Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 13 juli 2026

ECLI:NL:RBZWB:2026:7636Zaaknummer C/02/449667 / FA RK 26-3280

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
13 juli 2026
Publicatiedatum
23 september 2026
Zaaknummer
C/02/449667 / FA RK 26-3280
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Rekestprocedure, Beschikking
Zittingsplaats
Breda
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Toewijzing ZM - 12 maanden

De rechtbank:

6.1.

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1999 in [geboorteplaats], Syrië, wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.6 staan kunnen worden toegepast;

6.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 juli 2027.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2026 door mr. Donders, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 24 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 Wat vaststaat
  3. 3 Het verzoek
  4. 4 De standpunten
  5. 5 De beoordeling
  6. 6 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/449667 / FA RK 26-3280

Datum uitspraak: 13 juli 2026

Beschikking zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 1999 in [geboorteplaats], Syrië,

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats],

advocaat mr. J.H.P.M. Verhagen uit Breda.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 25 juni 2026.

1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 13 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:

  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat via een telefonische verbinding;
  • de heer [persoon 1], behandelaar;
  • de heer [persoon 2], casemanager fact team.

2 Wat vaststaat

2.1.

De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 29 juli 2026.

3 Het verzoek

3.1.

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.

4 De standpunten

4.1.

Betrokkene geeft aan dat hij geen depot meer wil en hij weer een normaal leven wil zoals iedereen heeft. Betrokkene vindt het prima om contact met het fact team te hebben.

4.2.

De behandelaar brengt, samengevat, naar voren dat betrokkene tijdens een opname is ingesteld op medicatie met direct een positief resultaat. Op dit moment is er sprake van een transitiefase. Betrokkene wil graag een normaal leven. De behandelaar verklaart dat ze bezig zijn of dat het fact team gaat overnemen om de medicatie te finetunen zodat er minder sprake is van sedatie en meer helderheid. Een verlenging van de zorgmachtiging is nodig om deze periode te kunnen waarborgen, aldus de behandelaar. Het zelfinzicht en ziekte-inzicht van betrokkene is nog beperkt om door te gaan met deze medicamenteuze behandeling. Er is ingezet op een verlaging van de medicatie en komende week gaat betrokkene het effect daarvan ondervinden.

4.3.

De casemanager geeft aan dat betrokkene naar zijn team overgaat en zij verder gaan met de doelen die hij heeft.

4.4.

De advocaat geeft aan dat het heel fijn is dat het ten goede is gekeerd met betrokkene, een groot compliment voor hem en het begeleidend team. Er is wat aarzeling over medicatie bij betrokkene omdat hij graag zichzelf wil zijn. De advocaat bepleit dan ook voor afwijzing van medicatie, maar voegt eraan toe dat als de rechtbank het wel nodig vindt dat gekeken wordt naar finetuning dat betrokkene ook z’n beste beentje voor blijft zetten. Het is heel belangrijk dat betrokkene niet meer in zo’n nare situatie komt.

5 De beoordeling

5.1.

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

5.2.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, middel gerelateerde en verslavingsstoornissen en andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn.

5.3.

Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige materiële schade, maatschappelijke teloorgang, het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag en gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat er tijdens eerdere psychotische ontregelingen zich ernstige agressie-incidenten hebben voorgedaan. Betrokkene is met justitie in aanraking gekomen en veroordeeld wegens oudermishandeling, het dragen van steekwapens en grensoverschrijdend gedrag richting ordehandhavers. Daarnaast was er gedurende de opname sprake van dermate agressief gedrag dat betrokkene in [afdeling 1] moest verblijven en is overgeplaatst naar [afdeling 2]. Voorts is er in psychose sprake van verwaarlozing en stagnatie in het sociaal-maatschappelijk functioneren.

5.4.

Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.

5.5.

Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Het ontbreekt betrokkene nog aan ziektebesef en ziekte-inzicht waardoor hij ook het belang van behandeling onvoldoende ziet. Daarom is verplichte zorg nodig.

5.6.

De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:

- het toedienen van medicatie;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- insluiten;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.

5.7.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

5.8.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van twaalf maanden.

6 De beslissing

De rechtbank:

6.1.

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1999 in [geboorteplaats], Syrië, wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.6 staan kunnen worden toegepast;

6.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 juli 2027.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2026 door mr. Donders, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 24 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.