Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15 juli 2026

ECLI:NL:RBZWB:2026:7750Zaaknummer C/02/450267 / FA RK 26-3592

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
15 juli 2026
Publicatiedatum
25 september 2026
Zaaknummer
C/02/450267 / FA RK 26-3592
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Rekestprocedure, Beschikking
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Afwijzen VCM, niet doelmatig

De rechtbank:

6.1.

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 15 juli 2026 door mr. De Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. De Haas, griffier en op schrift gesteld op 22 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 Wat vaststaat
  3. 3 Het verzoek
  4. 4 De standpunten
  5. 5 De beoordeling
  6. 6 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/450267 / FA RK 26-3592

Datum uitspraak: 15 juli 2026

Beschikking voortzetting crisismaatregel

op het verzoek van de officier van justitie voor:

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 2010 in [geboorteplaats],

hierna te noemen: [betrokkene],

wonend in [plaats 1],

thans verblijvende in de [accommodatie] te [plaats 2],

advocaat: mr. M. Kalle uit Middelburg.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift van 14 juli 2026 met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 14 juli 2026.

1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 15 juli 2026, in de hierboven genoemde accommodatie. Daarbij zijn verschenen en gehoord:

- [betrokkene], bijgestaan door haar advocaat;

- [persoon 1], mentor van [betrokkene] vanuit [woongroep];

- mevrouw [persoon 2], verpleegkundig specialist;

- [persoon 3], casus-regisseur vanuit [hulpverlening].

Verschenen, maar niet gehoord is:

- [persoon 4], verpleegkundige.

2 Wat vaststaat

2.1.

[betrokkene] verblijft met een crisismaatregel in [accommodatie]. De burgemeester van Goes heeft de crisismaatregel op 13 juli 2026 afgegeven.

3 Het verzoek

3.1.

De officier van justitie verzoekt de rechtbank ten aanzien van [betrokkene] een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken, met de volgende vormen van verplichte zorg:

- het toedienen van vocht en voeding;

- het toedienen van medicatie;

- het verrichten van medische controles;

- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- het insluiten;

- het uitoefenen van toezicht op betrokkene;

- het onderzoeken aan kleding of lichaam;

- het controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;

- het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- het opnemen in een accommodatie.

4 De standpunten

4.1.

[betrokkene] benoemt tijdens de zitting dat het al wat beter met haar gaat. Haar hoofd is nu rustig en haar gedachten zijn minder. [betrokkene] wil graag terug naar [woongroep]. Zij wil niet langer in [accommodatie] opgenomen blijven.

4.2.

De advocaat bepleit namens [betrokkene] afwijzing van het verzoek. [betrokkene] wil en kan terug naar [woongroep]. Het is heel goed dat er (door [betrokkene] zelf voorgestelde) afspraken zijn gemaakt, zodat er indien nodig aan de bel kan worden getrokken.

4.3.

De verpleegkundig specialist benoemt dat er vanochtend een overleg heeft plaatsgevonden met [woongroep] en [betrokkene] en dat er door [betrokkene] afspraken zijn gemaakt. Met deze afspraken kan [betrokkene] weer terug naar [woongroep]. [betrokkene] is kwetsbaar en het zal met pieken en dalen blijven gaan. Een langere opname in [accommodatie] gaat haar echter niet helpen; deze werkt contra productief. Bij [woongroep] zal er vaker worden ingecheckt bij [betrokkene] en zal er naartoe gewerkt worden dat [betrokkene] eerder kan aangeven wat er bij haar speelt.

4.4.

De mentor benoemt dat zij er vertrouwen in heeft dat [betrokkene] vandaag weer terug kan naar [woongroep]. De mentor is vanavond zelf aanwezig bij [woongroep]. Het zijn bovendien moment opnames waarbij [betrokkene] – als gevolg van de afwijzingen van haar ouders – heel erg kan pieken. Als zij dan vanuit de open groep buiten is, is er niet altijd zicht op haar. Wat daarbij ook meespeelt, is dat er nu veel invalkrachten op de groep staan. Dit is voor [betrokkene] lastig, omdat zij gezien haar verleden weinig mensen vertrouwt.

4.5.

De casusregisseur benoemt dat [betrokkene] niet is gebaat bij een langere opname in [accommodatie]. Ook benoemt de casusregisseur dat de ouders van [betrokkene] in alles het beste proberen te doen voor [betrokkene], maar op dit soort momenten, als [betrokkene] hen nodig heeft, lukt het hen niet om aan te sluiten en er voor [betrokkene] te zijn. Dat is zorgelijk.

5 De beoordeling

5.1.

De rechtbank wijst de gevraagde machtiging af. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

5.2.

Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van [betrokkene] sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op levensgevaar en ernstig lichamelijk letsel.

5.3.

De rechtbank neemt daarbij in overweging dat [betrokkene] voorafgaand aan haar opname in [accommodatie] een poging tot suïcide heeft ondernomen door middel van de intentie om van een viaduct te springen. Ook heeft [betrokkene] zichzelf verwond door in haar armen te snijden na het stukgooien van een glas. [betrokkene] is verder bekend met emotieregulatieproblemen en haar impulscontrole en decorum zijn ernstig verstoord.

5.4.

Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van persoonlijkheidsstoornissen. Dit is door of namens [betrokkene] niet betwist.

5.5.

Tijdens de zitting heeft de verpleegkundig specialist verklaard dat de verzochte voortzetting van de crisismaatregel niet helpend is voor [betrokkene]. Een langere opname in [accommodatie] werkt juist contra productief voor [betrokkene]. Bovendien heeft [betrokkene] afspraken gemaakt, en kan zij met deze afspraken weer terug naar [woongroep]. De mentor en de casusregisseur van [betrokkene] hebben daarmee ingestemd. Zji hebben er vertrouwen in dat [betrokkene] met deze afspraken weer op de groep van [woongroep] kan verblijven. Gelet hierop stelt de rechtbank vast dat de verzochte machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel niet doelmatig is.

5.6.

Nu niet is voldaan aan de wettelijke criteria voor het verlenen van een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel, zal het verzoek worden afgewezen

6 De beslissing

De rechtbank:

6.1.

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 15 juli 2026 door mr. De Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. De Haas, griffier en op schrift gesteld op 22 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.