Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 13 juli 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:7631Zaaknummer C/02/449771 / FA RK 26-3322
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 13 juli 2026
- Publicatiedatum
- 23 september 2026
- Zaaknummer
- C/02/449771 / FA RK 26-3322
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Breda
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Toewijzing RM - 12 maanden
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1951 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 juli 2027.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2026 door mr. Donders, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 24 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/449771 / FA RK 26-3322
Datum uitspraak: 13 juli 2026
Beschikking rechterlijke machtiging
op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1951 in [geboorteplaats],
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats],
advocaat mr. C.J.M. Veth uit Rijen.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 30 juni 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 13 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
- mevrouw [persoon 1], specialist ouderengeneeskunde;
- mevrouw [persoon 2], verpleegkundige;
- de heer [persoon 3], zoon van betrokkene.
2 Wat vaststaat
De rechtbank heeft een rechterlijke machtiging verleend tot en met 4 september 2026. Betrokkene verblijft met deze machtiging in de [accommodatie] te [plaats].
3 Het verzoek
Het CIZ verzoekt de rechtbank een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf te verlenen voor de duur van twaalf maanden.
4 De standpunten
Betrokkene geeft aan dat zij hier best langer wil blijven omdat zij het goed naar haar zin heeft. Helemaal naar huis gaan zou niet gaan, maar zij zou wel eens graag een dag of een halve dag thuis willen zijn. Betrokkene vindt het nog steeds fijn in haar huisje en doet er niemand onrecht mee. Betrokkene vindt persoonlijk nog dat zij het goed doet. Zo kookt ze nog, doet de afwas, wast en strijkt. Wanneer betrokkene hulp nodig heeft, dan vraagt zij het aan de jongens (haar zoons).
De zoon van betrokkene verklaart dat hij zijn moeder een bewuste laatste dag wil geven in het huis omdat het heel abrupt is geweest dat zij daar is moeten vertrekken. Betrokkene was in de thuissituatie erg verward en vergat de meest rare dingen. Het eten van betrokkene is vooruit gegaan nu zij hier zit. De zoon van betrokkene is blij dat zij nu hier zit en mensen voor haar kunnen zorgen.
De specialist ouderengeneeskunde brengt, samengevat, naar voren dat betrokkene bij alle dagdagelijkse zaken ondersteuning en hulp nodig heeft. Het volgen van structuur van de dag lukt haar zelf niet meer en ook niet het nemen van mediatie voor haar diabetes. In de thuissituatie komt betrokkene andere mensen tegen en vraagt zij hen binnen voor hulp waarbij zij niet altijd goed inziet wat wel en niet kan.
De verpleegkundige verklaart dat ze soms hemel en aarde moeten bewegen om zelfzorg te kunnen geven aan betrokkene. Daarnaast is het kortetermijngeheugen ver weg van betrokkene. Betrokkene heeft veel sturing nodig. Wanneer betrokkene naar huis zou gaan is er totaal geen zelfzorg.
De advocaat herkent wat er wordt gezegd in zover dat het geheugen van betrokkene moeilijk ligt. Betrokkene heeft het hier fijn en goed en zou alleen af en toe nog een keer naar huis willen. Alleen als de realiteit anders is dan wat betrokkene beleeft en de advocaat hoort dit van de deskundigen, dan wordt het lastig. De advocaat bepleit dan ook afwijzing van het verzoek.
5 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, te weten vasculaire dementie.
Het gedrag dat voortvloeit uit deze aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat gezien het gedrag op de afdeling waaronder boosheid, regelmatig verzet voor opname en onbegrip voor eigen situatie als gevolg van gebrek aan ziekte-inzicht en de te verwachten progressie van het ziektebeeld, te verwachten is dat ernstig nadeel opnieuw optreedt bij terugkeer naar enige vorm van zelfstandig wonen.
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Het ernstig nadeel zal terugkeren na ontslag van betrokkene. Middels voortzetting van verblijf kan aan betrokkene 24-uurszorg en toezicht in de nabijheid worden geboden. De huidige woonsituatie en begeleiding heeft geleid tot minder agitatie en een goede controle van de lichamelijke situatie.
Betrokkene verzet zich hiertegen. Er is dagelijks oplopende spanning en de behoefte om naar huis te gaan. Betrokkene geeft concreet aan terug naar huis te willen in [plaats].
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Te verwachten is dat een andere minder intensieve zorgvorm/woonsituatie zal leiden tot terugkeer van het ernstig nadeel.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor verlening van een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf als bedoeld in de Wzd. De machtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van twaalf maanden.
6 De beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1951 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 juli 2027.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2026 door mr. Donders, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 24 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.