Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14 juli 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:7687Zaaknummer C/02/449648 / FA RK 26-3272
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 14 juli 2026
- Publicatiedatum
- 25 september 2026
- Zaaknummer
- C/02/449648 / FA RK 26-3272
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Breda
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Verlenging rechterlijke machtiging, betrokkene heeft 24-uurs zorg nodig, hereniging met echtgenote niet mogelijk, betrokkene is sturend en overvraagt echtgenote, verbale en fysieke agressie
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1946 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 14 januari 2027.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 14 juli 2026 door mr. Meyboom, rechter, in aanwezigheid van Schellenbach, griffier, en op schrift gesteld op 27 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/449648 / FA RK 26-3272
Datum uitspraak: 14 juli 2026
Beschikking tot verlenging van een rechterlijke machtiging
op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1946 in [geboorteplaats],
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats], nu verblijvende in de [accommodatie], te [plaats],
advocaat mr. G.H.M. van Laarhoven uit Tilburg.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 25 juni 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 14 juli 2026 in de accommodatie waar betrokkene momenteel verblijft. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- [persoon 1], zorgadviseur;
- [persoon 2], zorgcoördinator;
- [persoon 3], dochter van betrokkene.
2 Wat vaststaat
Bij beschikking van deze rechtbank van 28 april 2026 is ten aanzien van betrokkene een rechterlijke machtiging verleend tot en met 28 juli 2026.
3 Het verzoek
Het CIZ verzoekt de rechtbank een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf te verlenen voor de duur van zes maanden.
4 De standpunten
Betrokkene zegt dat hij de afdeling wil verlaten en terug wil naar zijn echtgenote. Hij geeft aan de voorkeur te hebben voor een alternatief waarbij hij samen met zijn echtgenote kan verblijven, hetzij op dezelfde afdeling, hetzij in de thuissituatie. Verder is betrokkene het niet eens met hetgeen tijdens de zitting door iedereen is gezegd.
De zorgadviseur zegt dat is onderzocht of een hereniging van betrokkene met zijn echtgenote in de thuissituatie mogelijk is. Daarbij is gekeken naar planbare zorgmomenten, maar hiermee was betrokkene het niet eens. Daarnaast heeft een bezoekmoment met de echtgenote plaatsgevonden, maar dit is niet positief verlopen. Volgens de zorgadviseur viel betrokkene daarbij terug in zijn oude patroon, waarbij hij verwachtingen had van zijn echtgenote waaraan zij niet kon voldoen. De echtgenote heeft bovendien aangegeven inmiddels tot rust te zijn gekomen en een hereniging op dezelfde afdeling niet te zien zitten. Tot slot brengt de zorgadviseur naar voren dat betrokkene niet langer in staat is om voor zichzelf te zorgen. Hij is incontinent en kan niet alarmeren als hij is gevallen. Daarbij heeft betrokkene behoefte aan 24-uurszorg en begeleiding.
De zorgcoördinator onderschrijft het standpunt van de zorgadviseur.
De dochter van betrokkene brengt naar voren dat de thuissituatie niet langer handelbaar is. Zij geeft aan geen 24-uurszorg te kunnen bieden. Daarnaast benadrukt zij dat de zorg die haar ouders momenteel ontvangen van goede kwaliteit is.
De advocaat voert aan dat betrokkene zijn echtgenote graag weer wil zien. Volgens de advocaat moet worden onderzocht of een hereniging mogelijk is. Namens betrokkene verzoekt de advocaat de rechtbank het verzoek af te wijzen.
5 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
De rechtbank is van oordeel, gezien de overgelegde stukken en wat er tijdens de zitting is besproken, dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening. Betrokkene heeft namelijk vasculaire dementie.
Het gedrag dat voortvloeit uit deze aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang.
De rechtbank overweegt in dit verband dat betrokkene onvoldoende in staat is voor zichzelf te zorgen. Hij heeft gedurende de dag ondersteuning en begeleiding nodig bij alle dagelijkse handelingen en activiteiten, omdat betrokkene daar uit zichzelf niet toe komt. Daarnaast alarmeert betrokkene niet als hij is gevallen. Ook plast betrokkene soms op de grond in zijn kamer, omdat hij het toilet niet kan vinden. Verder heeft de echtgenote van betrokkene aangegeven dat zij de huidige situatie als prettig ervaart. Zij is bang dat als zij en betrokkene samenwonen, zij weer in oude patronen terecht komen, waarin betrokkene dominant en te sturend richting echtgenote is. Tot slot reageert betrokkene verbaal agressief wanneer hij gecorrigeerd wordt en fysiek agressief bij oplopende spanning.
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene verzet zich hiertegen. Betrokkene geeft nog steeds duidelijk aan dat hij terug wil naar huis, dan wel met zijn vrouw op een afdeling verblijven.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Naar het oordeel van de rechtbank is een machtiging tot verlenging van de opname noodzakelijk, omdat betrokkene 24-uurzorg en begeleiding nodig heeft in een veilige woonomgeving. Er zijn geen minder ingrijpende mogelijkheden om het ernstig nadeel af te wenden. De rechtbank overweegt hierbij dat betrokkene niet terug naar huis kan gaan. Er is voortdurend onplanbare zorg nodig. Betrokkene heeft intensieve zog nodig die alleen binnen een accommodatie geboden kan worden.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor verlening van een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf als bedoelt in de Wzd.
6 De beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1946 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 14 januari 2027.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 14 juli 2026 door mr. Meyboom, rechter, in aanwezigheid van Schellenbach, griffier, en op schrift gesteld op 27 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.