Uitspraak · Belastingrecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 9 februari 2026

ECLI:NL:RBZWB:2026:766Zaaknummer BRE 23/9132 en 23/9133

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
9 februari 2026
Publicatiedatum
6 maart 2026
Zaaknummer
BRE 23/9132 en 23/9133
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Belastingrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Breda
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

8:55; Verzet ongegrond. Belanghebbende kon wel binnen de wettelijke termijn bezwaar maken, maar heeft dat op dat moment niet gedaan omdat zij daartoe geen reden had. In zo'n situatie kan een later opgekomen reden, zoals de coronapandemie, niet bewerkstelligen dat een inmiddels niet-verschoonbare temrijnoverschrijding alsnog verschoonbaar wordt. Van andere feiten en omstandigheden die een overschrijding van de bezwaartermijn verschoonbaar maken, is niet gebeleken. De rechtbank is niet bevoegd een oordeel te geven over de beslissing om niet ambtshalve aan de bezwaren tegemoet te komen.

Beslissing

De rechtbank verklaart het verzet ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.J. Bastiaansen, rechter, in aanwezigheid van mr.W. Dekkers, griffier op 9 februari 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffierrechter

De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen zes weken na de datum bekendmaking beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.

Bepaalde personen die niet worden vertegenwoordigd door een gemachtigde die beroepsmatig rechtsbijstand verleent, mogen per post beroep in cassatie instellen. Dit zijn natuurlijke personen en verenigingen waarvan de statuten niet zijn opgenomen in een notariële akte. Als zij geen gebruik willen maken van digitaal procederen kunnen deze personen het beroepschrift in cassatie sturen aan de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag. Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie www.hogeraad.nl). Bij het instellen van beroep in cassatie moet het volgende in acht worden genomen:

1. bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak gevoegd;

2 - ( alleen bij procederen op papier) het beroepschrift moet ondertekend zijn;

3 - het beroepschrift moet ten minste het volgende vermelden:

a. de naam en het adres van de indiener;

b. de dagtekening;

c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is

gericht;

d. de gronden van het beroep in cassatie.

Voor het instellen van beroep in cassatie is griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt de indiener een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad. In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de wederpartij te veroordelen in de proceskosten.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Inleiding
  2. Beoordeling door de rechtbank
  3. Conclusie en gevolgen
  4. Beslissing
  5. Bent u het niet eens met deze uitspraak?

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Belastingrecht

zaaknummers: BRE 23/9132 en 23/9133

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 februari 2026 op het verzet van

[belanghebbende], uit [plaats] (Groot-Brittannië), belanghebbende,

tegen de uitspraak van de rechtbank van 29 september 2025 in het geding tussen

belanghebbende

en

de heffingsambtenaar van SaBeWa, de heffingsambtenaar.

Inleiding

1. Deze uitspraak op het verzet van belanghebbende gaat over de uitspraak van de rechtbank van 29 september 2025 waarin de rechtbank de beroepen van belanghebbende ongegrond heeft verklaard.

2. Belanghebbende heeft niet verzocht om op een zitting te worden gehoord.

Beoordeling door de rechtbank

3. De rechtbank beoordeelt in deze uitspraak uitsluitend of in de uitspraak van 29 september 2025 terecht is geoordeeld dat buiten redelijke twijfel[_4182ad3d-6242-4fab-908e-4939d887b068] is dat de beroepen ongegrond zijn. Zij doet dit aan de hand van de gronden van het verzet.

4. Belanghebbende erkent dat de bezwaarschriften na afloop van de wettelijk termijn zijn ingediend, maar voert aan dat de bezwaren betrekking hebben op omstandigheden die pas na afloop van het belastingjaar konden worden vastgesteld. Belanghebbende heeft in 2020 en 2021 door de coronapandemie minder dan 90 dagen feitelijk gebruik kunnen maken van de woning, waardoor de grondslag voor de forensenbelasting ontbreekt. Belanghebbende is van mening dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat zij in verzuim is geweest.

5. De rechtbank komt tot het oordeel dat het verzet ongegrond is. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

6. Tussen partijen is niet in geschil dat de bezwaren buiten de bezwaartermijn van zes weken zijn ingediend. De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of de aangevoerde verzetsgronden de termijnoverschrijding verschoonbaar maken. De rechtbank beantwoordt deze vraag ontkennend. In dit geval kon belanghebbende wel binnen de wettelijke termijn bewaar maken. Zij heeft dat op dat moment niet gedaan, omdat zij daar toentertijd geen reden had. In zo’n situatie kan een later opgekomen reden, zoals de coronapandemie, niet bewerkstellingen dat een inmiddels niet-verschoonbare termijnoverschrijding alsnog verschoonbaar wordt.[_700641b1-883f-434c-9b02-e1bfd3bc8c5d]

7. Van andere feiten en omstandigheden die een overschrijding van de bezwaartermijn verschoonbaar maken, is niet gebleken.

8. De rechtbank is niet bevoegd een oordeel te geven over de beslissing om niet ambtshalve aan de bezwaren tegemoet te komen, zoals ook terecht is geoordeeld in de uitspraak 29 september 2025.

Conclusie en gevolgen

9. De gronden van het verzet slagen niet. De rechtbank ziet daarom geen aanleiding anders te oordelen dan in de uitspraak van 29 september 2025. Het verzet is ongegrond. Dat betekent dat die uitspraak in stand blijft.

10. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het verzet ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.J. Bastiaansen, rechter, in aanwezigheid van mr.W. Dekkers, griffier op 9 februari 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffierrechter

De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen zes weken na de datum bekendmaking beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.

Bepaalde personen die niet worden vertegenwoordigd door een gemachtigde die beroepsmatig rechtsbijstand verleent, mogen per post beroep in cassatie instellen. Dit zijn natuurlijke personen en verenigingen waarvan de statuten niet zijn opgenomen in een notariële akte. Als zij geen gebruik willen maken van digitaal procederen kunnen deze personen het beroepschrift in cassatie sturen aan de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag. Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie www.hogeraad.nl). Bij het instellen van beroep in cassatie moet het volgende in acht worden genomen:

1. bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak gevoegd;

2 - ( alleen bij procederen op papier) het beroepschrift moet ondertekend zijn;

3 - het beroepschrift moet ten minste het volgende vermelden:

a. de naam en het adres van de indiener;

b. de dagtekening;

c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is

gericht;

d. de gronden van het beroep in cassatie.

Voor het instellen van beroep in cassatie is griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt de indiener een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad. In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de wederpartij te veroordelen in de proceskosten.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.