch Centrum Eelde" een vergunning als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet milieubeheer verleend voor het oprichten en in werking hebben van een manege, gelegen op het perceel Hooiweg ongenummerd te Paterswolde. Dit besluit is op 20 oktober 2006 ter inzage gelegd.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. K. Brink, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. I. Beurmanjer-de Lange, ambtenaar van Staat.

w.g. Brink w.g. Beurmanjer-de Lange

Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 30 mei 2007

241-462.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1. Procesverloop
  2. 2. Overwegingen
  3. 3. Beslissing

200608650/1.

Datum uitspraak: 30 mei 2007

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellanten], wonend te [woonplaats],

en

het college van burgemeester en wethouders van Tynaarlo,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 10 oktober 2006 heeft verweerder aan de stichting "Stichting Hippisch Centrum Eelde" een vergunning als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet milieubeheer verleend voor het oprichten en in werking hebben van een manege, gelegen op het perceel Hooiweg ongenummerd te Paterswolde. Dit besluit is op 20 oktober 2006 ter inzage gelegd.

Tegen dit besluit hebben appellanten bij brief van 29 november 2006, bij de Raad van State ingekomen op 30 november 2006, beroep ingesteld.

Bij brief van 8 februari 2007 heeft verweerder een verweerschrift ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 2 mei 2007, waar appellanten, van wie [gemachtigde] in persoon, en verweerder, vertegenwoordigd door W.E. Scholte, ambtenaar van de gemeente, zijn verschenen. Voorts is de stichting "Stichting Hippisch Centrum Eelde", vertegenwoordigd door H. Lawant, als partij gehoord.

2. Overwegingen

2.1. Op 6 december 2006 is het Besluit landbouw milieubeheer (hierna: het Besluit) in werking getreden. De bij het bestreden besluit verleende vergunning ziet op het houden van 17 paarden en 20 pony's in de inrichting. Ter zitting is vast komen te staan dat de inrichting onder de reikwijdte van het Besluit valt. Hierbij overweegt de Afdeling dat een op ongeveer 25 meter van de dierenverblijven van de inrichting gelegen hockeyveld, gelet op hetgeen ter zitting over de intensiteit van het gebruik daarvan naar voren is gebracht, niet kan worden aangemerkt als een object voor dagrecreatie, zijnde een categorie II-object als bedoeld in het Besluit. Het hockeyveld valt evenmin onder één van de andere in het Besluit genoemde categorieën objecten.

Gelet op het vorenstaande, is de bij het bestreden besluit verleende vergunning van rechtswege komen te vervallen. Nu het beroep van appellanten zich richt tegen een van rechtswege vervallen vergunning, hebben zij in zoverre geen belang meer bij een beoordeling van de rechtmatigheid van het bestreden besluit. Nu ook anderszins niet is gebleken dat appellanten nog processueel belang hebben bij een oordeel over de rechtmatigheid van het bestreden besluit, dient het beroep niet-ontvankelijk te worden verklaard.

2.2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. K. Brink, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. I. Beurmanjer-de Lange, ambtenaar van Staat.

w.g. Brink w.g. Beurmanjer-de Lange

Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 30 mei 2007

241-462.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.