Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 21 juli 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:7991Zaaknummer C/02/450499 / FA RK 26-3737
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 21 juli 2026
- Publicatiedatum
- 15 oktober 2026
- Zaaknummer
- C/02/450499 / FA RK 26-3737
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Breda
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Voortzetting van de crisismaatregel voor de duur van drie weken. Aan de wettelijke vereisten is voldaan.
De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 2005 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de navolgende maatregelen kunnen worden toegepast;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid (bij opname);
- insluiten (bij opname);
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 11 augustus 2026;
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 21 juli 2026 door mr. Tempel, rechter, in aanwezigheid van Van Ginneken, griffier en op schrift gesteld op 31 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/450499 / FA RK 26-3737
Datum uitspraak: 21 juli 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 2005 in [geboorteplaats],
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats],
advocaat mr. H.M.Th. de Pont uit Tilburg.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 20 juli 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 21 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- broer van betrokkene;
- moeder van betrokkene;
- mevrouw [persoon 1], psychiater.
Tevens was aanwezig tijdens de mondelinge behandeling, maar is niet gehoord, mevrouw [persoon 2], verpleegkundige.
De officier van justitie is zoals zij reeds aangaf in het verzoek niet op de mondelinge behandeling verschenen en dus ook niet gehoord.
2 Wat vaststaat
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in GGZ Breburg. De burgemeester van Tilburg heeft de crisismaatregel op 19 juli 2026 afgegeven.
3 Het verzoek
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.
4 De standpunten
Betrokkene zegt dat hij zich nu beter voelt. Hij vindt het fijn dat zijn familie er is. Betrokkene zegt dat hij best wel in de war was doordat hij veel dingen aan zijn hoofd had. Hij merkt dat de medicatie zijn hoofd leger maakt, maar hij kan alsnog niet goed slapen met alle gedachten die er zijn. Betrokkene denkt dat hij thuis, met nog wat medicatie en zijn eigen bed verder tot rust kan komen.
De broer zegt dat het beter gaat met betrokkene. Betrokkene is veel rustiger en spraakzamer en deelt zijn gevoelens met hem. De broer ziet echt een verschil en denkt ook dat het slapen daarin een rol speelt. De broer vindt het heel goed dat betrokkene hier hulp krijgt, maar denkt dat de volle drie weken blijven hem geen goed gaan doen. Dat heeft met name te maken met de andere bewoners op de afdeling hier. De broer denkt dat een week blijven voldoende is. Daarna kan hij hem goed verder helpen; hij is gediplomeerd in social work en erg betrokken.
De moeder zegt dat ze verbetering ziet bij betrokkene. Betrokkene moet nog veel slaap inhalen.
De psychiater zegt dat er bij betrokkene een psychotisch beeld was toen hij binnenkwam. Hij was erg agressief en in de war. Daarvoor is betrokkene eerst in een afzonderlijke ruimte opgenomen. De psychiater zegt dat de familie veel helpt en dat het daardoor lukt voor betrokkene om medicatie in te nemen. De psychiater zegt dat het nu redelijk gaat met betrokkene. Hij is goed te begeleiden. Betrokkene is nog wel traag in zijn denken en er is sprake van desorganisatie. De psychiater vindt dat hij nog niet van deze afdeling kan vertrekken. De medicatie heeft langer nodig om te werken, zodat de psychose naar de achtergrond verdwijnt. De psychiater zegt dat er nog meer tijd nodig is om een diagnose te kunnen stellen. Mogelijk speelt drugs hierbij een rol. De psychiater wil ook ambulante zorg in gang zetten. Wel zal er worden gekeken naar de juiste combinatie van patiënten, zodat betrokkene zich prettiger kan voelen op de afdeling waar hij verblijft.
De advocaat zegt dat er aan de criteria van de wet is voldaan. Bij betrokkene is nog sprake van een psychotisch beeld. De advocaat vindt dat betrokkene eerst moet opknappen zodat hij daarna verantwoord, met behulp van familie, naar huis kan. De advocaat zegt dat de volle drie weken misschien net eens nodig zijn.
5 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige immateriële schade;
- ernstige financiële schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat betrokkene onder invloed van een ander raakt;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
De rechtbank neemt hierbij onder andere in aanmerking dat er bij betrokkene sprake is van een eerste psychose. Na terugkeer van een vakantie heeft betrokkene nauwelijks geslapen en zijn de psychotische klachten verergerd. Betrokkene heeft zijn vader gebeten en gevochten met zijn neef. Er is sprake van agressie en boosheid richting familieleden en hulpverleners. Het was nauwelijks mogelijk om een gesprek te voeren. Ook wilde betrokkene geen water meer drinken.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, bipolaire-stemmingsstoornissen, depressieve-stemmingsstoornissen, disruptieve, impulsbeheersings- en andere gedragsstoornissen en/of andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn. De psychiater brengt in dat kader naar voren dat er nog nadere diagnostiek plaats moet vinden. Daar is meer tijd voor nodig.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid (bij opname);
- insluiten (bij opname);
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
Met betrekking tot de vormen van zorg ‘het beperken van de bewegingsvrijheid’ en ‘insluiten’ oordeelt de rechtbank dat deze enkel worden ingezet wanneer betrokkene opgenomen is.
Ten aanzien van de overige verzochte vormen van verplichte zorg oordeelt de rechtbank dat deze niet noodzakelijk en voorzienbaar zijn gebleken. De rechtbank wijst deze vormen van zorg daarom af.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Betrokkene wil graag thuis, in zijn eigen omgeving, verder herstellen.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz.
6 De beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 2005 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de navolgende maatregelen kunnen worden toegepast;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid (bij opname);
- insluiten (bij opname);
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 11 augustus 2026;
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 21 juli 2026 door mr. Tempel, rechter, in aanwezigheid van Van Ginneken, griffier en op schrift gesteld op 31 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.