Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 22 juli 2026

ECLI:NL:RBZWB:2026:8051Zaaknummer C/02/450559 / FA RK 26-3770

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
22 juli 2026
Publicatiedatum
16 oktober 2026
Zaaknummer
C/02/450559 / FA RK 26-3770
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Rekestprocedure, Beschikking
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

VCM, enkele dagen

De rechtbank:

6.1.

verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 2004 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.6. staan kunnen worden toegepast;

6.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 24 juli 2026;

6.3.

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 22 juli 2026 door mr. De Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. Verplanke, griffier en op schrift gesteld op 5 augustus 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 Wat vaststaat
  3. 3 Het verzoek
  4. 4 De standpunten
  5. 5 De beoordeling
  6. 6 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/450559 / FA RK 26-3770

Datum uitspraak: 22 juli 2026

Beschikking voortzetting crisismaatregel

op het verzoek van de officier van justitie voor

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 2004 in [geboorteplaats],

hierna te noemen: betrokkene,

wonend in [plaats],

advocaat mr. P. Doorakkers uit Oosterhout.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 21 juli 2026.

1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 22 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:

  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
  • dhr. [persoon], waarnemend psychiater;
  • de moeder van betrokkene;
  • de partner van betrokkene;
  • een coassistent;
  • een verpleegkundige.

2 Wat vaststaat

2.1.

Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in [accommodatie]. De burgemeester van Breda heeft de crisismaatregel op 20 juli 2026 afgegeven.

3 Het verzoek

3.1.

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.

4 De standpunten

4.1.

Betrokkene heeft toegelicht dat zij bij [accommodatie] niet op haar plek zit. Zij voelt zich eenzaam en niet begrepen. De manier waarop betrokkene is opgenomen bij [accommodatie] neemt zij haar moeder kwalijk.

4.2.

De advocaat bepleit primair afwijzing van het verzoek nu er volgens betrokkene geen sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Subsidiair verzoekt hij de machtiging te beperken voor een kortere duur, namelijk tot 26 juli 2026. Het huwelijk van betrokkene en haar partner vindt namelijk plaats op 27 juli 2026 en het is van belang dat dit doorgang kan vinden.

4.3.

De waarnemend psychiater heeft ter zitting aangegeven dat er bij betrokkene sprake is van acute suïcidaliteit. Als betrokkene de controle kwijtraakt, kan dat gevaarlijke gevolgen met zich meebrengen. Betrokkene heeft aangegeven dat haar “emmer” is overgelopen en dat er veel gebeurtenissen hebben plaatsgevonden/plaatsvinden waardoor zij spanning ervaart. De waarnemend psychiater vindt het belangrijk dat betrokkene weer de regie gaat overnemen als de situatie veilig is. Een verlenging van de crisismaatregel kan contraproductief werken, maar de waarnemend psychiater acht het vandaag nog te vroeg voor betrokkene om naar huis te gaan. Een opname van nog enkele dagen is noodzakelijk, zodat er goede afspraken met IHT gemaakt kunnen worden en betrokkene veilig kan terugkeren naar huis en haar huwelijk op maandag verder kan voorbereiden.

4.4.

De partner en de moeder van betrokkene hebben aangegeven altijd het beste met betrokkene voor te hebben. De situatie was dusdanig onveilig dat de moeder de crisisdienst heeft ingeschakeld. Betrokkene doet nog steeds suïcidale uitspraken, waardoor de moeder de situatie nog steeds onveilig acht.

5 De beoordeling

5.1.

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging tot en met 24 juli 2026. De rechtbank neemt hierbij in overweging dat door de waarnemend psychiater gemotiveerd is toegelicht dat een opname van nog slechts enkele dagen noodzakelijk is.

5.2.

Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:

- levensgevaar;

- ernstig lichamelijk letsel;

- maatschappelijke teloorgang;

- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.

5.3.

Het is de rechtbank gebleken dat betrokkene emotioneel ontregeld is. Betrokkene uit zich suïcidaal, wat een risico op (levens)gevaarlijke situaties met zich meebrengt. Betrokkene moet hiertegen worden beschermd. Daarnaast is het de rechtbank gebleken dat de moeder overbelast is geraakt en de zorg voor betrokkene niet meer aan kan.

5.4.

Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk neurobiologische ontwikkelingsstoornissen (o.a. verstandelijke beperkingen en autismespectrumstoornissen) en disruptieve, impulsbeheersings- en andere gedragsstoornissen. De stoornis is door of namens betrokkene niet betwist.

5.5.

De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.

5.6.

De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:

- het toedienen van medicatie;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.

5.7.

De overige door de officier van justitie verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de waarnemend psychiater tijdens de mondelinge behandeling gemotiveerd heeft verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.

5.8.

Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Betrokkene heeft meermaals aangegeven dat zij naar huis wil.

5.9.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.

6 De beslissing

De rechtbank:

6.1.

verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 2004 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.6. staan kunnen worden toegepast;

6.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 24 juli 2026;

6.3.

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 22 juli 2026 door mr. De Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. Verplanke, griffier en op schrift gesteld op 5 augustus 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.